Jazzmonster Guillaume Perret is niet bang voor elektronica

Als een van de weinigen durft Guillaume Perret zijn saxofoon door de elektronica te trekken. Het is een genot om dit Franse jazzmonster te zien spelen.

Guillaume Perret.Beeld afp

De sax van Guillaume Perret komt aanrollen als een naderend onweer: dreigend en elektrisch, en bij de eerste ontladingen nauwelijks herkenbaar als saxofoon. Perrets sax is verontrustend elektrificerend en bij een eerste draaibeurt van bijvoorbeeld zijn laatste plaat Open Me probeert het luisterbrein wanhopig die geluidsorkaan in het juiste kader te duwen, om er maar een beetje vat op te krijgen. Is het jazz, rock, jazzrock, avant-gardistische ambient of elektronische noise?

Maakt niet uit. Lekker blijven luisteren en daartoe dwingen Perret en zijn band The Electric Epic ook. Uitweidingsnummers als Shoebox of het razende Ponk laten zich lezen als een spannend verhaal, waarin Perret naast elektrische gitaar en bas steeds die onverwachte afslag neemt: hup, het donkere bos in. Heel even mijmert zijn sax in poëtische en melodieuze zachtheid, in bijvoorbeeld het angstaanjagende exorcismeritueel Brutalum Voluptuous, om zich dan met drums en heftige elektronische samples weer in het natuurgeweld te storten. Wéér dat onweer. En vulkaanuitbarstingen: lavastromen van gloeiend koper.

In de heavy saxpartijen zijn duidelijk de inspiratiebronnen van de Fransman Perret (35) te ontwaren. John Coltrane, soms, en dan met name het werk uit diens avant-gardistische periode rond platen als Meditations (1966) en Interstellar Space (1967). John Zorn ook, omdat deze vernieuwer in bands als Naked City (met Bill Frisell) en Painkiller (met Bill Laswell en Napalm Death-drummer Mick Harris) jazz combineerde met rock, dub en zelfs deathmetal en grindcore.

Acht tips

Volkskrant-muziekrecensenten Gijsbert Kamer, Koen Schouten en Robert van Gijssel vertellen u welke optredens u niet mag missen dit jaar op North Sea Jazz, dat vrijdag begint in Rotterdam.

North Sea Jazz, van 10 t/m 12 juli, Ahoy, Rotterdam.

Beeld afp

Heavy on the sax: JOHN COLTRANE - Interstellar Space (1967)

Een van de oerplaten van het brute saxgeweld. Naast drummer Rashied Ali speelt Coltrane honkende en wanhopig zoekende jazzstukken als exploderende hemellichamen; Jupiter, Saturn, Leo. In de drumpartijen van Ali hoor je met enige fantasie de eerste 'blastbeats' op snaredrums en bekkens, later de aanjagende ritmische factor van de grindcore en de deathmetal.

Uniek geluid

Perret zoekt eenzelfde versmelting van brute en het liefst wat sinistere genres. In dwarse ritmische passages citeert hij graag Frank Zappa en progrockbands als King Crimson, maar soms klinkt in Perret ook de metal door, vooral als hij het op een lopen zet met drummer Yoann Serra.

Perret speelt jazz met de massa van heavy rock en daarin is de op North Sea Jazz debuterende Fransman te vergelijken met zijn landgenoot Ibrahim Maalouf. Deze trompettist, die North Sea Jazz in 2013 en 2014 plat speelde, is naar eigen zeggen ook een kind van de harde rock. Ook Maalouf voegt rock en jazz (en hiphop én Arabische toonladders) samen tot een uniek en de afgelopen jaren nogal succesvol gebleken geluid.

LAST EXIT - Last Exit (1986)

Misschien geen virtuoos, maar zeker de saxofonist met de meest verpulverende koperkracht: de Duitse freejazzheld Peter Brötzmann. Met zijn elektrische band Last Exit, met onder anderen Bill Laswell en gitarist Sonny Sharrock, bracht Brötzmann in 1986 het stuiterende jazzalbum Last Exit uit, dat een geliefd plaatje werd in vooruitstrevende hardcore en punkkringen.

Frank Zappa.Beeld anp

Psychedelische rock

Perret groeide op in een huis vol psychedelische rock uit de jaren zeventig en daar werd volgens hem de basis gelegd voor zijn vrije muzikale opvattingen. Perret studeerde jazz aan het conservatorium van Chambéry, maar hij werd daar gezien als een eigenheimer en iemand die altijd maar opzichtig uit de pas probeerde te lopen. In de jaren nul, na zijn afstuderen, vond Perret bovendien geen plek in de jazzscene van Parijs. In een interview met de Franse Metro zei hij begin dit jaar: 'Er was in die tijd voor alles een aparte plaats: een club voor jazz, een club voor funk, een club voor latin jazz, noem maar op. Pas de afgelopen tijd lijken de genres veel meer door elkaar te lopen en heerst in Parijs een muzikale vrijheid in de jazz.'

Bijzonder aan Guillaume Perret is dat hij het als een van de weinige saxofoonspelers aandurft zijn instrument door de elektronica te trekken. Vreemd eigenlijk, dat Perret in dat opzicht weinig stijlgenoten kent. Bij bijvoorbeeld de trompet is het algemeen geaccepteerd om het aangeblazen kopergeluid te laten kleuren door elektronica. Miles Davis, beïnvloed door elektronische componisten als Karlheinz Stockhausen, experimenteerde al met elektronische effecten op zijn trompet vanaf de vroege jaren zeventig. Zijn voorbeeld werd gevolgd door ontelbaar veel trompettisten, van Jon Hassell tot Nils Petter Molvaer, Arve Henriksen en Avishai Cohen (ook op North Sea Jazz 2015).

NAKED CITY – Torture garden (1990)

John Zorn in bloed spugende actie, met priemende freejazz naast snijdende metalgitaren en monsterdrums van Joe Barron. De hoezen van Naked City-platen als Torture Garden en Grand Guignol spraken boekdelen: moord, doodslag, marteling, sadomasochisme. Best verfrissende beeldtaal, voor bij de jazz.

Schaamteloos

Maar voor de sax gelden in de jazz kennelijk andere regels. Er lijkt consensus te zijn over hoe een sax moet klinken: als een sax. Woest scheurende, spetterende, honkende en hijgende bijgeluiden zijn met techniek en fysieke inspanning uit het instrument te peuren. Daar zou de saxofonist geen hulpmiddelen bij nodig moeten hebben, lijkt de breed gedeelde opvatting in de jazz. Er is vrijwel geen saxofonist te vinden die zich zo liederlijk heeft overgegeven aan de effectenkoffer als Perret. Ja, de in 2007 overleden jazzrockgigant Michael Brecker experimenteerde met een elektrische sax genaamd EWI (electronic wind instrument), maar dat ding ging midden jaren tachtig jammerlijk ten onder in de goede bedoelingen van de new age en daarna werd van de EWI in de serieuze jazz weinig meer vernomen.


Perret schaamt zich nergens voor. Hij koppelt zijn tenorsax aan effecten als wahwah, delay en reverb, maar laat zijn geluid ook rondcirkelen door de laptop. Het is een genot om Perret live aan het werk te zien, als hij in heftige herriestukken als Massacra een patroon van donkere bastonen weeft, in eindeloos herhaalde maten, om daar met een overstuurd distortiongeluid overheen te soleren. Zijn hand gaat naar plaatsen waar die zich bij een gemiddelde saxofonist niet zou mogen bevinden. De rechterhand buigt zich onder de hoorn door, om ergens links aan modificerende knoppen te frutten. En de voeten zijn uiteraard constant in beweging, tapdansend over de geluidseffecten.


Perret liet de effectenbatterij aan zijn saxofoon ontwikkelen door gespecialiseerde muziekingenieurs, omdat hij naar eigen zeggen 'wilde klinken als vele saxofonisten tegelijkertijd'. Daarom kan hij nu over zichzelf heen soleren, als een geëlektrocuteerde metalgitarist.

PAINKILLER - Execution Ground (1994)

John Zorn en bassist Bill Laswell gaan helemaal dub-, doom- en deathmetal in de band Painkiller, met de verwoestende Napalm Death-drummer Mick Harris. Het album Execution Ground, ook weer met fijne illustraties van allerhande moordpartijen op de platenhoes, is intens donker en eng. Beter niet naar luisteren tijdens een doorwaakte koortsnacht, of na buitensporig drugsgebruik.

Maar pas op, zegt hij tegen iedereen die hem er toch wat kritische vragen over wil stellen: 'Het is geen trucje. Ik speel op deze manier de muziek die ik al jaren in mijn hoofd heb.'

De luisteraar rest niets anders dan volle overgave aan dit nieuwe elektronische saxgeweld.

De cd Open me van Guillaume Perret & The Electric Epic is vorig jaar verschenen bij Kakoum Records, is onlangs opnieuw uitgebracht en gedistribueerd door Harmonia Mundi.
Guillaume Perret & The Electric Epic spelen tijdens North Sea Jazz zaterdag 11/7 in zaal Darling.

COLIN STETSON – New History Warfare Vol. 1

Niet zozeer heavy, maar wel behoorlijk psychedelisch en een tikje rockend. Op het album Dark Star vergrijpt saxofonist David Murray zich aan de muziek van de Grateful Dead. Overigens ook op basklarinet. Voorluisteraars met stalen zenuwen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden