Review

Jarennegentiggrofheid heel toepasselijk bij hemel en hel

De kunstenaars hebben hun talenten goed verdeeld: de jarennegentig grofheid past bij hemel en hel, de beklemming bij ons leven op aarde. De door Bosch geïnspireerde tentoonstelling verbeeldt hemel, hel en aarde.

Fucking Hell van Jake en Dinos Chapman. Beeld White Cube/Pinault Collection

Het Boschjaar eindigt officieeel op zondag, maar in het Stedelijk Museum 's-Hertogenbosch blijft de geest van de schilder nog even rondwaren. Dat is tenminste het idee achter de tentoonstelling Heaven, Hell & Earth.

Waar de bezoeker begin dit jaar netjes achter museumglas moest blijven om hemel, hel en vooral de middeleeuwse kunstschatten op veilige afstand te houden, laten hedendaagse kunstenaars de bezoekers hemel, hel en aarde zelf beleven. In drie ruimtevullende installaties van respectievelijk de Zwitserse Pipilotti Rist (54), de Nederlander Gabriel Lester (44) en de Britse broers Jake (50) en Dinos Chapman (54).

Dat begint hemels zoetsappig. Rist maakt videokunst vol hyperverzadigde kleuren, waarin ze toeschouwers onderdompelt in bloemenvelden en ander natuurschoon, zoals naakte dameslijven en uiteenspattende vruchten. Om de projectie Homo Sapiens Sapiens (2015) goed te bekijken, dien je plat op je rug te gaan liggen en het werk over je heen te laten komen. Het is alsof de pitten van de overrijpe papaya's zomaar in je schoot kunnen vallen. Vaak worden Pipilotti's video's vertoond tussen zachtroze draperieën, alsof haar video's niet zoet genoeg zijn om spontaan kiespijn te krijgen.

In Den Bosch zijn de ligbedden zwart. Gabriel Lester tekende voor de vormgeving van de tentoonstelling en hij heeft het goed gedaan. Die donkerte houdt het drieluik bijeen, hoe verschillend de kunstwerken en de kunstenaars ook zijn.

De tweede zaal bevat Lesters eigen video-installatie Aeon, speciaal voor de tentoonstelling gemaakt. Hoewel deze installatie ons leven op aarde zou verbeelden, is van een adempauze geen sprake. Aeon toont een hel op aarde. Lester maakte opnamen van een gevaarlijke kermisattractie in India, waarin auto- en motorcoureurs rondjes rijden in een cilindervormige racebaan. Zo kunnen de voertuigen als ze op snelheid zijn omhoog kruipen en meters boven de grond rondjes rijden.

Hell & fucking hell

Fucking Hell is niet de eerste verbeelding van hel op aarde door de Chapmanbroers.

De broers Jake en Dinos Chapman behoorden tot de Young British Artists, de groep Britse kunstenaars die door reclameman en galeriehouder Charles Saatchi begin jaren negentig werden gesteund. In 2003 presenteerden de Chapmans een uitgebreid horrorlandschap: Hell, de voorloper van Fucking Hell, met zestigduizend speelgoedsoldaatjes. In 2004 brandde Hell af in een grote brand in een opslagloods, waar ook een deel van de collectie van Saatchi was opgeslagen. Kort na de brand kondigden de Chapmans het vervolg op Hell aan. Het nieuwe kunstwerk zou reageren op nieuwe schrikbeelden, zoals 9/11 en de oorlog in Irak. Uiteindelijk was Fucking Hell in 2008 af en verwijst de installatie opnieuw vooral naar de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog.

De video's volgen een coureur die zijn leven waagt in zo'n Muur des Doods. Hij vertelt over reïncarnatie, dat hij al eindeloos veel keren is doodgegaan, dit leven al eindeloos veel keren heeft geleefd. Dit idee van 'eeuwige wederkeer' leent Lester van Friedrich Nietzsche, die in De vrolijke wetenschap (1882) een gedachtenexperiment beschreef. Wat als je het aanbod kreeg je leven eindeloos veel keren op precies dezelfde wijze te herleven? Zou je ja zeggen of nee?

Als je ja zegt tegen dit experiment en je leven volledig omarmt, zit je opgesloten als een rat in een tredmolen, laat Lester zien. Omdat deze zaal zich in het midden van de tentoonstelling bevindt, is de beklemming voelbaar. Wie deze tredmolen van eeuwig herhalend leven verlaat, moet verplicht richting hemel of hel. Er is geen ontkomen aan. Alsof een drieluik van Bosch zich om je hoofd heeft dichtgeklapt.

Heaven, Hell & Earth
Beeldende kunst
Stedelijk Museum 's-Hertogenbosch, t/m 5/2

Fucking Hell (2008) van de Chapmanbroers is het slotstuk. Een beroemde installatie (zie kader) van negen grote vitrines, geplaatst in de vorm van een hakenkruis, met daarin voer voor nachtmerries: concentratiekamptaferelen, afgehakte hoofden op stokken, martelingen en veelhoofdige naakte monsters. De Chapmans verminkten tienduizenden speelgoedsoldaatjes. Een sneeuwpop, een McDonald's-logo, Stephen Hawking en een plastic haai zijn verrassende figuranten die het nakijken hebben. De eerste versie van Hell maakten de broers al in 2000. Je zou wensen dat dit schrikbeeld gedateerd aandoet en niet meer aan het schrikken maakt. Maar dat is niet zo, het kan zo weer gebeuren, lezen we overal.

Wel moet gezegd: als kunstwerk is Fucking Hell in al die expliciete platte overdaad wat gedateerd, net als de mierzoete video-installatie van Rist. De fijnzinnigheid van het werk van Lester ontbreekt bij hen. Rist en de Chapmans maken nog steeds jarennegentigkunst, overdreven zoet of overdreven schokkend, zoals dat in het hedonistische decennium hoorde. Anti-intellectualistisch, terwijl Lester een doordenkertje maakte. Maar de kunstenaars hebben hun talenten goed verdeeld: die jarennegentiggrofheid blijkt heel toepasselijk bij de extremen van hemel en hel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.