BESCHOUWING

Jailhouse Blues van Lead Belly

Zijn invloed op de muziekgeschiedenis kan nauwelijks worden overschat. En dat voor een veroordeelde moordenaar. Leven en werk van oerblueszanger Lead Belly zijn nu prachtig gebundeld en heruitgegeven in een boek met cd's.

Lead Belly in 1948-49. Beeld Smithsonian Folkways and Lead Belly Estate
Lead Belly in 1948-49.Beeld Smithsonian Folkways and Lead Belly Estate

Wat zou door het hoofd van gevangene Huddie William Ledbetter zijn geschoten, toen hij op 16 juli 1933 door de cipier uit zijn cel in de Angola Prison Farm werd getrokken? 'Bezoek voor je.' Huddie kreeg nooit bezoek. 'Voor mij?'

Twee bleke mannetjes, type wetenschapper, met bril (die ouwe) en vlassnorretje (dat jochie). Een enorm opnameapparaat aan een leren riem om de schouder. De ontmoeting van 'Lead Belly' met vader John en zoon Alan Lomax, etnomusicologen oftewel 'liedjesjagers' van beroep, zou een legendarisch treffen worden waaruit zo'n beetje de hele popgeschiedenis is gesijpeld. Een ontmoeting met een minstens zo mythische muziekhistorische status als die van John Lennon en Paul McCartney in de Grand Hall te Liverpool, op een zomerse dag in 1957.

De familie Lomax was in de jaren dertig op pad gestuurd door de Amerikaanse Library of Congress om volksliedjes vast te leggen en te bewaren voor de eeuwigheid. De Lomaxen trokken een spoor door de Verenigde Staten, door steden en over het platteland. Ze namen zingende oude vrouwtjes op die bij de rivier de was stonden te doen. Ze legden spelende schoolkinderen vast in de recorders, bezochten jubelende kerkdiensten in de zuidelijke staten.

Voor het meer grimmige Amerikaanse volksliedwerk togen vader en zoon naar de lugubere Angola-gevangenis in Louisiana. Hier moest een collectie 'prison songs' worden aangelegd: liederen die (vooral zwarte) gevangenen zongen bij de landarbeid, waarin gruwelijke gewelddaden werden bezongen en bovendien het tempo werd aangegeven waarmee de voorhamers op de keien moesten dreunen.

'Je moet bij Lead Belly zijn', had de opzichter de Lomaxen geadviseerd. Lead Belly zong dag en nacht, gedurende de dwangarbeid en voor het slapengaan. John en Alan werden voorgesteld aan een klein krachtmens met een 12-snarige gitaar onder de arm en zagen daar in die kille ontvangstruimte van de beruchtste gevangenis van Amerika voor het eerst dat gebeitelde hoofd van de zanger. De trotse kop met die enigszins hooghartige blik, die later het iconische aangezicht zou worden van de vroege Amerikaanse blues- en folkmuziek.

De Lomaxen startten de band en Lead Belly zong. Het ene na het andere gevangenislied. Plus nog wat spirituals, een slaapliedje, een 'dance tune'. Alles uit het hoofd. De Lomaxen waren dan officieel liedverzamelaar, eigenlijk was Lead Belly dat ook, maar dan ambteloos. Lead Belly was een 'songster', een levende jukebox. In zijn hoofd krioelden honderden liederen; duizend melodieën en teksten zaten er opgeslagen en in een vreemd chemisch proces in zijn hersenen muteerden de liedjes, maakte Lead Belly nieuwe arrangementen en teksten, schaafde aan de refreinen om die nog pakkender te maken. In het hoofd van Lead Belly kwam de uit Europa overgewaaide volksmuziek samen met de plattelandsliederen uit de Appalachen.

En ín Lead Belly ontstond dus de 'moderne' variant van de folk en blues, die via Woody Guthrie en Pete Seeger in de vroege jaren vijftig het duwtje zou geven aan de rock-'n-roll, en daarna feitelijk de hele popmuziek.

Zo'n ontmoeting was dat dus, op 16 juli 1933. En de echo van dat gevangenisbezoek is nu, behalve in een nog altijd groeiende collectie Lead Belly-covers, ook te horen in een verzameling van het Amerikaanse cultuurinstituut Smithsonian. Een monumentale uitgave, bestaande uit vijf cd's en een uitbundig tekst- en fotoboek. Met ruim honderd liedjes van Lead Belly, inclusief nooit eerder uitgebrachte opnamen van John en Alan Lomax en liedjes uit de latere platencarrière, die voor de arme zanger te laat kwam. Huddie Ledbetter overleed aan de ziekte ALS in 1949, net voor de eerste Amerikaanse folkgolf en dus vlak voor de natiebrede (vooral blanke) ontdekking van het fenomeen.

Dat noodlottige en voortijdige einde paste wel bij Lead Belly. Hij was in 1888 voor het ongeluk geboren, op een plantage in het gehucht Mooringsport in Louisiana. Als kind liep hij mee aan de hand van de legendarische blueszanger Blind Lemon Jefferson. Van hem leerde Huddie gitaarspelen en leende een eerste collectie liedjes. Lead Belly zong op de plantages, bij het plukken van het katoen. Maar al snel van achter de tralies. Lead Belly had niet voor niets zo'n stoere bijnaam: viel je hem lastig, dan kreeg je een dreun. Vanaf de jaren twintig zat hij voortdurend vast. Wegens geweldpleging, later moord en poging tot moord.

Huddie William Ledbetter, oftewel Lead Belly, in Greenwich Village, New York, 1945. Beeld Getty Images
Huddie William Ledbetter, oftewel Lead Belly, in Greenwich Village, New York, 1945.Beeld Getty Images

Ook typisch Lead Belly en onderdeel van de mythe: steeds zong de songster zich naar de vrijheid. Als een gouverneur op inspectie kwam in de gevangenis, zong Lead Belly een liedje voor hem: een ruimhartige lofzang op de nobele werken van bijvoorbeeld gouverneur O.K. Allen, of gouverneur Pat Neff - ook deze bizarre liedjes zijn opgenomen in de Smithsoniancollectie. Na zo'n gouverneursbezoek kreeg Lead Belly steevast gratie verleend. Toevallig, wegens 'goed gedrag'.

Zo ongeveer wandelde Lead Belly na een zoveelste opnamesessie met de Lomaxen dus ook de gevangenis uit, midden jaren dertig. En aldus begon het nieuwe leven van de zanger. Hij trok op met de liedjesjagers en voorzag ze van nog meer volksmuziek. Lead Belly reisde naar New York, waar hij speelde in voorname muziekclubs en voor radioshows. En waar hij in contact kwam met de grote folkzanger Woody Guthrie en later Pete Seeger. De sociaal bewogen en intellectuele troubadours leerden van het rauwe volkswerk van Lead Belly, en andersom. Lead Belly ontdekte dankzij Guthrie dat je een publiek kon bespelen en nog hardhandiger kon meetrekken in je liedjes.

Ook die kunst is te horen in een aantal opnamen op Lead Belly: The Smithsonian Folkways Collection, vooral bij de gesproken introducties op zijn eigen werk. Een vrolijk blueslied als Noted Rider leidt Lead Belly als volgt in: 'This is a blues, and the title of this number she's a noted rider. That means the drunk woman been drinkin' all night long and ain't had no sleep. She been disturbin' peace all round in the neighborhood.' Een teaser op een wrang komisch liedje over een vrouw met een drankprobleem.

null Beeld
Beeld

Het is misschien wel de grootste ontdekking van deze nieuwe verzameling: in de minder bekende en nu dan eindelijk gloriërende muziek van Lead Belly hoor je de humor, de vrolijkheid en de scherpte en levendigheid van zijn geest, zijn zang en gitaarspel. Heel anders dan we in de loop van de geschiedenis van de zanger hadden meegekregen.

In de Verenigde Staten was van Lead Belly het beeld ontstaan van de sinistere blueszanger, die je vanaf de bekende foto's duister en zelfs een tikje evil aanstaarde. Lead Belly was de vertolker van het donkerste levensgevoel en dat kon ook niet anders, gezien zijn gewelddadige verleden en bestaan als draaideurcrimineel. Bij de aanvang van zijn carrière in de vroege jaren veertig kondigde de Herald Tribune aan: Sweet singer of the swamplands here to do a few tunes between homicides. Een van de eerste platen van Lead Belly was getiteld: Negro Sinful Songs by Lead Belly. Die durfde je nauwelijks aan te schaffen, laat staan thuis gezellig op te zetten.

Lead Belly: The Smithsonian Folkways Collection

5 cd's plus boekwerk.
Verschenen bij Smithsonian Folkways Recordings.
Distributie Music & Words.
*****

Logisch dus ook dat vooral het inktzwarte repertoire van Lead Belly voortleefde. Juist liedjes als Gallows Pole (Led Zeppelin), Black Betty (Nick Cave) en Black Girl (Nirvana) kregen eeuwigheidswaarde in zo mogelijk nog somberder en angstaanjagender vertolkingen.

Maar wandel je nu door het complete oeuvre van Lead Belly, dan loop je eigenlijk tegen een heel andere zanger aan. Een Lead Belly die van een simpel kinderliedje een bijna opgewekte blues kon maken. En vooral ook iemand die vocale melodieën en gitaarspel op ingenieuze wijze samenbracht.

Dankzij de met moderne technieken opgepoetste opnamen op de Smithsoniancollectie sprankelen de twaalf snaren van Lead Belly als nooit tevoren. Of, zoals Woody Guthrie het ooit opschreef: 'Lead Belly's gitaar klonk niet als een vrouw of als een vriend, ook niet als een kind of een man die je kent. Maar hij speelde op een manier die maakte dat de mensen naar het geluid toe wilden lopen.'

Met deze nieuw ontloken, fonkelende en soms zelfs zonnige Lead Belly mag een nieuwe generatie koers zetten richting de zanger, en kan de popgeschiedenis zomaar nog een eeuw vooruit.

Het kan therapeutisch werken: elke werkdag beginnen met een 'prison song' en denken dat je het eigenlijk zo zwaar nog niet hebt.

En het is mogelijk. Het nagenoeg complete archief van Alan Lomax, en dus ook alle gevangenisliederen die hij vorige eeuw in de Verenigde Staten opnam, staat sinds 2012 online en is gratis af te spelen.

Het duurt event voor je bent uitgeluisterd: op researchculturalequity.org staan bijna 18 duizend opnamen.

Levenslang luisteren

1) Nirvana -Black Girl (Where Did You Sleep Last Night)
Het oeroude Amerikaanse volksliedje In the Pines veranderde in de loop van de vroege 20ste eeuw in een grimmig lied over een onthoofde spoorwerker, en vanwege die gewelddadigheid werd het een populair gevangenisliedje. Black Girl kreeg eeuwigheidswaarde in de uitvoering en opname in 1947 van Lead Belly, en Nirvana gaf het een nieuw publiek in de prachtige akoestische uitvoering bij de beroemde MTV Unplugged In New York-show van 1993.

2) Creedence Clearwater Revival - The Midnight Special
Je zou het in de opgewekte rock-'n-roll-uitvoering van Creedence Clearwater Revival niet zeggen, maar The Midnight Special was ooit een droevig gevangenislied over een passerende nachttrein, waaruit de veroordeelden hoop putten. Als het licht van de trein door de tralies naar binnen viel, dachten de gevangenen dat de cipier ze die nacht nog kwam bevrijden. Tevergeefs natuurlijk. The Midnight Special werd een standard in het arrangement van Lead Belly en een megahit voor Creedence in 1969.

3) Nick Cave - Black Betty
Leuk, die hardrockuitvoering van Black Betty door 'one hit wonder' Ram Jam uit 1977. Maar Nick Cave & the Bad Seeds overtroffen die editie, in een ziekelijke en bijna psychopathisch vertolkte versie op het album Kicking Against the Pricks uit 1986. Niemand zingt 'look-a look-a yonder' zo door de duivel bezeten als Cave. En wat te denken van: 'Black Betty had a baby, bam-e-lem. Damn thing was crazy, bam-e-lem.' Angstaanjagend.

4) Tom Waits - Goodnight, Irene
Lead Belly leerde het minstreel-lied Irene van zijn oom en vertolkte het volgens de overlevering al in 1907, als kind met een gitaar. Het werd het beroemdste lied van Lead Belly, dat in de Verenigde Staten een miljoen keer moet zijn uitgevoerd, van kroeg tot kiprestaurant. Lead Belly zong Irene steevast als openingslied van zijn radioshows in de jaren veertig. Tom Waits maakte er een waanzinnig dronkemanslied van op zijn plaat Brawlers, Bawlers & Bastards uit 2006.

5) Led Zeppelin - Gallows Pole
Laat het klaaglijk zingen met de strop al om de nek maar aan Robert Plant over: lekker hysterisch, in de rockklassieker Gallows Pole van derde album III van Led Zeppelin uit 1970. Het lied kwam eind 19de eeuw overgewaaid uit Engeland als Maid Freed from the Gallows en werd een standaardwerk in het arrangement van en de uitvoering door Lead Belly in 1948, als The Gallis Pole. Volgens Jimmy Page hoorde hij het lied voor het eerst in een uitvoering van folkzanger Fred Gerlach. Maar die had het natuurlijk weer van Lead Belly.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden