Ja, heren - zo vuig, goor en ranzig ziet het front eruit

Three Kings begint als de oorlog al zijn finale heeft beleefd. Het vuren is gestaakt, al wordt er op de valreep nog een Iraakse soldaat neergeschoten....

David O. Russell maakte in 1999 een film over de eerste Golfoorlog in Irak. Het kostte Russell zeven jaar om Three Kings van de grond te krijgen. Niemand zag iets in het verhaal over vier Amerikaanse soldaten, die kort na de Golfoorlog in Irak op rooftocht gaan. Te kritisch, vonden de studio's. Te grillig ook. En vooral: te weinig patriottistisch. Pas nadat superster George Clooney zich aan het project verbond, durfde Warner Bros. het aan, te meer omdat Clooney voor een-tiende van zijn normale gage wilde werken.

Het resultaat is nog altijd verbluffend, en ja: ook leerzaam, om dat ouderwetse woord maar eens te gebruiken. Wat zou het mooi zijn als deze film de komende week op een groot doek in de Tweede Kamer wordt vertoond. Met minister Kamp van Defensie op de eerste rij in het midden - een notitieblok in de hand. Pechtold ernaast. Bos. Minister Bot, niet te vergeten. En in de hoek, in zijn eentje, minister-president Balkenende, zo nu en dan met het hoofd schuddend bij weer een schuttingwoord. Ja, heren - zo vuig, goor en ranzig ziet het front er uit als er geen sprake is van een officieel bezoek. Hitte. Verveling. Nare kerels. Idealen? Seks, sport en dure merken - dat zijn de onderwerpen waarmee de tijd wordt verdreven.

De plot van Three Kings handelt over vier soldaten. Zij vinden in de anus van een Iraakse krijgsgevangene een kaart. Hun leider, een routinier van de speciale eenheden (George Clooney), vermoedt dat de kaart de locatie van de bunkers aangeeft waarin Saddam Hussein de oorlogsbuit uit Koeweit heeft verborgen. De soldaten gaan op weg, en komen in een burgeroorlog terecht. Van vrede blijkt geen sprake. En dan gebeurt het: Clooney stopt de actie om de situatie glashelder aan zijn ondergeschikten en de bioscoopbezoekers uit te leggen. President Bush, de oude welteverstaan, spoorde de mensen aan in opstand te komen tegen Saddam. 'Ze dachten dat ze onze steun hadden. Nu worden ze afgeslacht.'

Het is een even simpel als helder betoog. De aanwezigheid van de Amerikanen heeft tot verdeeldheid onder de bevolking geleid. Sterker: er is een vicieuze cirkel van geweld ontstaan, van haat die haat zaait.

Er zijn meer momenten waarop Three Kings pijn doet. Regisseur Russell laat de camera door de menselijke huid heen boren. Zo is te zien welke schade een kogel van binnen aanricht. Bloed. Ingewanden. Smurrie. En dan dat geluid. Pffft. Flubberig, niksig, dodelijk.

Dat is wat film vermag: ontwrichten. Verwarring zaaien. En verbanden leggen. Film kan feiten en statistieken tot leven wekken, en verhalen over missies van kleuren en beelden voorzien. In het licht van Three Kings krijgt de besluitvorming over de uitzending van ruim 1200 Nederlandse militairen naar de Afghaanse provincie Uruzgan een andere dimensie. Woorden als 'aanvaardbaarheid', 'veiligheidsrisico's', 'garanties'en 'bondgenoot' worden na de scènes aan het front mechanisch klinkende frasen - wat zijn de extra garanties die Nederland bij de NAVO en de Verenigde Staten heeft bedongen waard in een op drift geraakte realiteit waar het onderscheid tussen goed en slecht niet meer bestaat?

David O. Russell doet met zijn film iets belangrijks: hij maakt van de eerste Golfoorlog, die door het Amerikaanse leger als een steriele televisieoorlog werd geregisseerd, een menselijke onderneming. Hij kijkt voorbij de officiële berichtgeving, en richt zijn blik op het verhaal achter de door politici formeel uitgesproken argumenten.

In zijn optiek is niet zozeer sprake van ideologische verschillen, maar van een conflict tussen arm en rijk - een gegeven dat rigoureus wordt doorgetrokken. Russell laat Amerikaanse soldaten in luxe auto's door de woestijn rijden en filmt een bunker gevuld met computers, videorecorders, Rolexen en andere kroonjuwelen uit het westerse consumptieparadijs.

Wanneer een van de hoofdrolspelers, de door Irakezen gevangen genomen Troy, een berg mobiele telefoons vindt, graait hij net zolang totdat hij er een vindt die het nog doet. Als een telefoniste hem niet met Operation Desert Storm kan doorverbinden, belt hij zijn vrouw in Detroit. Of zij even het leger kan bellen?

Dat is wat film vermag: perspectieven verschuiven, en nieuwe inzichten aanwakkeren. Film is, zo stelde Jean-Luc Godard al eens, niet de weergave van de werkelijkheid, maar de werkelijkheid van een reflectie. Film wordt pas film als hij iets aanwakkert. Als hij in de hoofden van de bioscoopbezoekers contacten legt, en aanzet tot het maken van associaties.

Wie naar Three Kings kijkt, moet aan de slag. Die moet de strijd aan met de beelden vol irrationele razernij, onbegrip en botsende belangen. Die kan niet langer op officiële rapporten steunen, maar moet bij zichzelf te rade gaan. Om daarna nog maar eens die ene, simpele vraag te stellen: hoeveel Nederlandse doden is de burgeroorlog in Afghanistan ons waard?

Ronald Ockhuysen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden