ISBN

Kaddisj heet het boek van Leon Wieseltier, redacteur van The New Republic, waarin hij zich verdiept in rouw, rouwrituelen en de betekenis van de dood....

Esther Kreitman (1891-1954) was de zuster van de schrijvers Israel Joshua Singer en Isaac Bashevis Singer. Zij begon als eerste in het gezin met het schrijven van verhalen. In 1936 publiceerde zij Een meisje in Polen, een persoonlijk verslag van een vrouwenleven in het sjtetl. De roman verschijnt in de vertaling van Willy Brill als vijfde deel in de Jiddische Bibliotheek van Vassallucci (¿ 29,90).

Als de Canadees John MacLennan met zijn schip vastloopt in het ijs voor de Oost-Siberische kust, wordt hij gered door de hem onbekende bewoners van dat land, de 'schrikwekkende' Tsjoektsjenen. In Droom in de Poolnevel vertelt een van hen, de schrijver Juri Rytchëu (1930), over de ontmoeting van MacLennan met dit volk van zeehondenjagers (De Geus; ¿ 49,90).

In Multatuli voor iedereen (maar niemand voor Multatuli) doet de neerlandicus Nop Maas verslag van zijn onderzoek naar wat minder belichte kwesties in leven en werk van de grote negentiende-eeuwse schrijver. Hij gaat onder meer in op de ontvangst van Max Havelaar, leest Minnebrieven als een vervolg op Multatuli's vroegere geschriften en beziet de twee brochures Over vrye Arbeid. Hij constateert ook dat de Volledige Werken allerminst volledig zijn (Vantilt; ¿ 39,90).

De Poolse journalist Ryszard Kapuëciëski (1932) bereisde het Midden-Oosten, Latijns-Amerika en Afrika. Hij schreef er indrukwekkende reportages over, zoals Nog een dag, De voetbaloorlog en Imperium. In Ebbenhout (De Arbeiderspers; ¿ 39,90) doet hij verslag van zijn vaak enerverende ervaringen in Afrika.

De Vlaamse schrijver Eriek Verpaele kijkt in Katse nachten terug op de tijd van oktober 1985 tot augustus 1998, toen hij zijn dagen sleet in de wijk De Katte, een volksbuurt in Zelzate. In dit half verzonnen, half waargebeurde verhaal mijmert hij over liefde en letteren, over Jiddische cultuur en Russische literatuur, over meisjes en een beminde vriend (Luuk Gruwez).

De Japanse geleerde en schrijver Yukichi Fukuzawa (1835-1901) droeg eraan bij dat zijn land zich in de negentiende eeuw op het Westen ging oriënteren. Hij was in vele takken van kennis thuis. In zijn autobiografie De poorten gaan open (Meulenhoff; ¿ 39,90) vertelt hij onder meer hoe hij op weg ging naar Nagasaki om Nederlands te leren, in Amerika en Europa belandde en terug in zijn vaderland zag hoe het geïsoleerde Japan een steeds liberalere staat werd.

Met de publicatie van de gebonden uitgave van De tijd hervonden, het laatste deel van Marcel Prousts Op zoek naar de verloren tijd, is de hele roman, bestaande uit vijftien delen, in het Nederlands beschikbaar (zowel in paperback als gebonden). Hiermee wordt een punt gezet achter het werk van Thérèse Cornips. Zij vertaalde, op de eerste delen na, de cyclus (De Bezige Bij; ¿ 50,-).

Het verhaal van Genji (Genji Monogatari) is een van de eerste grote liefdesromans uit de wereldliteratuur. Het werd in de twaalfde eeuw geschreven door de Japanse hofdame Murasaki Shikibu, die van de amoureuze prins Genji een onvergetelijke verschijning maakte. Vertaald door H.C. ten Berge (niet uit het Japans, maar uit het Engels) verscheen een selectie uit dit omvangrijke werk bij Meulenhoff (¿ 39,90) onder de titel Avondgezichten - Liefdes uit het leven van prins Genji.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden