BeschouwingVerbeeldingskracht

Is er nog toekomst voor Jules Verne, de grote bezinger van stoomtrein en stoomschip?

Geen literaire profeet zo trefzeker als Jules Verne (1828-1905), bedenker van maanraket, hologram en helikopter. Hoe fris blijft zijn werk, nu de realiteit zijn fantasie allang is ontstegen?

Beeld Claudie de Cleen

En wéér hebben we de toekomst betreden. Dat doen we natuurlijk elke seconde, maar bij een decenniumwisseling, en dan ook nog eens naar een numerologisch uniek jaartal als 2020, staan we er extra bij stil. Niet voor niets wijdde de Volkskrant op 31 december een mooi overzichtsartikel aan alle voorspellingen die er in de loop van de tijd voor dit bijzondere jaar waren gedaan, van rubberen stoepen tot dieren die eenvoudig fabriekswerk zouden verrichten. Conclusie: zelfs van de serieuze wetenschappelijke prognoses zat 80 procent ernaast.

In de literatuur kijken we allang niet meer op van beschrijvingen van toekomstige werelden, die we meestal trouwens direct herkennen als reflecties op het heden. Maar het kan ook andersom: een voor de lezer herkenbaar heden waarin plotseling een geheel nieuw element van bovennatuurlijke, buitenaardse of wetenschappelijke aard opduikt, dat de wereld abrupt een ander aanzien geeft. Een man die ’s nachts in een monsterachtig ongedierte blijkt te zijn veranderd en zich afvraagt hoe hij in hemelsnaam naar zijn werk moet. Een cilinder vol marsmannetjes, of eerder een soort marsberen, die landt in Zuid-Engeland en daar dood en verderf begint te zaaien. Of de andere kant op, een Amerikaanse organisatie die een bemande cilinder naar de maan schiet.

De schrijver van dat laatste verhaal wordt algemeen beschouwd als de meest trefzekere literaire profeet ooit: behalve de maanraket verzon hij onder andere de atoomonderzeeër, de helikopter, het hologram, het achtuurjournaal en de videoconferentie. Zijn naam? Jules Verne (1828-1905). Hij schijnt de meest vertaalde Franstalige schrijver te zijn, maar hetzelfde wordt beweerd van Georges Simenon en Antoine de Saint-Exupéry, dus zeker weten doen we het niet. Vaststaat in elk geval dat hij vele generaties kinderen van talloze uren leesplezier heeft voorzien. Want dat is het opmerkelijke, gezien het soms behoorlijk stevig wetenschappelijke gehalte van zijn boeken: Verne schreef voor kinderen.

Jules Verne (1828-1905)Beeld Nadar / Getty

In de meeste literatuurgeschiedenissen valt zijn naam hooguit terloops. Zelfs in Le pays de la littérature van Pierre Lepape en De la littérature française onder redactie van Denis Hollier, twee overzichtsboeken die zich van hun traditionele voorgangers onderscheiden door hun ruime aandacht voor minder canonieke literatuur, komt Jules Verne niet ter sprake, laat staan dat hij een eigen hoofdstuk krijgt. Dat krijgt hij overigens wel in de veel oudere Histoire des littératures van de prestigieuze Encyclopédie de la Pléiade, in de afdeling ‘marginale literaturen’. Twee keer maar liefst: bij de kinderliteratuur en bij de sciencefiction. Zou het toeval zijn dat de hoofdredacteur van deze literatuurgeschiedenis, Raymond Queneau, zelf een schrijver was in wiens werk zowel het kinderlijk-naïeve (Zazie dans le métro!) als het wetenschappelijke een grote rol speelde?

De invloedrijkste Franse schrijver

Laat ik maar eens een stelling wagen. Niet Balzac, Stendhal, Flaubert, Hugo of Zola moet als de invloedrijkste Franse schrijver van de 19de eeuw worden gezien, maar Jules Verne, om de doodeenvoudige reden dat bijna alle schrijvers na hem, tot ver buiten Frankrijk, als kind in zijn toverdrank zijn gevallen. Dat hij geen ‘hoge’ literatuur schreef, maakt de stelling alleen maar aannemelijker. Juist de ongebreidelde verbeeldingskracht die hij in zijn reeks Voyages extraordinaires tentoonspreidt, zet de literaire fantasie van de jonge lezer (en schrijver in spe) in werking: woorden om in op reis te kunnen gaan, wat wil je als kind nog meer?

Illustratie uit Jules Vernes De reis naar de maan, waarin een soort cilinder dienstdoet als raket.Beeld Getty

Verne voert zijn lezers mee naar de maan, naar het middelpunt van de aarde, naar de bodem van de oceaan, maar ook ‘gewoon’ naar winters Siberië of tropisch India. De ene keer (in Twintigduizend mijlen onder zee) staat hij uitgebreid stil bij al het moois en ongewoons dat de reiziger onder ogen krijgt, een andere keer (De reis naar de maan) valt er weinig te zien en worden ons vooral allerlei interessante wetenschappelijke feiten voorgeschoteld – Verne was ongetwijfeld de eerste schrijver die een ingewikkelde wiskundige formule in een roman opnam. Opmerkelijk bij dat alles is hoe nuchter de personages hun belevenissen ondergaan. Voor psychologische diepgang zijn we bij Verne aan het verkeerde adres: die zou ten koste gaan van de vaart.

Blijft hij dan eeuwig fris? Dat is de grote vraag. Aan de leverbaarheid van zijn boeken zal het voorlopig in elk geval niet liggen: een groot aantal Verne-titels is niet zo lang geleden opnieuw uitgegeven door uitgeverij Pantheon, drie van de populairste titels zijn voor nóg jongere lezertjes herschreven door Elisabetta Dami alias Geronimo Stilton, er bestaan tal van stripboeken naar zijn werk en voor wie niet van lezen houdt, zijn er ruim dertig filmbewerkingen, bijvoorbeeld Around the World in 80 Days met Jackie Chan en Arnold Schwarzenegger. In Frankrijk is Verne zelfs gecanoniseerd: zijn wonderbaarlijke reizen zijn met vier dikke dundrukdelen opgenomen in de befaamde Bibliothèque de la Pléiade, keurig van wetenschappelijke inleidingen en voetnoten voorzien.

Snapshot van een tijdperk

Toch kan zijn werk onmogelijk meer dezelfde indruk maken als het lange tijd gedaan heeft, al is het maar omdat veel van de spectaculaire wetenschappelijke voorspellingen inmiddels zijn uitgekomen. Of eigenlijk kun je het niet eens voorspellingen noemen. Verne was niet zozeer geïnteresseerd in de toekomst, als wel in de mogelijkheden die de wetenschap van zijn tijd de literaire verbeelding bood. In De reis naar de maan worden de reizigers simpelweg met behulp van een gigantisch kanon de lucht in geschoten; de schrijver rekent keurig voor met welke snelheid dat moet gebeuren om de maan te halen, maar de indruk die wij er met onze kennis van de Apollo 11 aan overhouden is er toch een van knulligheid, niet in de laatste plaats omdat men kennis hoopt te kunnen maken met de maanbewoners. Het raampje van de cilinder gaat in de ruimte trouwens ook nog even open.

Illustratie uit Jules Vernes De reis naar de maan.Beeld Getty

Vernes misschien wel beroemdste roman, De reis om de wereld in tachtig dagen, heeft van dat soort knulligheden geen last omdat er geen grote wetenschappelijke ontdekkingen in worden gedaan, maar komt gek genoeg toch gedateerd over. Niet door de taal, die in het Frans weinig van zijn frisse nuchterheid heeft verloren, maar eenvoudigweg door het uitgangspunt: in tachtig dagen om de wereld reizen, dat was in 1872 een enorme prestatie (mogelijk gemaakt door de recente aanleg van het Suezkanaal en van een spoorlijn dwars door India), maar is dat allang niet meer. In plaats van een glorieus vertoon van moderniteit is het boek juist een snapshot geworden van een tijdperk dat we voorgoed achter ons hebben gelaten, en dat doet toch een beetje pijn.

Is er in de wereld van Greta Thunberg nog een toekomst voor blijde dromen van wonderbaarlijke reizen? Is er nog een toekomst voor Jules Verne, de grote bezinger van stoomtrein en stoomschip? In de literaire sciencefiction overheerst allang het pessimisme: techniek is daar meestal geen neutraal hulpmiddel meer, maar een potentiële of reële vijand. Misschien is dit dan de rol die de romans van Jules Verne kunnen blijven vervullen: het aanwakkeren van de literaire verbeelding zónder angst of schaamte. Voor die laatste twee zorgt de echte wereld later wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden