ProfielIris Kensmil

Iris Kensmil geeft de ‘zwarte moderniteit’ een gezicht

In Museum Kranenburgh is er nu een prachtige overzichtstentoonstelling van haar werk. 

Iris Kensmil in haar atelier. Beeld Gert Jan van Rooij

Een vrouw omringd door microfoons, met een blik in haar ogen die verraadt dat haar net iets vreselijks is overkomen. Het is burgerrechtenactivist Betty Shabazz vlak nadat haar man, de Afro-Amerikaanse moslimleider Malcolm X, tijdens een speech is doodgeschoten. De Nederlandse kunstenaar Iris Kensmil schilderde haar portret voor het drieluik February 21, 1965.

Iris Kensmil, February 21, 1965 (2017), detail uit een drieluik. De vrouw is burgerrechtenactivist Betty Shabazz vlak nadat haar man, de Afro-Amerikaanse moslimleider Malcolm X, is doodgeschoten.Beeld Foto Gert-Jan van Rooij

Een indringend beeld van een beladen moment is het, geschilderd in sobere grijstinten ook nog eens. Toch is het schilderij dat Kensmil maakte van het moment opvallend licht. Helder, fris bijna, en prettig onsentimenteel. Dat heeft deels te maken met de techniek die ze in haar olieverfschilderijen toepast: in plaats van vanuit een donkere ondergrond naar lichte details toe te schilderen, zoals gebruikelijk is, begint zij met een lichte ondergrond en brengt de olieverf dan in dunne, haast transparante lagen aan. Het doek lijkt van binnenuit te stralen: een techniek die ze afkeek van Manet en de lichttovenaars van het impressionisme.

Zoals de impressionisten vol pastelkleurige vooruitgangsdrang de weg plaveiden voor de moderne schilderkunst, zo straalt er ook een ingetogen optimisme van de doeken van Kensmil. Dat zit ’m in dat lichte palet, maar vooral ook in haar onderwerpkeuze. De afgelopen vijftien jaar heeft ze zich beziggehouden met het verbeelden van wat ze zelf ‘zwarte moderniteit’ noemt: de bijdrage van mensen van kleur aan de lange ontwikkeling van historisch bewustzijn en emancipatie. Burgerrechtenactivisten, protestzangers, feministen en schrijvers bevolken al meer dan tien jaar haar doeken. Voorvechters van de vooruitgang dus, die net zoals hun witte tijdgenoten streden voor een betere wereld, maar die in de geschiedenis zelden met hen in een adem genoemd worden.

Toen Kensmil (49) de geschiedenis van de emancipatie van de zwarte mens als voornaamste thema koos, werd daar vanuit de kunstwereld niet altijd even enthousiast op gereageerd. Te activistisch of pamflettistisch, klonk het. Dat ze dit jaar samen met Remy Jungerman Nederland mocht vertegenwoordigen op de Biënnale van Venetië, is een duidelijk signaal dat er de afgelopen jaren flink wat is veranderd. De kunstwereld lijkt – eindelijk, zou je kunnen zeggen – klaar voor het werk van Kensmil. De laatste tijd is er, ook in het museum,  steeds meer aandacht voor weggestopte of vergeten aspecten van de geschiedenis. Haar werk sluit daar mooi bij aan.

En nu is er dus een bescheiden maar prachtige overzichtstentoonstelling in Museum Kranenburgh, haar eerste in Nederland sinds de Biënnale. Een paar uur voor de opening zit de kunstenaar er schijnbaar ontspannen bij, terwijl in de zaal nog haastig een plint wordt geschilderd en een houtskooltekening op de muur geprikt. Rustig en ingetogen komt ze over, met nieuwsgierige ogen die vanachter haar ronde brilmontuur twinkelen.

Ze moet een beetje lachen als ik haar vraag naar een in het oog springende tegenstelling in haar werk. Terwijl ze zich steeds meer met toekomstgerichte wegbereiders is gaan bezighouden, is haar beeldtaal juist steeds klassieker geworden. Hoe zit dat? Inderdaad: nadat ze in 1998 was afgestudeerd, maakte ze eerst een tijd abstractere doeken, waarin de vorm en het schilderen zelf centraal stonden. Na een reis naar Suriname, het land waar haar ouders vandaan komen en waar ze zelf van haar 1ste tot haar 9de had gewoond, wilde ze het over een andere boeg te gooien. ‘Mijn herinneringen aan Suriname en de zwarte identiteit speelden altijd al wel een rol in mijn werk, maar nu wilde ik dat meer centraal stellen. En op de een of andere manier lukte het me niet meer om dat via een abstracte beeldtaal op te lossen.’

Post-Blackness (2016). Beeld Iris Kensmil

Terug naar de figuratie dus, om de zwarte moderniteit letterlijk een gezicht te geven. Wat overigens niet wil zeggen dat de vormtaal en technieken van de moderne schilderkunst haar werk niet hebben beïnvloed. Integendeel: haar werk zit vol met verwijzingen naar de traditionele kunsthistorische canon. In haar schildertechniek dus, maar ook in figuratievere elementen. Zo verwijst ze in Post-Blackness, een houtskooltekening van een jonge vrouw met een Afrikaans masker tegen haar borst, naar Picasso en andere kubisten die zich door Afrikaanse kunst lieten inspireren; en herkent de geoefende kunstkenner gelijk de verticale zwarte en witte strepen in de installatie Dutch Nurses: een directe referentie naar de kritische kunstenaar Daniel Buren.

Dutch Nurses (2015), het werk dat refereert aan de kritische kunstenaar Daniel Buren. Beeld Michel Klaus

Hoe ze precies samenhangen, Kensmils helden van de zwarte moderniteit en de referenties naar de traditionele canon, dat mag je zelf bepalen. Niets pamflettistisch aan.

Iris Kensmil, Blues Before Sunrise

Beeldende Kunst

Museum Kranenburgh, Bergen, t/m 13/4 

Roemer en Kensmil

Een bijzonder portret in de tentoonstelling is van P.C. Hooftprijswinnaar Astrid Roemer, die zelf voor de kunstenaar model zat. ‘Haar werk heeft een prachtige mengeling van inzicht, empathie, ironie en persoonlijk beleven’, schreef Kensmil in de toelichting. ‘Om haar markante persoonlijkheid te benadrukken heb ik voor een uitgesproken licht-donker schildering gekozen.’ De waardering bleek wederzijds: Astrid Roemer schreef op haar beurt een essay over Kensmils werk in een publicatie die naar aanleiding van de tentoonstelling wordt uitgegeven. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden