Inzicht in Rembrandt

Het Rembrandt Research Project heeft sinds zijn oprichting in 1968 veel kennis vergaard, maar roept ook weerstand op door de eenzijdige wetenschappelijke benadering....

Rutger Pontzen

De Poolse Ruiter, Oude man met tulband, een zelfportret of het genrestuk met de bijzondere naam Handjeklap - we waren er het afgelopen decennium aan gewend geraakt: elk jaar werd wel weer ergens een nieuw schilderij van Rembrandt van Rijn ontdekt, gesignaleerd of onder een 19de-eeuwse overschildering vandaan geschraapt.

Maar gisteren werden in één keer liefst vier nieuwe 'Rembrandts' aan het oeuvre toegevoegd. Een ongekende sensatie. Niet alleen omdat het zo veel schilderijen betrof, maar ook omdat de bestaande theorieën over Rembrandt werden herzien: hij zou niet alleen officieel werk hebben geproduceerd, maar ook voorstudies hebben gemaakt. Reden waarom nu ook deze olieverfschetsen tot het officiële werk worden gerekend.

Verantwoordelijk voor deze ingrijpende beslissing was Ernst van de Wetering, emeritus hoogleraar kunstgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en leider van het Rembrandt Research Project (RRP). Als hét instituut dat in 1968 werd opgericht om de echte Rembrandts van de niet-Rembrandts te onderscheiden, heeft het RRP een behoorlijk staat van dienst opgebouwd, wat betreft kennis, inzicht, expertise én onenigheid.

De kennis over Rembrandt is door het RRP enorm vergroot, wat betreft de datering van zijn werk en de ontwikkeling van zijn oeuvre. Meer inzicht is verkregen door het onderzoek naar de atelierpraktijk bij Rembrandt en zijn tijdgenoten: hoe schilders uit de 17de eeuw hun pigmenten maalden, doeken grondden en verf opbrachten. Expertise heeft het RRP ontwikkeld door de onderzoeken te verwetenschappelijken, met infraroodlicht, röntgenstralen, dendrochronologische analyse en verfmonsters.

Onenigheid is er door de jaren ontstaan, juist door die (eenzijdige) wetenschappelijke benadering van Rembrandts werk en schilderstijl. Én door de wrevel die de autoriteit van het RRP bij andere onderzoekers, wetenschappers en connaisseurs heeft gewekt. Temeer omdat het instituut in haar inmiddels bijna veertigjarig bestaan, sommige beslissingen heeft moeten herroepen.

Of zoals Rembrandt-kenner Gary Schwartz het zegt: 'De afgelopen tien jaar zijn er steeds meer schilderijen bijgekomen die oorspronkelijk waren afgeschreven. Eerst heeft het RRP de lat heel hoog gelegd; doordat er nu ook voorstudies tot het werk worden gerekend weer laag.'

Blijft het feit dat het project uniek is in de wereld. Nergens anders wordt met zo veel energie, overtuiging en geld gezocht naar de echtheid van een schildersoeuvre. Dat het hier om Rembrandt gaat, hét genie van de Hollandse 17de-eeuwse kunst, maakt het begrijpelijker.

Die aandacht is misschien overdreven, maar niet ten onrechte, meent Michiel Franken. Franken, voormalig medewerker van het RRP en nu werkzaam bij de Rijksdienst voor Kunsthistorische Documentatie, gelooft in het belang van het onderzoek. 'De lijst met schilderijen was door de jaren vervuild geraakt.' Maar, geeft hij toe, 'dat het Rembrandtjaar 36 verschillende tentoonstellingen heeft is natuurlijk absurd'.

Franken: 'Ik ken zo vijftig andere schilders uit 1606 voor wie volgend jaar helemaal geen aandacht is.'

Rutger Pontzen

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden