Intrigerende haaibaai

Naast haar klassieker To Kill a Mockingbird schreef Harper Lee nog een lezenswaardige roman, over het leven in het Diepe Zuiden van de VS ten tijde van de opkomst van de zwarte burgerrechtenbeweging.

Beeld Everett Collection, Inc. / HH

Bij plotseling opduikende, al dan niet verloren gewaande manuscripten van beroemde schrijvers is de vreugde van het ontdekken dikwijls groter dan die tijdens het lezen. Bij Ga heen, zet een wachter (Go Set a Watchman) is het omgekeerde het geval. Mijn verwachtingen waren laaggespannen: het ging immers om een door haar redacteur afgekeurde versie van Harper Lee's klassieker Spaar de spotvogel (To Kill a Mockingbird), waarnaar de schrijfster niet meer had omgekeken. Een mislukt boek dus. Toch?

Lezenswaardig

Dat blijkt, nu het uit de late jaren vijftig stammende werk alsnog is uitgegeven, reuze mee te vallen. Ga heen, zet een wachter is in veel opzichten een minder gave en aantrekkelijke roman dan het charmante, maar in de VS wel heel erg bewierookte Spaar de spotvogel, maar het is een alleszins lezenswaardig boek.

Spaar de spotvogel speelde in de zuidelijke staat Alabama gedurende de Depressie van de jaren dertig. Het wordt verteld vanuit het perspectief van de, aan het begin van de roman, bijna 6-jarige tomboy Jean Louise Finch, beter bekend onder haar bijnaam Scout.

Twee verhaallijnen in het boek leveren samen een pleidooi op tegen vooroordelen. In de eerste speelt een schuwe buurman in een geblindeerd huis een hoofdrol. De tweede, veel bekendere verhaallijn betreft Scouts vader Atticus, die als advocaat een zwarte man moet verdedigen die er ten onrechte van is beschuldigd een blank meisje te hebben verkracht. Een onmogelijke opgave in het racistische Alabama van die dagen.

Ku Klux Klan

Ga heen, zet een wachter speelt medio jaren vijftig en is in de derde persoon geschreven, met Scout als centrale figuur, nu onder haar officiële naam. In dit boek reist Jean Louise vanuit haar woonplaats New York terug naar haar geboortestadje Maycomb, waar ze enige tijd bij haar vader zal logeren. Wat volgt is een buitengewoon sfeervolle schets van het leven in het Amerikaanse Diepe Zuiden, de tegenstellingen tussen de grote stad en het platteland, de genadeloze werking van de tand des tijds en de opkomst van de zwarte burgerrechtenbeweging.

De terugkeer naar haar geboortegrond roept bij Jean Louise allerlei herinneringen op en we krijgen een aantal fraaie scènes uit de jaren dertig en veertig voorgeschoteld, met als hilarisch hoogtepunt de religieuze viering die Scout, haar broertje Jem en hun buurjongen Dill naspelen, waarbij Dill (gebaseerd op Lee's buurjongen Truman Capote) in een laken met uitgeknipte ooggaten de Heilige Geest vertolkt.

Dat laken is weinig minder dan een omineuze vooruitwijzing. Want waar Atticus - vernoemd naar een wijze vriend van de Romeinse denker Cicero - in Spotvogel de verpersoonlijking is van deugdzaamheid en tolerantie, blijkt hij in Ga heen, zet een wachter een bange kleinburger. Als Jean Louise ontdekt dat hij een Ku Klux Klan-bijeenkomst heeft bijgewoond, verklaart hij dat uit zijn nieuwsgierigheid naar welke racisten zich onder die witte lakens bevinden.

Maar Atticus' mening over zijn zwarte medeburgers laat aan duidelijkheid weinig te wensen over. Ze hebben zich wat hem betreft in de loop der jaren weliswaar enigszins ontwikkeld, maar blijven achterlijk, ongeletterd, niet in staat verantwoordelijkheden te dragen en zijn dus nog lang niet toe aan dezelfde rechten als blanken.

Haaibaai

Op wat gedeelde personages en jeugdscènes na zijn er nauwelijks overeenkomsten tussen beide boeken. Zo wordt de rechtszaak die zo'n centrale rol speelt in Spotvogel, in Wachter afgedaan in een terugblik van enkele woorden en heeft hij bovendien een volstrekt ander verloop. Harper Lee, kunnen we concluderen, heeft indertijd met Spotvogel niet haar oude manuscript omgewerkt, maar een totaal nieuw boek geschreven, dat hier en daar knipoogt naar zijn voorganger.

Gedurende de eerste 180 pagina's blijkt Ga heen, zet een wachter, hoewel stilistisch minder verzorgd dan Spotvogel, alleszins geslaagd. Dat de onbevangen en plezierig brutale Scout zich heeft ontwikkeld tot een in haar eigen gelijk opgesloten haaibaai, kun je jammer vinden, maar dat maakt haar niet minder intrigerend. En het feit dat Atticus, in Spotvogel nog een semi-heilige, nu een mens van vlees en bloed is geworden, maakt hem alleen maar interessanter.

Helaas laat Lee het laatste deel van het boek verzanden in ellenlange, looiig-theoretische dialogen tussen Jean Louise, haar vader en haar oom, over racisme en de geschiedenis van de zuidelijke staten. Maar je voelt al lezend voortdurend: hier zit meer in. Enfin, dat is gebleken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.