Interview

Ingevingen over zingeving

Interview Tim Fransen

Cabaretier - én filosoof - Tim Fransen brak vorig jaar door met een show vol lichte antwoorden op zware vragen. Kan hij inmiddels zonder Nietzsche? En kan hij zonder appeltaart?

Tim Fransen Foto Valentina Vos

Tim Fransen (27) wil graag nog 'een belangrijk organisatorisch punt aan de orde stellen', mailt hij daags voor de afspraak. 'Ik heb zin in appeltaart. Zullen we in plaats van in café De Tuin afspreken bij Winkel (naar verluidt de beste appeltaart van Amsterdam, al kan dat ook het resultaat zijn van een gewiekste subliminale marketingcampagne waarvoor ik ben gevallen)? Ik weet niet honderd procent zeker of het een geschikte plek is voor een interview, maar aan de andere kant: niks is zeker, dus laten we niet ineens moeilijk gaan doen als er appeltaart in het spel is.'

Fransen groeide op in Amsterdam-Zuidoost en studeerde cum laude af als psycholoog en filosoof. Nu toert hij door het land met zijn eerste cabaretvoorstelling. Het failliet van de moderne tijd kreeg vijf sterren in de Volkskrant en vier in NRC Handelsblad. De recensenten schreven dat zijn filosofische debuut over de zin van het bestaan een noviteit was, 'een slim, gelaagd en verrassend pleidooi tegen leegte, decadentie en cynisme' en 'een van de sprankelendste cabaretervaringen van de afgelopen jaren'.

Nadat hij begin vorig jaar overtuigend jury- én publieksprijs van het Leids Cabaret Festival had gewonnen, gold Fransen als de grote belofte voor 2015. Hij trad daarvoor al geregeld op in comedycafé Toomler, thuisbasis van cabaretgezelschap Comedytrain, waarbij hij zich op 23-jarige leeftijd aansloot.

Daar ontmoette hij Theo Maassen, aan wiens oudejaarsconference hij meeschreef. Net als Maassen raakte hij goed bevriend met filosoof en voormalig Denker des Vaderlands René Gude, die hem aanmoedigde zijn lievelingsdenkers mee het toneel op te nemen.

Individualisme

En zo komt het dat Fransen in Het failliet van de moderne tijd op lichte toon een antwoord zoekt op de zware vraag of het leven voor de lege, cynische, egocentrische mens nog de moeite waard is om te worden geleefd. Of hoe hij de titel van zijn show verklaart: 'Het failliet van de moderne tijd is dat de werkelijke problemen van nu een gezamenlijke verantwoordelijkheid kennen, maar dat we te individualistisch zijn voor gezamenlijke oplossingen.'

Het is een voorstelling waarin Fransen intellectueel met plat afwisselt, Chopin laat overgaan in Hero van Mariah Carey en het gedachtegoed van Albert Camus, Jean-Jacques Rousseau en vooral Friedrich Nietzsche koppelt aan bamischijf en reality-tv. Nietzsche waarschuwde voor een spirituele leegte toen hij God dood verklaarde, zegt hij bijvoorbeeld. 'Een leegte waarvan we nu weten dat hij heel handig wordt uitgebuit door Roy Donders.'

Het is leuk om wat verheven is te relativeren met grappen over piemels, zegt Fransen. Noem een piemel trouwens geen pik. 'Ik hecht aan de woordkeuze piemel. Piemel heeft iets onschuldigs, iets lulligs. Voorts wil ik gezegd hebben dat de penis het grappigste object ter wereld is.'

Er is appeltaart in het spel en niks is zeker, dus neemt hij uitgebreid de tijd om met volle mond na te denken over elk antwoord dat hij geeft. Eigenlijk had hij gisteravond al geen zin meer in appeltaart. 'Ik heb het verpest met warme chocolademelk met slagroom en een hele reep Ritter Sport. Nu heb ik meer zin in een omelet.'

René Dude Foto anp

Ging je psychologie en filosofie studeren om mensen beter te begrijpen?

'Ik wilde weten wat mensen drijft. En of de mens in staat is tot het goede. Een echte daad van onbaatzuchtigheid zie je maar zelden. Meer nog dan behoefte aan hartig voel ik de behoefte de wereld te begrijpen. Die is ook niet te verzadigen.'

Ben je iets wijzer geworden?

'Ik heb na drie jaar psychologie wel een soort mensbeeld, ja. Ik denk dat we, hoe tragisch dat ook klinkt, voornamelijk bezig zijn psychologisch te overleven. We proberen goed genoeg te zijn door de ogen van anderen. Daar ligt een constante bedreiging op de loer. Doen we wel het goede? Het dwingt ons in een egocentrische houding, gericht op psychologisch zelfbehoud.

'Best een deprimerende gedachte. Het leven heeft weinig betekenis als we alleen maar bezig zijn onszelf in stand te houden, want uiteindelijk gaan we toch dood. Dan kunnen we er net zo goed meteen mee stoppen. Dus wat heeft het bestaan nog voor zin?'

Wanneer begon je over die vraag na te denken?

'Toen ik na een legendarisch slechte auditie was afgewezen op de toneelschool en naar de universiteit ging. In het eerste jaar van de studie nam ik opeens allerlei dingen serieus, ook omdat ik een ambitie had: cabaretier worden. Daarvoor las ik geen kranten, geen boeken, keek ik nooit naar het journaal. Ik speelde computerspelletjes en ging met vrienden op vakantie naar Chersonissos, nog voor Oh Oh Cherso.

'Op mijn 18de kreeg ik een vriendinnetje, dat wat ouder was dan ik. Door haar ging ik literatuur lezen. Ze raadde me Kafka aan en Tirza van Arnon Grunberg, iets klassieks en iets moderns. Toen ontkiemde mijn intellectuele interesse.

'Ik ben protestants opgevoed. Niet streng, hoor, en ik heb er nooit problemen mee gehad. Maar op een gegeven moment werd het geloof voor mij ongeloofwaardig. Ik denk dat er iets anders voor in de plaats moest komen. Hoe weinig ik ook met God bezig was, ergens was het toch een geruststellende gedachte in mijn achterhoofd, dat er een wezen is dat een bedoeling geeft aan deze wereld.'

Voor welke gedachte heb je God ingeruild?

Begint te lachen. 'Voor het tragische besef dat alles zinloos is. Nee, ik geloof wel dat er een tijdelijk verbond tussen mensen kan zijn waarin betekenis mogelijk is. Liefdesrelaties en vriendschap zijn eigenlijk troostende verbonden tegen de zinloosheid van het bestaan.'

Biedt filosofie ook troost?

'Filosofen als Nietzsche hebben voor mij eerder de mogelijke fundamenten onder het bestaan afgebroken dan antwoorden gegeven. Voor veel mensen speelt de kwestie trouwens helemaal niet zo, denk ik: wat het leven voor zin heeft. Maar als mensen een of andere crisis ervaren, of het nu een liefdesbreuk is of een midlifecrisis, dan komen ze vaak wel bij dit soort existentiële vragen uit.'

Maakte jij ook een crisis door toen je de zin van het leven ging betwijfelen?

'Nee. Mijn leven ging eigenlijk altijd wel goed. Ik heb een zorgeloze jeugd gehad, ik had vijf jaar een leuk vriendinnetje, met de studie ging alles goed.

'Ik denk wel dat ik van mezelf een zekere zwaarte heb, waardoor ik geneigd ben tot filosofie. Volgens Aristoteles zijn alle genieën melancholici. Je kunt genieën volgens mij vervangen door filosofen. Die voelen zich door hun melancholische aard misschien eerder tot dit soort vragen aangetrokken.

'Ik bedoel niet dat ik constant somber ben, maar ik heb wel zware buien. Ik had het extreem na de aanslagen in Noorwegen door Anders Breivik, in juli 2011. Na de aanslagen in Parijs had ik het ook weer.'

Wat gebeurt er dan precies?

'Ik trek me terug. Zoals de meeste mensen zit ik meestal op het niveau waarop ik de wereld waarin we leven logisch en vanzelfsprekend vind, met de nadruk op alledaagse dingen als boodschappen doen. Maar op zo'n moment verliest het dagelijkse voor mij al zijn betekenis. Na Parijs voelde ik me echt een beetje van de wereld vervreemd.

'De reacties van politici hadden iets absurds. We zijn in oorlog met IS, zeiden ze, de terroristen vallen onze waarden aan. Het lijkt alsof er snel een logisch verhaal moet worden verteld, zodat we het allemaal kunnen begrijpen. We willen weten wie wij zijn en wat het kwaad is, zodat we weer normaal kunnen functioneren. Het lukt mij op zo'n moment niet om in welk verhaal dan ook mee te gaan.'

Met lof ontvangen

Tim Fransen (1988) is geboren en getogen in Gein, in Amsterdam-Zuidoost. Hij rondde de studies psychologie en filosofie af, beide cum laude. In 2011 trad hij toe tot Comedytrain, een stand-up-gezelschap met de Amsterdamse comedyclub Toomler als thuisbasis. Hij won zowel de jury- als de publieksprijs bij het Comedy Concours van het Amsterdams Kleinkunst Festival (2007), het Amsterdams Studenten Cabaretfestival (2010) en het Leids Cabaret Festival (2014).

Ik bezocht je voorstelling in Tiel, een dag na de aanslagen in Parijs. Vond je het moeilijk om die avond te spelen?

'Ja.'

Wat had je liever gedaan?

'Lezen. Ik had nog meer willen onderzoeken wat ik ervan dacht. Nu was ik nog te veel uit het lood geslagen om er iets over te zeggen. Een paar dagen later lukte dat wel.

'In grote delen van de wereld heb je dogmatische religie, met alle gevolgen van dien. In Nederland verliest religie als houvast terrein. Gelukkig maar, zou ik willen zeggen, maar we hebben nog geen nieuw antwoord waarop we in dit soort situaties kunnen teruggrijpen. Zeggen dat onze waarden worden aangevallen is holle retoriek, want het is volgens mij helemaal niet zo duidelijk wat onze waarden nog zijn.'

Wat trekt je aan in filosofen als Camus en Nietzsche?

'Hun gretigheid om te leven. Die heb ik ook.'

Op aanraden van René Gude ging Fransen voor zijn voorstelling naar plekken die met Nietzsche te maken hebben. 'Ik ben naar zijn geboorte- en begraafplaats Röcken gegaan, naar Turijn, waar hij gek is geworden. Naar Leipzig, waar hij misschien een hoer heeft bezocht. En naar het Silvaplanermeer in Zwitserland, waar hij tot zijn grootste inzicht is gekomen.'

Röcken, een dorp met een paar honderd inwoners, maakte de meeste indruk. Fransen bezocht het graf van Nietzsche op een winterse zondag. Het sneeuwde, buiten hing een sterke haardgeur en het Nietzsche-minimuseum, dat open had moeten zijn, was gesloten. 'Ik heb helemaal niemand gezien, alleen een hond horen blaffen. Ik sliep in Leipzig, want in Röcken is geen hotel. Ik ging er dus met een taxi heen en moest wachten tot de chauffeur me vier uur later weer kwam ophalen. Dat is lang, hoor, vier uur rondhangen in een dorpje waar niks te doen is.'

Portret Friedrich Nietzsche Foto anp

Wat hoopte je er te vinden?

'Misschien wel niks. Misschien hoopte ik ook wel op een zekere teleurstelling. Nietzsche was ooit mijn held. Het is de ultieme relativering het graf van een held in een piepklein Duits dorpje te zien. Hoe groot je ook bent, dit is wat er overblijft. Als je met die gedachte vrede kunt sluiten, omdat je er simpelweg vrede mee móét sluiten, hoop ik dat er een soort wijze rust mogelijk is.'

Ben je al zover?

'Ik denk het wel. Maar soms verlies ik me ergens in en moet ik er weer aan worden herinnerd. Toen de voorstelling in première ging, dacht ik toch dat er iets van afhing. Ik dacht dat er wezenlijk iets zou veranderen in mijn leven als de première achter de rug was en ik goede recensies zou krijgen.'

Er is ook wel iets veranderd, toch? Je hebt de belofte ingelost, je treedt op voor uitverkochte zalen.

'Ik had het moeilijk gevonden als ik slechte recensies had gekregen, omdat ik de voorstelling nog anderhalf jaar moet spelen en het me lastig lijkt te toeren met iets dat als middelmatig wordt gezien. Maar andersom is het niet zo dat goede recensies me gelukkiger maken dan ik was. Ze zijn meer een geruststelling.'

Waarom is Nietzsche je held niet meer?

'Voorheen wist ik vooral van het gedachtegoed van Nietzsche. Pas toen ik langs die plekken ging reizen, heb ik me ook verdiept in zijn persoonlijk leven. Nietzsche zei dat de filosofie van een filosoof eigenlijk zijn autobiografie is. Oftewel: iemand denkt wat-ie denkt door wat-ie heeft meegemaakt. Dat inzicht kun je natuurlijk ook op hem toepassen.

'Ik ben hem meer als een tragisch figuur gaan beschouwen, een rancuneuze man die kampte met gezondheidsproblemen, met eenzaamheid, met niet kunnen functioneren in een normale wereld. Dat hij gek is geworden, zag ik altijd als een incident. Maar nu lijkt het bijna of hij er onvermijdelijk op afstevende.'

Ben jij ook zo graag alleen?

'Ja. Ik moet alleen zijn om mezelf op een afstand te kunnen plaatsen van de wereld en los te komen van de gangbare gedachten die we allemaal hebben als we normaal functioneren. Als ik door Röcken loop en uit mijn comfortzone ben, lukt het beter de dingen die gebeuren te bevragen. Dat is de taak die de filosoof en misschien in mindere mate ook de cabaretier op zich neemt.

'Het is ook mijn tekortkoming, dat ik zo nodig alleen moet zijn. En het was ook de tekortkoming van Nietzsche. Ik denk dat hij zo vervreemd is geraakt van de wereld omdat hij zich helemaal niet meer wist te verhouden tot de wereld om hem heen.'

Dat lukt jou wel?

'Ja, maar ik moet er soms bewust mijn best voor doen. Relaties vind ik moeilijk. Ik duw een meisje al gauw weg, terwijl ik me ook wel realiseer hoe waardevol het kan zijn om iemand te hebben die je hand vasthoudt. En dat diegene niet per se een bedreiging hoeft te vormen voor mijn behoefte alleen te zijn.

'Connie Palmen heeft ooit gezegd dat ze haar grootste momenten van geluk ofwel ervaart in volledige afhankelijkheid, ofwel in juist volledige soevereiniteit. Als je iets wilt scheppen dat er nog niet is, moet je volgens mij op jezelf zijn teruggeworpen. Dan komt het toch echt op jezelf aan.'

Tim Fransen speelt Het failliet van de moderne tijd t/m februari 2017.

Meer over