Ingehouden pathos

Waarom hield Michel de Montaigne zoveel van zijn jonggestorven boezemvriend Étienne de La Boétie? ‘Omdat hij het was, omdat ik het was,’ antwoordde hij in zijn essay ‘Over de vriendschap’....

Waar de liefde volgens Montaigne een ‘driest en grillig vuur’ is, heerst bij de vriendschap ‘een totale, alomvattende warmte, die mild en gelijkmatig, bestendig en kalm blijft.’ Men zou denken: doodsaai, ongeschikt voor een verhalenbundel. Maar dat een verhaal een probleem moet hebben wordt gelogenstraft door A.L. Snijders, die in ‘Buitenstaander’ een leven beschrijft in twee pagina’s.

In ‘Aardappelziekte’ van Marcel Möring volgen we de jonge Eli die samen met een oude man in een geel bestelwagentje monsters van een aardappelveld neemt. Het wagentje loopt vast, Eli gaat hulp halen, en komt even later met boerin en tractor terug. Volgens Kurt Vonnegut moest een verhaal zo voorspelbaar zijn dat de lezer het zelf kan afmaken (voor het geval dat kakkerlakken de laatste pagina’s opeten). Möring’s verhaal voldoet hieraan, en weet aan het einde bovendien te ontroeren.

De bundel sluit af met een in memoriam aan Michaël Zeeman door Willem Otterspeer, die 28 jaar met hem bevriend was. Het werd een relaas dat even gestileerd is als de uitdrukkingsvormen van Zeeman waren. Want voor Zeeman konden ‘alleen gestileerde vormen ons bestaan leefbaar houden’. Wanneer Zeeman op sterven ligt, staat hij zijn vriend niet toe om bij hem te komen. Otterspeer schrijft hem brieven. Als er zoiets als ingehouden pathos kan bestaan, dan is het in deze brieven te lezen. De kracht van korte verhalen, om in weinig woorden tot de kern door te dringen, wordt in deze bundel geëtaleerd.

Martijn Wallage

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.