Infernaal spiegelbeeld

In de korte, maar nog altijd verpletterende documentaire Nuit et brouillard, gemaakt in 1955, typeerde de Franse regisseur Alain Resnais de nazistische kampen als een perverse weerspiegeling van de gewone wereld....

Het nazistische kamp vormde een infernaal spiegelbeeld van de gewone wereld, een wereld, gericht op ontmenselijking, waarin water en voedsel schaars en dus kostbaar waren, maar tegelijk de darmen aantastten, een wereld die zijn bestaansrecht ontleende aan de moord op miljoenen mensen. Resnais en Jean Cayrol, schrijver en verzetsstrijder, zelf een overlevende, slaagden er in de documentaire in een beeld neer te zetten waaraan je als toeschouwer nauwelijks kan ontsnappen.

Auschwitz, waarvan de bevrijding, zestig jaar geleden, op 27 januari overal wordt herdacht, is uitgegroeid tot het belangrijkste symbool van de nazistische verschrikkingen. Dat komt niet alleen door het enorme aantal mensen dat daar is omgebracht, maar - paradoxaal genoeg - ook door het grote aantal overlevenden.

Het immense complex Auschwitz-Birkenau omvatte namelijk naast een vernietigingskamp ook meerdere gevangenkampen, waar niet alleen werk werd verricht voor de Duitse industrie, maar ook voor de instandhouding van het uitgestrekte concentratiekamp zelf.

Volgens de meest conservatieve schattingen werden in Auschwitz bijna een miljoen joden, meer dan twintigduizend zigeuners en 75 duizend (niet-joodse) Polen omgebracht. Tegelijk wisten meer dan tweehonderdduizend gevangenen, afkomstig uit heel Europa en met zeer uiteenlopende politieke en religieuze achtergronden, te overleven.

Zij hebben na de oorlog getuigenis afgelegd van hun ervaringen, in dagboeken, processtukken, romans en films, te beginnen met De laatste halte van de Poolse cineaste Wanda Jakubowska, twee jaar na de bevrijding met tientallen overlevenden opgenomen in de barakken van het kamp. Zoiets zou onmogelijk zijn geweest in Treblinka en Sobibor, gruwelijke vernietigingskampen waaraan slechts een handvol mensen had weten te ontkomen.

Al onmiddellijk na de oorlog is de vraag gesteld of het wel mogelijk is om de omvang en diepte van de verschrikkingen in de kampen in woorden en beelden te vatten. Onze taal, de gewone woorden en beelden, lijkt tekort te schieten, waardoor romans, speelfilms, geschiedenisboeken en historische documentaires dreigen te vervallen in clichés en meeslepend drama, aldus sommige critici, voor wie alleen de authentieke stem van de getuigen telt, in de vorm van autobiografieën, getuigenverklaringen, verhalen en interviews. Daarvan zijn er inmiddels duizenden, van verschillende kwaliteit, verschenen - en er komen er nog steeds bij.

Een van de oudste en meest invloedrijke getuigenissen is van de Hongaars-joodse arts Olga Lengyel, geschreven in 1945-1946, maar pas nu in Nederlandse vertaling verschenen. Lengyel kwam in Auschwitz terecht na de massale blitz-deportatie onder leiding van Eichmann, waarbij in zeven weken tijd 450 duizend joden werden weggevoerd.

Haar ouders en kinderen verloor zij onmiddellijk bij aankomst, haar man zou vlak voor de bevrijding sterven. Gedurende acht maanden wist zij, in wisselende functies, te overleven.

Leven met de dood is een zeer toegankelijk geschreven, openhartig en gedetailleerd verslag van de moordende reis in de veewagens, de aankomst in het kamp, de selectie van 'nutteloze' mensen voor de gaskamers, het optreden van de bewakers, de medische experimenten en vrijwel alle aspecten van het dagelijks leven. Lengyel ontpopt zich als een betrouwbare gids in de infernale, omgekeerde wereld van Auschwitz - een wereld waarin een poging om je kind te beschermen zijn dood betekent, waarin misdadigers zeggenschap kregen over onschuldigen, waarin het baren van een baby werd bestraft met de dood van moeder en kind, waarin een po ook dienst deed als etensbak, waarin analfabeten een kantoorbaan kregen en doden op appèl moesten verschijnen.

Dood en overleven - alle facetten ervan zijn in Lengyels vroeg opgetekende herinneringen terug te vinden. Treffend zijn met name de beschrijvingen van de verhoudingen onder de gevangenen, het zoeken naar wegen om te overleven en de eigen menselijkheid niet geheel te verliezen, maar ook het gedrag van de SS-leiding, met de beeldschone Irma Grese, de Engel des Doods, en dr. Mengele, die als God zelf beslisten wie wel en niet in leven zou blijven.

Lenglyels verslag maakt deel uit van de Verbum Holocaust Bibliotheek, een nieuwe en goed verzorgde reeks waarin dagboeken, klassieke studies, biografieën en jeugdboeken over de nazistische vernietiging zullen worden gepubliceerd. Zo verschenen tegelijk met Leven met de dood een bondige en overzichtelijke inleiding van de Duitse historicus Dieter Pohl, Holocaust - Massale Moord op Europese Joden en een unieke fotoreportage van de aankomst van een transport van Hongaarse joden, Het Auschwitz Album.

In het overzichtswerk van Pohl worden de belangrijkste historische ontwikkelingen en thema's rond de nazistische vernietiging op een tamelijk afstandelijke maar tegelijk degelijke en feitelijke wijze behandeld. Daarbij komen onderwerpen aan de orde als de geschiedenis van het antisemitisme en het ontstaan en de werking van de kampen, maar ook de massamoorden door bijzondere Duitse commando's en hun collaborateurs in de Baltische staten, Polen, de Oekraïne, Roemenië, Hongarije en andere landen, waarbij miljoenen joden en niet-joden zijn omgekomen.

Het Auschwitz Album is van een heel andere aard. Het omvat 198 foto's, voorzien van onderschriften, en werd naar alle waarschijnlijkheid in het laatste oorlogsjaar vervaardigd door een professionele SS-fotograaf. Vlak na de bevrijding van het kamp werd het gevonden en meegenomen door een joodse gevangene die deel had uitgemaakt van datzelfde transport. Deze fraai uitgegeven Nederlandse uitgave volgt de originele opzet van het album en is bovendien voorzien van een viertal uitstekende artikelen met een portret van het kamp, een stuk over de ondergang van het Hongaarse jodendom, een levensgeschiedenis van de vindster, en - zeer belangrijk - een kritische beschouwing over de status van dit soort foto's.

De foto's, gemaakt op en rond het perron van Auschwitz-Birkenau onmiddellijk na de aankomst van een Hongaars transport, vormen welbeschouwd een hoogst problematische bron. Aan de ene kant zijn de documenten uniek, omdat er zo weinig materiaal is van juist deze gebeurtenissen. Verder zijn veel van de mensen op de foto's nooit geregistreerd en vormen de foto's dus het enige bewijs van hun geschiedenis. Anderzijds zijn de foto's te beschouwen als een 'besmette' bron, gemaakt door een medeplichtige fotograaf. De keuze die hij heeft gemaakt, en de onderschriften zijn tendentieus, en doortrokken van dezelfde valse geest van misleiding als de hele vernietigingsmachine. Umsiedlung der Juden aus Ungarn staat er op de titelpagina: 'de verhuizing van de joden uit Hongarije'.

En er is nog iets. Het beeldverslag, hoe indrukwekkend ook, houdt op waar de echte verschrikkingen begonnen. Van die laatste fase is vrijwel geen visueel materiaal overgeleverd, behalve drie illegaal gemaakte opnamen. Dat zelfde geldt ook voor veel ander documentair materiaal, films, foto's en dagboeken. Juist dat maakt verslagen als die van Olga Lengyel zo waardevol: ze geven ons een indruk van de perverse wereld die Auschwitz was.

Het Auschwitz Album. Verbum; 249 pagina's; ¿ 24,50. ISBN 90 808858 7 8.

Olga Lengyel: Leven met de dood. Verbum; 220 pagina's; ¿ 22,50. ISBN 90 808858 5 1

Dieter Pohl: Holocaust. Massale moord op de Europese Joden. Verbum; 174 pagina's; ¿ 27,50. ISBN 90 808858 1 9

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden