Boekrecensie Aminatta Forna

Indrukwekkende roman van Aminatta Forna over de Britse identiteitscrisis (vier sterren)

In een imposante roman geeft Aminatta Forna uiting aan de identiteitscrisis waarin het Verenigd Koninkrijk op dit moment verkeert. Daarbij zijn stadsvossen de ongewenste nieuwkomers.  

Aminatta Forna: De paradox van geluk. Beeld Typex

Het is een koude winteravond in Londen. Dr. Atilla Asare is een paar uur eerder aangekomen vanuit zijn woonplaats Accra in Ghana en maakt een wandeling om zijn eten te laten zakken. Op Waterloo Bridge loopt een joggende vrouw per ongeluk tegen hem op. De twee maken beleefd excuses en vervolgen hun weg. Een paar dagen later ontmoeten ze elkaar opnieuw, nu in een voetgangerstunnel onder de Theems. Ditmaal raken ze in gesprek en daarmee wordt de verhaallijn in gang gezet van De paradox van geluk (Happiness) de vierde roman van de Schots-Sierra Leoonse schrijfster Aminatta Forna.

Atilla Asare is psychiater en expert op het gebied van posttraumatische stressstoornissen. Hij is in Londen vanwege een conferentie. De vrouw heet Jean Turage. Ze is een Amerikaanse biologe die twee jaar in Londen verblijft voor een studie naar stadsvossen, waarvan er inmiddels enkele duizenden in de Britse hoofdstad rondlopen.

Overeenkomsten 

De ascetische Amerikaanse en de forse, immer wat hongerige Ghanees hebben meer overeenkomsten dan je op het eerste gezicht zou vermoeden. Beiden zijn wat de Britse premier Theresa May geringschattend ‘citizens of nowhere’ zou noemen. Atilla heeft een groot deel van zijn leven als adviseur gewerkt voor de Wereldgezondheidsorganisatie, waarvoor hij van de ene brandhaard naar de andere reisde. Hij is onlangs weduwnaar geworden.

Jean is gescheiden van haar man, die met hun zoon in Massachusetts is achtergebleven, de Amerikaanse staat waar zij ooit het leven van coyotes en wolven bestudeerde. Bij haar studie naar de Londense vossen wordt ze geholpen door een veelkleurig netwerk van portiers, verkeersregelaars, straatartiesten, veiligheidsmedewerkers en andere mensen die op straat werken en voor haar bijhouden waar en wanneer ze vossen signaleren.

Jean houdt van de dieren en begrijpt dat hun trek naar de grote stad niet zozeer te maken heeft met het verbod op de vossenjacht – zoals conservatieve stemmen beweren – als wel met de menselijke gewoonte voedsel op straat te dumpen. Uiteraard worden haar wetenschappelijke conclusies overschreeuwd door lieden die de dieren willen terugplaatsen ‘naar waar ze vandaan komen’ of de populistische Londense burgemeester, die de dieren wil uitroeien.

Een ons-kent-onsgevoel

Met behulp van enkele subplots geeft Forna niet alleen haar verhaal extra vaart, maar draagt ze ook haar thematiek uit. In een van deze subplots wordt Atilla als getuige-deskundige gevraagd in een zaak waarbij een uit Sierra Leone afkomstige vrouw haar appartement in brand heeft gestoken. Als hij kan verklaren dat ze dit onder invloed van PTSS deed, wordt ze niet het land uitgegooid.

En dan is er de naar Londen geëmigreerde vrouw die Atilla als zijn nichtje is gaan beschouwen. Zij is in de problemen gekomen met de immigratie-autoriteiten, waarop haar 10-jarige zoontje is weggelopen. Hier blijkt Jean een rol van betekenis te kunnen spelen. Ze vraagt haar internationale gezelschap van ‘vos-spotters’ naar de jongen uit te kijken. Hun bereidheid mee te werken komt mede voort uit een soort solidariteitsgevoel onder de uiteenlopende migranten, een ons-kent-onsgevoel dat Forna de hele roman door op allerlei niveaus gestalte geeft.

Al vroeg in de roman is duidelijk dat het vossenprobleem een tweeledige functie vervult. Via Jean stelt Forna de westerse houding ten opzichte van de natuur aan de kaak: die wordt niet geacht de mens hinder te berokkenen. Maar natuurlijk hebben de vossen ook en vooral een metaforische betekenis: zij zijn ongewenste nieuwkomers.

De paradox van geluk behandelt belangwekkende thema’s, met als rode draad de grandeur en misère van de multiculturele samenleving en de veerkracht van hen die door het leven zijn beschadigd. Er zijn momenten waarop de morele boodschap van deze roman wat zwaar op de gebeurtenissen drukt. Tegelijk is het imposant hoe Forna van het rijkgeschakeerde, levendig geportretteerde Londen bijna een extra personage maakt.

De paradox van geluk is bovendien een krachtige state of the nation-roman, zoals Number 11 van Jonathan Coe en Autumn van Ali Smith dat elk op hun eigen manier ook zijn. Het boek geeft uiting aan de identiteitscrisis waarin Groot-Brittannië momenteel verkeert. Als Atilla door de herenmodestraat Jermyn Street wandelt, en zich verbaast over het excentrieke, overdadige Engelse kledingaanbod, constateert hij: ‘De Engelsen gedroegen zich alsof ze zichzelf speelden in een klucht. (…) Wat was nostalgie anders dan fraai uitgedost gemis?’

Aminatta Forna: De paradox van geluk
Uit het Engels vertaald door Aleid van Eekelen-Benders en Mariella Duindam.
Nieuw Amsterdam; 416 pagina’s; € 24,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.