Boeken

In zijn vloeibare proza laat K. Schippers de woorden hun gang gaan ★★★★☆

In de nieuwe roman van K. Schippers leidt de zoektocht naar een adres tot een zoektocht naar de herkomst van woorden. De lezer kan zich alleen maar ademloos laten meevoeren.

null Beeld Floor Rieder
Beeld Floor Rieder

Al op de eerste bladzijde van Nu je het zegt, de nieuwe roman van K. Schippers, word je nadrukkelijk gewaarschuwd. ‘De weg in Londen aarzelt vlak voor het station, hier en daar een andere richting. Het plaveisel weet niet helemaal waar het heen moet, waarschuwt voor al te stellige verwachtingen.’

Dat mag zo wezen, toch ga je gretig en verwachtingsvol mee op pad met de ik-figuur, die bedrieglijk veel lijkt op de schrijver K. Schippers. Ditmaal gaat hij op zoek naar het huis van een Duitse schrijver, August Bolte, die tijdens de Tweede Wereldoorlog naar Londen is gevlucht. Het adres luidt, Brits genoteerd, met het nummer voorop: 39 Westmoreland Road.

Hij kan het niet vinden. En als hij dat wel doet, kan hij niet geloven dat het adres juist is. Onderweg laat hij zich meevoeren door toevallige voorbijgangers. Een ondertitelaar genaamd Mary neemt hem mee naar het atelier van de Vietnamese schilder Le Phô, die wordt geïnterviewd door Dodo, die zijn gesprekspartners analyseert door ze te ondervragen hoe ze eruitzien, van enkel tot oor.

Dolen als doel

Fascinerende figuren, maar ze brengen je niet dichter bij het juiste adres. Dolen is doel geworden. ‘Dit is het voortreffelijke van nergens heen, er zomaar zijn in straten, op pleinen waar niets van je wordt verwacht.’ De blik van de verteller lijkt wel te versplinteren. De grens tussen heden en herinneringen vervaagt, de grens tussen feit en fictie ook. ‘Zo breid je de fragmenten uit tot een onbetrouwbaar geheel. Herinneren is tasten naar wat je deels hebt gezien.’

Zijn al die ontmoetingen imaginair? Wie weet. Le Phô werkte niet in Londen, maar in Parijs aan het einde van zijn lange leven. Toch zou het me niet verbazen als Schippers hem ooit in zijn atelier heeft opgezocht. Hij heeft in elk geval een goede kijk op die elegante, mysterieuze schilderijen.

En die naam, Bolte, en dat adres? Plotseling valt het me in. August Bolte is geen Duitse schrijver. Google maar, je vindt hem niet. Maar hij is wel – als je tenminste een ‘e’ achter zijn voornaam zet – de titelheld van een onnavolgbare groteske van Kurt Schwitters uit 1923.

Nu weet ik ook weer waar ik het adres van ken. In Schippers’ vorige roman, Straks komt het, zocht hij in Londen óók naar 39 Westmoreland Road, het huis waar Kurt Schwitters tijdens de oorlog had verbleven. Eerst zocht de verteller in de verkeerde wijk, daarna in de goede, nadat hij tot de ontdekking was gekomen dat er twee Londense straten met dezelfde naam zijn. Je zoekt wat je niet vindt, je vindt wat je niet zoekt.

Barbarber

Met de knipoog naar Kurt Schwitters, de voorman van dada, bevinden we ons bij de bron van het schrijverschap van K. Schippers. (Zou het toeval zijn dat die twee namen zich in elkaar spiegelen?) Gerard Stigter, de man die schuilgaat achter het pseudoniem van de schrijver, zag in de zomer van 1956 een grote Schwitters-expositie in het Stedelijk Museum. De klankdichten, de readymades, de collages, natuurlijk ook ‘fragmenten uit een onbetrouwbaar geheel’ – ze grepen hem bij de lurven.

Met zijn schoolvrienden Henk Marsman en Gerard Bron, alias J. Bernlef en G. Brands, begon hij het legendarische tijdschrift Barbarber. Een hoog, slank blad, een A4’tje in de lengte gevouwen, voor ‘teksten’. Ansichtkaarten, opschriften op uithangborden, dialogen, moppen, fout gespelde woorden. Allemaal van straat gevist, zoals Schwitters ijzer en stukken hout van straat viste. Alles kon materiaal voor poëzie zijn. Een boodschappenlijstje had dezelfde status als Dostojevski.

Uit De jongens van Barbarber, de geschiedenis van het tijdschrift die Toef Jaeger onlangs publiceerde, blijkt hoezeer de drie vrienden, ‘jongens waren we, maar aardige jongens uit Amsterdam-West’, er op vernuftige, nimmer boosaardige wijze in slaagden om het literaire landschap te veranderen. Ze lieten lezers anders kijken. In Barbarber nummer 3 publiceerde K. Schippers een programmatisch gedicht, even simpel als doeltreffend:

Als je goed om je heen kijkt
zie je dat alles gekleurd is.

K. Schippers, die van meet af aan de speelse geest van Barbarber vertegenwoordigde, is zichzelf altijd trouw gebleven. Hij bekommert zich niet om het klassieke verhaal, om de pointe, om de grenzen van genres. Zijn romans zijn collages à la Schwitters, waarin je zijn gedachtensprongen maar hebt te volgen. Dat kan ergerniswekkend zijn, omdat hij je verwachtingen niet inlost. Je zoekt het zelf maar uit. Maar op zijn beste momenten geeft hij je blik op het vertrouwde de betovering van de verwondering.

Vloeibare roman

In Nu je het zegt verandert de zoektocht naar een adres in de zoektocht naar de herkomst van woorden – iets wat Schippers ook al deed in zijn eerste romans, zoals in Eerste indrukken, die de memoires van een 3-jarige bevatten. De 84-jarige schrijver die ‘op het punt staat te verdwijnen’, zoals de ik-figuur schijnbaar zonder weemoed constateert, schrijft nog één keer zijn ‘autobiografie van de taal’. Hij keert daartoe terug naar de Nederlandse kust, omdat langs het strand niets wegraakt. ‘Als ergens iets moet ontbreken, dan hier, zoveel weggegleden zonder dat het aan het water is af te zien. In de diepte wel, en die is onzichtbaar.’

Zinnen, woorden, letters duiken op in z’n gedachten zonder dat K. Schippers weet wat ze van plan zijn. Ze gaan hun eigen gang. Ze komen en gaan. Ze verschijnen en verdwijnen. Ze leveren een vloeibare roman op, vermoedelijk K. Schippers’ laatste, waarin je niet anders kan dan je ademloos laten meevoeren. ‘De taal is m’n zuurstof, als ik iets lees of beschrijf, ben ik er, een spitssnuitdolfijn kan z’n adem onder water twee uur inhouden. Soms dompel ik me in de taal tussen twee kaften, die in stilte op me wacht.’

null Beeld Querido
Beeld Querido

K. Schippers: Nu je het zegt. Querido; 164 pagina’s; € 18,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden