Interview Wouter Laumans en Marijn Schrijver

In Wraak is de boodschap nog duidelijker: aan de Mocro Maffia ontsnap je enkel in de bak of in een kist

Wouter Laumans (r) en Marijs Schrijver. Beeld Daniel Cohen

Mocro Maffia van misdaadjournalisten Wouter Laumans en Marijn Schrijver was ook onder jonge criminelen razend populair. Hun nieuwe boek, Wraak, is grimmiger: uit dit milieu ontsnap je niet.

Ze zijn niet snel meer onder de indruk van geweld. De freelancejournalisten Wouter Laumans (44) en Marijn Schrijver (33) schreven over moorden op onschuldige Amsterdammers, onder wie een moeder die voor de ogen van haar familie werd doodgeschoten. Toch stonden ze verbijsterd achter een rood-wit politielint toen in 2016 op straat een afgehakt hoofd werd ontdekt in Amsterdam-Zuid, met de ogen gericht op een beruchte shishalounge.

Laumans: ‘Nadat ons boek Mocro Maffia was gepubliceerd, in 2014, hebben we lang gezegd: er komt geen vervolg. Een van de hoofdrolspelers, Gwenette Martha, was vermoord. We dachten dat het verhaal verteld was, maar die moord bleek pas het begin. Toen dat hoofd was gevonden, gingen we aan de slag met ons nieuwe boek.’

Van Mocro Maffia zijn meer dan 100 duizend exemplaren verkocht. Videoland kocht de tv-rechten (‘we hebben er allebei 5.000 euro voor gekregen’) en baseerde er een goed bekeken en gewaardeerde serie op. Zet ergens ‘mocro maffia’ op en het wordt een succes, zo lijkt het. Toch heet het vervolg anders: Wraak.

‘Die titel maakt meteen duidelijk dat het geen Wikipedia van de Marokkaanse misdaad is’, legt Schrijver uit. ‘En als het Mocro Maffia 2 zou heten, wordt dat een merknaam, zoals Star Wars. Daar voelen wij ons niet prettig bij. De vorige keer zochten we een pakkende titel, toen hebben we deze term verzonnen. Zo wilden we de aandacht vestigen op een zorgwekkende ontwikkeling: een nieuwe generatie gewelddadige criminelen had de cocaïnemarkt overgenomen.’

Wat wilden ze toevoegen aan hun eerste boek? En hoe slagen ze erin zo gedetailleerd te schrijven over zo’n moeilijk toegankelijke wereld?

‘Veel mensen hebben een clichébeeld van de jongens die de laatste jaren liquidaties hebben gepleegd’, zegt Laumans. ‘Ze worden gezien als gewetenloze criminelen die wild om zich heen schieten, zonder logica. Dat zwart-witte beeld willen wij inkleuren. De daders zijn jongens die geld belangrijk vinden, maar kameraadschap speelt een grotere rol. Ze slepen elkaar mee.’

Het nieuwe boek gaat over een groep hangjongeren uit Kattenburg, een volksbuurt aan de oostelijke kant van Amsterdam-Centrum. Daar woont Mitchell J., een moederskindje uit een doorsneegezin dat aan brommers sleutelt en door de wijk scheurt. J. hangt vaak rond bij een tankstation, vlakbij. Daar komt hij in 2014 een jeugdvriend tegen: de Marokkaan Rami M. (22), die een jaar ouder is dan hij en een lang strafblad heeft, met onder andere poging tot doodslag. Via M. leert J. andere jongens uit de buurt kennen, die goed verdienen met klusjes voor mannen die lijken te strooien met geld.

Al snel gaat Mitchell J. met een van die jongens mee naar zogeheten spy shops. Daar kopen ze peilbakens – die plak je onder een auto, zodat je die kunt volgen – en PGP-telefoons, waarmee je gecodeerde berichten kunt sturen. Als de politie eind 2014 J.’s berging doorzoekt, na de vondst van een gestolen motorfiets in de garage van zijn flat, liggen er wapens en munitie. Die zegt hij op te slaan voor anderen. Zo belandt hij in de cel, waarna hij verder afglijdt.

J. trekt in 2015 steeds vaker op met een andere buurjongen, Nabil A., die een jaar later zal worden onthoofd. Eind 2015 gaan J., A. en een handlanger naar Krommenie, waar ze de crimineel Eaneas L. moeten vermoorden. Ze schieten hun wapens leeg, maar het duurt verrassend lang totdat L., die een kogelwerend vest draagt, in elkaar zakt. Dan rennen ze weg, zonder te controleren of het is gelukt. ‘Check of hij fucking dood is’, appt zijn opdrachtgever die zich ‘Suarez’ noemt. Als hij aandringt, wordt A. boos: ‘Wil je zeggen dat we als flikkers één kogel hebben gelost?’

Het boek staat vol met zulke berichten, uitgewisseld via beveiligde telefoons. Ze zijn het hoofdbewijs tegen de huurmoordenaars, die dachten vrijuit te kunnen communiceren. Dat bleek een misvatting toen de politie een server van een telecomaanbieder kraakte en berichten decodeerde. 

De berichten lezen soms als een liveblog van een liquidatie. Een van de jongens biedt zich aan: ‘Ik wil werken. Allemaal afmaken, broer.’ Hij krijgt vrijwel direct een ‘spoedklus’ aangeboden en vraagt details om zich voor te bereiden. Zijn opdrachtgever Suarez antwoordt: ‘Effe een sukkeltje vegen’.

Als je zulke berichten ziet, kun je toch alleen maar denken: dit zijn monsters?

Schrijver: ‘Ik word er ook koud van, ja. Maar vergeet niet dat zij op zo’n moment vol adrenaline zitten. Ze doen zich stoerder voor dan ze zijn. Weet je wat er vlak na die moord gebeurde? Toen kwamen ze hangjongeren tegen. Een van de daders, met een sjaal voor zijn mond, vroeg smekend, met een piepende stem: ‘Willen jullie alsjeblieft weggaan, ik wil niet dat jullie problemen krijgen.’

Het loopt uiteindelijk slecht af met de jongens uit Kattenburg. Sommigen, onder wie Jeffrey S., zitten nu in de gevangenis. Anderen, zoals Nabil A. en Mitchell J., zijn vermoord.

Ook Suarez is gepakt. In de loop van 2017 achterhaalt de politie dat het de codenaam is van Omar L., een twintiger met een studentikoos brilletje en een vroegtijdig beëindigde hbo-opleiding maatschappelijk werk. De zoektocht naar Suarez en de poging hem veroordeeld te krijgen is de tweede verhaallijn van Wraak.

L. kwam in 2014 in het nieuws toen de onschuldige huisvader Stefan Regalo Eggermont (30) werd doodgeschoten in het centrum van Amsterdam. Eggermont had de gruwelijke pech dat hij in een Fiat Punto reed, net als het beoogde doelwit: Omar L. Vlak nadat de weduwe hierover was geïnterviewd door Opsporing Verzocht, gebeurde iets opmerkelijks: L. belde aan, bij haar thuis. Ineens stond de weduwe oog in oog met een twintiger die huilend zijn excuses aanbood.

Laumans: ‘Het kwam oprecht op haar over. L. voelde zich schuldig, de kogel was voor hem bedoeld. Zijn broertje is ook doodgeschoten, bij die enorme schietpartij in de Staatsliedenbuurt in 2012. Hij weet hoe het is om een dierbare te verliezen.’

Omar L. heeft volgens justitie ook een harde kant: hij liet liquidaties plegen, deels uit wraak voor zijn broertje. Als zijn huurmoordenaars (‘soldaten’) worden gepakt, reageert hij laconiek: hij heeft meer ‘toppers’ achter de hand.

In hun boek citeren de auteurs tips die bij de politie zijn binnengekomen, waaruit blijkt dat L. moordenaars ronselde op een manier die doet denken aan de aanpak van loverboys. Hij haalde jongens uit Kattenburg naar Marrakesh en liet hen baden in luxe: geld in overvloed, mooie vrouwen en champagne. Ineens konden ze leven als in een videoclip.

Omar L. is woensdag 26 juni veroordeeld tot levenslang. Zijn advocaat noemt dat onmenselijk, omdat L. pas 28 is. Wat vinden jullie?

Schrijver: ‘Het zet je wel aan het denken. Stel: L. verliest zijn hoger beroep tegen die levenslange straf en hij wordt een beetje oud. Dan moet hij misschien wel vijftig jaar zitten. Je ziet vaker dat criminelen na verloop van tijd spijt krijgen. Wat is het doel van zo’n lange straf? Afschrikking?’

Nabestaanden hebben ook levenslang.

‘Dat is waar’, zegt Laumans, ‘maar dat maakt het andere niet minder waar. Levenslang is hier echt levenslang, hè. Als Willem Holleeder die straf krijgt, denk ik: die is 61 jaar, hij heeft zijn kansen gehad. De jongens uit Mocro Maffia die de laatste tijd levenslang krijgen, zijn twintigers en dertigers. Ze komen nooit meer vrij, kunnen nooit een gezin stichten. Dat is niet te bevatten.’

De auteurs vormen een apart duo. Laumans, die werkt voor Omroep WNL en De Telegraaf, is een spraakzame vechtsportliefhebber. Schrijver is freelancer bij AT5 en bedachtzamer, alternatiever. Tijdens het interview, in het Amsterdamse café-restaurant Dauphine, bestelt Laumans een tosti ham-kaas en Schrijver een groentewrap met humus. ‘Dat typeert hoe verschillend we zijn’, zegt Schrijver met een grijns.

Samen hebben ze een aardig netwerk opgebouwd. Ze praten soms ook met criminelen (‘die ontmoet je in een café of je loopt een rondje met ze’). Dat is volgens hen gelukt omdat ze discreet, geduldig en precies zijn.

Nuchter en rustig blijven is ook belangrijk, vindt Laumans. ‘Laat ik een voorbeeld geven: Marijn en ik zitten in een hotelbar. We hebben afgesproken met familieleden van een liquidatieslachtoffer. Een van hen, een vrouw, komt doodsbang binnen. Ze is net gefotografeerd op het parkeerterrein, door een man in een grijze BMW. Ik zeg: dat is vast een observatieteam van de politie. Dus ik loop naar die auto, om op het raampje te tikken. Zit er een jonge Marokkaan in, die naar beneden blijft kijken. Dat voelt niet goed, dus we vertrekken. Net nadat we het terrein zijn afgereden, komt van allerlei kanten politie aanrijden, met sirenes en zwaailichten.’

Of er echt gevaar dreigde, zullen ze nooit weten. ‘Mijn punt is: als je iets verdachts ziet, hoeft het niet te betekenen dat er gevaar dreigt. Marijn en ik willen niet meegaan in het leven van de mensen over wie we schrijven. Zij denken meteen: dit klopt niet, dus er is iets heftigs aan de hand. Maar het kan ook niks zijn.’

Soms krijgen ze boze reacties. Als Schrijver in 2015 als enige journalist een zitting bijwoont in de strafzaak tegen Eaneas L., staat de verdachte op, loopt naar hem toe, en roept: ‘Kankermedia! Jullie moeten stoppen met mijn naam noemen, jullie verpesten mijn leven.’ Schrijver schrikt even, maar gaat niet op het verzoek in en doet zijn beklag bij L.’s advocaat. Die biedt later min of meer zijn excuses aan.

De misdaadjournalist van Het Parool, Paul Vugts, moest eind 2017 langdurig onderduiken toen bleek dat een groep Marokkaans-Nederlandse verdachten hem wilde vermoorden. Zoiets ingrijpends is de auteurs bespaard gebleven. ‘Wij hebben het voordeel dat we niet voor de muziek uitlopen’, zegt Laumans. ‘Paul brengt vaak als eerste namen en achtergronden van criminelen naar buiten. Hij werkt heel zorgvuldig, maar zoiets kan verkeerd vallen.’

Zijn jullie voorzichtiger geworden sinds de bedreiging van Paul Vugts?

Schrijver: ‘Omdat alles gevoelig ligt, hebben we waar mogelijk wederhoor gepleegd: Wraak is vooraf gelezen door betrokkenen en advocaten. Zelfs mensen die kort worden genoemd, zijn geïnformeerd.’

Laumans: ‘Vroeger dubbelcheckten we alles, nu driedubbelchecken we het.’

Wraak. Wouter Laumans & Marijn Schrijver. 224 pagina’s. Lebowski.

Bak of kist

Marijn Schrijver is niet bang dat deze boeken hangjongeren aanzetten om het criminele pad te kiezen. ‘Dat kan ik me niet voorstellen. Ik weet dat een van de jongens uit Wraak ons eerste boek thuis had liggen. Hij heeft er bijna niet in gelezen, helaas. Onze boodschap is duidelijk. Er zijn twee manieren om te ontsnappen aan het geweld: je gaat heel lang de gevangenis in, of het graf.’

Lees ook

Twee jaar geleden, nog voordat hij moest onderduiken, vertelde misdaadjournalist Paul Vugts in de Volkskrant over de manier waarop hij omgaat met criminelen. Zij leven in een zwart-witwereld: je bent voor of tegen ze.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden