Reportage

In volle vaart de straten op: hoe het is om een maand te fietsen voor Deliveroo

Joost de Vries bezorgt voor Deliveroo. Beeld Simon Lenskens

De platformeconomie rukt op. Volkskrant-journalist Joost de Vries ervoer zelf hoe het is om als zzp’er voor Deliveroo eten te bezorgen.

‘Sessie eindigt over 48 minuten.’ Het is maandagavond, begin september. Voor het eerst zit ik als zelfstandige zonder personeel op mijn fiets in afwachting van mijn eerste bestelling. Mijn opdrachtgever is Deliveroo. Ik ben gekleed in een blauwgrijze jas en draag een enorme koeltas op mijn rug. Op mijn telefoon toont de Rider-app een kaart met een cirkel: ‘Zone Den Haag 1.’ Heel het centrum van Den Haag past in die cirkel, van het Malieveld tot aan het Zuiderpark. In de app ben ik een blauw bolletje dat traag over het scherm dwaalt.

Ruim tien minuten zijn verstreken, vertelt de app. Ik heb een sessie van een uur kunnen reserveren, van 19.00 tot 20.00 uur. Nu moet ik toeslaan. Kostbare tijd gaat voorbij. Hoe weet ik wanneer er een bestelling is? Ik heb instructievideo’s bekeken, maar de uitleg is me ontschoten. Ik stuur een berichtje aan ‘rider support’, de digitale helpdesk. ‘Hoe krijg ik een order?’ Een antwoord blijft uit.

En dan toch: tadading, tadading, tadading. Iemand heeft eten besteld bij Burgerz. Op mijn telefoonscherm markeert een oranje pijl het restaurant, een paarse pijl wijst naar het adres van de klant. Mijn vergoeding: 5,11 euro. Ik accepteer en zet koers richting de hamburgertent.

Het Britse Deliveroo maakte in 2015 zijn debuut in Nederland en heeft in korte tijd een prominente plek opgeëist in een verhitte maatschappelijke discussie. Aanvankelijk waren de Nederlandse koeriers in dienst bij het bedrijf. Tot de bezorgdienst eind 2017 genoeg positie had verworven om, net als in thuisbasis Engeland, over te kunnen stappen op freelance bezorgers. Contracten werden niet verlengd, wie wilde blijven fietsen voor Deliveroo moest zzp’er worden.

Het nieuwe bedrijfsmodel sloeg aan. Hoewel sommige koeriers morrend hun blauwe koeltas aan de wilgen hingen, stapten velen over. En nog veel meer nieuwkomers meldden zich sindsdien aan. Volgens het bedrijf bezorgen zo’n tweeduizend koeriers wekelijks maaltijden van zo’n tweeduizend restaurants in veertien Nederlandse steden, nog eens tweeduizend aspirant-bezorgers staan in de wachtrij. Wereldwijd zijn er zo’n 50 duizend riders, zoals Deliveroo zijn koeriers noemt.

Is een maaltijdbezorger een zelfstandig ondernemer? Nee, zeggen critici. De PvdA steunde de rechtszaak van een verbolgen ex-werknemer die vond dat hij als freelancer een schijnzelfstandige was geworden. De rechter verwierp de klacht. Deliveroo opereert binnen de wet, stelde de rechtbank, als de samenleving het met die werkwijze niet eens is, moet de wetgever hier grenzen aan stellen. Vakbond FNV staat volgende maand tegenover Deliveroo in de rechtszaal. 

Platformbedrijven zoals Deliveroo zouden beschermde werknemers veranderen in vogelvrije eenpitters die in mindere tijden geheel op zichzelf zijn aangewezen. Is die kritiek terecht? Ik meldde me aan bij Deliveroo. Met open vizier: ik vertelde het hoofdkantoor over mijn plannen. Van harte welkom, zei het bedrijf.

In afwachting van een bestelling. Beeld Simon Lenskens

Koerier J. de Vries

In foodcourt Hofhouse in Den Haag, een zakelijk restaurant ingeklemd tussen ministeries en winkels, tref ik medewerker Frank – jong, tenger, dromerige ogen en glimlach. Hij houdt intakegesprekken met nieuwe fietsers. De ontmoeting is meer formaliteit dan sollicitatie. Hij groet me in het Engels, veel riders zijn expats of buitenlandse studenten. De afspraak in dit ‘partnerrestaurant’ (een van de restaurants die bezorgen via Deliveroo) is ‘puur om even te bevestigen’ dat mijn gegevens kloppen. Frank bestudeert mijn paspoort. De volgende zzp’er staat al klaar. ‘Hi, how are you doing?’

Een week later heb ik een afspraak bij de Kamer van Koophandel in Rotterdam. Deliveroo tipt nieuwe bezorgers dat zij hun financiën kunnen laten regelen door een verloningsbedrijf (tegen een percentage van hun inkomsten). Ik kies voor het echte zzp-schap (en de volle mep). Binnen een half uur is mijn bedrijf opgericht: Koerier J. de Vries. Kosten 50 euro.

Deliveroo stuurt gratis mijn ‘rider kit’ op: jas, koeltas, helm, telefoonhouder. Het vervoer – de fiets (of scooter) – moet ik als freelancende koerier zelf regelen. Ik kan beginnen.

Vroeger bezorgde ik kranten, verkocht schepijs, bediende in een pannenkoekenrestaurant – bijbaantjes tegen het minimumjeugdloon. Ik werkte op vaste tijdstippen, ongeacht of er veel klandizie was of weinig. Mijn loon was altijd hetzelfde. Nu zit ik op de fiets en verstrijkt de tijd. En ik verdien niks.

Zodra mijn telefoon gaat tingelen, sta ik in de hoogste versnelling. Maar bij het hamburgerrestaurant stokt mijn productiviteit alweer. Het eten is nog niet klaar. Een kostbaar kwartier gaat voorbij. Ben ik nu een ondernemer die te maken heeft met een zakenpartner die niet snel genoeg levert? Aan de overkant zie ik concurrerende ondernemers de een na de andere bestelling ophalen bij een ander partnerrestaurant.

Met het eten in mijn tas schiet ik weer in de racestand. Ik zweet. De plastic jas is warm. Ik bezorg de hamburgers bij een rijtjeshuis, word vriendelijk bedankt, krijg geen fooi.

‘Ik word vriendelijk bedankt, krijg geen fooi’. Beeld Simon Lenskens

Platformwerk

Christopher Forde is hoogleraar werkgelegenheid aan de Britse Leeds University. Hij is medeauteur van een onderzoek naar de ‘gig economy’, in Nederland bekend als ‘platformwerk’: werken voor een app zoals Deliveroo, Uber (taxichaffeurs en maaltijdbezorgers) en Helpling (schoonmakers), maar ook zorgpersoneel en zzp’ers in de horeca. Ik bel hem op en vraag wat de opmars van deze bedrijven betekent voor de arbeidsmarkt.

‘In Engeland gaat het om zo’n 500 duizend mensen en dit aantal groeit snel’, zegt de hoogleraar. Met collega’s hield hij een enquête onder 1.200 Europese platformwerkers. ‘Voor de meesten betreft het een tweede baan, een mogelijkheid om wat bij te verdienen. Eenderde van de werkers was voor minstens de helft van zijn inkomen afhankelijk van de platforms.’

Dit type werk is onzeker, stelt hij. ‘Het werkgeversrisico wordt afgewenteld op de werker. Die mist sociale zekerheden als pensioen en ouderschapsverlof en heeft nauwelijks carrièremogelijkheden.’ Dat sociale gat wordt in sommige gevallen gevuld door een eerste werkgever of de overheid, zegt hij. ‘Indirect worden platformbedrijven op die manier gesubsidieerd.’ Als regulering uitblijft, zal de onzekerheid onder werkers toenemen, voorspelt Forde.

Amsterdam Centrum

Donderdagochtend. Ik heb mijn werkterrein verlegd naar Zone Amsterdam Centrum, een cirkel van het Centraal Station tot aan de Zuidas. In de app kan ik in elke zone in Nederland sessies reserveren. De plastic jas heb ik dit keer thuis gelaten, niemand verplicht me om hem te dragen. Ik heb anderhalf uur voor de boeg.

Vrijwel meteen na het inloggen stuurt de app me naar een viswinkel. Er gaat iets mis: de oranje pijl zit er een paar honderd meter naast, genoeg om mij te laten verdwalen. Ook naar de klant moet ik even zoeken. Een slaperige jongen verschuilt zijn (naakte?) lichaam achter een half geopende deur. Ik overhandig hem zijn broodje vis.

Na het bezorgen geef ik voor het eerst in de app een duimpje omlaag. Mijn klacht over de navigatie verdwijnt in het systeem, ik krijg geen reactie. Dan volgt een lang uur van doelloos fietsen door Amsterdam, dwars door het centrum, langs het Vondelpark, door de Pijp, buurten vergeven van de restaurants. De app blijft stil. Word ik door het algoritme gestraft voor mijn kritiek? Of is dit de luwte van de ochtend?

Plots klinkt alsnog de verlossende tadading. Iemand in een kantoor op de Zuidas, het zakelijke district aan de rand van de stad, wil een hamburger van de Burger King op het Leidseplein. Een flink stuk fietsen - een paar kilometer naar het eten en dan nog bijna 4 kilometer naar de klant. Er staat een beloning van 7,35 euro tegenover.

In de Burger King tref ik een collega/concurrent. Ik informeer hoe het gaat. Hij reageert in het Engels. ‘Bring a book’, raadt hij me aan. Om wat te lezen te hebben tijdens het wachten. Hij woont binnen de cirkel en blijft tijdens rustige ochtendsessies thuis totdat de telefoon tingelt. Zo kan het dus ook. De burgers zijn klaar. ‘Good luck, man.’

Een volgende ochtenddienst in Amsterdam breng ik deels door met een kop koffie op een terras. Mijn app telt de passerende minuten. Het zzp-schap begint me tegen te staan. Wil ik wat verdienen, dan moet ik ’s avonds werken. Beginnende riders kunnen op maandag vanaf 15.00 uur intekenen voor de volgende week. Door veel tijdens piekuren te werken en nooit reserveringen kort van tevoren af te zeggen, kan een koerier zich opwerken naar ‘Priority Access’: reserveren om 11.00 uur ’s ochtends.

Daar ben ik nog lang niet. Sterker nog, wanneer ik, vanwege ziekenhuisbezoek aan een familielid, twee sessies last minute annuleer, schuif ik in de maandag-rangorde op naar 17.00 uur. Vanaf dat moment zijn alle toekomstige avondsessies steevast vergeven. Een werkgever kan coulant zijn in zo’n situatie, een app niet. Gelukkig had ik eerder al twee tijdsblokken in de avond gereserveerd. Ik heb nog een kans om een echte piek mee te maken.

Het resultaat na week één: circa 30 euro voor vijf uur werk. Het houdt nog niet over.

Soms mag er binnen gewacht worden, soms niet. Beeld Simon Lenskens

‘Benefits’

Halverwege mijn maand als fietskoerier brengt Will Shu (38), ceo van Deliveroo, een bezoek aan Nederland en kan ik hem interviewen. Shu beheerst de joviale houding van de typische succesvolle startup-ceo, met bijbehorend uniform: een T-shirt. Maar het feit dat ik zelf op de fiets ben gestapt, blijkt niet direct een band te scheppen. Hij biedt excuses aan voor mijn matige eerste sessies, om ze daarna meteen te relativeren.

‘Gemiddeld verdienen koeriers in Nederland 12 tot 13 euro per uur.’ Mijn ervaringen leggen het af tegen zijn statistieken. ‘Dat is een gemiddelde’, voegt hij toe. ‘Het ligt eraan op welk tijdstip je werkt.’ Als ik toch wil doorpraten over mijn teleurstellende resultaten, verschijnt er irritatie op zijn gezicht. ‘Jouw ervaringen zijn niet representatief voor iedereen. Het is in het leven niet goed om conclusies te trekken uit een kleine steekproef.’

Ik vraag wat hij vindt van het maatschappelijk debat over zijn bedrijf. Hij zou riders die veel uren maken meer zekerheid willen geven, stelt hij. ‘Ik begrijp de discussie. Deze manier van werken heeft in vijf jaar tijd een vlucht genomen, het ging heel snel.’ Mensen die fulltime op de fiets zitten, wil hij zaken bieden als pensioenopbouw en zwangerschapsverlof, ‘benefits’ die werknemers wel hebben en zzp’ers niet. ‘Ik wil samenwerken met overheden om dat voor elkaar te krijgen, maar het mag niet ten koste gaan van de flexibiliteit.’

Het is eenzaam op de fiets, zeg ik. Ik heb weinig contact met collega’s, bij restaurants moet ik vaak buiten wachten. ‘We zien in veel steden dat riders elkaar opzoeken na hun sessies’, zegt Shu, ‘maar inderdaad, dit is solitair werk. Het zal niet iedereen aanstaan. Als je van fysieke activiteit houdt en graag op jezelf bent, is dit iets voor jou. Ik heb geregeld gezien dat mensen met autisme goed gedijen als koerier.’

Voor- en Nadelen 

Het Nederlandse koerierslegioen van Deliveroo ziet er in cijfers (verstrekt door het bedrijf) zo uit: de gemiddelde rider is 24 jaar en werkt zo’n 12 uur per week. Hij (72 procent is man) verdient 12,60 euro per uur. Een kwart van de circa tweeduizend koeriers communiceert in het Engels. In de afgelopen drie jaar fietsten Nederlandse bezorgers zo’n 5 miljoen kilometer.

Tijdens mijn sessies word ik nog niet door collega’s uitgenodigd voor een afzakkertje na het werk. Toch begin ik enkele jongens te herkennen. We groeten wanneer we elkaar passeren. Af en toe tref ik wachtende riders bij een restaurant en kunnen we een paar woorden wisselen voordat we weer op de fiets springen.

Een enkeling blijkt fulltime te bezorgen. Een donkere jongen vertelt dat hij 100 euro op een dag verdient in Den Haag. Je zou eens ’s avonds in Amsterdam moeten gaan fietsen, denk ik. Een jongen uit Bangladesh heeft tijdens zijn studie enkele maanden vrij en zit dagelijks op de fiets. ‘Jij bent toch Nederlands?’, vraagt hij. ‘Waarom ga je niet voor Thuisbezorgd werken?’ Dat bedrijf heeft zijn mensen wel in dienst. Hun koeriers rijden bovendien op elektrische fietsen. Toch fietst hij graag voor Deliveroo en Uber, opdrachtgevers die alleen met zzp’ers werken: ‘Ik ben mijn eigen baas.’

Op vacaturesite Indeed.nl krijgt Deliveroo 3,6 van de 5 sterren op basis van ruim vijfhonderd recensies. Een bezorger uit Haarlem is ‘erg blij’ met de betaling per bestelling. ‘Het motiveert om snel te fietsen.’ Al ziet hij ook nadelen: ‘Je hebt geen zekerheid, een uur geen order is een uur niet betaald.’ Iemand uit Rotterdam schrijft: ‘Het is erg vrij en je kunt zelf je tijden bepalen. Het verdient alleen niet genoeg om van te kunnen leven.’

Klanten geven de app in de Google Play Store een 4,2 (uit 5). Een enkeling klaagt over lange wachttijden. ‘Vet lekker eten’, zegt ene Hobbel. ‘Soms duurt het wat langer, maar dat is ook omdat die leveraars heel de avond de longen uit hun lijf trappen op die fietsjes van ze. Dan gun ik ze een rustig ritje.’

‘Het motiveert om sneller te fietsen’. Beeld Simon Lenskens

Deliveroo delivers 

Het is september, de dag na Prinsjesdag, zes uur ’s avonds. Ik stap weer op de fiets in zone Amsterdam Centrum. De komende drieënhalf uur heeft mijn telefoon mij in zijn greep. Zodra ik een bestelling heb bezorgd, komt de volgende binnen. Tadading! Tadading! Opdrachtgever Shu maakt vanavond zijn beloften waar, Deliveroo delivers.

In volle vaart bedwing ik de Amsterdamse straten, van het centrum naar de Pijp, naar de Baarsjes, naar Oud-Zuid, naar de Rivierenbuurt, naar de Zuidas, naar Oud-West, naar Bos en Lommer. Verkeersregels blijken richtlijnen. Wat is rood? Hooguit een attente waarschuwing. Wie heeft ooit beweerd dat de stoep niet voor fietsers is?

Ik bezorg sushi, veganistische snacks, Mexicaans, chocolade-ijs, Indiaas, pizza calzone. Elk restaurant hanteert een ander ontvangstbeleid voor de bezorgers. Soms wacht ik buiten, dan weer binnen midden tussen de gevulde tafeltjes. Bij Aziatisch restaurant Dragon I word ik verwezen naar de achteringang om de hoek. Twee koks maken een praatje in de openstaande deur, tl-licht tekent hun schaduwen op de donkere straat. New York in Amsterdam. Begin ik dit zowaar leuk te vinden?

In totaal fiets ik tien bestellingen en verdien ik 62 euro (inclusief fooi). Vier dagen later verdien ik in een regenachtige anderhalf uur in Den Haag nog eens 27 euro. Plots schiet mijn gemiddelde omhoog naar 12 euro per uur, 18 euro als ik alleen de laatste vijf uur zou tellen. Deliveroo betaalt daarbovenop mijn omzetbelasting. Geen enkel voormalig bijbaantje kan hieraan tippen.

Verkeersregels worden aan de laars gelapt. Beeld Simon Lenskens

Sociale zekerheid 

Met gemengde gevoelens gooi ik thuis mijn koeltas in de berging. Platformbedrijven knippen de economie in deeltjes en nestelen zich als bemiddelaars tussen partijen die voorheen werkgever en werknemer waren. De schoonmaker, de bezorger, de kok, de barman: ze worden zzp’er en geven zich over aan een app. Het platformwerk is praktisch en lucratief voor jonge mensen die wat willen bijverdienen, maar waar eindigt deze ontwikkeling?

Uit Amerika kennen we de voorbeelden van alleenstaande ouders die drie banen combineren om hun gezin te onderhouden. Ook enorm flexibel. Hoogleraar Forde uit Leeds voorspelt weinig goeds als regelgeving uitblijft: ‘De ‘platform-afhankelijken’ zullen toenemen’, stelt hij. ‘De mensen die het grootste deel van hun inkomen verdienen via platforms bleken in ons onderzoek het minst tevreden over het werk. Ze verlangden naar meer sociale zekerheid, een vast aantal uren en een gegarandeerd inkomen.’

Op een maandagmiddag, ik ben gestopt met fietsen en begonnen met schrijven, open ik de Deliveroo-app en scroll door de kalender. Alle sessies voor volgende week zijn vergeven. Waarom kijk ik nog? Ik hoef niet meer te bezorgen. De app heeft een notificatie-functie. Ik stel een melding in. Wie weet, misschien komt er toch nog een sessie vrij. Een uurtje door de stad crossen voor een paar euro’s. Kan geen kwaad toch?  

Aanvulling

In een eerdere versie van dit stuk stond de zin: Het is een nettobedrag, Deliveroo betaalt daarbovenop nog btw. De auteur bedoelde hier enkel mee: de bedragen in de Deliveroo-app zijn omzet waar de omzetbelasting al vanaf is. Tal van andere kosten en risico’s zijn wel nog voor rekening van de zzp’er (zoals ook beschreven: onder meer de eigen fiets, maar ook zaken als pensioen en verlof). 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.