tv-recensieharo kraak

In Terug naar de Akbarstraat is de vraag of witte Nederlanders zich ook moeten aanpassen

In een gesprek over integratie raken feiten, definities, idealen, anekdotiek en emoties al snel vermengd. Dat geeft niet.

Het item bij DWDD over het documentairetweeluik Terug naar de Akbarstraat (NTR), waarin Felix Rottenberg 18 jaar na zijn spraakmakende serie teruggaat naar de Kolenkitbuurt in Amsterdam-West, was dinsdag net op stoom toen tafelheer Özcan Akyol de vraag poneerde: ‘Wat is integratie eigenlijk?’

Even opzoeken hoor.

Akyol haakte in op een scène waarin een Turks-Nederlandse man, staand langs de lijn bij een voetbalveld, zich afvroeg hoe hij nog verder moest integreren. ‘Ik spreek de taal, ik betaal belasting, ik ben ondernemer, wat is het toppunt? Kerst vieren? Heb ik ook gedaan.’ Toch hoorde hij er nog altijd niet helemaal bij.

De man had volkomen gelijk, zei Akyol, die zelf ook geconfronteerd wordt met de grenzen van zijn eigen integratie. Als hij een keer ‘niet leuk meedoet’, dan mag hij terug naar zijn eigen land, of erger. Zoals cultureel antropoloog en buurtbewoner Sinan Çankaya zegt in het tweeluik: ‘Integratie heeft geen eindstation.’

Positieve draai

Ali B, ook in de studio en gevraagd naar zijn mening, gaf een positieve draai aan vooroordelen; hij werd altijd onderschat vroeger. ‘Laten we eerlijk zijn, als een Marokkaan een portemonnee terugbrengt heeft het meer impact.’

Zodra er op tv (maar ook daarbuiten) een gesprek over integratie wordt gevoerd, ontaardt het meestal in drijfzand, waarin feiten, definities, idealen, anekdotiek en emoties vermengd raken. Dat geeft niet; integratie is óók een proces dat over meer gaat dan statistiek, je moet er haast wel eigen ervaringen of gevoelens bij halen.

Terug naar de AkbarstraatBeeld NTR

Probleem is eerder dat in een item van 15 minuten bepaald moet worden of de integratie geslaagd is. Of we hoopvol moeten zijn, of niet. Regisseur Gülsah Dogan zag overal hoop in de documentaire, waar Van Nieuwkerk zich juist zorgen maakte. ‘Mondjesmaat’, zei Dogan, zouden mensen meer mengen.

Omdat het debat al zo gepolariseerd is, wilde Rottenberg zich meer richten op de mensen die vooruit willen, zei hij zaterdag in de Volkskrant. Orthodoxe moslims sloeg hij dus over. In de afleveringen van woensdag en donderdag, laat hij zich door cultureel antropoloog Çankaya de les lezen: in 2002 had Rottenberg te veel oog voor etniciteit en cultuur en te weinig voor sociaal-economische aspecten.

Geen melodie

De indringendste vraag van het tweeluik is: moeten witte Nederlanders zich ook aanpassen, in een buurt waar ze in de minderheid zijn? Een aantal hoogopgeleide nieuwkomers leek daartoe wel bereid. Mondjesmaat uiteraard. Anderen worden al woedend van het idee.  

Een bejaarde vrouw, de tongval plat Amsterdams, herinnerde zich een feest met Hollandse volksmuziek op het plein, waar ‘heel weinig buitenlanders’ op afkwamen. ‘Daarentegen, als hun muziek maken, komen wij ook niet. Lijkt me niks. Zit geen melodie in.’

Het is maar anekdotiek, maar het zegt bijna alles.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden