Recensie Ruben Brandt, Collector

In Ruben Brandt, Collector komen dertien kunstwerken tot leven. Dat zijn er te veel, de focus is ver te zoeken ★★★☆☆

Je zou de talloze richtingen op stuiterende animatiefilm Ruben Brandt, Collector kunnen omschrijven als het drukke achterneefje van Loving Vincent (2017), het technisch indrukwekkende animatiefilmportret over Vincent van Gogh dat volledig bestaat uit bewegende uitvoeringen van Van Goghs schilderijen. In Ruben Brandt, Collector komen de beroemde werken van dertien meesterschilders tot leven – en dat zijn nog maar de basisingrediënten van deze zichtbaar zonder restricties gemaakte cocktail van verwijzingen naar schilderkunst, film en popcultuur.

Hoofdpersonage Brandt is een kunsttherapeut die vastgelopen artistiekelingen helpt hun creativiteit te hervinden. Maar hij wordt ook geplaagd door nachtmerries waarin figuren uit beroemde schilderijen hem aanvallen. Een kunstroversbende in zijn klantenbestand, aangevoerd door kleptomane annex stuntvrouw Mimi, is bereid tot hulp: indien ze erin slagen de dertien meesterwerken uit Brandts dromen te stelen, zal de kunsttherapeut volgens de onnavolgbare logica van deze film weer rustig kunnen slapen.

De plot is in het verdere verloop van de film niet onbelangrijk, maar voelt als weinig meer dan een excuus voor schilder, multimediakunstenaar en animator Milorad Krstić om zoveel mogelijk monumentjes op te tuigen voor zijn voornaamste inspiratiebronnen. Zodoende raakt het hoofdpersonage verzeild in een vuurgevecht met Andy Warhols Double Elvis, draait een van de eenzame barhangers in Edward Hoppers Nighthawks zich plotseling om als een monster in een horrorfilm, sleuren de haren van godin Venus van Sandro Botticelli hem als een tentakelmonster onder water, enzovoorts.

De in Hongarije woonachtige Sloveen is een mysterie in de animatiewereld, met een Zilveren Beer voor zijn korte animatiefilm My Baby Left Me op het filmfestival van Berlijn in 1995 en het tevens bekroonde interactieve cd-rom-animatieproject Das Anatomische Theater (1999) als enige noemenswaardige toevoegingen aan zijn film-cv. Lef kan de 66-jarige Krstić met dit bioscoopdebuut niet worden ontzegd, zie alleen al zijn keuze om de bestaande werken te hertekenen in de kubistische stijl van Pablo Picasso, resulterend in personages met twee gezichten, ogen óp hun hoed of drie borsten, al kan dat laatste ook zijn bedoeld als een knipoog naar Paul Verhoevens Total Recall. Naast verwijzingen naar kunstgeschiedenis etaleert Krstić ook met overgave zijn filmliefde: de diefstalscènes en daaropvolgende achtervolgingen ogen gaandeweg als een ode aan film noir, heistdrama’s en vooral James Bond.

Het duizelingwekkende Ruben Brandt, Collector zou een betere film zijn geweest als Krstić hier en daar een ingeving, verwijzing of knipoog had geschrapt. Het is te veel, te weinig gefocust en bij elkaar opgeteld betekent het te weinig. Anderzijds is het een verademing dat de man erin slaagde zo’n zeldzaam vrije film te maken. Als fascinerende mislukking behoort Ruben Brandt, Collector tot de besten in zijn soort.

Ruben Brandt, Collector

Animatie

★★★☆☆

Regie Milorad Krstić.

Met de stemmen van Iván Kamarás, Gabriella Hámori, Zalán Makranczi.

96 min., in 28 zalen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden