REPORTAGE

In Nederland stikt het van de zeeschilders

Zeeschilderen is een vak apart, sommige kunstenaars zijn eraan verslingerd. 'De zee is van mijn!', zei Mesdag al. Vier tentoonstellingen tonen de oude en de nieuwe zee in al haar facetten. Stefan Kuiper definieert de artistieke kenmerken van de woelige baren.

Beeld Ivo van der Bent

Een zomerdag als vandaag - Harold Schouten heeft er weinig mee. Tenminste, dat geldt voor de kúnstenaar Harold Schouten. Het harde zonlicht en de strakblauwe lucht bieden weliswaar de ideale omstandigheden om te zwemmen; om te schilderen zijn ze, excuses voor de woordspeling, dood tij. En schilderen is wat Harold Schouten doet. Zeegezichten. Al tien seizoenen lang.

Hendrik Willem Mesdag (1831-1915): Vissersboten in de branding. Beeld Rijksmuseum, Amsterdam

Het ruwe materiaal voor die zeegezichten, bruisende, goed in de verf zittende stukken waarop je de rollende golven lijkt te kunnen horen - en die door Schouten zijn uitgewerkt in zijn Amsterdamse atelier - vindt de kunstenaar op steeds dezelfde plek. In de badplaats Wijk aan Zee, letterlijk onder de rook van de Hoogovens, heeft Schouten een strandhuisje met aangrenzend atelier in een oude schaftkeet ('ik noem het mijn werkcelletje') van waaruit hij de branding bestudeert.

Daar voltrok zich een ontwikkeling. Was Schouten aanvankelijk nog huiverig voor het schilderen van water ('het leek me altijd het moeilijkste wat een schilder kon doen'), inmiddels heeft hij de zee en haar golven zo vaak naar het doek vertaald dat hij zichzelf steeds meer dichterlijke vrijheden permitteert.

Schouten: 'Ken je die film Scent of a Woman? Pacino speelt daarin een oude, blinde generaal met een student onder z'n hoede; op een zeker moment bestelt hij een whisky, een John Daniels. De student verbetert hem: het is Jack Daniels. Pacino glimlacht en zegt: 'Als je al zo lang whisky drinkt als ik, mag je hem noemen zo je wilt.' Zo is het ook een beetje met mij en de zee. Wij gaan ver terug. Voel ik de behoefte om haar roder te maken, dan maak ik haar roder.'

Christiaan Kuitwaard

Misschien wel de mooiste stukken op de tentoonstelling in Oranjewoud hangen niet aan de wand, maar liggen in een vitrine. Christiaan Kuitwaard, die verderop is vertegenwoordigd met sterk vereenvoudigde beelden van vogels boven het wad, toont er enkele opengeslagen tekenboekjes waarin hij over de volle breedte aquarellen van de branding heeft geschilderd. Nat zand, een nevelige horizon. De schuimkoppen staan er ook op: dat is het uitgespaarde papier.

Harold Schouten, Branding, 2013. Beeld Harold Schouten

Veel zeeschilders

Schouten is niet de enige vaderlandse schilder die graag de kust opzoekt. In Nederland stikt het van de zeeschilders - het soort bewering waar je altijd mee wegkomt, maar die zich hier makkelijk laat staven: het aantal recente exposities over het genre spreekt boekdelen. Even uit het hoofd: in Museum Belvédère in Oranjewoud is bijvoorbeeld een grote en eigenzinnig ingerichte tentoonstelling te zien - schilderijen in het donker, kom er eens om. Deze expositie over de Wadden toont olieverf, aquarel en fotografie. In het Haags Historisch Museum loopt een al even ambitieuze expositie over de duinen. Schouten exposeerde onlangs in het DunaAtelier in Katwijk zijn nieuwe zeegezichten plus enkele meer fantasierijke onderwatergezichten. De Angle Gallery Amsterdam exposeert nu meer abstracte zeestudies. Diverse kunstwerken, wisselend van uiterlijk en productiejaar, maar met twee dingen gemeen: de zee en haar omgeving.

Nu komt die populariteit niet als een verrassing. Nederland heeft een reputatie hoog te houden als het gaat om zeeschilders. Zij gaat terug tot de 17de eeuw, met marineschilders als Cornelis Vroom en Willem van de Velde, die angst en zeeziekte overwonnen om live zeeslagen bij te wonen, en loopt van daar via de Haagse School (de zee als impressie), Jan Toorop en Edgar Fernhout (de zee als expressie), Gerrit Benner (de zee als abstractie) naar de fotocollages van een kunstenaar als Jan Dibbets (de zee als manipuleerbaar beeld). Dat abstracte en conceptuele werk is natuurlijk geen eindpunt.

De Toorop-Fernhout-traditie marcheerde ondertussen fijntjes voort. Bij Geurt Busser bijvoorbeeld, die met zijn boot de Waddenzee op vaart en vanaf het water imposante aquarellen maakt. In de prachtig verstilde impressies in olie en bijenwas van Anke Roder. En dus ook in de schuimende, rijk geschakeerde en tamelijk tactiele zeestukken van Schouten. 'De zee is van mijn!', schijnt Nederlands beroemdste zeeschilder, Willem Mesdag, vaak te hebben uitgeroepen, maar tegenwoordig is de zee juist van velen. En iedereen haalt er iets anders uit.

Gerrit Benner, Zee, zonder jaartal. Beeld Museum van Bommel van Dam
Anke Roder, Het wad, 2015.

Logisch is dat niet, zo op het eerste gezicht. Een spannend motief kun je de zee nauwelijks noemen. Vergeleken met de speelse glooiingen van de duinen of het strakke grafische lijnenspel van het bos, heeft ze altijd iets onwrikbaars en statisch. Een lijn met daarboven een strook lucht en daaronder een stuk water, met in het gunstigste geval daaronder nog een lapje strand en een paar badgasten (een landenvlag noemde de schilder Arie Schippers zeegezichten), meer is ze niet. En toch trekt ze schilders aan als een glas limonade de wespen.

Basale menselijke behoeften zijn daar ongetwijfeld debet aan. Aan zee is het goed toeven, fijn om te spelen of door te waaien, ideaal om te zoenen met je vakantieliefde, maar ook om je af te zonderen. Harold Schouten: 'Hier in Wijk aan Zee is het best een sociale aangelegenheid. Zit ik buiten te schilderen, komt er bijna altijd wel iemand bij me staan. Ik onttrek me daar niet aan - anders word je 'die man in dat huisje' - maar ik word enorm vrolijk als ik hier de parkeerplaats op rijd en zie dat er helemaal geen buren zijn; dat ik weet dat ik de zee voor mezelf heb.'

Jean Brusselmans, Duinen, 1937. Beeld Museum Belvédère

Brandend zand

Voor de zee zijn er de duinen. Over dat onderwerp is in het Haags Historisch Museum nu een groots opgezette en indrukwekkende groeps-tentoonstelling te zien. Daar hangen duingezichten van oude knarren als Van Goyen en Post, en ook iets moderner geschilderd werk van bijvoorbeeld Chris Lebeau. Zeer aantrekkelijk is een werkje van een haast onbekende meester met helmgras en zacht brandend zand. Daar krijg je gewoon zin van om je schoenen uit te trekken.

Improvisaties op wind, water, wad, Museum Belvédère, Oranjewoud, t/m 13/9.

Op 't duin: duingezichten en duingedichten, Haags Historisch Museum, t/m 15/9

Lucht reflecties, Angle Gallery, Amsterdam, t/m 31/7.

Grenzeloos schilderachtig: zes Europese kunstenaarsdorpen aan zee, Katwijks Museum, van 7/7 t/m 8/11.

Kader: Artistieke kwaliteiten

Naast zulke algemene kwaliteiten heeft de zee ook specifiek artistieke kwaliteiten. Ik noem er vijf.

Vrijheid

De zee is weids. Het is makkelijk om te vergeten, maar de kust is waarschijnlijk een van de weinige plekken in Nederland (stukken Friesland en Groningen uitgezonderd) met onbelemmerd zicht op de horizon. Enkel aan zee zie je de glooiing van de horizon en voel je de bolheid van de aarde. Harm-Jan Boven, op de tentoonstellingen in Museum Belvédère en Angle Gallery vertegenwoordigd met sferisch geabstraheerde zeefoto's: 'In de stad ben je omsloten door gebouwen en auto's; de einder is niet waarneembaar. Dat kan verstikkend zijn. De lelijkheid dringt zich aan me op, ik wil weg. Aan zee heb ik zulke gevoelens nooit. De leegte heeft een aangename uitwerking op de geest.'

Het is precies die leegte die voor landschapsschilders geweldig studiemateriaal biedt. Lichteffecten, meteorologische omstandigheden, de wolken, de wind en hun samenspel kunnen bestudeerd worden zonder de afleiding van menselijk gewemel.

Anke Roder, ook aanwezig op de tentoonstellingen in Belvédère en Angle Gallery: 'Een jaar of tien geleden zijn wij verhuisd naar Zandeweer in de kop van Groningen. Sindsdien sta ik vaak op het wad. Dat is zeer spectaculair. De hemel vormt een koepel. De horizon is leeg. Aan die lege horizon trekken de meest fantastische wolkenconstellaties voorbij. Soms is het net alsof ik naar een opera sta te kijken.'

Vrijbrief

De zee heeft abstracte kwaliteiten. Een landenvlag werd hij al genoemd, en juist dat vlakke en schematische van de zee - lucht, horizon, water - is voor sommige (semi-)abstract werkende kunstenaar heel aantrekkelijk. Dit geeft ze houvast, maar maakt de handen ook vrij voor waar het je om te doen is: verf, kleur, sfeerverhoudingen et cetera.

De zee als vrijbrief om, om te spreken met een van de fijnste zeeschilders die de 19de eeuw rijk was: Jacob Maris, direct te kunnen 'denken in je materie'. Bij druilerig miezerweer. Of op een strakblauwe zomerdag.

Veranderlijkheid
De zee is veranderlijk. Dat statische blijkt bij nadere beschouwing slechts de observatie van een luie kijker; in werkelijkheid is de zee natuurlijk steeds anders. Schouten: 'Wanneer het waait en de stroming veel zand meevoert, is ze bruinig; op een windstille dag eerder doorschijnend groen.' De zee kan violette, turquoise of roze kleurschakeringen hebben, afhankelijk van het licht, het weer, de hoeveelheid aanwezige badgasten, het tijdstip van de dag of het jaargetijde. Anke Roder: 'Bij storm heb je een onstuimige branding. Is het windstil, dan vormt de zee een rimpelloze spiegel. Het is een oneindig onderwerp. Je raakt er nooit op uitgekeken.'

Aantrekkelijk
De zee beweegt. Golven krullen om, schuimkoppen spatten dof uiteen; water kruipt over het zand om zich met voorspelbare regelmaat weer terug te trekken. Voor schilders is die veranderlijkheid aantrekkelijk. Het dwingt ze om die beweging naar een stilstaand beeld te vertalen.

Dat vertalen, zegt Harold Schouten, kan enkel via een omweg. Daar heeft hij gelijk in, al zijn veel vertalingen mogelijk. Anke Roder vond die vertaling in een lucht van bijenwas, rijk aan kleurnuances waaronder dikke banen van olieverf, horizontaal aangebracht, de rijkdom aan kleur in de zee vangen; een felle uithaal met het paletmes creërt het wit van de schuimkoppen.

Schoutens vertaling is expressiever. Hij kopieert niet het water - dat is ook helemaal niet mogelijk - maar probeert de beweging van het water te vangen. Het ritme van de zee bepaalt het ritme van zijn schilderhand. Het schuim op de golven wordt vertaald naar het witte impasto op zijn schilderijen. Die vertaalslag onderscheidt Schoutens doeken van een willekeurige foto. Ze tonen de zee niet zoals je hem ziet, maar zoals je hem voelt.

Tijdloosheid
De zee is tijdloos. Van alle soorten landschap is zij het meest onveranderlijk. Zoals ze erbij lag in de dagen van Mesdag en Toorop, zo ligt ze er nog altijd bij. De incidentele kitesurfer of badgast in driekwartbroek daargelaten is er weinig aan haar dat verraadt dat zij zich in de 21ste eeuw bevindt. Dat tijdloze maakt de zee zeer geschikt voor projectie. Voor schilders die een contemplatieve sfeer of gevoelens van eeuwigheid willen oproepen, vormt zij het ideale motief.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden