ReportageDancemuseum

In museum Our House kun je zelf aan de slag met synthesizers en drumcomputers

Museum Our House in Amsterdam gaat 3 november open en geeft een inkijkje in de dancecultuur.

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

Een diep broeierige stem, als de voice-over van een trailer van een Amerikaanse actiefilm, schetst op je koptelefoon de situatie: ‘De club zit barstensvol, maar de dj van dienst is in geen velden of wegen te bekennen. Wat nu? Wacht, waarom neem jij die taak niet op je? Don’t sweat it. Het enige wat je nodig hebt, is een spoedcursus mixen.’ En de stem gaat je die geven.

Op het beeldscherm boven de state-of-the-artdraaitafels verschijnt een menu met drie dancegenres. Met de oren op scherp, handen aan de knoppen en instructies op de koptelefoon moet je twee dancetracks naadloos in elkaar over laten gaan. Wie het lukt, scoort vijf smileys, is even mixmaster en breekt meteen de museale conventie dat je overal van afblijft.

De mixinstallatie maakt deel uit van een heuse expositie in een heus historisch museum in Amsterdam. Sterker nog, Our House is het eerste museum in de wereld dat gewijd is aan de geschiedenis van de elektronische dansmuziek. ‘Raak aan en beleef’ is hier het devies, niet ‘bekijk en bewonder’. Bezoekers kunnen vrijuit experimenteren met de mixtafels, drumcomputers en synthesizers. Our House wordt zo eerder een dance Nemo dan een Rijksmuseum voor house.

Curator Jeroen Jansen vindt het de beste manier om recht te doen aan dance in een museale context. ‘Hoe zorg je als dj dat de beats van twee platen overlappen? Hoe leg je een drumpatroon voor je track neer? Als je dat de bezoeker zelf laat doen, steekt die veel meer op dan als die passief naar een filmpje kijkt. Gamification is een wezenlijk onderdeel van de opzet van de expositie.’

Het museum maakt flink gebruik van – Jansen vindt het zelf een vreselijk woord – edutainment. ‘Met interactieve installaties en door op speelse wijze uitleg te geven, bieden we de bezoekers een totaalervaring.’

De locatie werkt ook mee: het museum is voor een deel gehuisvest in een van de heiligdommen van de Nederlandse dancecultuur, de voormalige club iT. Opvolger club Air is er nog steeds operationeel. Waar je je overdag vergaapt aan een taartpunt van de popcultuur, hoor je ’s avonds wat er vandaag de dag in diezelfde cultuur speelt.

Deze dubbelfunctie van het gebouw is mogelijk door een logistiek handigheidje hier en daar. De installaties zitten allemaal in flightcases, dezelfde koffers waarin dj’s hun apparatuur over de globe zeulen. Dat is cool én praktisch. Zo kan alle apparatuur in no time worden weggerold als in de avond de clubbezoekers de ruimte op de cultuurliefhebbers heroveren. Bovendien kun je zo met een biertje van de tentoonstelling genieten.

Anderhalf jaar geleden werden de plannen voor het museum gesmeed door Fourmation Entertainment, waarvoor Jansen werkt, en The Dutch Experience Group, een bedrijf dat onder meer The Heineken Experience heeft ontwikkeld. Met meer dan 120 partijen, waaronder festivalorganisaties, studio’s, producers, bouwbedrijven en lichttechnici, werd het verhaal van dance vormgegeven.

Dat verhaal is opgeknipt in vier hoofdstukken: muziek, technologie, community en geschiedenis. Drie gigantische schermen op het binnenplein van het museum tonen waar de hoofdstukken te vinden zijn. In groepen van honderd man beginnen de bezoekers op dit plein hun ontdekkingstocht .

Bij de entree klinkt de iconische speech van housepionier Chuck Roberts, die ook het manifest is voor het museum. Als Martin Luther King oreert Roberts: ‘In den beginne was er Jack. En jack had een groove. En uit deze grooves kwamen alle grooves voort. En op een dag, toen Jack eens flink tekeer ging, verklaarde hij brutaal: ‘Laat er house zijn.’

Vervolgens zoek je je weg in de verleidelijke duisternis van een club met om je heen oplichtende videoschermen.

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

In de geschiedenisruimte zijn informatie en plezier in één brok elektronische eye candy gegoten. Dancekopstukken als Kevin Saunderson, Carl Cox en Armin van Buuren vertellen over de geboorte van house in de pakhuizen in Chicago en de afsplitsing van techno in Detroit tot de trans-Atlantische oversteek en illegale Britse raves, tot de terugkeer van dance naar Amerika in de vorm van de hitgevoelige EDM. Tegelijkertijd glijdt op de achtergrond een bonte collage voorbij van beelden die kenmerkend zijn voor die perioden: van cassettebandjes en smileys tot glowsticks en flyers.

In de communityruimte kun je op een touchscreen in de vorm van een wereldbol videobeelden opvragen van vijftig iconische festivals. Je ziet drumcomputers, die door de oplichtende touchpads lijken op hightech speelgoed. Je kunt dansen in de silent disco terwijl er een avatar van je dansende lijf op een scherm wordt getoverd.

Maar de showstopper in de zaal is de meterslange sequencer, een apparaat dat de techniek van synthesizers en drumcomputers combineert, waaraan meerdere bezoekers samen een dancetrack kunnen componeren. Het monster is speciaal gemaakt voor de Red Bull Music Academy in Berlijn en heeft live dienst gedaan voor danceartiesten. De Amerikaans technogod Jeff Milss was wild van het apparaat en trad in Berlijn solo op met de monolitische schakelkast.

Over bijna alles wat je associeert met dance is in Our House wel wat te vinden. Maar aandacht voor drugs en dance blinkt uit door afwezigheid. Jansen geeft volmondig toe dat xtc en mdma een goed huwelijk zijn aangegaan met de dancecultuur, net zoals lsd met de hippiecultuur. ‘Maar er was een zekere schroom om dat onderdeel als vaste waarde op te nemen in het museum. In het verleden werd het vaak als bepalend voor dance gezien, waardoor de hele cultuur een negatieve connotatie kreeg.’

Jansen verzekert dat er al plannen zijn voor een documentaire over drugs en dance, die zal worden vertoond in het museum.

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

Al wil Our House geen verzameling van voorwerpen in vitrines zijn, er vallen genoeg ‘historische’ objecten te bewonderen. Apparaten die hun plekje achter glas hebben verdiend omdat ze hun stempel hebben gedrukt op popmuziek en omdat hun sound net zo herkenbaar is geworden als het gilletje van Michael Jackson. Zo staat er een Roland TR-808 drumcomputer, met zijn dunne droge geluid alomtegenwoordig in popmuziek, hiphop en dance. En een Roland TB-303 Bass, de minisynth die is ontworpen om basloopjes te na te maken en die op eigen houtje het stotende, knerpende geluid van acid heeft bepaald.

Our House toont de geschiedenis van een deel van popcultuur in de vorm van een indoorspeeltuin. Maar het museum zit niet stil. In samenwerking met Google onderzoekt het of delen van de collectie online kunnen worden tentoongesteld. Wellicht dat de dance binnenkort, naast zijn huis aan de Amstelstraat, ook een virtueel onderkomen krijgt. Jansen: ‘Maar dat is nog even toekomstmuziek.’

Our House in Amsterdam is geopend vanaf 3/11.

null Beeld Annabel Miedema
Beeld Annabel Miedema

Een replica van een Daft Punk-helm

Geen exemplaar dat daadwerkelijk is gedragen door een van de leden van Daft Punk. Had gekund, want Frankrijks meest populaire danceact bestaat niet meer, dus zijn de robothelmen van Thomas Bangalter en Guy-Manuel de Homem-Christo waarschijnlijk ergens aan het verstoffen. Maar de iconische attributen staan nog wel op het verlanglijstje van het museum. Er wordt gepraat. Dit exemplaar is een replica van Studio Love Props, gemodelleerd naar een ontwerp van een van de vroege helmen.

Armin van Buurens eerste drumcomputer Beeld Annabel Miedema
Armin van Buurens eerste drumcomputerBeeld Annabel Miedema

Armin van Buurens eerste drumcomputer

Zoals het Metropolitan Museum in New York Chuck Berry’s gitaar tentoonstelde en zoals een gitaar van Prince straalt in de collectie van The National Museum of American History, zo mag ook Our House graag pronken met een stuk muzikaal gereedschap van een hedendaagse danceberoemdheid. Voilà, de eerste drumcomputer van Armin van Buuren. Van Buuren was zo geïntrigeerd door het geluid van de de Roland TR-909 dat hij geld van zijn ouders leende om er een te kopen. Hij maakte er zijn debuut- en doorbraakalbum 76 mee.

Niet alleen expositieruimten

In Our House wordt de dancebeleving niet begrensd door de expositieruimte. In het bovengrondse deel kun je in de Our House Academy de diepte in en cursussen muziekproductie en festivalorganisatie volgen. In de giftshop is Mary Go Wild neergestreken, de Amsterdamse boeken/platenzaak die zich heeft gespecialiseerd in dance. En het café is verluchtigd met werken van onder meer Dadara, de kunstenaar die lange tijd de hoezen ontwierp van Outland Records, en Voutloos, het creatieve bureau dat de dancecultuur in Nederland mede heeft vorm gegeven.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden