In Magnus is de mens achter het wonderkind afwezig

Het is verbluffend om schaakkampioen Magnus Carlsen aan het werk te zien, maar over de mens erachter leren we weinig. Het is mooi om Carlsen te zien opgroeien, maar de vragen over zijn karakter die dat oproept blijven onbeantwoord.

Voorovergebogen, het gezicht naar beneden, zit Magnus Carlsen aan het schaakbord. Het is de eerste wedstrijd tijdens het in India georganiseerde WK van 2013; Carlsens tegenstander en titelverdediger Viswanathan Anand kan ieder moment arriveren. Terwijl Carlsen zich probeert te concentreren laten tientallen door elkaar kronkelende journalisten hun camera flitsen. Enkel een glazen wand scheidt hen van de 22-jarige, dan al immens populaire Noor.

Een bloedstollende situatie is het -tenminste, als je de afloop van de wedstrijd niet kent. Dat de documentaire Magnus de uiteindelijke confrontatie tussen Carlsen en Anand vervolgens tot het laatst bewaart, suggereert dat schrijver-regisseur Benjamin Ree en co-scenarist Linn-Jeanethe Kyed vooral mikken op toeschouwers die weinig met schaken hebben. De rest weet immers al lang wie het WK van 2013 won en heeft zo'n cliffhanger niet nodig om in de film te worden gezogen.

'Mozart van het schaken'

Hoe dan ook maakt de openingsscène van Magnus, die in de bioscopen verschijnt terwijl Carlsen deelneemt aan het (door hem al vijf keer gewonnen) Tata Steel Chess Tournament in Wijk aan Zee, je flink nieuwsgierig naar zijn hoofdpersonage. Slim puttend uit het overvloedige homevideo-materiaal dat Carlsens ouders draaiden, blikt Ree terug op diens jonge jaren: een introverte, fysiek onhandige en gepeste knaap, die in het schaken eindelijk zijn ideale wereld vindt. Mooie, ontroerende beelden, die je volledig aan Carlsens kant scharen wanneer hij het als 13-jarige tegen Garri Kasparov opneemt en de schaaktitaan peentjes laat zweten.

Verschillende deskundigen leggen in heldere taal uit hoe wonderbaarlijk briljant Carlsens spel is ('alsof iemand de Mount Everest beklimt op tennisschoenen'); computeranimaties tonen de pijlsnel op elkaar volgende manoeuvres die de 'Mozart van het schaken' eerst in zijn hoofd maakt, en dan op het bord.

Magnus

Documentaire.
Regie: Benjamin Ree

74 min., in 23 zalen.

Kasparov tegen Carlsen in 2004. Carlson (toen 13) verloor de wedstrijd, en zei na afloop 'ik speelde als een kind'.Beeld Knut Bjerke

Wat Carlsens karakter betreft strandt de film aan het oppervlak. Compenseert zijn steeds intensere schaakobsessie het gemis aan sociale contacten? Heeft hij geen behoefte aan een relatie? Doordat je Carlsen van beeld tot beeld ziet opgroeien, komen zulke vragen vanzelf bij je op. Terwijl vooral Carlsens vader en mentor Henrik Albert het woord voert, houdt Carlsen de boot af. 'Sommige van mijn demonen houd ik voor mezelf', zegt hij. 'Niet delen is dan eenvoudiger dan wél delen, zo zie ik het.'

Jammer dan. Het is verbijsterend om te zien hoe Carlsen op het wereldkampioenschap afstevent, of hoe hij geblindeerd van tien spelers tegelijk wint. Maar de mens achter het wonderkind komt er in Magnus bekaaid vanaf.

Lees ook: 'Het is cool om te zeggen dat je de beste van de wereld bent'

De documentaire Magnus toont de schaakgrootmeester (26) uit Noorwegen van zijn kindertijd tot aan zijn eerste wereldtitel. Hij neemt schaken serieus, maar niet te serieus. Hij houdt van Donald Duck. 'Als schaker voel ik me reeds een veteraan. Maar het kind in mij is niet verdwenen.' (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden