beschouwing Tentoonstelling out of office

In het Singer Laren is kunst uit het bedrijfsleven te zien: vijf werken uitgelicht

Naar schatting hebben Nederlandse bedrijven zo’n 250 duizend kunstwerken. Jammer dat die nooit buiten de kantoren komen, dacht het Singer Laren. Met de tentoonstelling Out of Office brengt het museum daar verandering in. 

Laocoön anno 2009, 2009, Guido Geelen. Een installatie die bestaat uit meerdere sculpturen, verspreid in de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Beeld Erik Smits

Boven de printer of de trap, in de hal of in de lift, op de vergadertafel of naast de koffieautomaat: naar schatting hebben Nederlandse bedrijven samen zo’n 250 duizend kunstwerken. Dat kunnen grote installaties zijn, herkenningspunten in een gebouw. Zoals de sculpturen van brons met bladgoud die Guido Geelen maakte voor het kantoor voor de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort. Andere kunstwerken zijn subtieler, zoals het ingetogen portret dat Ina van Zyl maakte van Barack Obama uit de collectie van AkzoNobel.

Beide kunstwerken zijn nu te zien in de tentoonstelling Out of Office in Singer Laren, waarvoor het museum 150 kunstwerken bijeenbracht uit bedrijfscollecties die zijn aangesloten bij de Vereniging Bedrijfscollecties Nederland (VBCN). Een pittige puzzel, gezien de veelheid aan kunst die meestal achter tourniquets verstopt gaat. In de VBCN zitten vijftig bedrijfskunstcuratoren die samen ongeveer 100 duizend kunstwerken beheren.

Volgens Philippien Noordam, voorzitter van de vereniging en zelf verantwoordelijk voor de kunstcollectie van het ministerie van Buitenlandse Zaken (12.000 kunstwerken), is het sleutelwoord toegankelijkheid. ‘Het idee van bedrijfscollecties is dat kunst een vanzelfsprekend onderdeel is van je werkomgeving.’ Met die kunst wordt ook minder eerbiedig wordt omgesprongen dan in een museum. Denk aan een flipoverboard pontificaal voor een sculptuur, of een post-it op de lijst van een schilderij. Dan grijpen de kunstcoördinatoren in. Noordam: ‘Meestal helpt het om iets te vertellen over de achtergrond van het kunstwerk en waarom het is aangekocht.’

Als het Singer Laren vijftig jaar geleden door Nederlandse bedrijfscollecties had gespit, had deze selectie er heel anders uitgezien. De meeste bedrijfscollecties begonnen bij een grote verzameling grafiek: prentkunst die in oplage is gemaakt. Om de werklust en creativiteit van werknemers te stimuleren kreeg in sommige bedrijven elke kantoorkamer kunst. Zo’n kunstwerk moest klein zijn en niet te duur (veel kamers), vandaar dat de verantwoordelijke kunstinkoper bij grafiek uitkwam.

In de tweede helft van de vorige eeuw is nog iets bedacht om het werken te veraangenamen: de kantoortuin. Dat had gevolgen voor de bedrijfskunst, er zijn een stuk minder wandjes te vullen. Dat vraagt om minder kunstwerken, maar op grotere schaal. Noordam: ‘Denk aan installaties en objecten, maar ook videokunst.’ Met die veranderende schaal werd kunst ook vaker onderdeel van de marketing van het bedrijf. ‘Kunst wordt onder meer ingezet als ondersteuning van de identiteit en om het ambitieniveau te laten zien,’ zegt Noordam.

Dat deze bedrijven hoge ambities hebben, mag blijken uit de kunstenaars in deze tentoonstelling, zoals Marlene Dumas, Ed van der Elsken en Viviane Sassen. Die kantoortuin is eigenlijk een achterhaald concept, onderzoek wijst uit dat deze opstelling werknemers minder efficiënt en minder gelukkig maakt. Er blijkt nu wel één positief effect te zijn: museale kunst in bedrijven.

150 kunstwerken werden voor de tentoonstelling bijeengebracht. Waar kwamen die vandaan? De Volkskrant bezocht vijf kunstwerken voordat ze naar de tentoonstelling gingen.

Beeld Erik Smits

Kunstwerk: Berries, 2015, Maria Roosen

Verworven: 2017

Collectie: Provincie Gelderland

Omvang: ca. 2600 kunstwerken

Locatie: Huis der Provincie, Arnhem

Projectleider Cultuur Provincie Gelderland Gabrielle de Nijs Bik: ‘De kunstwerken uit onze collectie richten zich op Gelderse kunstenaars of kunstwerken die Gelderland als onderwerp hebben. Maria Roosen woont en werkt in Arnhem. We waren bezig met een verbouwing van het Huis der Provincie toen we met Roosen in gesprek raakten over de mogelijkheid een werk van haar aan te kopen. Het kunstwerk is komen te hangen in een belangrijke doorgang van de oudbouw naar de nieuwbouw: een belangrijke kunstenaar op een openbare plek. Het is minder kwetsbaar dan het eruitziet, het is vrij dik glas.

Het uitzicht, de Eusebiuskerk, houdt verband met Roosens oeuvre, waarin vrouwelijkheid en vruchtbaarheid belangrijke thema’s zijn. Toen zij meedeed aan de tentoonstelling Sonsbeek in 2001 maakte zij een klein kerkje dat aan die kerk hing, als een babykerkje. De kunstenaar was toen in verwachting. De sculptuur heeft hier als koosnaam ‘de tietjes’, maar er zijn ook mensen die er kerstballen in zien. Mensen nemen er geen aanstoot aan. Ik ben heel benieuwd hoe iedereen reageert als het er niet hangt.’

Beeld Erik Smits

Kunstwerk: The Fifth Man, 2003, Roy Villevoye

Verworven: 2003

Collectie: Altrecht

Omvang: ca. 700 kunstwerken

Locatie: Documentatieruimte Het Vijfde Seizoen, kunstenaarsresidentie Den Dolder

Directeur en curator Esther Vossen: De meeste kunstwerken in onze collectie zijn te vinden in de publieke ruimtes van vestigingen van psychiatrische instelling Altrecht ggz. Bijvoorbeeld bij de entree, in de gangen of de gezamenlijke woonkamers. Deze foto van Roy Villevoye is een uitzondering, die hangt in het kunstenaarsverblijf Het Vijfde Seizoen. Voor in de instelling bleek het werk niet geschikt; verschillende psychiaters vonden het te confronterend omdat Osama Bin Laden op de T-shirts staat, dat zou mensen angstig of agressief kunnen maken. Voor mij stelt de foto relevante vragen: hoe kijk je naar de wereld? Waar sta je? Wat weet je en hoe kun je gebeurtenissen plaatsen? Op dit moment kopen we geen kunstwerken aan, maar richt het kunstbeleid zich op de residentie waar per jaar vier kunstenaars verblijven.’

Kunstenaar Roy Villevoye (vierde van links op de foto): ‘Ik leef regelmatig bij de Asmat, een cultuur van jagers en verzamelaars in het regenwoud van Papoea. Begin deze eeuw merkte ik dat deze mensen, die in afzondering leven, steeds meer kleding kregen. En vreemd genoeg hadden mijn vrienden in 2003 plotseling een hele lading T-shirts met Osama Bin Laden erop, misschien was het wel een grap van een Indonesische handelaar? Zij hadden geen idee wie Bin Laden was. Mijn kunstwerken worden vaker door bedrijfscollecties aangekocht, meestal heb ik erg goed contact met de beheerder van de collectie. Ik zie welke ambities zij hebben, wat zij van kunst verwachten. In 1999 verbleven mijn vrouw Fransje Killaars, onze dochter en ik zelf in de kunstenaarsresidenctie. Dat was een bijzondere ervaring, het afgezonderde leven van de bewoners van de psychiatrische instelling deed me wel denken aan hoe de mensen in Papoea leven.’

Beeld Erik Smits

Kunstwerk: Politician, 2010, Ina van Zyl

Verworven: 2010

Collectie: AkzoNobel Art Foundation

Omvang: ca. 1800 kunstwerken

Locatie: Art Space AkzoNobel

Directeur van de AkzoNobel Art Foundation Hester C. Alberdingk Thijm: ‘Onze kunstcolllectie heeft meerdere speerpunten, in dit kunstwerk komen er twee samen: mensbeeld en kleur. Als je dichtbij gaat staan zie je dat de huid van Obama op het schilderij lichtgeeft, dat er allemaal kleuren in zitten. Ina van Zyl gebruikte bruin, maar ook omber, oker, paars en roodgroen. Je ziet hem nadenken, met een soort serene onverzettelijkheid. Ik ben van plan er eens een afbeelding van naar Obama zelf op te sturen, ik vind dit het beste portret dat ooit van hem is gemaakt.

Het schilderij heeft sinds we het verworven bij de directie gehangen, maar ook op de afdeling human resource. Het is een soort magneet. Het wordt ook in powerpointpresentaties gebruikt binnen AkzoNobel, bijvoorbeeld als het over leiderschap gaat, maar ook bij het onderwerp diversiteit.

We proberen altijd gul te zijn met het uitlenen van kunst. Dit schilderij hing eigenlijk in onze eigen expositieruimte in ons kantoor op de Zuidas. In het Singer Laren is het schilderij vlakbij een doek van Marlene Dumas gehangen, dat is een bijzondere combinatie van twee verwante Zuid-Afrikaanse kunstenaars: Dumas was de docent van Van Zyl.’

Beeld Erik Smits
Beeld Erik Smits

Kunstwerk: Laocoön anno 2009, 2009, Guido Geelen

Verworven: 2009

Collectie: Percentageregeling Rijksoverheid

Omvang: ca. 5000 kunstwerken

Locatie: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort

Collectiemanager van het Rijksvastgoedbedrijf Annemarieke Leendertz: ‘Onze collectie bestaat sinds de percentageregeling uit 1951. Die regeling bepaalt dat overheidsgebouwen een of twee procent van hun bouwsom of verbouwsom aan kunst moeten besteden, denk bijvoorbeeld aan ministeries, rechtbanken en vroeger ook postkantoren. Zo’n traject kan jaren in beslag nemen, meestal wordt een kunstcommissie van medewerkers samengesteld.

Voor het pand van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed in Amersfoort begon het traject toen aan de nieuwbouw werd gewerkt. De kunstcommissie wilde graag een kunstwerk dat paste bij de architectuur en verspreid was door het gebouw. Eerst liepen er gesprekken met de Italiaanse kunstenaar Giuseppe Penone, maar hij wilde alleen een bestaand kunstwerk leveren, terwijl de voorkeur uitging naar een nieuw werk. Toen kwamen ze kunstenaar Guido Geelen op het spoor, hij heeft zich vervolgens in de organisatie verdiept. Deze installatie van verschillende sculpturen is geïnspireerd door de klassieke beeldhouwkunst en verwijst daarmee ook naar de taken van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.’

Beeld Erik Smits

Kunstwerk: Xantippe, 2000, Emo Verkerk

Verworven: 2000

Collectie: NOG-collectie (van Stichting Beheer SNS REAAL)

Omvang: ruim 500 kunstwerken

Locatie: Depot Stedelijk Museum Schiedam

Conservator Stedelijk Museum Schiedam / NOG Collectie Colin Huizing: ‘Deze sculptuur behoort tot de NOG-Collectie. Sinds 2013 beheert Stedelijk Museum Schiedam deze bedrijfscollectie. De kunstwerken zijn te zien in de kantoren van Stichting Beheer SNS Reaal, een deel is uitgeleend aan de Nederlandse Vereniging van Banken en een deel tonen wij in tentoonstellingen in het museum. Het onderwerp van de collectie is ‘condition humaine’, dat heeft ook raakvlakken met onze collectie hedendaagse kunst.

De sculptuur van Emo Verkerk stond in ons depot. Voordat we deze konden uitlenen aan de tentoonstelling moest er nog iets aan hersteld worden, de neus was licht beschadigd en is gerestaureerd. Op de foto is te zien hoe collectiemedewerker Marco Steketee de conditie checkt van het kunstwerk en het bruikleenklaar maakt.’

Out of Office, Kunstschatten uit bedrijven, Museum Singer Laren, t/m 7/4.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden