Recensie Take Me Somewhere Nice

In haar speelfilmdebuut etaleert regisseur Ena Sendijarevic haar unieke eigen toon en stijl: droogkomisch, ontroerend en altijd raak ★★★★☆

Sendijarevic toont in haar kleurrijke roadmovie een kant van Bosnië die we niet vaak zien.

Take Me Somewhere Nice

Drama

★★★★☆

Regie Ena Sendijarević

Met Sara Luna Zorić, Lazar Dragojević, Ernad Prnjavorac.

91 min., in 27 zalen.

Filmstill uit Take Me Somewhere Nice. Beeld Emo Weemhoff

Ze haat Nederland, zegt Alma. Koud weer, koude mensen. Niet dat het in Bosnië nou zoveel beter is. Sinds ze is aangekomen in haar vaderland, heeft nog niemand zich om haar bekommerd. Behalve Denis, een vriend van haar neef, maar dat is een vage jongen. Geen idee wat ze aan hem heeft.

Alma (een overtuigende Sara Luna Zoric, nog maar 17 tijdens het maken van de film) is opgegroeid in Nederland met haar Bosnische moeder. Nu haar vader ernstig ziek is, besluit ze hem op te zoeken in het onbekende land waar haar wortels liggen. De eerste dagen laat ze zich verlammen door de Bosnische zomerwarmte en de vijandige houding van haar neef, het enige familielid dat haar verwelkomt. Dan neemt ze het heft in eigen handen. Ze vertrekt uit de stad, op weg naar het provinciale ziekenhuis waar haar vader ligt.

Take Me Somewhere Nice, het speelfilmdebuut van Ena Sendijarevic, is een tragikomisch portret van een meisje dat nog lang niet weet wie ze is. Dat is ook lastig wanneer je niet helemaal Nederlands bent, maar ook niet Bosnisch; een innerlijk conflict waarover Sendijarevic kan meepraten. De Amsterdamse filmmaker kwam op haar 5de naar Nederland. In haar roadmovie vol vrolijke kleuren toont ze een kant van Bosnië die we niet vaak te zien krijgen, al was het maar omdat de kijk van Sendijarevic uniek is. Door haar lens valt een wonderlijk gestileerd land te zien, vaak opgedeeld in geometrische vlakken – een visuele voorkeur van de regisseur, die graag een hoog camerastandpunt gebruikt, zodat de ruimte daaronder overzichtelijk blijft en netjes kan worden ingedeeld. Over iedere compositie in Take Me Somewhere Nice is nagedacht.

Uniek is ook haar toon, die droogkomisch is, soms ook bitter, en altijd net een stapje verwijderd van een al te herkenbare realiteit. Surrealistische intermezzo’s, zoals het onverwachte optreden van een goochelaar in een hotel, passen moeiteloos bij meer alledaagse voorvallen. Haar talent was al langer duidelijk: niet voor niets werd haar korte film Import (2016) geselecteerd voor de Quinzaine des Réalisateurs in Cannes. Take Me Somewhere Nice kreeg een Special Jury Award op het International Film Festival Rotterdam, waar de film was opgenomen in de Tiger-competitie.

In interviews noemde Sendijarevic tal van inspiratiebronnen voor haar werk, van Bertolt Brecht, Jim Jarmusch en Roy Andersson tot Aki Kaurismäki en Carlos Reygadas. Het getuigt van lef om de lat zo hoog te leggen; nog mooier is dat Sendijarevic niet kopieert, maar nu al een eigen stijl heeft gevonden. Het is een stijl die overtuigt: Take Me Somewhere Nice is soms vervreemdend, soms ontroerend, maar altijd grappig, warm en raak.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden