In gesprek met de regisseur van wat Daniel Day-Lewis zijn állerlaatste film noemt

Bij het maken van zijn nieuwste film Phantom Thread (6 nominaties) heeft Paul Thomas Anderson goed gekeken naar het werk van Alfred Hitchcock, de grote meester. De Volkskrant sprak de Amerikaanse regisseur in Londen.

Daniel Day-Lewis en Vicky Krieps in Phantom Thread. Beeld .

Londen, 1955. Tien jaar na de oorlog mogen mooie jurken weer, de kroning van Elizabeth II - live uitgezonden door de BBC, een noviteit - geeft het goede voorbeeld. Wat ze in Parijs kunnen, kunnen wij hier ook, zo is de stemming. Het is het decor voor Phantom Thread, de nieuwe film van Paul Thomas Anderson. Preciezer: de deftige wijk Mayfair, in de jaren vijftig het kloppend hart van de Londense modewereld. Die maakte voor de upperclass de uitbundigste japonnen, en uiteraard behoorde ook de koninklijke familie tot de cliëntèle.

Hoofdpersoon is Reynolds Woodcock (Daniel Day-Lewis), een even geniale als onmogelijke ontwerper. Hij heeft zijn dwangneurotische duistere zijde nauwelijks in de hand en kampt met allerlei bijzondere ergernissen. De zakelijke kant van het atelier - The House of Woodcock gedoopt - wordt geleid door zijn zus Cyril Woodcock (Lesley Manville), die heeft leren omgaan met de nukken van haar broer. Ze bemoedert hem zelfs nogal, het is een wat curieuze relatie.

Driehoeksverhouding

Nu hij tegen de 60 loopt, denkt Reynolds Woodcock dat hij in de liefde gedoemd is. Muzen komen en gaan, meestal jonge meisjes. Dan leert hij tijdens een tussenstop op het Britse platteland de jonge serveerster Alma (Vicky Krieps) kennen, van Oost-Europese komaf. De ontwerper valt voor haar schoonheid en nodigt haar uit naar Londen te komen. Zo ontstaat een driehoeksverhouding van broer, zus en nieuwkomer, altijd goed in wat de regisseur zelf een 'gothic romance' zal noemen.

Je kunt Phantom Thread ook bekijken als variatie op Hitchcocks Rebecca (1940). Of nou ja, deels: in de filmgeschiedenis heet zoiets 'verborgen continuïteit': het even geraffineerd als verhuld citeren van andermans films. Uit zijn eerdere werk weten we dat Paul Thomas Anderson daar graag mee speelt. Ook nu weer: niet voor niets heet Woodcocks nieuwste muze Alma, net als Alma Reville, de vrouw van Hitchcock. Treffend is ook de gelijkenis van het kapsel van de diabolische huishoudster mevrouw Danvers uit Rebecca met dat van zus Cyril in Phantom Thread - allebei trekken ze aan de touwtjes, mede gevoed door jaloezie.

Artikel gaat verder onder video.

Paul Thomas Anderson Beeld Richard Shotwell/Invision/AP

Een paar bekende Paul Thomas Andersonfilms:

Boogie Nights (1997)
Magnolia (1999)
There Will Be Blood(2007)
The Master (2012)
Inherent Vice (2014)
Phantom Thread (2017)

Een derde overeenkomst lijkt de meisjesrol: in Rebecca trouwt een naïeve twiniger een weerbarstige, rijke weduwnaar. Ook Alma kiest in Phantom Thread voor een oudere man, maar van daaraf loopt alles anders. Zo wordt de kijker een fraai psychologisch schaakspel voorgeschoteld, inmiddels genomineerd voor zes Oscars. Die voor 'beste kostuums' mogen ze vast bijschrijven, met zo veel kleurenpracht in beeld.

Reden genoeg allemaal om met nog een handvol slechtgeklede filmjournalisten af te reizen naar Londen. Extra gevoed door het omineuze bericht uit de vorige zomer dat Daniel Day-Lewis heeft bekendgemaakt dat Phantom Thread zijn allerlaatste film is: Mister Method Acting stopt ermee.

Maar laten we het met Paul Thomas Anderson eerst over Day-Lewis' personage in de film hebben.

'Reynolds Woodcock', begint de 47-jarige regisseur in zijn hotelsuite, zelf ook in casual outfit, 'is samengesteld uit het leven van diverse couturiers. Voordat ik het scenario schreef, heb ik biografieën gelezen van modekoningen als Charles James, Hardy Amies, Norman Hartnell en Cristóbal Balenciaga. Een van de belangrijkste inspiratiebronnen was ontwerper Michael Sherard. Hij had net zo'n Georgiaans herenhuis als in de film, precies zo'n entourage en evenveel talent. Hij had een complete etage met naaisters, wel tweehonderd employés. Die hebben wij niet. Daar was geen geld voor.'

Hoe dan ook, als je al die levens over elkaar legt, vervolgt Anderson, vallen direct een paar overeenkomsten op. 'Ze waren allemaal zeer veeleisend en alleen maar met hun werk bezig. Ook hadden ze allemaal dominante moeders. Die leerden hen omgaan met naald en draad. De kinderen werden doorgaans gezien als de verlossende uitweg uit de armoede. Zo werden die zoons de maatschappelijke ladder op gejaagd, en daarom thuis behandeld als prinsjes. Zeker binnen de klassenmaatschappij van Engeland in de jaren vijftig was mode een manier om een paar treden hogerop te komen.'

And the winner is...

De metamorfose van Gary Oldman in Darkest Hour, de sociaal-satirische horrorhit Get Out, het meesterwerk Call me by your name en de sensatie Lady Bird: lees hier onze mooiste verhalen over de meest bejubelde films van het afgelopen jaar. (Als het om Oscarnominaties gaat dan; de uitreiking is op zondag 4 maart.)

Alleen maar vrouwen

In de film wordt Reynolds Woodcock louter omringd door vrouwen: de deftige dames die zijn jurken kopen, zijn zuster Cyril, zijn muze Alma. 'Zijn hele leven bestaat uit vrouwen. Hij is de enige man in de groep, maar tegelijkertijd gaat hij heel vreemd met vrouwen om. Ja, degenen die zijn ontwerpen kopen, aanbidden hem. Met zijn jurken maakt hij die vrouwen prachtig. Maar privé is Reynolds in zichzelf gekeerd en geen makkelijke man om een relatie mee te hebben. Hij zoekt altijd ruzie. Het is overduidelijk dat hij zonder competitie niet kan leven. Ik vermoed dat ook zijn moeder een prinsje van hem heeft gemaakt.'

Dat zit zo: als je een personage schept, stel je een lijst op met de regels waarnaar hij leeft. Noem het een psychologisch profiel, zegt Anderson. 'Dan bedenk je bijvoorbeeld: thuis is zijn zuster de baas, maar ze is wel zo slim om Reynolds te laten geloven dat hij dat is. Een belangrijk gegeven in de film. En als je ze dan met elkaar ziet spreken, denk je: ja hoor, het klopt. Ook wilden we hem zijn eigen stijl meegeven. Een soort dandy van hem maken. In There Will Be Blood, mijn vorige film met Daniel, zit hij altijd onder de olie en de smeer. Nu is hij mooi aangekleed en zijn haar gekamd, maar dat is de buitenkant. Van binnen is het mentale verval allang begonnen.'

Zou de film ook in het heden hebben kunnen spelen? Londen is immers nog steeds een modestad? Nou, eigenlijk niet, denkt Anderson. 'Als je goed oplet, zul je zien dat maar heel weinig nieuwe speelfilms zijn gesitueerd na, zeg, 1993. Weet je hoe dat komt? We leven in de tijd van mobieltjes en computers. Iedereen is altijd overal bereikbaar. Als je iets niet kunt vinden, zoek je het op Google op. Voor een film is dat dodelijk saai. Er staat niet veel op het spel als je iemand gewoon kunt bellen. Dat is dramaturgisch niet interessant. Mensen die turen naar een laptop ook niet.

'Bovendien: het hoogtepunt van deze couturiers en hun extravagante japonnen ligt in het Londen van de jaren vijftig. Dat vind ik altijd een mooi gegeven: een samenleving laten zien die net uit een oorlog komt en zich weer helemaal moet heruitvinden. Zoals het Amerika dat ik liet zien in de film The Master.'

We komen te spreken over Alfred Hitchcock, dat kan in dit geval niet uitblijven. 'Zeker, er zit veel Hitchcock in. Rebecca en Vertigo zijn mijn favoriete Hitchcockfilms. Ik denk dat het goed is voor een filmmaker om op gezette tijden de grote meesters terug te kijken. Je ziet altijd weer nieuwe dingen, ook al doordat je jezelf ontwikkelt. Door nog eens te kijken, laad je je geheugen op. Het helpt je herinneren wat er ook weer zo goed aan hem was. Je kunt bestuderen hoe hij dingen aanpakte. Niet met het doel van Phantom Threat een Hitchcockpastiche te maken, dat zou te nadrukkelijk zijn, en dan beperk je jezelf ook te veel. Wat je wel kunt doen is zaken opzuigen die universeel zijn, en die ook altijd zullen blijven.'

Beeld .

'Heel speels'

Wat nog wel grappig is: 'Rebecca was in 1940 Hitchcocks Amerikaanse debuut. Hij was daar toen nog helemaal niet zo bekend als regisseur, daarom staat zijn naam op de oorspronkelijke filmposter heel klein, rechts onderaan. En erboven, in koeieletters (hij zet nu even een voice-over stem op): NAAR DE ROMAN VAN DAPHNE du MAURIER... Zij was toen veel beroemder.'

'Maar het was heel goed om samen met Daniel Day-Lewis die Hitchcockfilms terug te kijken. We hebben ook Rear Window nog gedaan. En steeds valt je bij het herzien weer op: wat had hij toch plezier in filmen. Dat proef je. De verhalen zijn soms ronduit sinister of bizar, maar Hitchcock zoekt altijd naar de verrassendste oplossingen in beeld. Heel speels.'

En dan: de kwestie Daniel Day-Lewis. Is dit werkelijk zijn laatste film? Gelooft Anderson dat? 'Jawel. Ik geloof het elke dag een beetje meer zelfs. Ik zou mijn eigen afscheid nooit aankondigen, maar Daniel blijkbaar wel. Hoe het precies zit weet ook ik niet: hij heeft het gevoel alles in film wel gezegd te hebben, vermoed ik.'

Met Phantom Thread werkte Anderson voor het eerst buiten Los Angeles. Bevielen Londen en de Britse crew? 'Van tevoren is mij vaak gezegd dat alles hier anders gaat dan in Hollywood. Maar het kwam allemaal prima in orde. Filmen blijft filmen: je hebt een camera, licht en geluid, en een clubje goedwillende acteurs. Daarin bestaat geen verschil tussen Hollywood en Londen. Wel is het een moeilijke stad om in te draaien. Londen is altijd in beweging. De ene dag vind je een mooie locatie en als je daar de volgende dag wilt filmen, staat er opeens een steiger omheen. Londen is het wahalla voor de steigerbouwers.

'Ook ging er een hoop tijd zitten in het aanvragen van vergunningen om in bepaalde wijken te mogen draaien. Dat heb je in Los Angeles niet. Daar kun je doen wat je wilt, op elk gewenst moment. Want iedereen doet dat daar; die stad is gebouwd om films in te draaien. Eigenlijk is Los Angeles helemaal niet bedoeld om in te wonen. Het is gewoon één groot filmdecor.'

Beeld .

Waar ze ook goed in zijn in L.A. is het geven van zelf-feliciterende feestjes, met de Oscars als jaarlijks terugkerende hoogmis - dit jaar alweer de 90ste editie. Los van alle glamour: in hoeverre helpen de zes Oscarnominaties voor Phantom Thread de film concreet? Anderson: 'Feit blijft: ze geven een flinke boost. Het scheelt zeker twee maanden extra roulatie in de Amerikaanse bioscopen en houdt je dus langer weg van de betaalkanalen en iPhones waarop mensen tegenwoordig films kijken. Dus ja: zes nominaties, dat is verbluffend. Heel goed voor mij.'

Maar het schept ook verplichtingen. Net als iedere andere genomineerde werd Paul Thomas Anderson geacht in Hollywood campagne te voeren voor zijn film. 'Ja, lunches and all that stuff. Je doet wat de filmmaatschappij vraagt. Maar je kunt niet alles doen, want dat hou je niet vol. Ook tijdens het Awardsseizoen moet je een zekere mate van zelfrespect zien overeind te houden.'

Behalve voor beste film, beste regie, beste mannelijke hoofdrol, beste vrouwelijke bijrol en beste kostuums, is Phantom Thread ook genomineerd voor beste muziek. Componist is Jonny Greenwood, de multi-instrumentalist van de Britse band Radiohead. Regisseur en componist werkten al samen bij The Master (2012) en Inherent Vice (2014). Anderson: 'Ik ken alle kleuren van zijn muzikale palet. De kamermuziek van de film is romantischer dan de songs van Radiohead. Maar in die band is hij ook een van de vijf, en hier heb ik alleen met hem te maken. Zijn composities zijn los van de film een volstrekt eigen leven gaan leiden. Zo cool!'


Muziek: Jonny Greenwood

Behalve voor beste film, beste regie, beste mannelijke hoofdrol, beste vrouwelijke bijrol en beste kostuums, is Phantom Thread ook genomineerd voor beste muziek. Componist is Jonny Greenwood, de multi-instrumentalist van de Britse band Radiohead. Regisseur en componist werkten al samen bij The Master (2012) en Inherent Vice (2014). Anderson: 'Ik ken alle kleuren van zijn muzikale palet. De kamermuziek van de film is romantischer dan de songs van Radiohead. Maar in die band is hij ook een van de vijf, en hier heb ik alleen met hem te maken. Zijn composities zijn los van de film een volstrekt eigen leven gaan leiden. Zo cool!'


Vijf sterren voor Phantom Thread

Anderson laat zien dat binnen elke relatie een oorlog woedt, compleet met aanvalstactieken
Phantom Thread is een bedwelmend, boosaardig en erg grappig sprookje over twee koppige geliefden. Niets in Andersons eerdere films bereidt de kijker voor op deze weelderige elegantie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.