interview

'In een bepaald opzicht houdt Goede Tijden me tegen'

Erik de Vogel (53) speelt sinds 1995 de rol van Ludo Sanders in de eerste echte Nederlandse soap GTST, die morgen na 24 jaar haar 5.000ste aflevering beleeft. Hij kijkt terug op zijn carrière aan de hand van foto's.

Erik de Vogel als Ludo Sanders. Beeld Otto van den Toorn

1986 Groepsfoto Toneelschool

'Dit is de avond dat ik mijn diploma kreeg op de Toneelschool in Amsterdam. Mijn klasgenoten Marcel Musters, Geert Lageveen en Mark Rietman zijn allemaal succesvolle acteurs geworden. Het was een mooie lichting. Op de toneelschool richtten we theatergroep Mug met de Gouden Tand op, waar Marcel Musters nog steeds veel succes mee heeft. In die tijd was het lastig een stageplek te krijgen; door onze eigen groep op te richten, creëerden we die plekken zelf.

'Wij kregen veel lof toegezwaaid toen we afstudeerden. Mark, Geert, Marcel, maar ik ook. Waanzinnige talenten. Dat vind ik niet van mezelf, dat zeg ik van die anderen. Maar ik kreeg ook veel lof, het zou met ons allemaal wel goed komen. Ik was zelfverzekerd en had er enorm veel zin in.

'Als jongetje reed ik in Haarlem langs de schouwburg en dacht: mijn god, dat wil ik meemaken, dat ik op de grote tonelen mag staan. Televisiewerk was er toen nauwelijks. Je schreef je in bij Hans Kemna, zo ongeveer de enige castingman van Nederland, en die zei: 'Schat, je moet gewoon tonéél doen, hoor.' Daarom was ik blij dat we na Mug met de Gouden Tand opnieuw een eigen toneelgroep oprichtten, om niet afhankelijk van iemand te zijn. Ik wilde niet zitten wachten tot de telefoon zou rinkelen, brieven sturen en overal mijn kop laten zien. Daar had ik een ontzettend broertje dood aan. Nog steeds eigenlijk. Ik roep niet: ik ben de beste, mij moet je hebben. Ik was zelfverzekerd en verlegen tegelijk.'

1986 Groepsfoto Toneelschool Beeld Erik de vogel

1988 Muziektheatergroep Illyrië, publiciteitsfoto voorstelling De Coke-opera

'Dit is een publiciteitsfoto van onze muziektheatergroep Illyrië. We speelden in kleine zaaltjes, het was ploeteren. We hadden een repetitiehok bij wat nu het Lloyd Hotel is, in het Amsterdamse havengebied. Samen met de licht- en geluidsmannen sjouwden we het decor de bus in, reden naar Leeuwarden, waar we dan vervolgens voor zeven man stonden te spelen. Blijkbaar waren we niet goed genoeg om door te breken. 'Het was heel moeilijk publiciteit te genereren, we plakten zelf posters in de Nes, de Amsterdamse theaterstraat. We waren zeer toegewijd, ik weet nog dat een van mijn medespelers werk voor me had afgezegd; het was niet de bedoeling dat je er iets anders naast ging doen. Het was beslist een goede leerschool, maar ik snap ook heel goed dat ik dat nu niet meer doe.'

Beeld Erik de vogel

1992 Amsterdamse Bos Theater; De Scheiding van Figaro door Von Horvath.

'Na het muziektheater moest ik eigenlijk pas echt beginnen. Ik ging langs theatergezelschappen en stuurde brieven, maar hoorde niks. Tot ik in 1989 werd gevraagd door regisseur Frances Sanders voor het theater in het Amsterdamse Bos. Dat heb ik zeven jaar gedaan - een mooie tijd. Hier sta ik op het toneel met actrice Bodil de la Parra. Ik was toen ontzettend fan van het Théâtre du Soleil in Parijs. Zij speelden Shakespeare in een stijl die een combinatie was van Japans kabukitheater en de commedia dell'arte. Ze leefden in de oude cartoucherie, de kruitopslag, van het Château de Vincennes vlak buiten Parijs. Ze woonden met elkaar, kookten voor elkaar, een soort commune. De kleedkamers waren open, dus je kon de acteurs zich zien voorbereiden en in de pauze van de voorstelling stonden ze zwetend en in schmink achter de bar. Dat trok mij op de een of andere manier ontzettend, zo toegewijd leven voor je werk. Bij de voorstellingen in het Amsterdamse Bos moest er om beurten gekookt worden, we aten aan lange tafels. Daar vond ik elementen terug van het Théâtre du Soleil.

'En ik leerde ook de keerzijde van dat leven kennen. Want dat ligt mij dus helemaal niet. De hygiëne bijvoorbeeld, dat je met zijn allen in een blokhut zit in het Amsterdamse Bos, zo primitief, iedereen liep in en uit met modderpoten en 's nachts sliep je in een tent om het toneellicht te bewaken, anders werd het uit de bomen gejat. Je moest koken in een veel te klein keukentje. Het spelen vond ik fantastisch, maar om zo dicht op elkaar te zitten en alles te delen, nee.

'Later, in 1994, ging ik met Het Nationale Toneel spelen in die grote zalen waar ik als jongen van had gedroomd. Ook toen brak dat aspect me op; met zijn allen avond aan avond in de bus door het land, ik vind het vreselijk.'

Beeld Erik de vogel

1994 Hoofdpiet

'In mijn tijd bij het Amsterdamse Bos en bij Het Nationale Toneel deed ik af en toe iets voor tv. Ik moest sappelen, dat is het lot van de acteur. Je moet constant laten weten dat je bestaat. Ik ging intussen trouwen en kreeg twee kinderen, dus ik had sowieso een hoop om handen. In die tijd deed ik al auditie voor Goede Tijden Slechte Tijden, nog voordat het op tv was. Ik heb Joop van den Ende daar nog zien lopen. Overal stonden niet uitgepakte dozen. Ik bleek te oud voor de jonge garde, de Arnies en Peter Kelders, en te jong voor de generatie die hun ouders moest spelen. Toen het op televisie kwam, was ik blij dat ik het niet was geworden; de decors gingen heen en weer en de hengels waren in beeld. En vooral: het acteren was abominabel slecht.

'Zwarte Piet kwam ertussendoor. Ik werd gebeld door Aart Staartjes, natuurlijk mijn Stratemakeropzeeshow-held, of ik Hoofdpiet wilde spelen. Een erebaantje en ontzettend leuk. Maanden tevoren kwamen we bij elkaar in Hilversum om te bedenken hoe de intocht dat jaar zou verlopen. Ik heb het drie seizoenen gedaan. In 1996 was ik inmiddels een jaar te zien geweest in Goede Tijden. Ik stond in Monnickendam naast de burgemeester en Sinterklaas en hoorde geroep: 'Ludo! Ludo!' Dan voel je je schmink wel zitten. Ik zou het sprookje kapot maken, dus dat ging niet meer. Maar ik heb een staffunctie vervuld bij Sinterklaas; ik ben dus Hoofdpiet buiten dienst.'

Beeld Erik de vogel

1995 Ludo Sanders

'Dit was de eerste publiciteitsfoto van Ludo Sanders. Je ziet nog de restjes van de jaren 80, met die heel brede schouders. Voor mij was Ludo een man in een strak gesneden Italiaans maatpak, maar bij de kledingafdeling zeiden ze: ga nou eerst maar eens een tijdje meedoen. Met andere woorden: dit hadden ze nog hangen.

'Toen ik werd gebeld, was de serie vijf jaar bezig. Ik keek af en toe, er zat ontwikkeling in. Mijn voornaamste reden was: ik wilde voor de camera. De rol van Ludo was bovendien een grote, en ook nog eens een bad guy. Ludo heeft altijd een dubbele agenda, mensen vertrouwen hem bij voorbaat niet. Dat geeft zo veel extra.

'Bij die eerste foto stond: Vanavond de introductie van een nieuwe rol, Ludo Sanders. Op de foto Ludo Sanders. Links het paard. 'Dat zegt volgens mij iets over het dedain waarmee naar de serie werd gekeken. Er waren mensen uit mijn schooltijd die vroegen: Erik, ben je van je geloof gevallen? Dat was het laatste zetje dat ik nodig had. Het was not done om als serieus acteur bij een soap te spelen, net zoals het not done was reclame te doen. Je verkocht je ziel aan de duivel. Ik vroeg me alleen af of het een nadeel zou zijn als ik uiteindelijk nog eens film zou willen doen. In Nederland word je snel vastgepind op zo'n rol. Of ze schatten je lager in, als soapacteur (trekt een vies gezicht). Maar dat begrip bestaat helemaal niet. Je bent actéúr, en vervolgens speel je in een theaterstuk of een soapserie, het is maar net hoe je het verhaal wilt vertellen. Door de jaren heen wordt er beter gespeeld in de serie, maar het niveau van de acteurs is niet dat van, zeg, de films van Paul Verhoeven.'

Beeld X

2008 Foto op de Tafelberg met Caroline

'Dat je ineens als Ludo wordt nageroepen op straat, dat was wennen. Je voelde hoe populair de serie was, het werd door een breed publiek bekeken en dat gaf soms ook ordinaire reacties. Terwijl het werk op zich anoniem is: je werkt in een soort hangar, in decors met technici om je heen, en je gaat zonder applaus af via de zijdeur. Dat beviel me, ik heb nooit meegedaan aan de humbug van in shows of panels zitten. Ik ben bekend omdat ik veel op televisie ben, maar ik vind het iets anders om me ook als bekende Nederlander te gaan gedragen.

'In het begin vond ik de bekendheid heel vervelend. Dat kwam ook omdat ik bij Goede Tijdenrechtstreeks in de armen van Caroline De Bruijn liep. Het was niet eens zozeer verliefdheid, het was bewustwording. Een luik waarvan ik niet eens wist dat ik het had, vloog open. Toen begonnen de problemen pas. We waren allebei gebonden en ik moest ook nog eens een liefdeslijn met haar spelen. Het was verschrikkelijk moeilijk, omdat het niet mocht bestaan. Het beheerste me meer dan wat dan ook. Op straat herkend worden hielp niet, ik wilde het liefst onder de grond kruipen. Na een tijdje konden we het niet meer verbloemen. Het was een zekerheid dat ik niet meer zonder Caroline wilde en zij niet zonder mij. Toen hebben we het verteld en het is allemaal verschrikkelijk goed gegaan. We zijn nu 17 jaar samen en hebben een dochter gekregen. Mijn kinderen zijn 23, 21 en 14 en we vormen een heel hechte familie met elkaar.

'Caroline en ik vonden het heerlijk met elkaar te werken, en nog steeds. Het voelde alsof we tijd moesten inhalen. Ik wilde alles met haar samen doen, geen haar op mijn hoofd die eraan dacht weg te gaan. Het werken voor de serie ging bij ons leven passen. Bovendien kregen we al vrij snel de kans een eigen programma te maken. In die tijd kon je gewoon met een A4-tje met een idee erop langs bij Joop. En dan zei hij: ga maar maken en kreeg je een kantoor in Aalsmeer, met telefoon en fax. Zo maakten we het reisprogramma Van hier tot Tokio. Sinds 2009 zijn we bezig met een nieuw programma, waarvan volgend jaar de tweede serie op tv komt: Romancing the Globe. Ik kan me bijna niet voorstellen dat dit intussen mijn negentiende seizoen is bij Goede Tijden, zo razendsnel is alles gegaan.'

Beeld X

2014 Ludo Sanders

'Een rol in een serie ontwikkelt zich totaal anders dan een rol in een theatervoorstelling. Deze rol was nieuw, een wit blad. Ik kreeg een paar trefwoorden en van daaruit mocht ik Ludo vormgeven. Het is een wisselwerking tussen acteur en schrijvers. Ludo was aanvankelijk een wel heel duistere man, gelieerd aan de maffia. Mijn visie was: hij is achtervólgd door de maffia - een groot verschil. Hij had ooit bewakers rond zijn huis, doberman pinchers en een pistool op zak. Ik vond dat too much. Ook vind ik dat je deze rol nooit zo maar een moord moet laten plegen. Ik wil niet iemand spelen die daarmee wegkomt. Ludo is een man die de randjes opzoekt. Wij weten dat je tot een bepaald punt kan gaan en nooit eigen rechter mag spelen, maar daar trekt Ludo zich niks van aan. In zulke gevallen gaat het altijd over zijn familie, de mensen van wie hij houdt. Daardoor vinden kijkers hem toch een sympathiek figuur.

'Ik heb alles wat mijn hartje begeert, maar ik zou nog heel graag een grote filmrol spelen. Soms bieden ze me een kleine rol aan, maar ik wil geen kleine dingen doen. Ik vrees dat de gedachte is: hij zit vast bij Goede Tijden, hij zal wel geen tijd hebben. Dus in een bepaald opzicht houdt Goede Tijden me tegen, maar ik wil niet stoppen en gaan zitten wachten tot de telefoon gaat. Dat heb ik ooit met mezelf afgesproken: die afhankelijkheid wil ik niet. Ik zou best een jaar geen Goede Tijdenwillen doen, om uit te proberen. Gelukkig is een acteur nooit klaar. Van Ludo zou ik makkelijk afscheid kunnen nemen, maar wel alleen als hij doodgaat. Als ik Ludo niet meer speel, wil ik dat de rol echt stopt.'

Beeld Otto van den Toorn
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden