Reportage zes maal de hemel

In dit klooster werkt kunstenaar David Bade aan zes verschillende versies van het hiernamaals: ‘het wordt een feest van de verbeelding’

In een voormalig klooster in Utrecht werkt David Bade (49) aan een verbeelding van het hiernamaals, vanuit diverse religieuze perspectieven. Als opmaat kiest hij vier werken die voor hem hemel en hel verbeelden.

David Bade, Gezelligheid kent geen tijd, 2018: deze sculptuur komt gedurende de tentoonstelling Een gedeeld hiernamaals in Buitenplaats Doornburgh te staan. Ze bestaat uit een menselijke figuur die als een moderne Atlas de wereld in de vorm van een glazen koffietafel boven zijn hoofd in balans houdt. Bade verwerkte ook de hangklok uit zijn ouderlijk huis en aan de zijkant komen diverse religieuze symbolen (o.a. christelijk kruis, davidster en het alziend oog uit het oude Egypte) samen in een wolk van metaaldraad. Beeld Courtesy Kersgallery

Hoe David Bade (49) zich zelf het hiernamaals voorstelt? Vroeger was het makkelijk: als gereformeerde jongen zag hij de hemel vooral als een fijne plek met eeuwige voetbalvelden en veel sociale gezelligheid. Inmiddels gelooft hij niet meer. Hoewel. ‘Ik noem mezelf ook geen atheïst. Hee, kom op: als je schildert, geloof je zéker in een bepaalde vorm van romantiek, anders ben je alleen maar aan het vastleggen. Ik denk dat je de kunst en de verbeelding toch wel kunt zien als een soort vervanging, een ander soort geloof.’

Geloof, hiernamaals, verbeelding  –  daar gaat het de komende vier weekeinden om in Buitenplaats Doornburgh in Maarssen. Dit voormalige klooster (tot 2016 woonden hier nonnen van de communiteit van  Kanunnikessen van het Heilig Graf) dat  een nieuwe functie kreeg als ontmoetingsplek voor kunst en wetenschap, lijkt de ideale plek om de religieuze verbeeldingskracht aan te zwengelen. Dat is dan ook precies Bades plan. In zijn kunstproject Een gedeeld hiernamaals wil hij onderzoeken hoe verschillende geloofsovertuigingen het leven na de dood in beeld brengen. Hoe ziet een moslim het paradijs, hoe stelt een jood zich de Wereld der Zielen voor?

Om daar achter te komen, worden hier de komende tijd zes verschillende versies van het hiernamaals gebouwd: een joodse, een islamitische, christelijke, boeddhistische en hindoeïstische versie, én een hiernamaals dat verbeeld zal worden aan de hand van allerlei andere opvattingen over wat het leven na de dood zou kunnen zijn: de esoterie of het atheïsme, zelfs de wetenschap. Een speciaal ‘hiernamaalsteam’, dat bestaat uit ‘geestelijk leiders’ (bijvoorbeeld een officiële imam of rabbijn) en kunstenaars ( bijvoorbeeld een alumnus van een van Bades opleidingsinstituten), zal de bouwers van belangrijke religieuze informatie voorzien en de groepen begeleiden.

 Een feest van de verbeelding

Hoe die zes installaties er precies uit zullen zien, weet Bade natuurlijk nog niet, al bestaat het beschikbare bouwmateriaal voor een deel uit oude onderdelen van sculpturen uit zijn eigen atelier. Maar op de vraag wat hij ervan verwacht, antwoordt hij zonder nadenken: ‘Féést. Een feest van de verbeelding. En van uitwisseling.’ Aan het einde van de rit zal hij de zes afzonderlijke installaties bij elkaar brengen in één grote sculptuur. Grinnikend: ‘Dan gooi ik alle geloven op één hoop; dat is het Grote Hiernamaals.’ 

De kunstenaar realiseert zich dat het verbeelden van goden en mensen in sommige religies verboden is, of op zijn minst kan zorgen voor irritatie. Mede daarom liepen zijn verkennende gesprekken met een vrouwelijke rabbijn op niets uit. Maar Bade wil niet per se provoceren.

‘In mijn werk zie je doorgaans veel ironie en dubbele bodems en kritische aanklachten.’ Hij gebaart naar zijn gigantische Zaandamse atelier, dat tot de nok toe is gevuld met figuratieve sculpturen en delen daarvan, gemaakt van hout, plastic, piepschuim en afgedankt materiaal. Evenals zijn schilderijen en tekeningen zijn het rauwe, uitgesproken en vrijmoedige kunstwerken: geestig voor de een, over het randje voor de ander, altijd fel en scherpzinnig.

Kruisbestuiven

David Bade (Curaçao, 1970) werkt het liefst samen. Zijn participatieprojecten zijn gericht op het verbeteren van het sociale contact in zijn directe omgeving. Op Curaçao, zijn tweede thuis, richtte hij in 2006 met kunstenaar Tirzo Martha het Instituto Buena Bista (IBB) op, een kunstopleiding voor jonge talenten, gevestigd op het terrein van een psychiatrische instelling. Kruisbestuiving tussen studenten, gastkunstenaars en patiënten is er aan de orde van de dag. Ook het project All you can Art, een langdurige samenwerking met de Kunsthal in Rotterdam, is gericht op ontmoeting en uitwisseling. ‘Ik werk vanuit de gedachte dat je als kunstenaar verschil kunt maken. Je kunt de katalysator van een beweging zijn.’

Geen geloofje naspelen

‘Daar gaat dit project niet over. Ik wil niemand beledigen en ik respecteer de religieuze regels. Maar we gaan in Maarssen ook geen geloofje naspelen, dan zou het alleen maar educatief zijn. Er moet een bepaalde mate van vrijheid zijn. Het hiernamaals is door de eeuwen heen voor iedereen een belangrijke bron van verbeelding geweest, juist omdat het eigenlijk nergens beschreven staat. In elk geval niet in de Bijbel, waar ik zelf mee opgroeide. De kunst is bij uitstek geschikt om die verbeelding vorm te geven, op zo’n manier dat het niet gaat over verbod en gebod, maar over nieuwe vormen, nieuwe beelden. Iets waardoor de verbeelding gaat bloeien.’

Het is een geloof dat hij dolgraag wil delen met anderen. Hij wijst op een houten preekstoel in zijn atelier. ‘Die heb ik al vaker gebruikt. Ik speel ermee, maak er grappen over, maar de groepsprojecten die ik organiseer en mijn drang om die te verspreiden – dat heeft natuurlijk iets evangeliserends. Ik ben een aanhanger van het delen van verbeelding, ik geloof daar heilig in. Ik wil jou laten voelen: als je met mij gaat spelen, iets gaat máken, dan is dat een kracht. Je kunt er misschien niet de wereld mee verbeteren, maar wel je directe omgeving. En misschien is dat wel de hemel op aarde.’

Welke werken uit de kunstgeschiedenis schetsen een overtuigend beeld van het hiernamaals? Dat vroeg de Volkskrant aan kunstenaar David Bade. Twee voorbeelden van de hemel en twee van de hel.

Bertus Jonkers: De Ideale Stad, 1989-1992

‘Vorige week bezocht ik Museum Dr. Guislain in Gent, gewijd aan de geschiedenis van de psychiatrie, en aan kunst en waanzin. Daar zag ik deze installatie: een miniatuurstad. Dit is zogenaamde outsider art, wat ik een rotbenaming vind omdat ze impliceert dat er ook insider art bestaat. Maar goed: het is werk dat werd gemaakt buiten de officiële kunstwereld om, door iemand zonder officiële opleiding. Ik zie in deze installatie een heel pure, authentieke verbeelding van wat je ‘hemels’ zou kunnen noemen. Voor mijn gevoel laat Jonkers hier een utopische werkelijkheid zien, een fijne plek waar je de hele dag mag spelen. Dat spreekt me erg aan.’

Bertus Jonkers, De Ideale Stad. Beeld Marcel Köppen fotografie

Pieter Paul Rubens: Aartsengel Michaël verslaat de afvallige engelen, 1621-1622

‘Als ik aan de hemel denk, kom ik ook snel op wat je de clichés zou kunnen noemen: wolken, engelen, omhooggaan. De hemel is toch bóven of zo. Dan vind ik Rubens wel een van de toppers. Hij schilderde de aartsengel Michaël die in de lucht in gevecht is met de afvallige engelen. Zelf heb ik een schilderij gemaakt van een engel met straalmotoren. Denken over het hiernamaals appelleert van oudsher aan ieders fantasie. Het is geweldig dat wij mensen het vermogen hebben te fantaseren over iets wat later komt. Ik kom uit een protestants gezin, maar dat zou je niet zeggen wanneer je kijkt naar mijn ‘katholieke’, barokke werk. Ik ben een groot aanhanger van verbeelding delen; daar wordt alles en iedereen beter van.’

Peter Paul Rubens, Der Engelsturz, 1621/22. Beeld Bayerische Staatsgemäldesammlungen - Alte Pinakothek München

Otto Dix: Nachtliche Begegnung mit einem Irrsinnigen, 1924

‘Zombie- en horrorfilms – dat zijn de hedendaagse verbeeldingen van de hel en de verschrikkingen die daar plaatsvinden. Maar ik ben daarin geen expert en zie bovendien alleen maar slechte clichébeelden. Liever kijk ik naar het werk van de Duitse expressionist Otto Dix. Die verbeeldde de oorlog als de hel. Dat is zo donker. Zelf ben ik niet zo ‘hellerig’. Die term gebruik ik in navolging van zuster Monica, een van de oud-bewoonsters van Buitenplaats Doornburgh die ik uitgebreid sprak voor dit project. Het is makkelijk om lelijke dingen en mensen af te beelden en je op het negatieve te richten. Ook ik maak  heftige, uitgesproken lelijke dingen, maar wel zo dat je er ook om kunt lachen. Uiteindelijk ben ik een idealist. Ik mik op de hemel.’

Otto Dix, Nocturnal Encounter with a Lunatic, 1924. Beeld Collectie MoMA

Kasimir Malevitsj: Zwart Vierkant, 1913

‘Dat het in sommige religies verboden is om mensen en goden af te beelden – tja. Dat zou je op zich ook weer verbeelding kunnen noemen: dat je alles blokkeert. Maar dan kom je al snel uit bij Malevitsj: gewoon een zwart vlak. Daar kan ik niets mee. Da’s zo’n beetje de hel van de verbeelding voor David Bade. De verhalen uit al die geloven zijn juist zo beeldrijk. Dat is voor mij als kunstenaar fantastisch bronmateriaal. Ik lees nu over het hindoeïsme. Daarin geloven ze dat je je hele leven in een bepaalde sociale klasse, een kaste, blijft zitten en dat je pas na je dood van kaste kunt veranderen. Dan zie ik meteen een installatie van houten kasten voor me. Dat je dan dus uit de kast komt en weer een andere in kunt lopen. Geweldig.’

Kazimir Malevich, Zwart Vierkant, 1923. Beeld imageselect

David Bade: Een gedeeld hiernamaals. Elk weekeinde van 30.03 t/m 20.04 in Buitenplaats Doornburgh, Maarssen. Inschrijven voor de workshops via buitenplaatsdoornburgh.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden