Cd-recensie Beirut

In de wondere muzikale wereld van Zach Condon schiet je geregeld in de lach (drie sterren)

Het is al weer een jaar of twaalf geleden dat de destijds vroege twintiger Zach Condon de popwereld voor het eerst verblijdde met zijn wonderlijke mix van balkanpop, eurosmartlappen en indierock. De Amerikaanse multi-instrumentalist heeft de curieuze mix van onbevangenheid en muzikale wijdlopigheid, die hij op zijn debuut Gulag Orkestar (2006) zo argeloos demonstreerde, nooit meer weten te evenaren. Zijn platen gingen weliswaar steeds beter klinken, maar hadden ook steeds meer iets bestudeerds.

Gallipoli, het eerste Beirut-album in vier jaar, is een van de betere geworden. Condon laat zijn Farfisa-orgel weer heerlijk rondzingen (On Mainau Island) en weet in het titelnummer precies de juiste verhouding tussen ukelele in trompet te vinden als bedding voor zijn melancholieke stem.

Je schiet geregeld in de lach vanwege de idiote vondsten in de arrangementen van de liedjes - die beter verzorgd zijn en vooral geloofwaardiger klinken dan op zijn laatste album, No No No (2015). Halverwege raak je de weg in de wondere muzikale wereld van Zach Condon toch even kwijt, maar een leuke plaat is Gallipoli beslist.

Beirut: Gallipoli. 4AD/Beggars.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.