In de film van Lucrecia Martel gaat het kolonialisme gepaard met idiotie

Met de boekverfilming Zama regisseerde Lucrecia Martel een van de meest opmerkelijk koloniale drama’s in tijden.

Lucrecia Martel in Rotterdam Beeld adriaan van der ploeg

Interview

‘Ik heb alles verzonnen’, zegt Lucrecia Martel (51), als de journalist van de Volkskrant opmerkt dat de slaven, indianen en kolonialen in haar historische speelfilm Zama op een of andere manier waarachtiger ogen dan gebruikelijk in periodedrama. Alsof de Argentijnse cineast geen voorbeeld zocht in bewaard gebleven achttiende eeuwse gravures of schilderijen, maar haar camera dichter bij de bron plantte. ‘Die kapsels van de vrouwen? Heb ik verzonnen. De slaaf in jacquet? Verzonnen. De rood geverfde gezichten van de indianen? Deels verzonnen. Eigenlijk is alle kleding in de film arbitrair. Die pruiken die ze dragen bijvoorbeeld, daarvoor was het in Zuid-Amerika veel te heet. Ik benaderde mijn periodefilm als sciencefiction, nam dezelfde vrijheid bij de verbeelding. Die vrijheid, namelijk, maakt dat je blik op het verleden meer coherent is.’

Wie het verleden overtuigend wil filmen, stelt Martel, moet het heruitvinden, kneden – dan pas kan het écht aandoen. ‘Het is ook een politieke keuze: de geschiedenis is opgetekend door de kolonisator, en dus één grote leugen. Films gebaseerd op de westerse overlevering zijn op z’n minst extreem conservatief.’ O, er zijn uitzonderingen hoor: periodefilms die haar wél bevallen. ‘Maar ik zie dus liever Liz Taylor in Cleopatra – daarin is tenminste álles artificieel – dan bijvoorbeeld The Passion of the Christ, waarin Mel Gibson z’n personages Aramees tracht te laten spreken. Zodra je iets in een film neerzet als de absolute waarheid, wordt het gevaarlijk.’

Toen ze jaren geleden eens aan boord van een houten bootje de Paraná-rivier afdaalde, in de zomerse bloedhitte, om weg te geraken van een vastgelopen filmproject, las Martel de historische roman Zama van Antonio Di Benedetto uit 1957. Over de laat-achttiende eeuwse belevenissen van magistraat Don Diego de Zama, weggestopt in een Paraguyaanse buitenpost, gestokt in zijn carrière als dienaar van het Spaanse hof, dat Zama’s brieven met overplaatsingsverzoeken stelselmatig negeert. Die Argentijnse roman was maar weinig bekend: pas in 2016, toen de opnamen van Martel’s Zama er al op zaten, verscheen een veelgeprezen Engelse vertaling. ‘Over het hoofd gezien Latijns-Amerikaans meesterwerk’, schreef The New Yorker (een Nederlandse vertaling verscheen bij Lebowski). ‘En áls je een meesterwerk leest’, zegt Martel, ‘raak je beneveld. Dat overkwam mij met Zama - het was alsof dat boek mijn perceptie van de wereld gijzelde. Om uit die toestand te geraken, móest ik er iets mee doen, dus maakte ik een film. De kern van het boek, of wat ik er in elk geval uithaalde, is dat ons idee van identiteit een valstrik is. We scheppen allerlei verwachtingen van onszelf, en als die verwachtingen niet vervuld worden, ervaren we een berg frustratie.’

Zama

Martel, die zichzelf tot filmer schoolde tijdens de Argentijnse economische crisis, in de jaren negentig, werd terstond tot voorvrouw van de nuevo cine argentino uitgeroepen vanwege haar speelfilmdebuut La Ciénaga uit 2002, een hallucinant portret van de lamlendige bovenste klasse uit haar geboortestreek in het bovenste puntje van Argentinië. Haar Spaanse collega Pedro Almódovar zag de film, en besloot dat hij Martel voortaan zou bijstaan met het realiseren van haar speelfilms, samen met zijn producerende broer Agustín. Zama is pas haar vierde speelfilm – er zit tien jaar tussen de vorige, het onorthodoxe moordmysterie The Headless Woman, dat in Cannes meedong naar de Gouden Palm. Martel werd ernstig ziek, tussentijds. Maar daar praat ze niet over.

De Volkskrant sprak de Argentijnse tijdens het Rotterdamse filmfestival, waar het in coproductie met het Nederlandse filmbedrijf Lemming gerealiseerde Zama in voorpremière ging, en Martel een uitverkochte masterclass gaf. De wetenschappelijke notie dat tijd in wezen níet lineair is, acht Martel doorslaggevend in haar vorming als filmmaker. Ze legde het uit aan de bezoekers van haar masterclass, in de op haar verzoek verduisterde zaal in het Rotterdamse Hilton-hotel, en met gebruik van een doorschijnende bak water waar ze met het zacht-gekleurde licht uit haar telefoon op scheen, met betoverend effect. Stel je tijd voor als die bak water. Tijd als volume, niet als lijn. Films die keurig van A naar Z bewegen, doceerde Martel, houden ons voor de gek. ‘Was het duidelijk?’ vraagt ze de volgende dag, terwijl ze de inhoud van een vijfde zakje suiker in haar koffie kiepert.

 Ik wil dat mensen die mijn films kijken, vragen stellen bij wat ze zien

Het was hoe dan ook mooi. Martel knikt. ‘Kijk, emotie kun je oproepen met iets uit het verleden, met een souvenir, maar ook dan ervaar je die emotie enkel in het nu – er is geen lijn. Uiteindelijk komt het hier op neer: ik wil dat mensen die mijn films kijken, vragen stellen bij wat ze zien. Ik neem afstand van de werkelijkheid, of wat daar voor doorgaat. Dat is ook wat veel mensen stoort, aan mijn films: die willen liever een film die je onderdompelt.’

In eigen land werd Zama bejubeld door de critici. ‘Vrij goed bezocht ook’, constateert Martel. ‘Voor zo’n niet-commerciële film dan, bedoel ik.’ Anders dan mensen buiten Argentinië, die Zama volgens Martel vooral als een krankzinnig avontuur zien, lezen de Argentijnen er ook iets extra’s in: een analyse van hun samenleving. ‘Dat de geportretteerde kolonialen non-heroïsch zijn is één ding. Maar de indianen en zwarte mensen in mijn film zijn latent insubordinaat, iets wat je niet aantreft in de gangbare historische films uit de regio. De onderdrukten in Zama zijn niet strikt onderworpen. Absolute submissie bestond ook niet, het is een blanke fantasie.’

In haar film gaat het kolonialisme gepaard met idiotie: zonderling menselijk gedrag (en dierlijk – er duikt wel eens een lama op). ‘Om te kunnen lijden, zo afgezonderd van alles en iedereen, moesten die kolonisators een enorm geloof opbrengen in de betekenis van hun onderneming: dat er zieltjes móesten worden veroverd, dat er enorme rijkdommen in het verschiet lagen. Dat leidde tot gekte, of op z’n minst tot ernstige vervreemding.’

Een hoogtepunt in de film is een magnifiek in beeld gebrachte indianenaanval op een troep door het moeras sjokkende kolonialen, die plots met touwen omver worden getrokken. ‘Het is een soort dierenvalstrik, maar dan voor mensen. Het leek me geweldig als de inheemsen zo zóuden jagen op witte kolonialen.’ Martel vraagt om de blocnote van de interviewer, schetst daarin met pen een koloniaal, met hoed, en indiaan die hard wegrent, sjorrend aan een touw dat vastzit aan de koloniaal. Een tekeningetje van niks, maar het bevat wel met de essentie van haar scène, benadrukt Martel. ‘De indianen staan met hun rug naar de kolonialen gekeerd, als ze die omver trekken. Ik zocht een confrontatie zonder heroïek. Iets werktuiglijks, een scène zonder de precisie van pijlen of zwaarden.’

Voor de oorspronkelijke bewoners in Zama vroeg ze Qom-indianen uit de provincie Formosa, tegen de Paraguyaanse grens. ‘Als een indianengemeenschap in een film optreedt, wordt meestal gevraagd of ze zichzelf willen spelen. Ik vroeg of ze iets ánders wilden spelen: fantasie-indianen. Dat was nog vrij lastig uitleggen, maar uiteindelijk lukte het me wel. Claro! Ze vonden het meteen veel leuker om mee te doen.’

Balkon:

Tegelijk met de wereldpremière van Zama op het filmfestival van Venetië verscheen een 75 minuten lange documentaire Años Luz (Light Years) van Manuel Abramovich over Lucrecia Martel, gevolgd op de tropische set van haar koloniale drama. ‘Natuurlijk is het niet fijn om jezelf terug te zien met het gelaat van een krankzinnige vrouw’, zegt Martel erover, ‘maar Manuel is een groot talent, hij observeert de dode momenten, het wachten, de dode tijd op de set, wanneer de écht belangrijke dingen gebeuren.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden