In Bill Schutt's Cannibalism blijkt kannibalisme heel natuurlijk

Bij Schutts fascinerende opsomming van kannibalisme in het dierenrijk verbleekt de horror in films en literatuur. In de wervelend geschreven en prachtig geïllustreerde studie blijkt kannibalisme zeer natuurlijk.

Is het niet vreemd dat kinderen al honderden jaren worden gewaarschuwd voor heksen en boze mannen die kindervlees eten, in sprookjes en slaapliedjes, terwijl het verschijnsel kannibalisme in de volwassen wereld tot op heden een groot cultureel en zelfs biologisch taboe is?

Ja, dat vindt de Amerikaanse bioloog en schrijver Bill Schutt dus zeer merkwaardig. De woorden 'kannibalisme' en 'taboe' zijn zelfs historisch aan elkaar verbonden, schrijft hij in zijn verhelderende boek Cannibalism, a Perfectly Natural History. De Britse zeevaarder en cartograaf James Cook ontdekte dat het woord 'taboe' in Polynesië stond voor een verzameling gedragsregels over het eten van voedsel en de omgang met stamhoofden. Dezelfde Cook werd vlak na die ontdekking op Hawaï doodgeslagen, uitgebeend en gekookt, al schopte hij het daarna niet tot maaltijd. De bereidingswijze van Cook was een postuum eerbetoon: 's lands wijs, 's lands eer.

In de oudheid deed men ook nog niet zo moeilijk over kannibalisme. Homerus bijvoorbeeld schreef in zijn Odyssee zeer expliciet over de eenogige reus Polyphemos, die als ontbijt twee Grieken at, die hij eerst doodsloeg 'als een stel puppy's'. Waarschijnlijk onder invloed van de monotheïstische religies, die voorschreven dat het lichaam na de dood liefst een beetje intact voor het aangezicht van God moest verschijnen en dus beter niet in stukjes kon worden gesneden, werd kannibalisme steeds meer een verboden onderwerp. Zelfs in de wetenschap, legt Schutt uit.

Pas in de laatste decennia van de vorige eeuw kwam er serieus onderzoek naar kannibalisme als biologisch verschijnsel op gang. En dat onderzoek toonde dan ook direct aan dat kannibalisme in de natuur een volstrekt normaal fenomeen is, en niet een door noodsituaties (voedseltekort, opsluiting) geïnstigeerde rariteit.

In zijn wervelend geschreven en prachtig geïllustreerde boek neemt Schutt de lezer aan de hand mee naar bijvoorbeeld een modderige poel water in Arizona, waar onderzoek naar kikkervisjes wordt gedaan. In deze poel zie je het kannibalisme als het ware voor je ogen ontstaan. Sommige kikkervisjes, afkomstig uit hetzelfde dril, ontwikkelen zich tot kleine kannibalen die de minder mondige soortgenoten consumeren. Onder invloed van die ergens diep in het organisme opborrelende neiging tot kannibalisme verandert zelfs de fysieke verschijningsvorm van de visjes. In de bek van de kannibaaltjes ontstaat langzamerhand een soort karteltand, waarmee de arme broertjes en zusjes naar binnen kunnen worden gewerkt. Die tand ontbreekt bij de niet-kannibaaltjes: curieus, en nagenoeg onverklaarbaar - het onderzoek is nog in volle gang.

Schutts boek is een fascinerende opsomming van kannibalistische verschijnselen in het dierenrijk, waarbij de horror die mensen er in film en literatuur van maken, soms wat bleek afsteekt. Wat bijvoorbeeld te denken van de moederspin die zichzelf als ultieme daad van moederliefde offert aan haar kinderen? De grote kaardespin roept in haar laatste levensfase haar kinderen bij zich door op het web te trommelen. Dan drukt zij haar lichaam op haar nakomelingen en perst er al doende wat lichaamssappen uit, waarna zij door de over haar heen krioelende nakomelingen kan worden verzwolgen. Moedermelk geven is natuurlijk mooi (en volgens Schutt óók een vorm van kannibalisme) maar zo'n grote kaardespin geeft toch net iets meer van zichzelf aan haar nageslacht.

De ongelooflijkste vorm van kannibalisme, ook volgens Schutt zelf, is ontdekt bij de zandtijgerhaai. Een ongeboren zandtijgerhaai blijkt zich al in de baarmoeder tegoed te doen aan de embryo's van zijn broers en zussen, en pleegt dus prenataal kannibalisme. Huiveringwekkend, maar volgens Schutt alweer: volstrekt natuurlijk.

Non-fictie. Bill Schutt. Cannibalism, a Perfectly Natural History. Uitgeverij Algonquin; 332 pagina's; euro 24,99.

Lees verder

Raw toont hoe dun de grens tussen mens en beest is
Wat een talent voor sfeer en grandioos vervreemdende beelden heeft debuterend regisseur Julie Ducournau. Raw mikt op de ingewanden, maar de eigenzinnige film laat zich niet in een hokje duwen. De Volkskrant geeft vier sterren.

Waarom de kannibaal ons zo fascineert
O, het is zo goor, o het is zo ziek. Wie zet er nou zijn tanden in een ander mens? Dat dóé je niet. En toch kijken we met z'n allen. Wie is hier nou gestoord? (+)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden