Film

In Belfast is Kenneth Branaghs blik op zijn jeugd net te onbeschaamd nostalgisch ★★★☆☆

De verfilmde herinneringen uit de periode van het Noord-Ierse conflict zijn tegelijkertijd te gewoontjes.

Berend Jan Bockting
 Belfast  Beeld x
BelfastBeeld x

Het is de zomer van 1969 en de 9-jarige Buddy speelt riddertje voor zijn deur in Belfast, het metalen deksel van een vuilnisbak fungeert als schild. Hij heeft geen idee van het escalerende geweld elders in Noord-Ierland – het begin van een burgeroorlog die de geschiedenis inging als The Troubles.

Plotseling is er rumoer aan het einde van de straat. Buddy raakt versteend, kan niet bevatten wat hij ziet. Terwijl de camera rond hem draait en de paniek op zijn gezicht zichtbaar toeneemt, blijven de ontluikende rellen onscherp in beeld. Tot een exploderende molotovcocktail zowel Buddy als de kijker laten opschrikken uit een trance. Moeder begint te roepen, ze gebruikt zijn vuilnisbakdeksel als schild tegen rondvliegende stenen. Op straat wordt geschreeuwd dat hier geen plek is voor katholieken. De volgende dag beklimt Buddy een barricade in zijn straat om de chaos te overzien: overal rokende puinhopen, tanks door de straten.

Zo begint het met zeven Oscars genomineerde Belfast van acteur-regisseur Kenneth Branagh (1960, Belfast), die ondanks zijn gewelddadige openingsscène met een opmerkelijk gloedvolle blik terugkijkt op zijn kindertijd in de Noord-Ierse hoofdstad. Buddy is de jongste zoon van een protestants gezin. Hij woont in een straat waar katholieken in toenemende mate moeten vrezen voor hun leven. Het onderscheid is onbegrijpelijk voor Buddy – hij weet niet eens dat het meisje in zijn klas op wie hij een oogje heeft een katholieke achtergrond heeft.

Zijn vader is weinig thuis vanwege zijn werk in de bouw in Engeland – en áls hij thuis is vangt Buddy flarden van gesprekken op over schulden. Hij brengt nog meer onzekerheid het huis in door over emigratieplannen te spreken. Geborgenheid vindt Buddy vooral in de bioscoop en voor de tv, én bij zijn opa en oma. Die worden geweldig gespeeld door Ciarán Hinds en Judi Dench als totaal geïdealiseerd koppel (beiden terecht genomineerd voor een Oscar in de bijrolcategorie). Ook debutant Jude Hill toont een natuurlijk acteertalent, als Branaghs jeugdige alter-ego.

Belfast ontvouwt zich als bescheiden en zachtmoedige kruising tussen coming-of-agedrama en familieportret, waarin de sociaal-politieke strubbelingen als decor fungeren. Het is de aanpak die Alfonso Cuarón hanteerde met zijn in Mexico-City gesitueerde Roma, tot de keuze voor zwart-wit kleurgebruik aan toe, maar dan zonder Cuaróns cinematografische brille.

Fraaie momenten zijn er zeker in Belfast. Het is aandoenlijk hoe Buddy zich laat meeslepen door nieuwe rellen en de woede van de familie op de hals haalt als hij thuiskomt met een gestolen pak wasmiddel. Daarbij verfilmt Branagh de meest ingrijpende familiegebeurtenissen aangenaam onsentimenteel. Maar zijn blik is net te onbeschaamd nostalgisch – en die verfilmde herinneringen eigenlijk net te gewoontjes – om Belfast naar grotere hoogten te tillen.

Belfast

Drama

★★★☆☆

Regie Kenneth Branagh

Met Jude Hill, Ciarán Hinds, Judi Dench, Jamie Dornan, Caitriona Balfe, Lewis McAskie

98 min., te zien in 47 zalen

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden