'Ik zie wel hoe ver ik kom'

Rond het veertigste levensjaar komen ze vanzelf op: vragen en twijfels over ambities en oude idealen, werk, vriendschappen, relaties en de zorg om ouders....

tekst Cornald Maas . fotografie Cornelie Tollens

De 40 gepasseerd, maar nog vol plannen, en elke minuut wordt als vanouds benut. Druk met de familiefilm Lepel, druk met het script van de film Leef!, druk met een paar toneelstukken en een VARA-serie, en dan ook nog de ambitie - zo langzamerhand - om de vleugels eens in het buitenland uit te slaan.

Willem van de Sande Bakhuyzen (46) op de helft? Begin april had hij last van een opgeblazen gevoel in de buik. Hij lag er niet wakker van, en de huisarts ook niet. 'Misschien heeft u wat moeite met loslaten', had ze nog tegen de drukbezette regisseur gezegd. Maar tijdens zijn zomervakantie in Zuid-Afrika kwam de pijn, in veel heviger mate, terug. En hij worstelde met een permanente verstopping in de darmen. Op donderdag vloog hij terug naar Nederland, vrijdagavond werd hij geopereerd en zaterdag - zijn vriendin Petra en vriend Gijs Scholten van Aschat waren toen al op de hoogte gesteld- volgde het verdict. 'Een buik vol kanker, we kunnen je niet genezen, meldde de chirurg onomwonden. Je wereld stort niet in, als je zoiets te horen krijgt - het is eerder onwezenlijk, alsof je in een rare film zit.'

Pijnlijker was de confrontatie met zijn kinderen, Matthijs van bijna 16 en Roeltje van 12, aan wie hij het slechte nieuws later die dag zelf vertelde. 'Het is helemaal fout met me, ik heb misschien niet lang meer.'

Een flauwe glimlach speelt om de lippen van Willem van de Sande Bakhuyzen, op het terras waar we zitten in een vrolijk nazomerzonnetje. De ironie ten top natuurlijk, dat hij de wacht kreeg aangezegd op het moment dat hij druk doende is met een film die de titel Leef! kreeg, geïnspireerd op de gelijknamige columns van Maria Goos in Volkskrant magazine. 'Ik ga die film gewoon doen en zie wel hoe ver ik kom, ik weet nog niet of de chemotherapie zal aanslaan, en hoe moe ik daarvan word. Met regisseur Jean van de Vel de heb ik een pact gesloten: het is jóuw film heeft hij me nadrukkelijk gezegd, en ik spring in op de momenten dat dat nodig is.

'Het is evengoed een fikse streep door de rekening: ik heb enorm naar Leef! uitgezien, en ik heb lang moeten wachten voor ik een echte film kon gaan maken, helemaal nieuw, en anders dan Cloaca en Familie niet gebaseerd op bestaande toneelvoorstellingen. Het heeft een tijd geduurd voor ik alle horden bij de fondsen had genomen.'

Hij had sowieso veel op stapel staan. Die VARA-serie bijvoorbeeld, die hij vanwege zijn ziekte heeft afgezegd. Of de verfilming van Ronald Gipharts boek Ik omhels je met duizend armen. 'Over de schrijver wiens moeder overlijdt aan terminale kanker. Ik moet maar zien of ik dat thema nu nog aandurf.'

Hij had natuurlijk het roer drastisch kunnen omgooien. 'En wat dan? Naar de Seychellen gaan en mijn laatste dagen slijten op een idyllische plek? Daar geloof ik niet in. Ik zou me vervelen. En ik zou me nutteloos voelen. Ik belde Peter Oosthoek, bij wie achttien jaar geleden darmkanker werd geconstateerd, en hij vertelde me dat hij zo gauw hij kon weer was gaan werken. En dat hem dat gered heeft.'

Hij nipt van een glas water, 2 liter is de verplichte dagelijkse portie. 'Het is zeer de vraag of ik net zoveel geluk zal hebben als Peter. Het voelt als een loterij, waarbij je mag hopen dat je de juiste kaart trekt. Ik kan dat niet beïnvloeden. Ik kan hooguit een beetje positief zijn.'

Monomaan

Willem van de Sande Bakhuyzen werkte immer in een moordend tempo. 'Mijn levensdrift heeft me gebracht waar ik nu ben.' Monomaan was hij misschien zelfs. 'Vrien den zeiden weleens: is je werk dan zoveel belangrijker dan je privé-leven? Maar het ís geen werk. Het is wat en wie ik ben.'

Zo vlak voor de zomer was er, geeft hij toe, sprake van een bottle neck-gevoel. 'Steeds meer werk kwam op me af. Ik ging maar ervan uit dat alles op zijn pootjes terecht zou komen. Bovendien had ik geen keus. Ik wil op meerdere paarden wedden: toneel, film én televisie. Anders loop je een te groot risico en zit je, als een filmproject wordt afgeblazen, plotseling werkloos thuis. Als filmregisseur word je eindeloos aan het lijntje gehouden, er wordt verwacht dat je het eeuwige geduld hebt, zonder dat daar iets tegenover staat.'

Als subsidies niet rondkomen of opdrachtgevers afhaken en de erkenning lang op zich laat wachten, is de ambitie misschien des te groter. 'Lange tijd was ik niet en vogue. Ik maakte mooie dingen, maar het werd niet gezien. Ik werd als niet-interessant beschouwd door de Loek Zonnevelds van deze wereld. In hun ogen had ik vast een fout gemaakt door bij de Haagse Comedie te gaan werken, of een vrije productie te regisseren, of doordat ik een tijdje opnameleider ben geweest bij Goede tijden, slechte tijden, een baan trouwens waar ik ontzettend veel van heb geleerd.' In die dagen was hij soms de wanhoop nabij. 'Wat moet ik nog doen? Hoe krijg ik het voor elkaar?'

Het tij keerde. De laatste jaren werd zijn werk meerdere malen bekroond. Met een Zilveren Nipkow-schijf voor Oud geld bijvoorbeeld, en een Emmy-nominatie voor de dramaserie De enclave. Met twinkeling in de ogen: 'Ik voel me niet meer miskend.'

Van de Sande Bakhuyzen wist niet wat hem overkwam toen hij zich na een mislukte rechtenstudie aanmeldde bij de toneelschool in Maastricht. Knellende codes - in zijn familie, in het academische milieu, bij het Amsterdams Studentencorps - verdwenen. 'Alle grenzen leken te vervagen. Ik was emotioneel niet eerder zo dicht bij mensen gekomen, latere vrienden als Pierre Bokma, Gijs Scholten van Aschat, Peter Blok, Yvonne van den Hurk, Jan-Willem Jurg. Het was een louterende, verbijsterende ervaring. Ik was ongelooflijk gelukkig, alles viel op z'n plek. Daar is de kiem gelegd voor mijn levenslange verwantschap met acteurs: handelaren in emoties zijn wij, ruimhartig, in staat om de confrontatie te zoeken. Maastricht was een groot warm bad waaruit ik niet meer wegwilde.'

Hersenbloeding

Maar het ging mis. De docenten waren niet enthousiast over de prestaties van de acteur Van de Sande Bakhuyzen. Na een korte verlenging van het eerste jaar werd hij van school gestuurd. 'Ik hoorde opeens niet meer bij het clubje, ook alweer zo'n verdict dat ik nauwelijks te boven ben gekomen.'

In dezelfde periode werd de relatie met zijn grote liefde verbroken, en overleed zijn vader aan een hersenbloeding, juist toen hij vanwege de verjaardag van zijn zoon in Maastricht was. 'En toen hij, voor het eerst in jaren, de moed had verzameld om zich wat nadrukkelijker uit te spreken. Hij was rechter, hij had gehoopt dat ik een respectabele carrière zou opbouwen als jurist. En nu zag hij mij de mist ingaan. Hij wilde me wel een beetje bijsturen. Misschien kon ik, suggereerde hij, toch maar eens bedenken hoe ik mijn leven anders zou kunnen inrichten.' Van een echt gesprek kwam het niet. 'Nu zou hij trots zijn geweest, dat weet ik zeker.'

Na zijn vertrek bij de toneelschool was Van de Sande Bakhuyzen een halfjaar uiterst depressief. Maar hij besloot de draad weer op te pakken, vastbesloten om via regie-assistentschappen en stages uit te zoeken of een carrière als regisseur levensvatbaar zou zijn, de carrière die hij toch al had geambieerd toen hij als 21-jarige betweter zijn entree maakte in Maastricht. 'Ik wilde bestaansrecht, zo eenvoudig was het.'

Zijn doorzettingsvermogen werd uiteindelijk beloond. 'Pas later ben ik veel meer van het acteren gaan begrijpen.' In 1985 deed hij zijn eerste professionele regie, voorbode van een reeks successen die Van de Sande Bakhuyzen - vaak in directe samenwerking met Maria Goos en de acteursvrienden van weleer - later op zijn naam schreef. Drijvend op inspraak, met als inzet desnoods zijn eigen hoogstpersoonlijke emoties, regisseerde Van de Sande Bakhuyzen series, films en toneelstukken met karakters die soms afsplitsingen van hemzelf waren: niet eenduidig, beroofd van hun illusies, zoekend naar zelf-inzicht, hunkerend naar liefde. 'Precies wat ik interessant vind en in mezelf herken. Ik ploeter en worstel het nodige. En als ik sommige geschriften mag geloven, wordt dat vroeg of laat afgestraft. Uit een epistel van een holistische arts begreep ik dat mensen die moeilijk grenzen stellen extra vatbaar zijn voor kanker. Tja, denk ik dan, moet ik dan nu opeens een ander worden?'

Vooral Pup, de bankiersdochter uit Oud geld, is hem als karakter dierbaar. 'Een vrijvechter, iemand die zich uit alle macht probeert te ontworstelen aan haar milieu, zoals ik dat in Maastricht ook heb geprobeerd - voorbehoudsloos, emotioneel, intuïtief.

'Eigenlijk is het zo dat ik me, bij het lezen van een scenario, altijd probeer voor te stellen wat de aller-ultiemste consequentie van een bepaalde situatie is. Ik stel mezelf in zo'n situatie voor en vraag me af wat ik zou ervaren. Zo kom je terecht in brandende zielen van brandende mensen.

'Bijna elke keuze die ik maak als regisseur is gebaseerd op wie ik zelf ben en hoe ik de mens zie. Wat dat betreft ben ik erg benieuwd hoe ik Leef! zal regisseren. Ik hoop niet al te somber, al zullen mijn opvattingen ongetwijfeld worden gekleurd door de omstandigheden waarin ik verkeer.

'De film moet in elk geval iets essentieels raken. De hoofdpersoon, Anna Jongkind, zal zich van alle bijzaken en complexen moeten ontdoen, en het leven moeten leiden dat ze werkelijk wil leiden.'

Vervreemd

Hij neemt nog maar eens een hapje van zijn salade, sinds hij chemotherapie ondergaat en morfine slikt is slecht te peilen of hij zin heeft om te eten of niet. Het was lang niet eenvoudig, geeft hij toe, om ook privé de kern te raken, net als de gedroomde Anna Jongkind. 'Net na mijn veertigste kwam ik in een huwelijkscrisis terecht waar ik niet meer ben uitgekomen. Zo goed als ik in mijn werk ben, zo desastreus verliep mijn privé-leven. Misschien ben ik wel steeds meer in dat werk gaan vluchten. Ik heb het in elk geval altijd erg moeilijk gevonden om de juiste balans te vinden, en het lukt me nog steeds niet goed.'

Van de Sande Bakhuyzen kreeg een nieuwe relatie en verliet het huis waar (ex-) vrouw en kinderen wonen. 'Lange tijd ben ik van mijn eigen leven vervreemd, en ik had het niet in de gaten. Ik beperkte mijn leven tot mijn werk, waar ik emoties uit de werkelijkheid verdicht kreeg aangereikt. Als of dat het echte leven was.

'Ik geloof niet dat ik privé goed in staat ben om ruimte voor mezelf op te eisen. Als ik regisseer heb ik daarvan nauwelijks last, dan voel ik me als een vis in het water - ook al omdat ik me vaak, in dat tijdelijk familieverband, door echte vriendschap omgeven heb gevoeld.'

Zijn kinderen kwamen er geregeld bekaaid vanaf, geeft hij toe. Zijn dochtertje liet meer dan eens blijken dat ze er niet gelukkig mee was dat haar vader steeds zo druk was. 'Nee, ik heb niet overwogen om nu alle tijd aan mijn kinderen te geven. Dat voelt als wachten op de dood. Maar ik verhuis binnenkort wél terug naar mijn oude buurt, zodat ik dicht bij mijn kinderen woon.

'Ik vind het moeilijk om te peilen wat er echt in Matthijs en Roeltje omgaat. Ik ben op dit moment niet bedlegerig, ik sjok niet amechtig hijgend rond. Dat beeld klopt nauwelijks met de mededeling die wel degelijk een onheilstijding is. Misschien beter zo. Kinderen leven bij de dag, godzijdank, en daar wil ik de komende maanden graag getuige van zijn.

'Ik weet niet hoever ik met ze kom, in de tijd die me nog gegeven is. Zolang ze straks maar weten wie ik ben. En dat ik van ze hou.'

Geestelijke suprematie

Robert Kievit, drama-eindredacteur bij de VARA, dient zich bij toeval aan op het terras. Hij complimenteert Van de Sande Bakhuyzen. 'Je ziet er goed uit uhm, lullig om te zeggen, misschien.' Die riposteert: 'Jaah, ik ben flink afgevallen, ik zit eindelijk op mijn streefgewicht.'

Als Kievit verdwenen is vertelt hij hoezeer hij onder de indruk is van de talloze hartverwarmende reacties, eerlijke reacties ook, die niet tegen de klippen op een rooskleurig perspectief proberen te schetsen. 'Het is een enorme steun, al kan het vanzelfsprekend niet verhinderen dat ik soms last heb van dipjes. Voor al 's avonds, als het besef weer tot me doordringt, en de harde werkelijkheid opeens over me heen dondert. Dat stemt triest.'

Maar verongelijkt wil hij niet zijn, noch verbitterd, noch cynisch. 'Aan cynisme heb ik altijd een enorme hekel gehad, zoals ik het ook niet op intellectualisme heb begrepen. Niks tegen grote denkers, maar met mensen die zich laten voorstaan op geestelijke suprematie kan ik niet uit de voeten. Denken is een prachtig instrument, maar het is een instrument, je bent je denken niet.

'Ik ben in mijn werk steeds uitgegaan van een zekere onbevangenheid en van een intuïtieve, emotionele basis, niet van cynisme of van trends. Veel kwam voort uit wat ik diep in mijn hart voelde en op zo'n formulering kun je natuurlijk meteen weer cynisch reageren. Maar mensen die daar meesmuilend over doen, snoer ik de mond met de voorstellingen en films die ik heb gemaakt.'

Hij is blij dat hij, anders dan hij in de moeizame jaren voorzag, nadrukkelijk zijn sporen heeft verdiend. 'Ik laat iets achter. Ik hoop dat straks zal blijken dat ik iets heb gezegd over de mens, en hoe die in elkaar zit.'

Zijn vriendin schuift aan. Tedere blikken, gestolen kusje, montere woordenwisseling, grappen. Als zijn haar begint uit te vallen opteert hij voor een Geert Wilders-pruik, zegt Van de Sande Bakhuyzen. Na een vergeetachtigheidje: 'Zou de hersenverweking al intreden?' En over een obscure alternatieve geneeswijze waarop hij bij toeval stuitte: 'Voorlopig ga ik niet Sylvia Millecam achterna.'

De tijd dringt, er moet nog veel gebeuren, zorgen zat, maar vanmiddag lijkt er, voor even, weinig aan de hand. 'Al realiseer ik me elk moment van de dag dat ik ziek ben. Ik droom er zelfs over. De fysieke gewaarwording is heel nadrukkelijk. Daar zorgt zo'n stoma die inmiddels is aangebracht wel voor.'

Voetsporen

Hij hoopt dat hij, voorjaar 2005, de première van Lepel nog zal meemaken, een film waarin een jongetje op zoek is naar zijn ouders die verdwenen zijn in een luchtballon. Over een paar weken beginnen de opnamen van Leef! 'Al met al een ode aan het leven - maar daar hoort de dood wél bij.'

Plannen in overvloed nog. 'Maar ik leef nu voornamelijk bij de dag. Ik ben bezig met handhaven. En ik ben allang blij dat ik vanochtend, voor het eerst in dagen, weer eens een paar uur aan het script van Leef! heb kunnen werken.'

Hij ontving een kaartje van Mieke de Jong, scenarioschrijfster van de film Lepel. Dat het, nu hij ongeneeslijk ziek blijkt te zijn, misschien toch niet zo vreemd is dat hij immer zo druk was - 'zou je daarom altijd zo'n haast hebben gehad?'

Zijn kinderen hebben de tijd nog. Zoon Matthijs acteerde al in de kinderserie De Daltons. En ook in de speelfilm Cloaca. 'En dat deed hij goed. Hij verbindt zich innerlijk met zijn personages.' Wie weet treedt de zoon straks in de voetsporen van de vader. Of wordt hij de acteur die zijn vader nooit werd. 'Ik zou dat wel leuk vinden. Maar er moet wél een toekomst voor hem zijn. Dus hij zou zich echt moeten onderscheiden.' Korte stilte, hij hoort het zichzelf zeggen. 'Nou ja, als hij straks maar gelukkig is.'

Willem van de Sande Bakhuyzen glimlacht, en bestelt nog een glas water. Woorden schieten soms tekort nu hij niet weet wat hem op korte termijn boven het hoofd hangt. Hij stelt zijn ambities bij. 'We moeten maar zien. Er zijn soms wonderen. En als je helemaal geen hoop meer hebt, heeft het leven zo weinig zin.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden