'Ik wilde als eerste en enige op de plek zijn waar het gebeurde'

Over oorlogsverslaving gaat de autobiografische roman van Michel Maas. Hij kon het boek pas schrijven nadat hij in Bangkok door een kogel was geraakt.

Michel Maas.Beeld Renate Beense

Hij zit - ruim op tijd, drinkend van zijn thee, lezend in de Volkskrant (waar hij sinds 1986 voor werkt) - aan een tafeltje dat tegen de wand staat aangeschoven, achter in de ruimte. De plaats helemaal in de hoek was al bezet, anders was hij daar gaan zitten, vertelt hij later. Hij houdt ervan om met zijn rug naar de muur te zitten, alles te overzien, iedereen in de gaten te houden. Het is een eigenschap die hij gemeen heeft met de hoofdpersoon in zijn roman Commandant Konijn, een oorlogscorrespondent voor wie de kicks en adrenaline die de conflicten met zich meebrengen steeds belangrijker worden, en die daardoor langzaam wegdrijft van het 'gewone' leven.

Daar houden de gelijkenissen niet op. Michel Maas (Roermond, 1954) heeft een autobiografische roman geschreven en hoewel je het personage en zijn schepper natuurlijk nooit aan elkaar gelijk mag stellen, ontkom je er in dit geval nauwelijks aan. Daar doet Maas verder ook niet moeilijk over: wanneer hij vertelt over zijn hoofdpersoon, spreekt hij voortdurend in de eerste persoon enkelvoud. Ze heten dan ook allebei Michel Maas, zijn allebei verslaggever voor de Volkskrant en de NOS, hebben allebei hun sporen verdiend tijdens de oorlog in Kosovo en zijn allebei net niet dodelijk geraakt door een kogel in Bangkok, op 19 mei 2010.

Die kogel was de aanleiding voor het schrijven van Commandant Konijn. Maas had al langer het idee zijn ervaringen in Kosovo in een boek om te zetten, maar pas na Bangkok vond hij de juiste vorm. 'Als ik eerder was begonnen, zou het een heel ander verhaal zijn geworden. Dan had ik een verwerkingsboek geschreven, of een rechtvaardiging, of gewoon journalistieke non-fictie - maar het werd een roman. Dat kon blijkbaar pas vijftien jaar na de oorlog, toen ik genoeg op afstand stond van wat er destijds was gebeurd.'

Michel Maas doet wat hij het beste kan: het beschrijven van de échte oorlog. Wat op voorhand moeilijk voor te stellen is, maakt Maas op overtuigende manier invoelbaar. Lees hier de viersterrenrecensie.

Michel Maas.Beeld Renate Beense

Waarom moest het een roman worden?

'Het non-fictieverhaal is verteld - mijn reportages over Kosovo zijn gebundeld en ik heb geen behoefte die opnieuw te maken. Het ging me niet om dat specifieke conflict en wat er wanneer en waar precies gebeurde, het ging me om wat er op persoonlijk vlak met mij - de hoofdpersoon, de verslaggever - aan de hand was. De politieke situatie en bijbehorende feiten zijn daarom zoveel mogelijk op de achtergrond gebleven; ik wilde een spannend verhaal vertellen, verbanden leggen, de emoties op de voorgrond plaatsen. Dat is het verschil tussen fictie en non-fictie: in een roman gaat het over de mens met zijn gevoelens en al dan niet ellendige trekjes. Non-fictie schiet daarin tekort.'

Toch lijkt Commandant Konijn heel dicht bij de werkelijkheid te staan: u bent zelf de hoofdpersoon, het speelt zich af tegen de achtergrond van een bestaande oorlog en de personages worden aangeduid met de eerste letter van hun (echte) naam.

'Mijn roman is gestoeld in de werkelijkheid, maar het thema is uiteindelijk universeel. Wat ik beschrijf - de relaties tussen oorlogscorrespondenten onderling, de afstomping, de zucht naar goede verhalen - komt in elke oorlog voor. Ik heb aanvankelijk geprobeerd alle verwijzingen naar de werkelijkheid te schrappen en er een fictieve oorlog van te maken met een fictieve verslaggever. Maar dat werkte niet, ik merkte dat ik het dichter bij mezelf moest houden.'

Waarom zijn de namen dan niet voluit geschreven?

'Dat zou te veel afleiden; ik wilde niet dat mensen meteen zouden opzoeken wie wie is en zich op basis daarvan een beeld zouden vormen. Het moesten mijn personages blijven. Overigens is een van de personages inmiddels ontmaskerd: Pieter Broertjes, die ten tijde van de oorlog in Kosovo hoofdredacteur was van de Volkskrant. Dat vind ik niet erg, maar het is niet mijn bedoeling geweest een sleutelroman te schrijven.'

Er zijn een paar personages wier namen wél voluit geschreven worden. Een daarvan is Antonio, de onverschrokken Italiaanse journalist met het litteken op zijn wang. De hoofdpersoon is aanvankelijk jaloers op hem. Hij wil komen waar Antonio komt, weten wat Antonio weet. Ook hij wil een bewijs op zijn lichaam: kijk, ik heb de oorlog verslagen. En daar doet hij alles voor.

Het waren de gevolgen van de oorlogsverslaving waaraan hij leed, zegt Maas. 'Een verslaving maakt een mens asociaal: je denkt maar aan één ding, en dat wil je koste wat kost krijgen. In mijn geval was dat het beste verhaal: ik wilde als eerste en het liefst als enige zijn op de plek waar het gebeurde. De rest was ondergeschikt.'

Dat gold zelfs voor zijn gezin. Maas beschrijft hoe hij steeds langer op reis is. Wanneer hij even terug is bij zijn vrouw en kinderen in Boedapest, is hij afwezig en alleen maar bezig met de vraag: wat gebeurt er daar? Wanneer kan ik terug? Het zijn parallelle werelden waarin Maas zich begeeft: het leven voor de oorlog, waar zijn gezin is en mensen zich bezighouden met hardlopen en kattenvoer kopen, en het leven in de oorlog, waar het gaat om kogels en lijken, waar collega-journalisten zijn nieuwe familie vormen, waar J. zijn bed- en levenspartner is, waar de enige herinnering aan zijn gezin bestaat uit de mascottes die zijn kinderen hem hebben meegegeven: een Warhammer-poppetje en een knuffelbeest genaamd Commandant Konijn.

Antonio Russo (rechts).Beeld EPA

Wat was voor u destijds de echte wereld?

'Dat was absoluut de oorlog. En die wereld had niets te maken met de 'gewone' wereld. Alles wat thuis van belang was, speelde in de oorlog geen enkele rol. De verwaarlozing van mijn gezin vond ik minder belangrijk dan het feit dat Antonio wél in Pristina zat, en ik niet.'

Ging het nog wel om het verhaal, of alleen om de kick en het halen van de voorpagina?

'Vanaf het moment dat ik zo ongeveer als enige door Kosovo liep, stond ik bijna elke dag op de voorpagina en mijn verhalen werden verkocht aan The Guardian en Le Figaro. Toen de krant overwoog iemand te sturen om mij te vervangen, kreeg ik een hebberig gevoel: deze oorlog is van mij en ze komen het van me afpakken. Ik kreeg paranoïde gevoelens waar ik normaal nooit last van had.

'Toch was de kick vooral een prettige bijkomstigheid, en is het me altijd gegaan om het verhaal dat verteld moest worden. Maar dat is niet zo ethisch als het lijkt: aanvankelijk is het de reden om de oorlog in te gaan, later wordt het ook een excuus om te gaan. Dan verandert het in iets anders, iets miezerigs dat deel uitmaakt van de verslaving. Je maakt jezelf wijs dat je erheen moet, maar je wilt niet toegeven dat je het eigenlijk gewoon lekker vindt.'

Bent u volledig van uw verslaving genezen?

'Na Kosovo had ik de keus: duik ik in een andere oorlog en ga ik met mijn collega's mee naar Afghanistan, Irak, Syrië? Of ga ik proberen een normaal leven te leiden? Ik ging voor dat laatste, en ben naar Jakarta verhuisd om correspondent voor Zuidoost-Azië te worden. En hoewel ik merkte dat ik meteen verhalen ging maken over de onrust in Atjeh en Ambon, kon ik de verslaving goed onder controle houden.

'Het conflict in Bangkok kwam het dichtst in de buurt bij wat ik in Kosovo had meegemaakt. Ik had hetzelfde opgewonden gevoel - dat ik, telkens als ik naar huis ging, niet te lang weg kon blijven omdat er iets stond te gebeuren. Maar de uiteindelijke kogel kwam als een verrassing. En het zette me aan het denken: nu was ik écht bijna dood. Het heeft me bewuster gemaakt van de gevaren van de oorlog, maar toch niet minder nieuwsgierig.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden