'Ik was bang dat ik aan bluegrass-tunnelvisie ging lijden'

Jaren tokkelde banjospeler Bjorn Eriksson in de marges van de Belgische muziek. Maar door zijn soundtrack bij filmhit The Broken Circle Breakdown trok bluegrass opeens volle zalen. Nu is er een nieuwe plaat, met vriendin Nathalie Delcroix.

Bjorn Eriksson. Beeld Daniel Cohen

Het had zo mooi kunnen zijn: een maandagochtend met Bjorn Eriksson in Café De Sandy in het Belgische Kalmthout, waar zich meestal tegen 12 uur 's morgens de eerste alcoholisten rond de toog verzamelen. Het leek Eriksson een geschikte plek om te praten over de rootsachtige zelfkanten van het Belgische muziekleven. De country en de bluegrass, die dankzij Eriksson ineens trots op de Belgische podia staan.

Maar Café De Sandy is dicht, wegens onvoorziene omstandigheden. De alcoholisten moeten een beter heenkomen zoeken en wij dus ook. Nou, dan weet Eriksson nog wel een landelijk ruiterpaadje over de Kalmthoutse Heide. Dat voert langs heidevennen met wonderlijke namen als Putse Moer of Pluisven. De paarden moeten we er even bij fantaseren, maar de stijve cowboyhoed van Eriksson helpt om het plaatje van de Belgische countryrevival rond te krijgen. Misschien kunnen we straks nog wat tegen zo'n vervallen houten hek leunen.

Ineens geen buitenbeentje meer

Bjorn Eriksson (1976) is al een leven lang bezig met Amerikaanse folk, met gitaren en banjo's, blues en bluegrass. Maar hij werd vanaf midden jaren negentig vooral bekend als gitarist bij Belgische popbandjes als Zita Swoon en Admiral Freebee. Zes jaar geleden veranderde het muzikale profiel van Eriksson vrij abrupt door zijn bijdrage aan de Belgische speelfilm The Broken Circle Breakdown van Felix Van Groeningen. Eriksson schreef de door banjo's voortgejaagde soundtrack bij dit tranentrekkende drama over een vrijgevochten bluegrassduo dat een kind verliest en aan verdriet ten onder gaat.

The Broken Circle Breakdown werd een arthousehit en daarmee kreeg de aloude Amerikaanse bluegrass, die smartelijke volksmuziek bij banjo en viool uit de Appalachen, een zwieper in België. Eriksson kon met zijn haastig in het leven geroepen Broken Circle Bluegrass Band ineens op tournee langs de grote theaters, met liedjes uit de film, zoals het onvergetelijke If I Needed You. Met zijn vriendin Nathalie Delcroix maakte Eriksson eerder dit jaar een tweede plaat, getiteld Heart Out Of Its Mind, vol fijne close harmony en traditioneel tokkelende gitaargeluiden, wat in België al 'Belgicana' wordt genoemd.

'Bijna surrealistisch', zegt hij. 'Jarenlang waren we met onze bluegrassbandjes bezig in de marges van de Belgische muziek. Je kon eens een optreden doen in het cowboydorp El Paso in Wuustwezel of zo. Of spelen in een Mexicaans restaurant. Daar bleef het bij. En ineens, na die film, stonden we dan op de echt grote podia voor volle zalen. Elkaar aan te kijken: what the fuck is hier eigenlijk gebeurd? En het ging niet alleen goed met onze band. Onze mandolinespeler, die al dertig jaar een eigen bluegrassgroep heeft, kon ook óveral spelen. Wachtlijsten! Heel bijzonder.'

Eriksson & Delcroix

Met de Belgische zangeres Nathalie Delcroix - tevens zijn levenspartner - begon Bjorn Eriksson het countryproject The Partchesz. Tegenwoordig zijn ze Eriksson & Delcroix. Over hun werkwijze zegt hij: 'We werken leuk samen, Nathalie en ik. Ik zit meestal met de gitaar melodieën te schrijven en dan komt Nathalie met opgeheven vingertje de kamer binnen, met onze baby op de arm: laat je nog wat ruimte over voor andere instrumenten? Of: is dit niet te melig?

Eriksson was met zijn rare gitaren ineens geen buitenbeentje meer. Dat was hij in zijn schooljaren natuurlijk wel, want ook toen al zat hij met de banjo of de Hawaïaanse steelgitaar op schoot. Net als zijn vader.

'Mijn vader was altijd nogal afwezig. Hij heeft een... andere kijk op het leven, zal ik maar zeggen. En toen ik heel jong was, gingen mijn ouders al scheiden, toen was hij echt weg. Ik heb dus nooit een vader-zoonrelatie met hem kunnen opbouwen. Maar wat ik wel van hem had meegekregen, was zijn obsessie voor bluegrassmuziek. Mijn vader zat en zit nu nog steeds de hele dag met een banjo op zijn been. Vastgegroeid aan de banjo, opgesloten in zijn eigen wereld. Aan de keukentafel, vanaf het moment dat hij wakker wordt tot 's avonds laat. Heel af en toe gaat hij tussendoor een stukje joggen.'

Dat geluid van de banjo, dat penetrant hakkelende snarengeluid, galmde na het vertrek van vader dus na in het hoofd van Eriksson. 'Hij had toen hij het huis verliet wat platen van Johnny Cash achtergelaten en wat bluegrassplaten. Daar ging ik naar luisteren. En ik raakte onder de indruk van de virtuositeit van die gitaren, de snelheid waarmee werd gesoleerd. Ik dacht: als ik nu ook de banjo oppak, dan zou ik misschien eens met mijn vader kunnen gaan spelen. Ik zag het ook als een manier om met hem in contact te komen. Ik miste hem en was hem in mijn gedachten ook een beetje aan het ophemelen.'

Spelen met zijn pa

Zo begon de bluegrasscarrière van Bjorn Eriksson, rond zijn 14de. 'Ik wist gelukkig een oude pick-up van Lenco te bemachtigen. Dat ding kan platen afspelen op 16 toeren, heel langzaam dus. Zo kon ik die razendsnelle solo's en gitaarlicks van die platen analyseren en naspelen. Dus zat ik door mijn walkman te luisteren naar die beroemde soundtrackplaat van de film Deliverance, terwijl mijn schoolvrienden bezig waren met de Red Hot Chili Peppers. Ik vond dat wel leuk: een beetje anders zijn. Je wilt je op die leeftijd graag onderscheiden.'

En helemaal mooi: Eriksson ging inderdaad spelen met zijn pa. 'Dat was soms best zonderling. We speelden echt hele dagen. Dan ging ik me na een paar uur weleens afvragen: waar ben ik eigenlijk mee bezig? Ik zit hem gewoon te begeleiden in zijn trip. Maar goed, ik leerde ook veel van hem.'

Eriksson ging vroeg het huis uit en woonde vanaf zijn 16de op zichzelf in Antwerpen. De bluegrass bleef bij hem: hij haalde cassettes in de bibliotheek, wisselde muziek uit met vrienden, speelde op straat en vormde een paar eigen bluegrassbandjes. Hij werd min of meer ontdekt bij een Antwerpse cafésessie door Stef Kamil Carlens van dEUS, Zita Swoon en Moondog Jr. 'Hij wilde mij eens horen spelen maar ik had die avond geen gitaar bij me. Die gingen we samen ophalen thuis. Bleek ik geen sleutel bij me te hebben. Stef Kamil is toen langs de regenpijp bij me naar binnen geklommen om zelf die gitaar voor me te pakken. Terug naar de jamsessie in het café. Een week later speelde ik in zijn band Moondog Jr.'

Een mooi moment om de blik wat te verruimen in de bloeiende Belgische popscene van de jaren negentig, vond Eriksson. 'Precies de goede timing. Ik was met mijn banjovrienden en met mijn vader inmiddels ook van die cajunmuziek gaan spelen, uit Louisiana. Daar speelde mijn vader dan accordeon bij en hij ging er in een raar taaltje heel vals bij zingen, want dat hoorde dan zo. En ik dacht soms wéér: waar ben ik mee bezig? Ik was bang dat ik een beetje aan bluegrass-tunnelvisie ging lijden. Daarom was het fijn om wat actiever te worden in de Belgische pop, al kon ik bij de bands van Stef Kamil en later bij Admiral Freebee natuurlijk mijn eigen ding blijven doen, op de banjo en de dobro. Dat paste juist heel goed bij het muzikale allegaartje van die bands.'

The Kentucky Colonels - Live on Stage (1988)

'De band van Clarence White, die later in The Byrds zou spelen. Dit is bluegrass van de jonge garde van de jaren zestig. Ik krijg nog steeds kippevel van de manier waarop White en zijn broer Roland op deze plaat spelen; het vuur, de hevigheid, dat explosieve gitaarspel. O, zo kan het dus ook, dacht ik toen ik Clarence White voor het eerst hoorde.

Rock-'n-roll in bluegrassformatie.'

Tony Trischka - Bluegrass Light (1973)

'Tony Trischka was de vernieuwer van de bluegrass, hij vond de 'newgrass' uit. Hij mengde jazz en psychedelische muziek met de banjo's en violen. Soms heel fout hoor, met saxen en zo, dat je echt denkt: au, dat had hij beter niet kunnen doen. Van de pot gerukt. Zijn muziek heeft me wel aan het denken gezet over dingen die je kunt doen met de traditie en dat je je nooit hoeft in te houden.'

In het persoonlijke leven waren de ramen bij Eriksson ook opengegaan. Hij kreeg een relatie met de Belgische zangeres Nathalie Delcroix - bekend van de folkband Laïs - waarmee hij de laatste jaren dus ook maar een bandje heeft gevormd. 'We zijn al jaren samen en pas nu zijn we echt serieus samen muziek gaan schrijven, in ons huis in Kalmthout. We begonnen met het countryproject The Partchesz, waarin we klassieke countrynummers op nogal experimentele wijze gingen bewerken. In ons duo Eriksson Delcroix houden we de traditionele country en bluegrass wat meer in ere, maar we komen nog steeds op heel andere muzikale stijlen uit.'

Live is het duo uitgegroeid tot een spetterende countryrevue, met zevenkoppige band in strak countrypak, bijpassende danspasjes en veel gitaren. 'Allemaal vrienden, jongens die ik al dertig jaar ken, nog uit mijn bluegrassjeugd. En mijn vader zit in de band. Uiteraard, toch een soort familiaire verplichting. Leuk? Ja, het is leuk om met hem te spelen en rond te reizen. Maar soms ook wat lastig. Na de show vindt hij het moeilijk om te socializen. Hij trekt zich liever terug. Met zijn banjo backstage, in zijn eentje. Op zoek naar nieuwe melodieën. Oefenen en oefenen. Daar zit hij weer, denk ik dan: plink, ploink. Alsof het leven niets anders te bieden heeft.'

De cd Heart Out Of Its Mind is verschenen bij V2 Records. Eriksson Delcroix speelt 7/5 in Bergeijk en 12/5 in Arnhem. Op 29/5 staat de band op het Fries Straatfestival.

Bjorn Eriksson. Beeld Daniel Cohen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden