'Ik voel me een piloot die een bom heeft laten vallen'

Hany Abu-Assad is nog wat beduusd, aan de vooravond van de wereldpremière van Paradise Now, op het filmfestival in Berlijn. 'Ik zie het maar als een spelletje.'

Van onze medewerker Jan Pieter Ekker

'Toen ik de poster zag hangen op de Potsdamer Platz dacht ik voor het eerst: hij is er. Mijn film is klaar. Opeens was het geen fictie meer.' Regisseur Hany Abu-Assad staat er een beetje verdwaasd bij. Producent Bero Beyer geeft hem een enorm glas bier. 'Gaat het een beetje?', vraagt hij.

Zes jaar geleden begonnen ze samen films te maken (Beyer: 'Hany zocht een producent, ik zocht een regisseur'). In de zomer van 2002 draaide Rana's Wedding in de Semaine internationale de la critique van het festival van Cannes, nu zijn ze samen in Berlijn voor de première van Paradise Now, over twee Palestijnse jongens die zichzelf willen opblazen in Tel Aviv. Trots wijst Beyer op de W op zijn badge. 'Wettbewerb! De competitie! Cannes toonde ook interesse, maar kon nog niet zeggen of de film in de Gouden Palm-competitie zou worden opgenomen. Toen was de keuze snel gemaakt.'

De Duitse coproducent komt handen schudden; de Nederlandse distributeur van Paradise Now komt Abu-Assad en Beyer gedag zeggen en krijgt vier kaarten voor de galapremière. Een paar meter verderop staan de vriendinnen van Abu-Assad en Beyer te praten. 'Ik heb de zwarte schoenen van mijn moeder meegenomen. Ze zijn veel te groot; als ik maar niet struikel op de rode loper.'

'Dit is nog maar het begin', zegt Beyer monter, terwijl Abu-Assad nog maar eens diep zucht. Het publiciteitskantoor heeft laten weten dat het storm loopt met interview aanvragen. Regisseur en producent moeten naar een presentatie op de internationale cofinancieringsmarkt, waar Paradise Now als case study dient. Om drie uur 's nachts moet de filmprint worden gecontroleerd, de Engelse versie voor de persvoorstelling en de Duits ondertitelde versie voor de galapremière. De volgende dag staat de opening van een foto-expositie op het programma. Donderdag vliegen ze terug naar Nederland, maar ze komen zondag graag terug voor uitreiking van de Gouden Beren. Abu-Assad: 'Ik reken nergens op.' Beyer: 'Niemand heeft de film nog gezien, maar de buzz is al goed.'

Paradise Now werd opgenomen in Nablus, een Palestijnse stad op de Westoever die omsingeld is door het Israëlische leger, en in Nazareth, de geboortestad van Abu-Assad. 'Het contrast is groot', zegt de Palestijnse Nederlander. 'Hier word ik opgehaald met een enorme auto en houden ze de deur voor me open. Ik hoef niet zelf in te checken in het hotel, ik hoef helemaal niets zelf te doen. Ik zie het maar als een spelletje. Door de rode loper kan ik de checkpoints relativeren, waar je soms uren staat te wachten in het stof. En door de checkpoints kan ik de rode loper relativeren.'

Abu Assad en Beyer hopen dat de selectie van Paradise Now voor de 55ste Berlinale geen politiek statement is, zestig jaar na de bevrijding van Auschwitz. Feit is dat directeur Dieter Kosslick behalve Paradise Now twee films over de Tweede Wereldoorlog (Sophie Scholl - Die letzten Tage en Fateless) selecteerde en twee films over de genocide in Rwanda in 1994 (Hotel Rwanda en Sometimes in April). In het Forum des junges Films is de Israëlische film On the Objection Front opgenomen, over zes Israëlische soldaten die dienst weigeren in de bezette gebieden. In het Panorama draait Massaker, over een slachting in een Palestijns vluchtelingenkamp in Libanon in 1982.

'Voordat we een letter op papier hadden, zeiden we tegen elkaar dat het geen film mocht worden die afhankelijk was van de actualiteit', zegt Beyer. Abu-Assad: 'Paradise Now vertelt een universeel verhaal over de vriendschap tussen twee jongens. Daarnaast laat de film zien waar jarenlange onderdrukking toe kan leiden. Doodgaan met de vijand was ooit een mythe. Nu is het een dagelijkse realiteit. Met mijn film probeer ik de mythe nieuw leven in te blazen. Daarmee ben ik bezig, niet met het bedrijven van politiek.'

Abu-Assad hoopt vurig dat er in Berlijn over de filmische kwaliteit van Paradise Now gesproken kan worden. 'Mensen reageren vaak heel emotioneel bij politieke films. De rede legt het dan af tegen de emotie: ik ben het er mee eens dus ik vind het een goede film, ik ben het er niet mee eens dus ik vind het een slechte film. Iedereen mag ervan vinden wat hij wil. Mensen mogen Paradise Now ophemelen of afkraken, ze mogen er helemaal niets van vinden - het maakt mij niet uit, als ze maar goed kijken.'

Zo vlak voor de première voelt hij zich, zegt Abu-Assad, als een piloot die een bom heeft laten vallen. 'De luiken zijn weer dicht. De piloot kan weinig anders doen dan een sigaretje roken; hij moet wachten tot de bom de grond bereikt. Dan pas weet hij of hij doel treft - of is dat een ongelukkige vergelijking?' Dan moet hij weg. Zijn moeder is in Berlijn gearriveerd. 'Dat is mijn grootste last. Ze zal vragen waarom ik niet op het vliegveld was om haar op te halen.'

Paradise Now gaat vandaag in Berlijn in wereldpremière. A-Film brengt de film dit voorjaar uit in de Nederlandse bioscopen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden