‘Ik musiceer, acteer, beweeg, praat’

Muzikante Lavinia Meijer speelt op het podium pal tussen de dansers, slaat of tokkelt op haar harp. ‘In kleine bezetting kan de harp veel krachtiger uit de hoek komen.’..

Dat ziet er ongemakkelijk uit: stoelen die zo dicht op de harp staan, dat de toeschouwers je straks letterlijk op de vingers zullen kijken. Kennelijk is het geen vergissing. Want zonder commentaar installeert Lavinia Meijer (24) zich achter haar instrument. Voor deze repetitie – in de Amsterdamse studio van de dansers Andrea Leine en Harijono Roebana, het choreografenduo dat bekend staat om zijn samenwerking met musici – heeft ze haar spijkerbroek aangehouden. Alleen de gitzwarte pruik en de zichtbaar veel te grote pumps – superhoog met glitters – moeten aan. Om het lopen te oefenen, het anders-zijn te voelen. ‘Met maat 34 liep ik al op hakken, omdat ik anders niet bij de pedalen van de harp kon’, lacht Meijer later. ‘Maar juist omdat ik dat zo gewend was, hebben de choreografen mij te grote pumps gegeven. Ze wilden mij mijn zekerheid afnemen.’

Rising star Lavinia Meijer: zojuist stond ze nog in de fameuze Carnegie Hall, waar ze debuteerde met een solorecital (‘Helemaal zelf geregeld, vind ik leuk om te doen’), vanaf morgen speelt ze in Theriak, een dansvoorstelling. ‘Ik wil de harp als solo-instrument promoten en laten zien dat het instrument meerdere kanten heeft: van klassiek tot experimenteel. De ontspannende klanken van de harp gaan vaak op in het orkest. In kleine bezetting kan de harp veel krachtiger uit de hoek komen. Daarnaast wilde ik al langere tijd interactie met dansers aangaan.’

Meijers doelen lijken gehaald in Theriak. Een door haarzelf gemaakte bewerking voor harp van stukken voor versterkte piano van George Crumb (gespeeld naast composities van onder anderen Händel, De Falla, Scarlatti en Andriessen) heeft daarbij zeker geholpen. Met een plastic hulpstuk ragt Meijer donkere, lage tonen uit haar harp. Hard en krachtig, niet engelachtig zoals past bij het cliché-beeld van de harp. Ze aait en streelt haar geliefde snaren (‘Doordat je daar direct met je handen op zit, is de harp een heel menselijk instrument’), maar slaat er ook op met vlakke hand of tokkelt eraan met een schroevendraaier. Nu licht ze de toeschouwers, voor de gelegenheid gespeeld door dansers en technici, ijzig kalm van hun stoel om ze elders in de ruimte een plek toe te wijzen. Dan wordt ze zelf gecommandeerd (‘Play! Faster!’) en zelfs het zwijgen opgelegd, haar oren doof onder de handen van danser Tim Persent. Soms zit ze als een furie achter haar harp, haar zekerheid, soms schuifelt ze onwennig, zonder haar instrument, tussen de dansers door.

Voor Leine en Roebana, die zittend op de grond toekijken, laptop en schriftje op schoot, is Theriak een zoektocht. Naar waar een harp voor staat (het is de eerste keer dat ze niet vanuit een compositie of stijlperiode vertrekken, maar vanuit een instrument) en naar de rol van taal – als een stapeling van klanken (dadaïst Kurt Schwitters is uit de kast gehaald), woorden en overtuigingen – ten opzichte van dans en muziek. Theriak is de klassieke naam voor een geneesmiddel tegen alle menselijke kwalen. Meijer: ‘De voorstelling gaat eigenlijk over pogingen de volmaaktheid te vinden. Ook ik belichaam die zoektocht. Ik tast mijn eigen grenzen af. Ik ga van iemand die alles weet en kan tot iemand die onzeker en onervaren is. Ik musiceer – zelfs zonder naar de snaren te kijken – en ik beweeg, acteer, praat.’

Dé eye-opener voor Meijer was dat ook het maken van dans een zoektocht is: ‘Ik kwam meteen met beelden. Wij allemaal in gevangenispakken. Snaren lijken immers op tralies. Naïef! Dans is meer dan bewegen bij een plaatje, een muziekje of een verhaaltje. Ik heb moeten leren zien dat dansers ook iets zeggen met hun bewegingen. Pas toen kon ik begrijpen waarom ik bijvoorbeeld nog steeds te snel voor ze speelde. Ook lichamen zijn instrumenten met een eigen zeggingskracht. Ze communiceren alleen heel anders dan ik. Toen ik op de eerste dag de studio binnenkwam, liepen alle mannen in hun onderbroek! Maar nee, serieus: het heeft me allemaal gefascineerd. Wat zij doen lijkt heel erg op moderne muziek, waar je klankvelden wilt neerzetten en omvormen naar andere klankvelden. Ze bewegen natuurlijk en zijn niet bang. Dat ga ik zeker meenemen in mijn eigen werk.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden