'Ik moet de muziek levend houden'

Marky Ramone was het vijfde wiel aan de wagen van de punkrockband de Ramones. Maar hij is wel de enige die de muziek laat voortleven.

Marky Ramone, 2016.Beeld Sebastiano Tomado

'Ik wil niks eten.'

'Je moet wat eten, Marky!'

'Waarom?'

'Waarom? Omdat je nu de gelegenheid hebt.'

'Wat is hier goed te doen?'

'Het is hier allemaal goed. Ik neem de sandwich met gehaktballen. En jij Marky?'

'I need something to BURNNNNNNN!'

Marky Ramone is even daarvoor als een wervelwind binnengestormd bij Sociale, een Italiaans restaurant in Brooklyn, New York - bij hem om de hoek als het ware, in de wijk waarin hij woont, geboren en getogen is. Zijn hoofd bedekt met een pikzwart kapsel en een spiegelende pilotenbril. Om zijn schouders een al even zwarte nertsbontjas.

Het is te kil voor het vertrouwde Ramones-omhulsel, een zwart en gehavend leren jack.

Bij binnenkomst geeft hij met links een hand, en kijkt om zich heen, om af te tasten of zijn omgeving wel in de gaten heeft dat hij in the house is. Met priemende vingers deelt hij - al was hij de Amerikaanse generaal George Patton zelf - in korte tijd bevelen uit. Zoals waar te zitten (in de hoek, bij het raam) en hoe de tafelschikking moet zijn (hij, Marky Ramone, het dichtst bij de deur, en Marion, zijn vrouw, schuin tegenover hem).

Dan staat hij op, gaat in een noodtempo naar de wc, loopt halverwege terug om te zeggen dat-ie een espresso wil. Als hij eenmaal is gezeteld, houdt hij zijn jas aan, maar zet zijn zonnebril af. Om zijn linkerpols heeft hij een reusachtig horloge, en om zijn rechter een metalen armband met 'Marky' erop. Ook: een bandje waarop hij kan aflezen hoe hoog zijn caloriewaarden zijn, dus hoeveel hij moet BURNNNN - verbranden dus.

Als het eten is besteld, wil hij weten of de band rolt. Ja, de band rolt. Okay, let's go!

Want hij is dus Marky Ramone, drummer van the Ramones, en dan ken je maar één tempo: opschieten! Net als alle Ramones heet hij geen Ramone. Hij heet Marc Bell, en zijn grootvader was een Nederlander, Peter Bell. Nee, van Pietje Bell, de Rotterdamse schelm uit de gelijknamige kinderboekenserie, heeft hij nooit gehoord.

Van links af: Johnny, Joey, Dee Dee, Tommy Ramone in 1978.Beeld .

Je had dus Joey Ramone, Johnny Ramone, Dee Dee Ramone en Tommy Ramone. Dat waren de originele Ramones, die ook niet in het echie Ramones heetten, zeker geen broers waren, maar zich zo hadden genoemd vanwege Paul Ramon. En wie is dat dan weer? Dat was korte tijd het pseudoniem van Paul McCartney, toen the Beatles nog the Silver Beetles heette, in 1960.

Veertig jaar geleden kwam de eerste plaat uit van de Ramones, getiteld Ramones, en dat was het wereldwijde begin van de punkrock. Hey ho let's go! - daar ging het om, en je moest de plaat hard (Loud!) afspelen. De Ramones zongen over hoe je een vervelende gozer met een honkbalknuppel moest aftuigen, dat er lijm werd gesnoven en haalden er geestesziektes en nazi-termen bij (Blitzkrieg Bop), om de aaibaarheidsfactor nog verder uit te benen.

Aan de Ramones leek alles verontrustend, ze hadden niets te maken met de hoi-pipeloi-zitzakken en het leefkuilgevoel van de jaren zeventig. Dit waren teringventjes uit de New Yorkse suburbs, die - met dank aan een agressieve, gestoorde vader - een kutjeugd van zich aframden. Alles werd na aftellen ('One, two three, four') in een noodtempo gespeeld, en zonder muzikale virtuositeit, in drie akkoorden.

Het leken wel stripfiguren, de Ramones, met hun halflange beatlehaar, leren jekkies dus, ouwe spijkerbroeken, T-shirts, gympies, hun gedweep met muziek uit de jaren zestig en hun Flintstones-achtige motto: Gabba Gabba Hey!

Onlangs riep het Amerikaanse muziektijdschrijft Rolling Stone de debuutplaat uit tot de belangrijkste en de invloedrijkste punkplaat aller tijden, en daar zit wat in. Zeker omdat zo'n beetje elke gassie dat midden jaren zeventig de Ramones zag spelen, zelf de punker ging uithangen. Kijk maar naar wat er in Engeland gebeurde, met The Sex Pistols en The Clash. Een hitparadeband was het zeker niet, afgezien van dat ene commerciële vuurvliegje: Rock 'N' Roll High School, nummer 8 in de Top 40 in 1980.

Marky (59) zet zijn vork in de spaghetti di pomodoro, die als een bolletje wol op zijn bord ligt. Terwijl er een sliertje angstaanjagend snel naar binnen wordt geslurpt, valt weer het woord: BURNNNN! Maar nu gaat het over zijn voornemen om alle aantekeningenboekjes en al het originele videomateriaal uit die vijftien jaar (en zeventienhonderd optredens) dat hij bij de Ramones zat, in de hens te steken.

PFFFFFFFSSSSSSSSST - klinkt het opeens, alsof hij een lucifer afsteekt.

Die grote fik ziet hij dus als een ritueel offer dat hij brengt aan het voortbestaan van de Ramones. De muziek, en alleen de muziek moet het nu doen. Hij had al een dvd uitgebracht (Ramones: Raw), en inmiddels is er een internationale bestseller achteraan gevlogen, het boek Punk Rock Blitzkrieg: my life as a Ramone. En dat is het, vindt Marky, hier moet de mensheid het mee doen.

'Zie het ook als een offer aan het leven', zegt-ie. 'Dat je het leven moet vieren en stoppen met dealen met de dood. Ik hou de nalatenschap levend, als de laatste levende Ramone. Ik vind het verdrietig om die gasten op tape te zien - want al die gasten zijn dood: Joey, Tommy, Johnny, Dee Dee. Anyway, ze waren mijn vrienden, mijn bandgenoten. Dan maar weg ermee, all that stuff. En dat offer heeft ook met bijgeloof te maken: als ik het niet verbrand, kan mij ook wat ernstigs overkomen.'

'Er zijn mensen die mijn boek treurig vinden. Dat is ook niet zo gek, want op het eind is iedereen dood, behalve ik. Dat is de realiteit: kanker. Kanker deed dat. Ik niet. De manager maakte de jongens niet kapot, of de fans of de muziekindustrie. Kanker deed dat. Fucking cancer kills them. Kanker discrimineert niet, kanker pakt iedereen, ook de Ramones.

'Ik moet het nalatenschap van de Ramones bewaren. Ik moet hun muziek levend houden. Zo veel bands proberen ons te imiteren, al jaren, maar natuurlijk lukt dat nooit. In de jaren zeventig kende ik de jongens al en omdat ik later vijftien jaar met hen heb gespeeld, heb ik de verplichting. Om een FOKKING belangrijke reden! De nummers van de Ramones zijn te goed om niet te worden gehoord.'

'Wilt u verse peper op uw pasta?', vraagt een ober aan Marky.

'Yeah PEPPERRRRR.'

In de roemruchte New Yorkse club CBGB zag hij ze voor het eerst spelen, en hij raakte bevriend, you know. Hij werd een fan. Ze speelden, en bleven spelen, en na drie jaar was er die plaat. De band ging toeren, en toen ze terugkwamen, was drummer Tommy naar de gallemieze. Hij was doodziek van alle drugs, en wilde uit de band. Ook dat getreiter van Johnny en Dee Dee was-ie zat. Hij was een kleine gast, en ze moesten 'm altijd hebben.

Tommy zei tegen Dee Dee: neem Marky. Marky speelde drie nummers, en Dee Dee zei: cool. Dat was het, niemand anders dan Marky kon dat, zegt Marky. Niemand kon met ze spelen, zo drummen als hij, dus hij heeft ze in 1978 gered, zo ziet hij dat. En hij heeft ze nog een keer gered, toen hij na een pauze van vijf jaar, weer bij de band zat. Hij was er namelijk uitgeschopt wegens overmatig drankgebruik - maar daarover later meer.

Want eerst wil hij laten horen, hoe je dat doet, de beste Ramones-drummer aller tijden zijn. Met behulp van bestek, vingers en een schoteltje van zijn espresso, gooit hij er een paar strakke repeterende drumslagen uit, alsof hij niet in een restaurant zit met achter zijn rug een groep Franse studenten, maar een volle zaal met punkfans moet entertainen.

Marky Ramone, 2016.Beeld Sebastiano Tomado

Tatata tatata tatata, neuriet hij er zelf erbij, om over te gaan op het begin van het nummer Do You Remember Rock 'N' Roll Radio. Hij kijkt strak voor zich uit, met zijn roodomrande ogen in een bleek langwerpig gezicht.

'Je moet de stijl van de nummers aanvoelen', zegt hij, nu weer op de plaats rust. 'Tempo niet verliezen, je moet fit zijn, strak, en nooit ophouden. Ze hielden ook van me, dat scheelt. Ik begreep de chemie van deze weirde gasten. Om er samen alles uit te halen, totdat het klinkt zoals het moet klinken. Ik had de hihat, en die is net zo belangrijk als de gitaar, de bas en de vocals. Ik hield de vaart erin.'

En dan trommelt hij weer met zijn vingers, nu op het steeds leger wordende bord spaghetti: tatata taataat tattaaat. 'Als je dit niet kan, heb je er niks te zoeken. Dit is de ketting van de hele sound van de Ramones.'

Maar hij werd dus uit de band gezet, en dat ís wat voor een band van sicko's als de Ramones, waar lijp, onaangepast, schizofreen, rebellie, drugs en drank op het menu van dag stonden. Gek genoeg waren er wel een paar richtlijnen waaraan je je moest houden, want ze waren geen stinkhippies en geen stinkstudenten die maar wat aanklooiden. Dus: geen drank en drugs voor de optredens. Aan de dresscode viel niet te tornen. Dee Dee telde altijd af. Vrouwen waren welkom en langer dan een maand gingen ze niet op tournee.

En Marky dacht dat hij het leven kon leiden van een koning, of in ieder geval van een punkprins. Hij zoop tegen de klippen op, wanneer het 'm uitkwam. Op een dag in 1983 zat hij in de studio, en ze namen de plaat Subterranean Jungle op. Ze hadden een kutproducer, de sfeer was klote, Dee Dee was een junkie - everything sucks.

'Ik zei altijd dat als ik wat te drinken wilde, ik dat altijd achteraf deed. Maar tijdens deze sessies had ik toch wat wodka nodig, en dat verborg ik voor iedereen. Soms ging ik naar de wc, en dronk een glaasje. Dee Dee vond de drank en liet het iedereen zien: zo van zie je wel, Marky is niet te vertrouwen. Toen kregen we ruzie. Ik ben weg hier, zei ik, 'Go to the fucking rehab', zei Johnny. En dat was dat. Joey belde om te zeggen dat ik niet te hanteren was, vanwege de drank.'

Drummer Marky Ramone, 2004.Beeld .
Optreden circa 1970.Beeld Michael Ochs Archives

We moeten weten, zegt Marion, dat Marky en Dee Dee samen heel erg waren. 'Ze waren volstrekt onbetrouwbaar, waren de hele tijd weg, en al die drank en drugs, je wist nooit of ze op tijd kwamen voor een optreden.

'TERROR', zegt Marky, zo luid mogelijk. 'LEES MIJN FUCKING BOEK MET AL DIE FUCKING TERROR VERHALEN.'

Zo ging hij dus naar de kliniek, en droogde helemaal op, in vier jaar tijd. Hij kreeg het advies een gewone baan te nemen om te zien dat er ook een ander leven bestaat dan dat van een dwaze punkprins. Hij ging fysiek zware arbeid verrichten in de bouw, probeerde in vorm te blijven. 'Het was goed voor me geweest, ik was bezig geweest mezelf uit te wonen.

'En toen vroegen ze me terug. Mijn vervanger Richie Ramone deserteerde uit de band. DESERTEERDE! Precies, zoals in het leger, weet je wel, waar je eigenlijk voor neergeschoten hoort te worden. Hij ging zomaar weg, omdat hij geen opbrengst kreeg uit de verkoop van T-shirts - en toen belden ze mij. Ze hadden Clem uit Blondie gehad voor twee gigs, maar die kon het niet. I FUCKING SAVED THEM.'

Door niet te drinken ging het toeren een stuk makkelijker en liet hij zich niet meer meeslepen door gedonder binnen de band. 'The fuck this and fuck that-bullshit. Ik bleef op afstand van de Joey-en-Johnny-gevechten. Die praatten gewoon nooit met elkaar, en het werd alleen maar erger toen Johnny Joey's vriendin afpakte en Joey steeds meer aan de middelen ging. Dee Dee was mijn beste vriend, en ik heb het hem vergeven dat-ie mij de band had uitgezet - en zo plakte ik er nog eens negen jaar bij.

'Joey was een rustige jongen, hij zei weinig, maar als hij op het podium stond was hij de perfecte zanger, met die lijpe uitstraling, er was gewoon geen andere zanger van de Ramones denkbaar. Hij zag er uit alsof alles uit de liedjes hem was overkomen, of ze over hem gingen. Dee Dee was een wervelstorm, en had ook een hekel aan Johnny. Johnny was net een drill-sergeant - hij blafte meer dan hij beet, met zijn rechtse praatjes. En daar was ik, als de grote vredesbewaarder. Tenminste, dat probeerde ik, maar het werkte niet.'

Dat de band er uiteindelijk de brui aan gaf, in 1996, kwam vooral door de ernstige gezondheidsproblemen van Joey. Dee Dee was er toen al uitgestapt, omdat-ie gek werd van dat geruzie. En al moesten Joey en Johnny elkaar niet, ze hadden elkaar ook nodig, om een Ramone te zijn.

In al die jaren was er nog een kleine opleving geweest, omdat schrijver Stephen King zich over hen ontfermde. De Ramones vertolkten Pet Sematary, de titeltrack van de gelijknamige film, naar een boek van King, een grote fan van de punkpeetvaders. In 2002 - Joey was inmiddels overleden - werden ze opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame. In 2010 gevolgd door een Grammy Award, nu ook zonder de inmiddels overleden Johnny en Dee Dee. Tommy ging in 2014 dood.

Hij, de Vijfde Ramone, is overgebleven.

'En nu zijn de Ramones groter dan ooit', zegt Marky, worstelend met de laatste spaghetti-sliert. Met zijn band Marky Ramone's Blitzkrieg rolt hij het oeuvre uit, met wisselende zangers. Ook heeft hij een radioshow, een Tommy Hillfinger-spijkerbroekenlijn, en zijn eigen Marky Ramone's Tomatensaus.

'We are bigger than ever. Ik bedoel: het is met de Ramones net als met oude bluesmannen: nadat ze gestorven waren, werden ze populair. Toen ze nog leefden gaf niemand ene shit om die bluesgasten. De dood is goed voor je populariteit.'

'Zo groot als de Ramones nu zijn, zijn ze in die veertig jaar niet geweest. All over the world. Ik ga naar China met mijn band. Naar Rusland, Zuid-Amerika, Vietnam, Israël en de Filippijnen. Ik denk dat Joey, Johnny en Dee Dee zouden freaken als ze zouden zien dat ik op al die exotische plekken sta. In de jaren tachtig, toen de Berlijnse Muur er nog was, wilden ze heel graag naar Rusland. Ze zijn er nooit geweest. Ik wel.

'Al die kids houden van de Ramones. Ze houden van de muziek en onze teksten. Ze houden van de energie. Geen fucking samples, geen gast met een keyboard die lullig op een knopje drukt. Wij spelen onze instrumenten en dat is wat het is. NO BULLSHIT! Mensen zijn die bullshit zat.

'Ze kunnen zich met ons identificeren, gewoon jongens die aan het spelen zijn. Wat moeten ze met een of andere bimbo met twee miljoen dollar aan juwelen om zich heen, en haar 500.000 dollar-jurk. FUCK IT.'

Een fan van de Ramones.Beeld .

BAM! Het spaghetti-bord is leeg, maar om zijn ongenoegen over de nepsterren extra luister bij te zetten, slingert hij met zijn arm een glas water om, in het kruis van zijn toehoorder - hetgeen hem overigens niet uit z'n vertelritme haalt. 'Moeten ze hier maar grotere tafels neerzetten.'

'Anyway, het is toch mooi dat al die kids T-shirts dragen van de Ramones', zo gaat-ie verder. 'Beter dat ze de onze dragen, dan van een andere shit-band. Ik bedoel: ik ben een kapitalist. We krijgen nog steeds geld van die T-shirts.Van het echte spul dan hè, niet van alle neppers. Ook de erven natuurlijk. Dee Dee was de man van het nu zo beroemde logo, het was zijn idee. Niet Arturo Vega. Die zei later dat hij het logo had bedacht. NO! Arturo was de man van de handel in T-shirts en het licht. Dee Dee gaf hem het idee, Dee Dee's familie was in het leger geweest. Arturo kwam uit Mexico, wat wist hij ervan? Hij noemde zich de artdirector van de Ramones, maar hij was gewoon onze T-shirt-verkoper. BULLSHIT! Als het om de Ramones gaat, zie je dat iedereen zijn eigen geschiedenis aan het schrijven is. I am the watchdog of all the bullshit.

'Zijn we klaar?' We zijn klaar. Hij checkt zijn calorieënhorloge en zegt op zijn proteïnegehalte te letten, vandaag. Hij moet in vorm blijven, drummers zijn in zijn optiek professionele atleten. Niet alle drummers natuurlijk, je hebt ook veel slome drummers, maar een Ramone-drummer is een topatleet. 'Laatst zag ik een 84-jarige drummer met één arm push-ups maken. Dat wil ik ook. Ik MOET elke dag in mijn studio oefenen. Ik moet weg. Ik moet naar de studio.'

Marky Ramone stormt naar buiten. Een bouwvakker loopt 'm tegemoet, en legt midden op straat in Brooklyn zijn hand op zijn schouder.

'Bedankt wat je voor mij hebt gedaan, bedankt voor de muziek.'

'You're welcome, man.'

Marky Ramone, 2006.Beeld .
Op de hoek van Sunset Boulevard: Ramones met uiterst rechts Marky, 1978.Beeld BuzzFoto / FilmMagic
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden