‘Ik mocht zo absurdistisch zijn als ik wou’

‘Jij bent echt conceptueel, jij.’ Deze zin staat als een liefdesverklaring in de debuutroman Het meisje met de negen vingers van de Catalaanse schrijfster Laia Fàbregas (34).

Ze wijst op een stapeltje brieven, afkomstig van een vriendin. Ooit besloten ze elkaar elke dag een brief te sturen, officieel per post, vaak een heel epistel, soms een paar regels, dan weer een enkel woord. De briefwisseling duurt nu al zeven jaar. Afgezien van de dag dat Laia’s opa stierf, heeft ze nooit een dag gemist. ‘Daar gaan we iets mee doen, we weten nog niet wat.’ Met iemand anders sprak ze af om elkaar brieven te sturen die ze niet zouden openen. Die briefwisseling is gestopt, maar de brieven liggen nog in een la, ongeopend. ‘Misschien een idee van niks, toch gooi ik ze niet weg.’

Intrigerend is het opengeslagen woordenboek op de eettafel. Een Engels woordenboek, vastgeplakt op een grof stuk hout. Alle letters zijn met een vilstift doorgestreept, pagina na pagina. Zwarte strepen, heel precies en zorgvuldig. Ze legt uit: ‘Ik woonde in een woongroep en had alle tijd. We zaten ’s avonds altijd rond de tafel te eten en te praten. Dan pakte ik het woordenboek en begon met strepen. Ik weet niet waarom. Ik vond het een aangenaam werkje, en het zag er zo mooi uit. Later realiseerde ik me dat ik in die tijd bezig was Nederlands te leren en dat een andere taal, het Engels, uit mijn hoofd dreigde te verdwijnen. Maar dat is een verklaring achteraf. Ik was van plan om daarna een roman van Paul Auster door te strepen.’

Paul Auster is haar lievelingsschrijver, inspiratiebron en voorbeeld.

Begin dit jaar debuteerde Laia Fàbregas met Het meisje met de negen vingers. Maar liefst vijf jaar heeft ze aan dit boek gewerkt. Nooit gaf ze de moed op. ‘Ik wist dat ik het af zou maken, maar ik geloofde het pas toen het in de winkel lag. Ik was voortdurend bang dat het niet goed genoeg zou zijn. Je kunt het zelf niet meer beoordelen.’ Inmiddels zijn aan vijf landen de vertaalrechten verkocht. Nog dit jaar verschijnen er vertalingen in het Spaans, Catalaans, Frans, Italiaans, Noors en Deens.

Het verhaal gaat over twee Catalaanse zussen, Laura en Moira. Ze groeien op in de jaren zeventig, in de laatste fase van de dictatuur in Spanje. Hun ouders, actieve socialisten, willen de meisjes in eerlijkheid en vrijheid opvoeden en daarom zijn foto’s taboe. In het hele huis is geen foto te vinden, niet van henzelf, niet van hun ouders. De vader leert de zusjes gedachtefoto’s te maken. Ze prenten zich beelden en situaties in. Eenmaal volwassen gaan de zussen op zoek naar het geheim achter die fotoloze opvoeding. Ze willen ook weten waarom de oudste zus Laura maar negen vingers heeft. Hoe is zij haar pink kwijtgeraakt? Ook dat geheim wordt ontsluierd, maar eer het zover is verliest Laura in de tussenliggende hoofdstukken al haar andere vingers. ‘Fàbregas laat de herinneringen en gebeurtenissen in elkaar overvloeien’, schreef Edith Koenders in deze krant. ‘In een kunstig spel met leugen en waarheid, fantasie en werkelijkheid legt ze het familieverleden bloot, dat de sporen draagt van de dictatuur van Franco, die de ouders aan den lijve hebben ondervonden.’

Laia Fàbregas studeerde beeldende kunst in Barcelona. Tien jaar geleden kwam ze naar Nederland, een man achterna, maar voor ze goed en wel was gearriveerd, was de liefde al voorbij. Ze bleef, leerde Nederlands met het boek Dutch in Three Months, nam allerlei baantjes aan, ging weer studeren (kunst en cultuurmanagement in Rotterdam) en specialiseerde zich als projectmanager, onder andere bij de IT-afdeling van de Amsterdamse politie. Ze is nu zelfstandig consultant.

‘De eerste jaren in Nederland was ik alleen maar bezig met landen. Ga ik het redden hier? Ik moest genoeg verdienen om geen zorgen te hebben. Nu zou ik wel een tijd durven stoppen met werken om te kunnen schrijven. Ik heb geen enkel diploma, maar ik heb genoeg werkervaring om na een sabbatical weer aan de slag te kunnen.’

Liefde voor taal had ze als kind al. Ze heeft schriften vol absurdistische dialogen. ‘Ook tijdens mijn studie beeldende kunst merkte ik dat ik niet kon werken zonder taal. Ik gebruikte altijd woorden in mijn werk, ik groeide toe naar een verhalend soort kunst.’

Vijf jaar geleden begon de Rietveld Academie met een nieuwe richting: 'Schrijven, tekst en verbeelding'. Ze schreef zich meteen in. ‘Ik hoopte theorieën op te doen om kunst en tekst met elkaar te verbinden, wilde me daarin verder ontwikkelen. Maar het liep anders, ik ontdekte dat ik in het Nederlands een verhaal kon schrijven en dat ik op die manier mijn creativiteit kon gebruiken. Vijftien jaar geleden al had ik het meisje met de negen vingers als personage verzonnen en daarmee ben ik verder gegaan. Het verhaal groeide vanzelf, ik schreef het intuïtief, zonder van tevoren bedachte thema's of boodschappen.’

De staatsgreeppoging van kolonel Tejero, die in 1981 zwaaiend met een pistool het Spaanse parlement een dag in gijzeling hield, speelt op de achtergrond een rol in het boek. ‘Ik herinner me dat nog goed, hoe jong ik ook was. We luisterden de hele dag naar de radio, de sfeer was gespannen. Mijn moeder vertelde me later dat ze naar het partijkantoor was gegaan om documenten te vernietigen.’

‘Mijn ouders waren, evenals de ouders in het boek, lid van de Catalaanse socialistische partij. Ze zijn allebei streng katholiek opgevoed, mijn vader moest als derde zoon priester worden. Op zijn dertigste werd hij voor missiewerk naar Afrika gestuurd. Daar sloeg de twijfel toe, want hij constateerde meteen dat die mensen geen godsdienst maar gezondheidszorg nodig hadden. Nadat hij terugkwam en mijn moeder leerde kennen, is hij uitgetreden. Ze hielden ook op met geloven. Ons, de kinderen, wilden ze niks opleggen. Zij waren opgegroeid in een dictatuur, dus ze wilden dat wij vrije mensen, vrije denkers zouden worden.’

‘Over Franco spraken we zelden. Nergens in Spanje werd veel over het verleden gesproken. De overgang naar democratie ging tamelijk geruisloos, zonder rechtspraak, verwerking of verzoening. Die verwerking begint nu te komen. Er worden films en documentaires gemaakt. Er is een wet aangenomen, La Ley de la Memoria Histórica, die bedoeld is om die geschiedenis terug te vinden, om mensen die zijn gedood of gevangen zaten in ere te herstellen.

‘Dat creëert grote spanningen in de politiek. In de rechtse partijen zitten de kleinzonen van ministers uit de Franco-dictatuur. Die zijn tegen de wet onder het motto: wat gebeurd is, is gebeurd. Maar er worden tot op heden nog massagraven gevonden. Anderzijds wordt ook links beschuldigd van wandaden. In Spanje zijn de tegenstellingen tussen links en rechts heel scherp. Politici gaan keihard met elkaar om, scheldend en beledigend. Het hoort ook een beetje bij het Spaanse temperament. In Nederland kunnen mensen van verschillende politieke overtuigingen vrienden zijn. In Spanje is dat bijna onmogelijk.’

In Het meisje met de negen vingers logeren de twee zusjes bij een altijd zwijgende oma en een opa die in de burgeroorlog tegen Franco vocht. ‘Zijn oorlogsverhalen heb ik verzonnen, evenals die van de gesneuvelde oom. Maar mijn opa had als jongeman inderdaad tegen Franco gevochten, hij was een felle Catalaanse nationalist, die een hekel had aan Spanjaarden. Hij was er een beetje door geobsedeerd. Mijn ouders zijn veel milder, niet zo nationalistisch, als ze maar rustig kunnen leven en de taal kunnen spreken, dan is het goed.

Dat geldt ook voor mij, ik zou nooit Spaans kunnen spreken met mijn ouders of vrienden. Vervelend is wel dat je altijd moet uitleggen wat Catalonië is. Na de middelbare school ging ik een half jaar naar de Verenigde Staten om Engels te leren. Niemand had daar van Catalonië gehoord. Maar ik kom uit Barcelona, riep ik dan, ik ben Catalaanse, ik spreek Catalaans! Je beseft dan dat je op veel plekken in de wereld niet bestaat, een vreemde gewaarwording.’

De taal is belangrijk, maar de literatuur uit haar geboorteland heeft niet haar bijzondere belangstelling. ‘Waarom zou ik meer van Catalaanse schrijvers moeten houden? Ze zijn niet anders, ook niet interessanter. Paul Auster, dat is mijn schrijver. En de Spaanse schrijfster, Lucia Etxebarria, en Boris Vian.’

En dan vooral vanwege hun absurdisme. Zo wil Fàbregas zelf ook schrijven, en daarom moest Laura in haar boek een meisje zijn met een grote verbeeldingskracht. ‘Haar leugens en verbeelding zitten in de verhalen over de vingers. Laura weet zelf niet waarom haar pink ontbreekt. Ze wil steeds opnieuw ervaren hoe het is een vinger te verliezen. Ik heb mij uitgeleefd in het bedenken van manieren waarop ze haar vingers kwijtraakt, daarin mocht ik zo absurdistisch zijn als ik zelf wilde.’

Aan het slot wordt alles onthuld, de verdwenen pink, de zwijgende oma, het fotoloze bestaan, maar eigenlijk vindt Laia Fàbregas dat ze te veel heeft uitgelegd. ‘Mijn volgende boek wordt opener. Dan ga ik de grenzen opzoeken. Ik wil geen sluitend verhaal vertellen. Zo lees ik zelf ook. Als ik een boek uit heb, wil ik er graag over nadenken en het verhaal zelf af maken.’

Ze heeft zojuist vijf hoofdstukken van Het meisje in het Spaans vertaald. Dat viel niet mee, zegt ze. ‘Ik zit vast in een ruimte tussen drie talen, Nederlands, Catalaans en Spaans. Ik moet nu in drie talen worden gecorrigeerd. Hier heb ik woorden geleerd die ik in het Catalaans niet machtig ben, vooral werktaal: simkaart, notulen, agenda. Als ik een verhaal aan het schrijven ben, en besluit dat er iets moet gebeuren, dan gaat dat het makkelijkst in het Catalaans. Maar als ik vrij ben, in verbeelding en absurdisme, dan lukt mij dat merkwaardig genoeg beter in het Nederlands.’

Inmiddels broedt ze op haar tweede boek. Ze heeft een zin en een voorwerp.’De zin zeg ik niet, er komt een man in voor, en het ding is een doos met zand, strandzand, daar moet iets mee gebeuren. Ik weet nog niet wat, maar ik ben blij dat ik het heb: een voorwerp en een zin.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden