'Ik houd van muziek zoals ze niet meer wordt gemaakt'

Met The Courage of Others neemt de Texaanse band Midlake afstand van de muziek die zijn doorbraak betekende. Voorman Tim Smith: ‘Voor het eerst heb ik het gevoel dat dit geluid wel eens een tijdje het onze zou kunnen blijven.’..

Door Menno Pot

Het zou overdreven zijn om te zeggen dat Tim Smith een hekel heeft gekregen aan de toch zo fraaie culthit Roscoe en al die andere liedjes op The Trials Of Van Occupanther (2006), het album waarmee zijn band Midlake doorbrak. Maar als je hem over het geluid van die plaat hoort en vooral zíet vertellen, licht hoofdschuddend boven een kop koffie in een café aan het Amsterdamse Leidseplein, dan zou je haast denken dat de frontman en creatieve spil van de band uit Denton, Texas, spíjt heeft van de voorganger van The Courage Of Others, het nieuwe album (het derde in totaal) dat dit weekend verschijnt.

‘We zijn zo lang op tournee geweest met die liedjes’, zegt Smith. ‘Ze zijn, voor mij persoonlijk, niet allemaal in leven gebleven. Sowieso, het geluid van ‘Van Occupanther’... dat wil ik dus écht niet meer. Neem bijvoorbeeld Young Bride: datzelfde liedje zouden we zó anders hebben gearrangeerd als ik het nu had geschreven. Geen drumbeat, langzamer, moodier.’

Het geluid van ‘Van Occupanther’ kwam in 2006 als een verrassing. Midlake greep nadrukkelijk terug op radiovriendelijke, warme softrock uit de jaren zeventig, van volslagen onhippe bands als Fleetwood Mac, Bread en America.

Vooral in Engeland, maar eigenlijk in heel Europa betekende het de doorbraak van Midlake, jonge mannen met rossige baardjes (nou goed: drie van de vijf bandleden hebben er een, onder wie Smith) uit Texas.

‘Ik was pas heel kort geïnteresseerd in het geluid van Fleetwood Mac en zo, maar toch lieten we het hele album die sfeer ademen’, zegt Smith nu. Met een ironisch snuifje: ‘Laten we zeggen dat het publiek dat geluid langer leuk bleef vinden dan ikzelf.’

Nu slaat Midlake terug met een geluid dat volgens Smith veel dichter ligt bij waar zijn band werkelijk voor staat. Weg is de vriendelijk deinende FM-rock: The Courage Of Others is een verstilde, pastorale folkplaat, donkerder en stemmiger dan ‘Van Occupanther’, maar ontzettend mooi, en met teksten die in enkele gevallen gaan over wat de mens zichzelf en zijn planeet allemaal aandoet: titels als Acts Of Man en Rulers, Ruling All Things zijn veelzeggend – en het zijn toevallig ook nog twee van de mooiste liedjes.

Ook nu weer liet Smith zich nadrukkelijk inspireren door muziek die hij pas kort geleden ontdekte: de overwegend Britse folk uit de late jaren zestig en vroege jaren zeventig. ‘Steeleye Span, Fairport Convention, dat soort dingen. In theorie zou het kunnen dat die voorliefde opnieuw snel overwaait en dat ik opnieuw het geluid van mijn eigen plaat zat word, maar ditmaal acht ik die kans klein. Voor het eerst heb ik het gevoel dat dit geluid wel eens een tijdje het onze zou kunnen blijven.’

Dat zou beslist opvallend zijn, want op de drie volwaardige Midlake-albums die nu beschikbaar zijn, lijken drie totaal verschillende bands aan het werk: vóór ‘Van Occupanther’, op debuutalbum Bamnan And Silvercork (2004) en ook de Milkmaid Grand Army EP (2001) maakte Midlake indierock in de lijn van Grandaddy, The Flaming Lips, een beetje Wilco en vooral Radiohead, de Engelse band waarvoor de vijf Midlake-leden een voorliefde delen.

Nóg weer eerder, in de jaren voor 2001, heette Midlake nog The Cornbread All-Stars en speelde een funky soort jazz, vooral geïnspireerd door Herbie Hancock. ‘Ons publiek is getuige geweest van een vrij lange muzikale zoektocht’, zegt Smith.

De verklaring voor die opvallende stilistische verschuivingen per album ligt vermoedelijk in het feit dat Tim Smith als tiener en adolescent niet bovenmatig in popmuziek geïnteresseerd was. Daardoor gaan er, als luisteraar, nog regelmatig nieuwe werelden voor hem open, waarbij opvalt dat hij vooral betoverd wordt door muziek van decennia geleden.

‘Ik ben een escapist, ik weet het. Ik houd van kunst die oud aanvoelt: muziek zoals ze niet meer wordt gemaakt, boeken zoals ze niet meer worden geschreven, films waaraan je zíet dat ze oud zijn. Ik laat me graag meevoeren naar vervlogen tijden. Ik schrijf ook graag over koningen, graven en hertogen. En over de natuur, want die heeft er altijd hetzelfde uitgezien.’

Zijn relatieve onervarenheid als popluisteraar verklaart ook waarom Tim Smith op geen enkele wijze beïnvloed lijkt door de bruisende scene van alternatieve countryrock waar Denton om bekend staat: The Baptist Generals, Centro-Matic, Slobberbone, ‘ik ken die jongens, maar was nooit erg met hun muziek bezig’.

Zijn ontdekkingsreis door de pophistorie begon pas toen hij was afgestudeerd in de jazz, aan de University of North Texas in Denton. Alle bandleden van Midlake deden die studie, maar alleen Smith studeerde af en mag zich doctorandus noemen.

‘Je hebt er geen moer aan’, zegt hij. ‘Alleen aan het improvisatiegedeelte heb ik iets gehad. Achteraf heeft mijn studie me vooral geleerd hoe ik géén muziek wil maken. Geschoolde jazzmuzikanten hebben vaak de neiging ingewikkeld te doen: zo veel mogelijk akkoorden in een liedje. Mijn muziek is juist steeds eenvoudiger geworden. Ik heb veel theoretische kennis van muziek, maar godzijdank kan ik die als songschrijver nog uitschakelen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden