Ik heb oog in oog met de dood gestaan. Nou, woehoe

Ja, liedschrijver Theo Nijland ergert zich snel. Aan pensionado's bijvoorbeeld, op e-bikes. Maar wat hij misschien wel het ergst vindt, is die aanstellerij over de dood.

Liedschrijver Theo Nijland. Beeld Ivo van der Bent / de Volkskrant

Ja hoor eens, dat Theo Nijland (62) bijna dood was, maakt hem natuurlijk niet ineens een interessantere liedjesschrijver. Zelfs niet als die liedjes over de dood blijken te gaan, zoals op zijn nieuwe album Desalniettemin. Want die liedjes had hij toevallig al allemaal geschreven vóór zijn aorta scheurde. Nou ja, bijna allemaal dan.

Vlak voordat hij ineenzakte, had hij op zolder het lied over zijn overleden vriend, zanger Maarten van Roozendaal, ingezongen, een lied dat Maarten gaf de pijp aan mij heet. Ja, het klinkt pathetisch, maar het is echt zo. Het was een zaterdag in augustus, lekker weer. Buiten op zijn erf in Zuidoostbeemster trok hij een fles wijn open en ging naast zijn buurman zitten. Na drie slokken begon Nijland te brabbelen en een minuut later lag hij met zijn lange lijf in het gras, met een rare pijn, alsof een glazen zandloper in hem was gebroken. Hij herinnert zich de stemmen van de ambulancebroeders nog. 'Bent u Theo Nijland?' De volgende vraag die hij, even later in het ziekenhuis, moest beantwoorden, was ernstiger van aard.

Of hij gereanimeerd wilde worden als het misging tijdens de operatie.

Nou, nee. Een Stephen Hawking wilde hij niet worden. 7 procent kans om de operatie te overleven had hij maar. En hij kon een been verliezen, zei de dokter. Daar wilde Nijland al helemaal niet aan denken, want hoe moest hij dan een pianopedaal indrukken? Nee, van hem hoefde het niet zo, het was een vreemd gevoel dat hij ervoer op dat moment, heel rustig en gelukkig. Oké, dit was mijn leven.

Een fijne gedachte?

'Ja, ik dacht ook niet zoveel aan andere mensen. Even aan mijn vriend Ronald, die in Egypte zat. Maar je wordt ook wel egocentrisch van een beetje sterven. Het draait echt om jou.'

Schaamt u zich daar nu voor?

'Nee, dat niet. Hoe groot de dood wordt gemaakt, dat is wat me zo stoort. Dat vond ik al tijdens de aidsepidemie. Dat je steeds maar op begrafenissen van vrienden stond, de een nog ludieker dan de ander. Kom op nou, dacht ik dan, je bent gewoon dood, klaar ermee.'

'Sterven blijft kut', zingt u in Deadline.

'Je wilt de dood verzachten, mooier maken en opfluffen met muziek. In de ambulance dacht ik: o kut, ik heb nog geen muziek uitgezocht. En daarna: alsjeblieft geen muziek, wat een aanstellerij. Ik heb zelf muziek genoeg gemaakt, dan zet je thuis maar een plaatje op. Ik snap het wel, dat ontzag voor de dood, maar ik ben vreselijk nuchter. Ik vind gauw iets overdreven. Een show moet goed in elkaar zitten, een uitvaart ook. Het kan snel misgaan.'

Theo Nijland, een rijzige gestalte met kort grijs haar en een ietwat strenge blik, is na een herstel van bijna een jaar aan zijn zevende soloalbum en voorstelling toe. Hoewel het grote publiek hem nooit helemaal heeft ontdekt, is hij altijd bewierookt door critici en collega's vanwege zijn subtiele liedteksten, doorspekt met ironie en cynisme, waarin hij haarscherp de maniertjes van mensen ontleedt en de kunstwereld op de hak neemt. Op zijn laatste album moeten onder anderen pensionado's met elektrische fietsen, hipsters met knotjes, bakfietsmoeders en festivalgangers het ontgelden. Ook persifleert hij moderne fenomenen als crowdfunding en bestsellers over overleden BN'ers.

Ja, hij ergert zich snel. 'Vooral aan groepen. Ook aan theatergangers. Iedereen wordt in zo'n zaal gepropt en gaat dan op commando lachen. Ik ga liever op Netflix naar cabaretier Daniël Arends kijken. Dan bepaal ik zelf wel wanneer ik lach, en dat is heel wat minder dan al die mensen in die zaal. Ik wil aan deze kant van de streep blijven. Ik op het podium, zij in de zaal. Dat is hypocriet, zou je kunnen zeggen.'

Tijdens zijn nieuwe voorstelling Desalniettemin, die vijf sterren in de Volkskrant kreeg, gaat Nijland na acht liedjes languit op het podium liggen. Even bijkomen. Net als op een paar liedjes van de plaat neemt hij de tijd zijn eigen wereld te parodiëren, de kunstenaars die denken dat hun sterven van publiek belang is, de artiesten die hun eigen ziekte uitbuiten en de 'human interest', hij spreekt het woord uit alsof het heel vies smaakt, van de media.

Recensie Desalniettemin

De originele en bitterzoete liedjes van Theo Nijland zijn een absoluut hoogtepunt in de Nederlandse kleinkunst. Nijland schrijft altijd muziek van topkwaliteit, maar heeft zichzelf met Desalniettemin overtroffen.

Eigenlijk bespot u de reden dat ik hier zit.

'Ik weet niet of ik dit interview aan die ziekte te danken heb, maar je voelt dat het meespeelt. Na je herstel is het onderwerp van elk gesprek. O, je bent er weer. Was het zwaar? Maar het is precies zoals in de voorstelling. Als ik ga liggen, is dat waar. Het is wel lekker dat ik even lig. Ik krijg er energie van. Ik krijg vrij snel last van mijn rug tegenwoordig. Toen ik hier een keer op een matje op de grond lag, heb ik bedacht dat dat ook wel aardig zou zijn voor de voorstelling. Dan kan ik het onderwerp even behandelen en zijn we ervan af.'

Heeft u getwijfeld of de bijna-doodervaring onderdeel moest worden van de voorstelling?

'Nee, alles was daarvoor al bijna af. Ook het nummer Deadline gaat helemaal niet over mijn dood. Goed, een man die Theo heet wordt bezocht door de dood in persoon, maar ik zie dat lied meer als een laatromantische literaire uiting van iemand die de man met de zeis ontmoet. Het is een persiflage op mensen die denken dat ze op het einde alles moeten delen met de wereld, al die stervensboeken. Een bekende van mij uit de theaterwereld ging naast het gebalsemde lichaam van zijn vrouw liggen. De foto zette hij op Facebook, ervan overtuigd dat het een goede daad was. Dat mensen daar recht op hebben. Dat het misschien bezwerend werkt. Het is zo typisch: iemand maakt iets heftigs mee en dan werk je toevallig in het theater en moet je dat wereldkundig maken op die manier.'

Filmscript

Tijdens zijn herstel moest Theo Nijland de definitieve versie van het script van de verfilming van Het leven is vurrukkulluk inleveren bij het Filmfonds. Met hulp is het hem gelukt. Remco Campert, schrijver van de roman, was er erg blij mee, zegt Nijland. De speelfilm, die geregisseerd wordt door Frans Weisz, wordt begin 2017 opgenomen.

Waarom vindt u dat zo ongepast?

'Ik vind het niet interessant, eigenlijk. In mijn voorstelling zeg ik ook dat het allemaal wel meevalt als je het zelf meemaakt. Mijn eigen ziekte is alweer overschaduwd door een vriend die waarschijnlijk doodgaat. Dat vind ik veel erger. En wat moet je over je eigen sterven zeggen?' Zet een ironisch stemmetje op: 'Ik heb oog in oog met de dood gestaan. Nou, woehoe.'

Begrijpt u wel dat anderen publiekelijk willen sterven?

'Het is ijdelheid. Om het zo te zeggen: ik ben dol op Maarten van Rossem en zijn broodnuchtere kijk op de dingen, maar het is gecorrumpeerd. Hij is Maarten van Rossem gewórden, een personage. Dat vind ik treurig, want het is een intelligente man. Waarom doet hij al die programma's? Uit ijdelheid. Het is gewoon heel lekker om te weten: als ik dit zeg, dan werkt dat. Mensen zijn zo.'

U zingt ook cynisch over de hartkwaal van Youp van 't Hek.

'Ja, Jochem Myjer noem ik ook in dat lied. Dat hij kanker bij zijn rug had. Daar is ook van alles over gemeld in de media. Thé Lau was overal, René Gude was aan het eind van zijn leven niet van de tv af te slaan. En natuurlijk onze Twentse vriend Herman Finkers, die was ook heel ziek. Hij is heel bescheiden, maar heeft er ook een voorstelling over gemaakt. Die heb ik niet gezien, maar de recensies hadden de teneur: hij is er weer! En wat is die voorstelling rijk geworden! Dat wordt nu over mijn show ook geschreven. Dank voor al die sterren in de Volkskrant, maar daarin speelt zo'n ziekte ook mee. De recensent schreef dat ik de liedjes tijdens mijn herstel heb geschreven. Dat is niet waar, maar het beïnvloedt het oordeel wel.'

In Desalniettemin bezingt u de zin van het leven.

'Laat ik eens niet iets cynisch schrijven, dacht ik. Het is altijd zo relativerend. Ach, heeft het leven zin? Jawel! Sommige dingen hebben wel degelijk zin, zo kan het soms voelen in elk geval.'

Wanneer voelt u dat?

'Als ik dat nummer zing. Ik slinger me via de muziek dat moment in. De muziek heeft mij altijd geholpen aan het rationele in mijn teksten te ontsnappen. Ja, het leven heeft zin. Voor mij geldt dat zo, zonder dat ik wil evangeliseren of sentimenteel wil zijn. Het is een tegenhanger van alle andere dingen die ik zing, daarom werkt het. In Deadline laat ik de dood zeggen dat mijn leven niets heeft te betekenen.'

Het leven heeft geen betekenis en wel zin?

'Het is allebei waar. Ik ben op mijn manier ook een positivo. Ik vind het leven leuk. Als ik 's morgen opsta, met koffie en een krantje, heb ik altijd weer zin om te beginnen. Terwijl je ook na zo'n bijna-dood denkt: nou ja, wat stelt het voor?

En daarna moest u weer door.

'Dat is gek, ja. De campagne voor het Oekraïne-referendum was toen bezig. Hè, dacht ik, moet ik me nu gaan bezighouden met die shit rond Jan Roos? Dat vermoeiende gevoel van sleur. En de lelijke mensen in de supermarkt in Purmerend. Die moet ik ook weer elke dag tegenkomen.'

De zin in het leven werd minder?

'Ja, ik moest mezelf resetten. Nu gaat het weer beter. Maar ik heb wel minder geduld voor bullshit. En de mensen die ik stom vond, vind ik nu nog stommer.'

In de voorstelling vergelijkt u zichzelf met Vincent van Gogh. Bent u er bang voor dat u, net als Van Gogh, pas na uw dood beroemd zal worden?

'Ik ben er niet bang voor. Ik hoop juist dat er na de dood nog iets gebeurt met mijn werk. Ik ben toch altijd een soort schaduwfiguur geweest. Vaak komt er geen hond, vooral in de provincie. Ik stond gisteren met mijn vijf sterren in Wijk bij Duurstede voor 45 mensen. Dat is niet erg, het was een mooie avond. Maar er zijn wel momenten dat ik denk: misschien komt het na mijn dood.

'Dan hoop ik dat iemand op zolder bijzondere opnamen vindt en denkt: zo, dit is leuk! Dat je nog één keer een revival krijgt. Ik heb geen kinderen, ik heb liedjes. Die zijn mijn nalatenschap.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden