INTERVIEW

'Ik ben ook wel bekogeld met eieren. Geen rotte, gelukkig'

Hij gaat al langer mee dan The Rolling Stones. Onze eigen Rob de Nijs heeft weer een nieuw album afgeleverd. Tijd voor een terugblik met de meester zelf. Wat was goed en wat niet? En waarom?

Rob de Nijs: 'Je kunt een hit nooit voorspellen.'Beeld Cigdem Yuksel / de Volkskrant

Rob de Nijs (71) heeft inmiddels zo veel liedjes gezongen, dat er op zijn website voor het gemak een overzicht staat per decennium. Hij maakte zo ongeveer de hele ontwikkeling van de Nederlandse popmuziek mee en leverde daar, tijdperk na tijdperk, een stevige, niet te missenbijdrage aan. In 1976 werd hij uitgeroepen tot populairste zanger van Nederland en in 1980 riep de Hitkrant hem uit tot Beste Zanger. Hij verkocht honderdduizenden albums en singles. Hoewel het De Nijs zeker niet altijd heeft meegezeten, is hij nooit opgehouden met muziekmaken en staat hij nog steeds avond aan avond op de Nederlandse podia. Hij draait bijna langer mee dan The Rolling Stones en is voorlopig niet van plan te stoppen: vorige week kwam zijn nieuwste album Nieuwe Ruimte uit. Een goed moment om door zijn tientallen singles te lopen. Dit zijn Rob de Nijs' Greatest Hits, in historische volgorde, door de ogen van de meester zelf.

Beeld ANP Historisch Archief

1. Ritme van de regen (1963, #4 in de Nederlandse Top-40)

'Het was mijn derde single. De andere twee, De liefste die ik ken en Jenny, werkten niet, maar deze wel. Waarom weet ik niet; je kunt een hit nooit voorspellen. Ritme van de regen is natuurlijk een redelijk pretentieloos stuk, maar wel een heel lief liedje. Ik zing het nog steeds, kort, met een knipoog, tussen de andere dingen door. Dan zie je de mensen echt kijken van: o, dat is lang geleden zeg.

'Er waren toentertijd nog geen geheime telefoonnummers. Mijn vader had een rijschool, dus je kon me gewoon in het telefoonboek opzoeken. 'Wilt u snel uw rijbewijs, leer dan rijden bij De Nijs' stond erbij. Ineens ging de telefoon en belden mensen me op omdat ze me op televisie hadden gezien.

'Destijds was Johnny Lion ook erg populair. Ooit werd mij eens gevraagd wat ik van hem vond. Naïef als ik toen nog was, zei ik dat ik nooit naar Nederlandse liedjes luisterde. Mijn platenverzameling bestond uit Tony Bennett, Frank Sinatra, Elvis Presley. Eigenlijk vond ik Nederlandse liedjes niks. Dat is mij toen enorm kwalijk genomen. Fans van Lion gingen weleens met die van mij op de vuist en ik ben ook wel bekogeld met eieren. Geen rotte, gelukkig. En tomaten. Maar ik kende John en wij waren gewoon maatjes. We hadden helemaal niets tegen elkaar.'

Beeld ANP

2. Jan Klaassen de trompetter (1973, #30)

'Na Ritme van de regen heb ik enorm veel singles gemaakt. Als er één niet lukte, was er veertien dagen later weer een nieuwe. Het beleid van Phonogram, mijn toenmalige platenmaatschappij, was: niet geschoten, altijd mis. Zij kwamen dan met een liedje en ik moest dat dan maar zingen. Op een gegeven moment was het afgelopen met mijn carrière. Songschrijver Lennaert Nijgh (1945 2002) en ik leurden met stukken die door hem en zijn vrouw Astrid waren geschreven, maar we werden overal afgewezen. Mensen zeiden toen: 'De Nijs, dat was ooit, maar we zijn niet meer geïnteresseerd'.

'Uiteindelijk wilde Boudewijn de Groot wel een album met me maken. Ik stond natuurlijk te juichen. Het eerste stuk was Jan Klaassen. Lennaert was altijd bezig met quasi-legendarische of niet bestaande figuren, zoals Jan Klaassen. Het liedje werd vooral door kinderen erg gewaardeerd, maar eigenlijk was het een antioorlogssong, zonder dat de mensen zich dat realiseerden.'

'Phonogram zette Jan Klaassen meteen op de verzamelelpee Alle 13 goed. Dat was de best verkopende langspeelplaat die ze hadden, er gingen 300- of 400 duizend van over de toonbank. Maar mijn single van Jan Klaassen was nog niet uit en stond dus wel op die verzamelaar. Dus 400 honderdduizend mensen hadden die plaat al. Toen brachten ze 'm alsnog uit. Dat was mosterd na de maaltijd en dat mislukte. Als je nu terugkijkt, is Jan Klaassen nog steeds een heel grote hit, ondanks het feit dat er niet veel van is verkocht.'

Beeld KIPPA

3. Dag zuster Ursula (1973, #3)

'Net als Jan Klaassen is dit lied ook een verhaaltje; typisch het soort dat Lennaert graag schreef. Dit vak is alleen maar leuk als je succes hebt. Als je geen succes hebt, dat is ellendig, dan is het afzien. Veel mensen brachten mij door de televisieserie Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, mijnheer? in verband met kinderen. Dat is natuurlijk nooit slecht: als je bij de kinderen succes hebt, vinden de ouders het al snel heel leuk. Dat is een geluk geweest voor mij, omdat ik daarna dus het serieuzere, romantische en wat melancholiekere repertoire kon gaan zingen: eigenlijk het genre wat ik nog steeds beoefen. Een zanger die zingt, dat ben ik. Voor de rest niets.'

Beeld Hollandse Hoogte

4. Malle Babbe (1975, #8)

'Malle Babbe werd eerst opgenomen met een jazzy arrangement voor Adèle Bloemendaal, maar dat werd geen succes. Dat heeft Lennaert Nijgh en, in mindere mate, Boudewijn de Groot altijd wel gefrustreerd. Zij vonden dat terecht een fantastisch nummer. Er zaten allerlei lagen in, met diverse tempi; het was eigenlijk een soort mini-opera.

'De mensen sloegen meestal aan op de strofe 'Malle Babbe, je lekkere kont'. Het is ook een tijdje verboden geweest op de NCRV-radio. Dat had waarschijnlijk minder met het woord 'kont' te maken dan wat zij als blasfemie beschouwden: dat Malle Babbe werd gebruikt door de heren die op de eerste rij in de kerk zaten. Zoiets zeg je natuurlijk niet.

'Malle Babbe was geschreven als een aanklacht tegen de hypocrisie van niet alleen de kerk, maar de burgerij in het algemeen. Dat was een van de dingen waartegen Lennaert zich altijd afzette in zijn teksten. Het is voor mij nog steeds de ultieme afsluiter van een optreden omdat het iedereen aanspreekt. De mensen kunnen stil blijven zitten en genieten van het verhaal en de muziek, maar ze kunnen ook gaan staan en met de armen zwaaien, de polonaise dansen als ze er zin in hebben; het kan allemaal. Iedereen kent het ook. De mensen die Rob de Nijs niet kennen, kennen Malle Babbe wel.'

De acteur

Behalve van zijn liedjes, kennen veel mensen Rob de Nijs als acteur. Hij trad op in de musical Sajjuns Fiksjun van Harrie Geelen en kreeg daarna een rol in de kinderserie Oebele. De Nijs sloot zich vervolgens aan bij het Tingel Tangel Theater. Maar veruit het bekendst werd hij met zijn rol van Bertram Bierenbroodspot in kinderserie Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen mijnheer? Twee jaar geleden nog speelde De Nijs de rol van Kabouter Kolonel in de kinderfilm Plop wordt Kabouterkoning.

5. Zet een kaars voor je raam (1976, #13)

'Dat nummer bevond zich aan de grens van de liedjes die ik leuk vond om te zingen. Paul Haenen en ik hebben ooit bij dezelfde zangleraar gehad en hij zei dat Zet een kaars voor je raam het mooiste was dat ik ooit heb gezongen. Daar was ik heel verbaasd over. Ik had altijd het idee dat Lennaert en Boudewijn zich er niet te veel mee wilden identificeren, want het was een beetje te zoetig. Om je de waarheid te zeggen, ik vind Ik laat je vrij (1976, #8 in de Tipparade) veel interessanter om te zingen: zowel qua melodie als qua tekst.

Beeld © Kippa

6. Het werd zomer (1977, #10)

'Dat is mijn doorbraak geweest in Vlaanderen. Er zijn nogal wat bruiloften geweest waarbij Het werd zomer de eerste dans was. Ook dit lied was een tijd lang verboden bij de NCRV vanwege het onderwerp, dat een jongen met een oudere dame gaat. Als ik dit nummer niet speel in België, word ik gelyncht.'

Beeld KIPPA

7. Alles wat ademt (1985, #2)

'Dat is geschreven door Gerard Stellaard, Belinda Meuldijk en Lennaert. Het was precies in de goede tijd: er waren kruisraketten, demonstraties, er was oorlogsdreiging. Iedereen verdacht iedereen van de afschuwelijkste dingen. Toen had je ook songteksten als I Hope Russians Love Their Children Too van Sting. Het is wat wij noemen een cirkelsong: het kan eigenlijk eindeloos doorgaan, als een slang die in zijn eigen staart bijt. Je kunt er nog honderd coupletten achteraan bedenken. Elton John met Nikita was toen mijn sta-in-de-weg. Toch stond Alles wat ademt één week op 1. Maar dat was precies in de veertien dagen dat Veronica geen Top 40 had. Dat was uitermate frustrerend.'

8. Banger hart (1996, #1)

'Ja, dat was een vette. Ik vond het wel een lekker liedje, maar had niet voorzien dat het zo'n hit zou worden. Tijdens een vergadering van de platenmaatschappij werden alle liedjes van dat album, De band, de zanger en het meisje, gedraaid. Toen zaten de heren met een boekje op schoot en gaven elk nummer een cijfer. Banger hart kreeg een 7+. Ik rookte toen al vijftien jaar niet meer, maar ik heb diezelfde avond uit frustratie twee pakjes sigaretten achter elkaar opgerookt. De remix, de dansversie, is uiteindelijk 1 geworden. Het sloeg in als een bom, ik weet niet waarom. Ik vond de oorspronkelijke uitvoering met de band beter, smeuïger. Die remix was simpeler. Maar op de een of andere manier brulde iedereen daarop mee, terwijl het geen gemakkelijke tekst is.

Ik zat in die periode helemaal niet lekker in mijn vel. Ik zag het allemaal niet meer zo zitten. Ik ging maar door, er waren geen echte uitschieters meer. Ik was niet tevreden met mezelf en mijn liefdesleven leek nergens op. Iedereen riep tegen me dat het allemaal zo te gek was en of ik er een beetje van genoot. Ik zei altijd maar van wel.'

9. Eén Melodie (This Melody, 2007; met Julien Clerc. #88 in de Single Top 100)

'Julien Clerc en ik zitten bij dezelfde platenmaatschappij. Jan Rot, die de hertaling van het nummer heeft gemaakt, zei dat het misschien een goed idee was een duet op te nemen. Clerc vond dat hartstikke leuk. Hij kwam aan met de Thalys uit Parijs, stapte de studio in; het stond er in een uurtje op. Het is een heel aardige vogel.

'Ik vond het mooi om te doen, zo'n Frans stuk. Het Franse chanson is natuurlijk per definitie melodieus. En het leent zich over het algemeen goed om er een semi-literaire tekst op te schrijven. In Nederland is de tekst vaak een stiefkindje van het lied.'

Beeld ANP

*10 Hidden Bonus Track: Het Koningslied

'Daar zou ik in eerste instantie aan meedoen. Ik dacht: als het goed is, wil ik best meezingen. Maar nee, dit kon ik niet over mijn hart verkrijgen. Ik kreeg de tekst veel te laat: de avond voordat het zou worden opgenomen. Toen heb ik meteen gebeld en gezegd: dit is zo erg, dit ga ik dus niet zingen. Het was heel slecht, zo maak je geen song. Ongelooflijk. Ik denk dat ze daarna nog wel hebben gedacht: hij had gelijk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden