Interview

'Ik ben dol op roem, want ik heb het alternatief gezien'

De mijnwerkerszoon die in de muziek rolde is nog lang niet uitgerangeerd. De affaires van Tom Jones zijn nog niet vergeten, maar het gedoe met die damesslipjes is wel voorbij. Een nieuw album en een biografie zijn genoeg reden om de zanger te spreken.

Tom Jones kwam onlangs met zijn autobiografie, Over the Top and Back.Beeld Times Newspapers Ltd

Of hij nog ergens spijt van heeft, vraag ik aan het eind van ons gesprek. Sir Tom Jones denkt even na. 'Nee, niet echt. Hoewel, ik ben een keer op de foto gegaan met Elvis Presley en dat achtervolgt me nu nog.'

Hij was, 1971, net van het podium gekomen in Caesars Palace in Las Vegas en werd daar opgewacht door Elvis, zanger Merv Griffin en stand-up comedian Norm Crosby.

Nou, Elvis wist wel hoe hij voordelig op de foto moest komen en ziet er ook uit als, nou ja, als Elvis, zonder dat er iets van een onderkin zichtbaar is. De naïeve, grijnzende Tom heeft wel een extra kin. 'Ik heb het laten wegsnijden en nu heb ik het teken van Zorro onder mijn kin. Vandaar de baard... Dus, ga nooit met Elvis op de foto.'

Als dat het ergste is... hoe zit het met al die vrouwen, Tom? Hij staat erom bekend dat hij voortdurend ontrouw is geweest aan zijn vrouw Linda, met wie hij al 58 jaar is getrouwd.

'Naw', zegt hij, zoals ze het alleen in Wales zeggen. 'Ik heb nooit iemand gekwetst, het heeft zich nooit tegen me gekeerd en mijn huwelijk is stabiel.'

Hoewel hij moet toegeven dat het één keer bijna fout ging. Toen zijn verhouding met voormalig Miss World Marjorie Wallace breed werd uitgemeten in de sensatiepers, werd Linda razend en sloeg ze er in Los Angeles, waar het stel woont, op los. 'Ik liet het over me heen komen. Ze gaf me een kaakslag.'

'Die Linda lijkt me wel oké', zeg ik. Tom knikt enthousiast. 'Het is een ongelooflijke vrouw. Ze is voor mij het belangrijkste. De rest is alleen maar voor de lol.'

Tom Jones op de foto met Priscilla Presley en ElvisBeeld Getty Images

Autobiografie

Het verhaal van Tom Jones, seksgod en superster, de man die ooit bij bijna elk optreden werd bekogeld met slipjes en van wie werd gezegd dat zijn broeken zo strak zaten dat je kon zien of hij joods was, is ook het verhaal van twee andere mannen - zijn zoon en tevens manager Mark Woodward en zijn eerste manager Gordon Mills - en van één vrouw: Linda.

Dat verhaal is nu meesterlijk verteld in zijn autobiografie Over the Top and Back, vooral door ghostwriter Giles Smith. Tot verdriet van zijn uitgever geeft Jones tegenover mij toe dat hij het boek pas half heeft gelezen.

Zijn kleurrijke buitenechtelijk seksleven, waar Jones meer dan bekend door is geworden, komt nadrukkelijk niet aan de orde, in tegenstelling tot in de vele onofficiële biografieën. Een van de hoofdstukken eindigt zo: 'Je komt op tournee veel verleidingen tegen die moeilijk te weerstaan zijn.'

En dat is het dan zo'n beetje.

Die terughoudendheid gaat terug op de keer dat hij zag hoe acteur Kirk Douglas genadeloos onder handen werd genomen door tv-presentator Johnny Carson over seks. 'Ik dacht bij mezelf: als het zó moet, begin ik er niet over. Al ben ik dan van armoede tot rijkdom gekomen, het verhaal moet wel echt blijven. Ik moet bij de essentie blijven van waar ik vandaan kom: die mijnwerkersachtergrond in Zuid-Wales, de figuren die ik daar kende en de dingen die mij muzikaal hebben beïnvloed.'

Dus zit hij hier plichtsgetrouw naast me, op de imposante, met marmer beklede bovenste verdieping van zijn uitgever. Sir Thomas Jones Woodward, geboren in Wales als Tom Woodward, maar op initiatief van zijn eerste manager, Gordon Mills, vernoemd naar een filmheld.

Jones draagt een zwart shirt, zwarte schoenen en een druk, grijs geruit pak. Ook uit het boek blijkt dat hij erg bezig is met kleding. Hij is uitermate spraakzaam. Elke vraag leidt tot breed uitwaaierende verhalen. Een terloopse opmerking levert een gedetailleerd overzicht op van zijn belastingperikelen in de jaren zeventig. Hij maakt ook veelvuldig creatief gebruik van het f-woord. En bovenal is hij nog steeds een en al lichamelijkheid.

CV

Tom Jones

7 juni 1940 geboren als Thomas Jones Woodward in Zuid-Wales, zoon van een mijnwerker.

1957 Trouwt met Linda Trenchward. Een maand na de huwelijksdag wordt hun zoon Mark geboren.

1963-1964 Zanger van de groep Tommy Scott and the Senators. Wordt opgemerkt door songwriter en producer Gordon Mills. Die wordt zijn manager en geeft hem de naam Tom Jones.

1965 Eerste hit in Engeland It's not unusual. Ontmoet Elvis Presley, met wie hij bevriend raakt.

1966 Grammy Award voor Beste nieuwe artiest.

1967-2011 Treedt op in Las Vegas.

1989 MTV Video Music Award.

1999 Album Reload, met de hit Sex Bomb.

Ontvangt een OBE (Order of the Britisch Empire): vanaf nu Sir.

2006 De Britse koningin Elizabeth II slaat hem tot ridder voor zijn 'Verdienste voor de muziek'.

2012-2015 Jureert in de talentenshow The Voice UK.

Hij is nu 75, maar heeft nog steeds die dierlijke aanwezigheid waarvan de vrouw van zijn manager paf stond toen zij hem voor het eerst zag optreden. 'Ik heb nog nooit van mijn leven zoiets mannelijks gezien', zei ze. Zelfs in het wat deftige kantoor van zijn uitgever, waar hij zijn beste beentje voorzet, kan ik me dat voorstellen. Hij ziet er goed gecoiffeerd uit, op z'n gemak, net zoals toen hij bij de BBC jurylid was bij The Voice. Hij werd dit seizoen ingeruild voor de bijna twintig jaar jongere zanger Boy George. 'Dat geloof je toch godverdomme niet', zei Linda toen ze dat hoorde. 'Je hebt toch niets vervelends over hem gezegd?'

'Alleen dat ik zijn liedjes goed vond.'

'Dat had nu ook weer niet gehoeven.'

Terwijl ze een appartement in Londen bezichtigden (hij woont tegenwoordig in Los Angeles) vertelde Mark hem dat zijn contract niet zou worden verlengd, en hij vroeg zijn vader wat die daarvan vond. 'Ik zei: 'Het kan me geen reet schelen. Het was leuk om te doen, maar als ze me niet meer willen hebben, kunnen ze de pest krijgen bij de BBC.'

Toch voelde Jones zich gekwetst en niet in de laatste plaats, zoals duidelijk wordt tijdens ons gesprek, omdat ze hem hadden aangespoord zichzelf te zien als het hart van het programma.

Ik merk dat The Voice hem gezag verleende, het gaf hem een duidelijke rol, een positie in de wereld. Zijn onduidelijke identiteit is altijd een probleem voor hem geweest. Het komt door zijn eigen vurige verlangen om alles te zijn.

(tekst gaat verder onder foto.)

Beeld ABC Photo Archives/Getty Images
Tom Jones met zijn vrouw LindaBeeld Popperfoto/Getty Images

Tienervader

'Ik wil meer dan levensgroot zijn', zegt hij. 'In mijn jeugd in Zuid-Wales moest ik me voortdurend bewijzen. Ik wilde drinken met grote kerels.' Misschien kwam dat omdat hij als kind bijna alles kwijt was geraakt. Hij was dyslectisch en op zijn 12de moest hij twee jaar het bed houden met tuberculose. Hij was toen al verliefd op Linda. 'Toen ik tbc had, had ik echt hartzeer door dat meisje.' Het feit dat hij haar zwanger maakte en met haar trouwde toen ze allebei 16 waren, lijkt een rustgevende factor in zijn leven te zijn geweest.

'Ik werd er sterker van. Ik weet niet hoe het zou zijn gegaan als ik een vrijgezelle tiener was geweest, maar ik zag een heleboel tieners die het leven niet erg serieus namen. Ze waren brutaal, gaven nergens ene flikker om, althans degenen met wie ik omging. Ik had andere dingen aan mijn hoofd. Ik moest mijn baan bij de papierfabriek zien te houden omdat ik een vrouw en een zoon had.'

En hij zong. Hij heeft nooit noten leren lezen, maar pikte liedjes op van Radio Luxembourg en in de pub leerde hij van 'Blind Johnny' de grondbeginselen van toonsoorten en dergelijke. Toch zat hij ook toen al tussen twee werelden: die van de rocker en die van de crooner/balladzanger. Een van zijn grote voorbeelden was de voormalige rugbyspeler Glynog Evans, die geharde kerels tot tranen wist te roeren met zijn uitvoering van My Mother's Eyes. En Jones zag hoe de machtige Glynog walgde van Mick Jagger toen die in de pub op tv was.

'Hij vond rock-'n-roll maar een hoop gelul en toen hij Jagger zag, rukte hij bijna de televisie van de muur. Ik was ook in de pub en hij draaide zich om en zei 'Kom verdomme van je reet af, ga naar Londen en doe die Engelse klootzakken voor hoe je moet zingen.' 'Ik ga morgenochtend meteen', zei ik. Ik had geen idee dat hij wist dat ik kon zingen.'

Gordon Mills, een manager, liedjesschrijver en 'zanger' was in contact gekomen met Jones en had hem zien optreden met zijn band The Senators. Mills zon op manieren om Jones te laten meegaan in de nieuwe golf van popmuziek. Dat was niet eenvoudig. De nieuwe popsterren waren artistiekerige, lenige, androgyne types met lang haar. Met zijn korte krulhaar en dierlijke uitstraling was Jones eerder het tegendeel. Mills zag Jones als een in het leer gehulde rocker, maar verpestte dat voor zichzelf toen hij samen met Les Reed een liedje schreef. Jones vond het een goed liedje. Een heel goed liedje. Mills begreep niet wat hij erin zag. Hij had het aan Sandy Shaw aangeboden, maar toen die de demo van Jones hoorde, zei ze dat hij het beter deed dan zij het ooit zou kunnen.

Beeld Mondadori via Getty Images

Roem

En zo werd It's Not Unusual in 1965 op een nietsvermoedende wereld losgelaten.

Achteraf gezien is het een briljante popsong: een blije/droevige combinatie van een jaloersig verhaaltje en een eenvoudig meezingdeuntje. Doe je ogen dicht, neurie het deuntje en je ziet meteen Jones met zijn heupen draaien, met zijn rechterarm zwaaien en met zijn vingers knippen. Het nummer schoot in het Verenigd Koninkrijk naar nummer 1 en in de Verenigde Staten naar nummer 3. Het is een klassieker geworden, maar alleen als het wordt gezongen door Jones the Voice.

Hij was 24 en de meisjes wierpen zich aan zijn voeten. Hij zat een keer bij een benzinestation op de wc 'zijn ding te doen' en meisjes klommen het hokje binnen. 'Dat was me nog nooit overkomen', overpeinst hij in het boek. Toch was er nog steeds een imagoprobleem. Met zijn volgende singles scoorde hij grote hits: What's New Pussycat?, Green, Green Grass of Home en Delilah, maar ook de nodige flops.

De vraag was: waar stond Tom Jones voor? Hijzelf kwam er niet uit en zijn manager ook niet. Hij was niet genrevast en deed pop, rock, country, blues, crooning en noem maar op.

Jones zag er aanvankelijk geen probleem in. 'Ik wilde alles doen!' En hij had geen enkele moeite met beroemd zijn. Hij zou niet zo'n ster worden die klaagt dat hij niet meer normaal over straat kan. 'Ik ben dol op beroemd zijn, want ik heb het alternatief gezien. Ik heb in een papierfabriek ploegendiensten van twaalf uur gedraaid. Daar wilde ik maar wat graag weg. Maar je hebt van die zangers die als ze opeens beroemd worden, denken dat ze het recht hebben om anders met mensen om te gaan. Zo ben ik niet. Een man is een man, een ober is een ober. Zolang je aardig bent, verdien je respect.'

Drugs waren ook een belangrijke reden waarom hij niet meeging in de moet-kunnen-sfeer van de rock- en popscene van de jaren zestig en zeventig. 'Ik zweer het', zegt hij, met zijn rechterhand omhoog alsof hij een eed aflegt. 'Ik heb nooit drugs gebruikt. Ik heb zelfs nog nooit een joint gerookt.' In het boek staat een anekdote over een feestje bij zangeres Lulu thuis, rond 1973, toen zij getrouwd was met Bee Gee Maurice Gibb. Rod Stewart, Marc Bolan, Robert Plant en Elton John waren er ook en op de keukentafel lag 'een hoop cocaïne tot aan het plafond, een cocaïneberg waar rietjes uitstaken.'

'Waar ik vandaan kwam, was cocaïne iets wat de tandarts toediende; dat heette Novocaïne. Tijdens een repetitie in 1970 voor mijn tv-programma vroeg Smokey Robinson mij of we wat van dat witte poeder hadden. Ik zei: 'Zie ik eruit als een tandarts of zo?'

'Het was me volkomen vreemd. Ik had er niks mee. Ik wist wat drinken was en daar hield ik wel van. Dat was macho en naar een pub gaan en een biertje drinken, hoorde bij je opvoeding. Je kunt niet op een mijnwerker afstappen die vergaat van de dorst en hem een joint of een lijntje coke aanbieden. Dan kun je een knal voor je kop krijgen.'

Zijn weerzin tegen drugs is ook esthetisch. Hij vindt het vreselijk mensen lijntjes coke te zien leggen op het toilet. 'Op het toilet! Ik dacht altijd: 'Wat mankeert jullie in godsnaam?' Ik geef niks om zo'n snelle kick. Ik wil juist meer kunnen drinken en er minder van merken.' Hij heeft ook een hekel aan jongelui die omvallen als ze dronken zijn. 'Je kon niet met echte mannen drinken als je steeds omviel.' Dat sterke verlangen naar een ideaal van mannelijkheid heeft hij altijd gehouden.

Beeld Getty Images

Hits in Nederland:

1965 It's not unusual

1965 What's new pussycat

1966 Green, green grass of home

1968 Delilah

1971 She's a lady

1988 Kiss (cover van Prince)

1999 Sex Bomb

Naar de VS

In 1967 leek zich een oplossing aan te bieden voor de slepende imagokwestie: Amerika. Hij had altijd een voorliefde gehad voor Amerikaanse muziek. 'Daar werd muzíek gemaakt!' Gospel, en vooral soul, en niet zozeer Sinatra. Hij hoorde liever het maffe, tomeloze genie Jerry Lee Lewis dan de uitgekiende bouwsels van Elvis. Dus ging hij in 1967 optreden in Las Vegas; die stad zou zo'n beetje zijn hele professionele imago in de jaren tachtig bepalen.

Bovendien gebeurde er in 1969 onverwacht iets belangrijks in de VS. Hij had een reeks optredens in de Copacabanaclub in New York. Het was er warm en na een aantal nummers liep het zweet van hem af. Mensen die er zaten te eten, waren zo vriendelijk hun servet te geven. Op een avond stond een vrouw op en 'tilt haar jurk op, stapt uit haar onderbroek en geeft die aan mij'. Hij was eraan gewend dat ze in Zuid-Wales flessen naar hem gooiden, dus hij wist dat je zulke dingen altijd in je eigen voordeel moest gebruiken. Maar een onderbroek? Hoe? 'Dus ik dep mijn voorhoofd ermee en ik zeg: 'Pas op dat je geen kou vat.'

Vanaf dat moment stond hij vaak te zingen op een tapijt van ondergoed. Er waren vrouwen die zijn advies over kouvatten ter harte namen en extra slipjes meebrachten om mee te gooien. Hij werd Jones de seksbom en slipjesmagneet. Die rol heeft hij lang gespeeld in Vegas, tot 2011 minstens één keer per jaar en hij verdiende er miljoenen mee. Van 1969 tot 1971 had hij ook een succesvol tv-programma in de VS. Hij werd in de eerste plaats een Amerikaanse ster, hoewel hij nooit Amerikaan is geworden. Hij is nog steeds een expat met een verblijfsvergunning. 'Ik ging een keer door de douane en die man zegt: 'Hebt u al sinds 1976 een verblijfsvergunning? Waarom bent u dan geen Amerikaans staatsburger geworden?' Ik zei dat hij maar eens naar de naam in mijn paspoort moest kijken: Sir Thomas Jones Woodward. 'Aha, dat zou de koningin niet leuk vinden.' Juist.'

Zijn manager, Gordon Mills, overleed in 1986, amper 51 jaar oud. Zoon Mark, die al sinds zijn 16de met zijn vader meereisde, nam diens plaats in. Jones werd bedolven onder aanbiedingen van andere managers, maar koos voor Mark. Dat kon wel eens de beste beslissing van zijn leven zijn geweest. Het ging Mark meer om de muziek dan om de glamour en hij hechtte belang aan zijn vaders nalatenschap. Mark wilde dat Jones herinnerd zou worden als een groot zanger, maar daarvoor moest eerst een probleem uit de weg worden geruimd.

Jones: 'Je kunt in de popmuziek verschillende dingen doen terwijl je een imago opbouwt, maar je beseft soms niet dat je je eigen graf aan het graven bent. Mark zei: 'Je verknalt het met dat gedoe met ondergoed. Kap ermee.' Hij dacht dat mensen mij minder serieus zouden gaan nemen als ik te veel aan het klooien was. 'Je bent een geweldige zanger', zei hij, 'maar mensen gaan je als een clown zien.'

Hij had gelijk. Het werd tijd voor Jones the Voice weer op te duiken uit een reusachtige stapel ondergoed. Het hoogtepunt in dit proces - volgens mij een van de ontroerendste passages in het boek - kwam in 1992 op het Glastonburyfestival, het Lowlands van Groot-Brittannië.

Jones was zenuwachtig, een beetje onder de indruk van het hele gebeuren en hij maakte zich zorgen dat hij het publiek als 'anonieme speciale gast' zou teleurstellen, omdat ze misschien U2 of The Stones verwachtten. Van Morrison trad vlak voor hem op en zei bij het verlaten van het podium tegen Jones dat het publiek een 'schop onder de kont' nodig had. Dat maakte het niet makkelijker, maar Jones zou Jones niet zijn als hij niet dacht: 'Ze kunnen me wat. Ik probeer het en dan zien we wel.'

En natuurlijk ging iedereen uit zijn dak. De oude pop-, rock-, country-, Vegasster had als geen ander zijn sporen verdiend. Hij had recht op datgene wat hij altijd zelf aan anderen zegt te geven: respect. Hij had eindelijk zijn eigen identiteit. Die was nooit zo moeilijk te vinden geweest, maar hij vond hem toen pas. De jongeren hadden geen schop onder hun kont nodig, ze hadden Tom nodig. Er werd een spandoek omhoog gehouden. Er stond alleen maar: 'Tom fucking Jones' op.

Beeld Getty Images

Depressiviteit

De recente albums van Jones, waaronder zijn nieuwste, Long Lost Suitcase, dragen met hun sobere authenticiteit duidelijk het stempel van Mark.

Intussen trok Linda zich steeds meer terug in Los Angeles. Ze rookte veel, maar nooit in de huiskamer. Als ze in een hotel verbleven, moest Tom van tevoren uitzoeken of de badkamer wel een raam naar buiten had, zodat er geen rook in de kamer kon komen. Ze heeft longemfyseem en is twee keer aan kanker ontsnapt. De laatste keer bleek ze bijna fatale darmkanker te hebben. 'Als je moeder doodgaat, kan ik niet meer zingen', zei Jones tegen Mark. 'Dan moeten we er maar voor zorgen dat ze het overleeft', zei Mark. Dat lukte.

Linda heeft altijd een beetje last gehad van pleinvrees en bleef liever thuis. Ze was te nerveus om vaak optredens bij te wonen, volgens Jones vanwege haar 'depressiviteit'. 'Ik ben tot het besef gekomen dat ze al jong een depressieve inslag had. Ze had er altijd een beetje last van. Toen we trouwden, een kind kregen en in een eigen huis woonden, een huiselijke omgeving hadden, vond ze dat prima, want ik denk niet dat ze er echt van genoot om uit te gaan. Ze bleef het liefst thuis.'

Door haar longaandoening bewoog ze steeds minder en er werd een traplift geïnstalleerd. Jones windt er geen doekjes dat ze haar uiterlijke verzorging een beetje heeft laten versloffen. 'Linda is mijn grote liefde, nog steeds, ook al zie je dat niet meer aan haar. Ik zie er ook niet meer uit als vroeger, maar ik doe mijn best.'

Beeld Times Newspapers Ltd

Linda's haar werd steeds langer en hij bood aan een kapper aan huis te laten komen, maar ze zei dat ze geen zin had andermans problemen aan te horen. 'Het vuur is eruit', zegt Jones.

Hij praat maar door en ik begin me wat ongemakkelijk te voelen tegenover Linda, die er tenslotte niet bij is om haar kant van het verhaal te vertellen. Maar dan zegt hij iets waarmee hij zijn bijna botte openhartigheid weer helemaal goedmaakt.

'Als je tegenover iemand zit, besef je dat de tijd voorbij is gegaan, maar als we met elkaar bellen, zijn we allebei weer jong. Aan de telefoon zijn we niet ouder geworden. Je ziet elkaar niet en ik kijk dan naar een oude foto die ik altijd bij me heb en op het nachtkastje zet. Dan zegt ze: 'Maar zo zie ik er niet meer uit.' Dan zeg ik: 'Dat weet ik wel, maar ik heb er zulke fijne herinneringen bij.' Als we met elkaar bellen, valt alles van haar af, ook haar depressie.'

Ondanks alles is het een mooi liefdesverhaal waarin de liefde alle 'lol' en de verwoestingen die de tijd aanricht, overleeft. Dus omhoog met die spandoeken: 'Sir Tom fucking Jones'. Yeah.

Vertaald door Leo Reijnen

Over the Top and Back: The Autobiography, 528 pagina's, is verschenen bij Penguin Books. De cd Long Lost Suitcase verscheen begin oktober.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden