nieuws nederlandse filmwereld

IFFR-baas Bero Beyer (49) is de nieuwe directeur van het Filmfonds

Het is dé zomertransfer in de Nederlandse filmwereld: Bero Beyer, sinds 2015 directeur van het International Film Festival Rotterdam (IFFR), wordt de nieuwe directeur van het Filmfonds. 

Bero Beyer Beeld ANP

Beyer (49) werkte eerder voor het fonds als consulent en was internationaal filmproducent (Paradise Now  van Hany Abu-Assad, werd in 2006 genomineerd voor een Oscar). Als artistiek leider wist hij de bedrukte sfeer rondom het vijf jaar geleden zowel nationaal als internationaal wat weggezakte Rotterdamse festival vlot te keren. Beyer pepte de hoofdcompetitie van het festival op door ’m af te slanken, haalde de banden met de Nederlandse filmdistributeurs aan en trok de wereld rond om het festival te promoten. De bezoekcijfers stegen, net als de hoeveelheid aansprekende gasten, onder wie Oscarwinnaar Barry Jenkins van Moonlight.

Per maart 2020 zal Beyer gaan leidinggeven aan het Filmfonds. Voor die tijd overziet hij nog de 49ste editie van het IFFR, in januari, en zet hij de 50ste jubileumeditie alvast in de steigers.

Gaat u niet te vroeg weg uit Rotterdam?

‘Dat denk ik niet. Na het 49ste festival zijn we vijf edities verder sinds mijn aantreden en heb ik kunnen doen wat ik me had voorgenomen. IFFR moest internationaal weer relevant worden, dus ik ging met een grote glimlach de wereld rond om dat duidelijk te maken. Maar steeds honderd dagen per jaar op buitenlandse festivals, dat hakt erin. Ik kan en wil IFFR niet zomaar uit de klauwen laten vallen, dus ik bijt me er nu nog met veel plezier in vast.’

Als Filmfondsdirecteur begint u in een beladen periode. Nederlandse filmmakers luidden eerder dit jaar de noodklok: ze zijn ontevreden over de inhoudelijke bemoeienis van het Filmfonds en over de kwaliteit van de eigen films.

‘Mijn reactie: never waste a good crisis. Je kunt vingerwijzen: managementcultuur hier, bemoeienis daar. Maar wat ik heel positief vond, is dat die filmmakers ook zeiden: wacht even, wíj maken toch die films? Dat is een goeie uitgangspositie. We hebben een Filmfonds met geld, en niet zo weinig ook, daar heeft mijn voorganger Doreen Boonekamp fantastisch voor gestreden. Er zijn automatische regelingen met nul inhoudelijke bemoeienis. Een hoop geld, puur automatisch gefinancierd. 

‘Daarnaast is er de toekenning van selectieve financiering, waarbij je een delicate balans zoekt. Als je als Filmfonds studiootje of producentje zou spelen, ben je principieel verkeerd bezig. Tegelijk zijn we een overheidsinstantie: we vertegenwoordigen het Nederlandse volk dat – terecht – vindt dat je goede films moet maken. Als filmmaker, of je nou producent, regisseur of scenarist bent, moet je wel eerst allerlei mensen, ook het Fonds, ervan overtuigen dat je idee goed is.’

Ik vat de toestand even samen: onze publieksfilms trekken onvoldoende publiek, onze artistieke of arthousefilms sluiten niet of nauwelijks aan bij top van de internationale filmfestivals en leggen het in de Nederlandse theaters af tegen buitenlandse arthouse. Wat valt daaraan te doen?

‘Áls dat allemaal zo is – áls – lijkt het me een heerlijke uitdaging. Dan kun je denken: wat hebben we dan nagelaten bij de publieksfilm? Zijn we te veel de formules ingestapt, zijn we onder-gebudgetteerd, werken we te snel? Als je bij de publieksfilms bochtjes af gaat snijden, het je makkelijk maakt, krijg je dat terug. En bij de arthouse kun je denken: zijn we te veel naar binnen gekeerd? Of duwen we die films te veel in een hokje, presenteren we ze wel goed? Zendingsdrang is ook belangrijk.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden