Interview

'Iedereen moet een kans krijgen zich thuis te voelen bij de kunsten'

Een Londense veelvraat met koninklijke onderscheiding komt naar Nederland om Pierre Audi op te volgen bij het Holland Festival. En nu?

Beeld Linda Stulic

'Als tiener zong ik in een jeugdkoor, in Londen. Het was opgericht door Benjamin Britten en deed alleen contemporaine muziek. We hadden vaak uitvoeringen in het South Bank Centre, The Royal Festival Hall. Ik was 14 en ik wist niet beter, ik vond het niet ingewikkeld of vreemd, het was wat we nu eenmaal deden. Achteraf is dat een cadeautje, denk ik. Dat, plus het feit dat ik gewoon backstage kon gaan, dat kunstencentrum was echt een vertrouwde omgeving. Ik kon binnenpiepen bij repetities, en zo zag ik Pierre Boulez Pli selon Pli repeteren, een van zijn meesterwerken, een wonder van muziektechniek. Ik zag 'm het doen en ik kon niet geloven dat dát mogelijk was. Dat was het einde van mijn droomloopbaan als dirigent - dit zou ik nooit bereiken. Dus dankzij Pierre Boulez ben ik nu curator en programmeur, geen artiest.'

Vrolijk

Ruth Mackenzie (1957), de nieuwe artistiek directeur van het Holland Festival, oogt vrolijk. Deze week is het festivalprogrammaboek 2015 naar de drukker gegaan. Na tien jaar Pierre Audi is dit - de 68ste - nu helemaal haar editie. Op de precieze inhoud mag ze nog niet ingaan, die wordt pas eind januari vrijgegeven. Maar een paar onderdelen zijn al recentelijk bekendgemaakt en een daarvan is Pierre Boulez, de maître van het muzikale experiment, met zijn Répons.

Ze vervolgt: 'Door die ervaring met dat koor heb ik me later gerealiseerd dat iedereen een kans moet krijgen zich thuis te voelen bij de kunsten. Dat is mijn ambitie, een wezenlijke ambitie en in die zin hecht ik er ook waarde aan Pierre's 90ste verjaardag op deze manier te vieren.'

Helden

Boulez is overigens geen vreemde in het Holland Festival, net zomin als een andere reus op het programma: Robert Wilson, eerder een hit met zijn enscenering van The Life and Death of Marina Abramovic, nu present met het toneelstuk Krapp's Last Tape van Samuel Beckett. Mackenzie weet dat ze nauwlettend wordt gevolgd: wat kunnen we verwachten van deze dame uit Londen? Zal zij de koers drastisch wijzigen, of juist helemaal niet? Audi is een van haar helden, zei ze eerder in een interview. Dus?

'De programmering is tamelijk persoonlijk, en haast organisch tot stand gekomen, zoals deze eerste paar producties. Het voelt goed om favorieten als Boulez en Wilson in mijn eerste festival te hebben. Ook om tegen het publiek te kunnen zeggen: jullie helden zijn mijn helden. Ik kom hier omdat ik houd van dit festival, ik kom niet om het te veranderen, maar omdat ik het enorm bewonder.'

Audi, inderdaad, is een inspiratiebron, net als diens voorganger Ivo van Hove. 'Pierre ken ik nog uit zijn Londense Almeida Theatre-tijd, Ivo's Kings of War heb ik in 2012 al naar Londen proberen te krijgen. Hij weet Shakespeare te ensceneren op een urgente manier die de Royal Shakespeare Company ver voorbij is. Nu prijs ik me gelukkig dat het toen niet doorging en ik de voorstelling in 2015 hier kan presenteren.' Audi en zijn Nationale Opera zijn vertegenwoordigd met de opera Lulu van Alban Berg.

'Beiden zijn vernieuwers, ze openen vensters naar andere einders, hun erfenis is geen last, maar een aanknopingspunt voor mogelijke andere richtingen.' En natuurlijk zijn er andere richtingen, zegt ze, terwijl ze de flyer (in spiksplinternieuwe huisstijl, zoals iedere nieuwe artistiek leider die traditioneel krijgt) met de eerste vier voorstellingen door haar vingers laat gaan; het Holland Festival heeft een vermaarde traditie waar het innovatie betreft. Mackenzie: 'The tradition ís innovation.'

Zuid-Afrika

'Een mix van moppies en nederlandsliedjes', zegt het nieuwe programma over het repertoire van de Cape Traditional Singers. Mackenzie viel voor de show - Zuid-Afrikaanse carnavalsacts gecombineerd met modern vrouwelijk zangtalent - in Parijs, waar haar vader woont. De zaal ging enthousiast mee in de muziek, maar snapte weinig van de tekst, een uitzondering als Mackenzies vader daargelaten. Want de roots van de familie liggen in Zuid-Afrika. Haar ouders, beiden journalist, ontvluchtten het land.


'Ze hebben me nooit Afrikaans geleerd', zegt ze, 'waarom ook. Maar nu vind ik het wel jammer, ik denk dat ik er wat aan zou hebben gehad met het leren van Nederlands.' Dat laatste bleek nog geen sinecure. 'Binnenkort ga ik terug naar de nonnen in Vught. Mijn openingsspeech wil ik straks in het Nederlands doen. Ook in Londen heb ik les. Best intensief, zo erg zelfs dat mensen denken dat ik er een affaire op na houd. Nee! Ik leer woordjes!'


Mackenzie verdeelt haar tijd tussen Amsterdam en de Britse hoofdstad. Daar is ze 'Interim CEO en Creative Director' van The Space, een digitaal online platform voor de kunsten. Was het aanvankelijk vooral beeldende kunst wat je zag op thespace.org, inmiddels hebben podiumkunsten er evenzogoed een plek. 'Digital Art. For Everyone', luidt het motto.

Grensoverschrijdend

Ook dat is Mackenzie: grensoverschrijdend. Ze heeft een Japanse popopera geprogrammeerd rondom de virtuele Japanse ster Hatsune Miku (een hologram met 2,5 miljoen Facebookvrienden en een stem uit een synthesizer). 'Hatsune Miku is heel beroemd! Oké, haar muziek is niet wat je traditioneel hoort in een operahuis: elektronische, gevocaliseerde pop en het is ongebruikelijk om geen zangers te hebben in de opera, want, nou ja, ze is er wel, maar ook niet. En toch is deze productie volkomen 'operatic'. Het verhaal is dat van een jonge vrouw die zelfmoord overweegt - een gegeven dat leeft onder (Japanse) jonge vrouwen. Veel van haar fans zijn adolescenten. Ik denk dat het een belangrijk verhaal is. Over een vrouw die zichzelf opoffert, dat is feitelijk een traditioneel opera-einde. Ik heb erom gehuild.'

'Natuurlijk ben ik hier óók om te zeggen: kijk en zie deze nieuwe richtingen. Probeer dit eens. Ik heb voor een hoop festivals gewerkt en we zijn altijd jaloers geweest op het publiek hier. Dat is moedig, nieuwsgierig naar dingen die het niet kent. En dat is briljant.

'Bij het Manchester International Festival ligt dat totaal anders, bijvoorbeeld, daar is het publiek behoudender. Maar Manchester heeft meer geld. Zo hadden we toen bij wijze van spreken kunnen adverteren met: 'Bij ons krijgt u louter wereldpremières.' In de korte tijd van vier festivals is daarmee de wereldtop bereikt. Het Holland Festival speelt eredivisie met Manchester, Avignon, de Ruhrtriennale en Wiener Festwochen, maar we hebben het kleinste budget. We moeten slim zijn, als team. Dát is de uitdaging.'

Even komt het gesprek op Frie eysen, gelauwerd Belgisch festivalmaker die kortgeleden kritiek leverde op het internationale festivalwezen. 'Ze vergeleek het met dinosauriërs. Ik bewonder haar werk en haar moed, maar ik zou niet zeggen dat festivals dinosauriërs zijn. We hebben er nog wel even om gelachen samen, maar nee, ik ben het niet met haar eens. Festivals zijn de laatste jaren juist speelser en toegankelijker geworden. En niet bang voor iets anders, iets experimenteels!

'Ik denk aan een van de mooiste momenten uit de vorige editie, dat was voor mij van William Forsythe: wat een prachtig stuk. In Groot-Brittannië hebben we nog steeds een radioprogramma waarin je mag zeggen wat je zou meenemen naar een onbewoond eiland. Nou, dat dus. Was dat dans? Ik weet het niet, er werd meer gepraat dan gedanst, of in ieder geval: even veel. Wat was het? Het was gewéldig. En daar gaat het om. Blijft het je voor altijd bij? Is het Desert Island-proof? Daar moeten we heen.'

Beeld Linda Stulic

Christiane Jatahy

Ten slotte wil Mackenzie nog wel iets prijsgeven van wat we in juni kunnen gaan zien, iets wat haar bijzonder na aan het hart ligt: What If They Went to Moscow van de Braziliaanse maker Christiane Jatahy. 'In het festivalcircuit is ze inmiddels iemand van naam. Ze opereert op de grens van theater en cinematografie, vermengt, onderzoekt.' What If They Went to Moscow, vrij naar Tsjechovs Drie Zusters, gaat voor Mackenzie net als Lulu over 'vrouwen die over vrouwen denken, over keuzen en kansen en hoe vrouwen die naar hun eigen hand kunnen zetten.'

'Je begint in het theater en vervolgens zie je de film, met dezelfde acteurs, live-gefilmd. Je kunt er ook voor kiezen eerst naar de film te gaan en dan het theaterstuk te zien. In het theater maakt het publiek deel uit van het feestje waarmee Drie Zusters opent. Maar in de film zie je wat je in het theater niet ziet: de subtekst. De dingen die onderhuids broeien, het begin van de romances, het verraad. Als je aan het eind van de avond de tekst en de subtekst samen kunt voegen, weet je waarover het precies gaat. Fascinerend, ook in technisch opzicht.'

Iets voor een onbewoond eiland dus. 'Definitely.'

Holland Festival, 30/5 t/m 23/6 hollandfestival.nl.

The Space: thespace.org

Ruth Mackenzie

Ruth Mackenzie, (1957) was onder meer directeur van het Londen 2012 Festival (het officiële culturele programma voor de Olympische ­Spelen van Londen in 2012), algemeen directeur van de Schotse Opera en het Manchester International Festival, artistiek directeur van het Chichester Festival Theatre, adviserend dramaturg bij de Wiener Festwochen, speciaal adviseur van de Britse minister van Cultuur, Media en Sport, adviseur bij onder andere ­Barbican Centre, London Symphony Orchestra, BBC en de Tate. In 2012 ontving zij de Peter Brook Empty Space Special Achievement en werd door koningin Elizabeth onderscheiden voor haar verdiensten voor het Londen 2012 Festival.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden