Uit etenThe streetfood club

Hype, slik, weg: in Utrecht zijn ze dol op plaatjes op je bord

Instapretpark The Streetfood Club in Utrecht is een goed voorbeeld van de fotogenieke jaren tien.

Restaurant the Streetfood Club.Beeld Els Zweerink

Het einde van een tijdperk noopt altijd tot bezinning. Wat nemen we mee uit  de jaren tien, wat laten we achter? Hoe zijn we vooruitgekomen als mens en als mensheid? Zulks zijn mijn overpeinzingen terwijl we wachten op een tafel bij The Streetfood Club – met op vrijdag en zaterdag zo’n 1.300 etende gasten momenteel waarschijnlijk het drukbezochtste restaurant van Utrecht. Ik las in de De restaurantkrant dat dames er vaak binnenkomen met een rolkoffer, een gembertheetje of kombucha bestellen, zich in vijf verschillende outfits hijsen en dan in alle hoeken laten fotograferen. Daarna gaan ze weer naar huis. 

Tijuana Tostada by Youri - Ceviche van zeebaars, avocado, rode ui, rode chili mayo, habanero sausBeeld Els Zweerink

Zo’n instashoot begint, stel ik me voor, in de lounge, waar je kunt all-day-brunchen met pancakes, chicken waffles, cronuts, chiapudding of avocado toast (avo voor intimi). We zitten in de ongemakkelijk lage, felgekleurde fauteuiltjes waar groot de woorden SHIT en EPIC in zijn geborduurd, en we kijken schalks in de camera: #foodonfleek #jeweettoch #omnomnom. In de volledig roze eetzaal (die kleur heet officieel millennial pink) nemen we plaats onder lichtgevende apen en opgezette pauwen. Aan de junglegroene bar, waar je  naast de 12-jarige dj cocktails kunt drinken uit een weckpot of keramieken apenschedel, gaan we op de foto met een boozy freakshake met marshmallows, glitter en een maraschinokers. Tussen de bananenbomen onder het indrukwekkende glas-in-looddak is als speciaal toegeruste instaspot een rieten, met bloemen omhangen Morticiastoel gezet. We laten ons vereeuwigen met een quinoa-pokébowl en in de neonletters boven ons hoofd staat, in een staaltje strontverwende grotestadsironie dat de gemiddelde bootvluchteling de wenkies doet optrekken: ‘Life’s a bitch’. Dat hadden we tien jaar geleden toch allemaal niet durven dromen.

Ik plaag maar een beetje, want The Streetfood Club zit, onuitstaanbaar als je dit soort gekkigheid ook mag vinden, als restaurant goed in elkaar.  Het is duidelijk dat de twee jonge eigenaren, die elkaar kennen van het inmiddels gesloten Podium onder de Dom, een groot talent bezitten voor zowel het maken van sfeer als het runnen van de logistiek ingewikkelde operatie die een grote zaak ontegenzeggelijk is.  ‘Nice, hè’, zegt de binnenloper vóór ons tegen zijn goedgekapte vriend, ‘echt een chille vibe wel.’ Hij heeft gelijk. 

T.F.C. - Krokante Thaise gebakken kippendijen met citroengras, limoenblaadjes en groene currymayo.Beeld Els Zweerink

Mijn cocktail heet ‘Thyme to Fig’ (€ 8, onderschrift: ‘Fig me, that’s good’) een nogal weeïge wodkaconcoctie met een enorme bos tijm en een goudgespoten braam.  Het menu is een prachtige dwarsdoorsnede van zo’n beetje alle voedseltrends die we het afgelopen decennium voorbij zagen komen. ‘Een mengsel van luxe en ‘street’’, noemen de eigenaren het zelf en het is precies dat opluxen (en voor goed geld verkopen) van eerder laagwaardig geachte horeca en bereidingen dat de afgelopen tien jaar een enorme opmars maakte. Op straat eten doet de mens natuurlijk al zolang er straten bestaan. Maar streetfood in restaurants is (zeker in de opportunistisch over de hele wereld bij elkaar gesprokkelde en met mayonaise overspoten vorm als The Streetfood Club hanteert) een typisch jarentienverschijnsel. De gerechten zijn natuurlijk om te delen – we deden niet anders, de afgelopen tijd – en zó kleurrijk opgemaakt met bloemetjes en blaadjes dat ze smeken om een foto. 

The Streetfood Club Janskerkhof 9 Utrecht thestreetfoodclub.nl 

Cijfer 7,5

Grote, lawaaiige, zeer goed doordachte zaak met louter hippe, fotogenieke  gerechtjes uit Azië en Latijns-Amerika voor schappelijke prijzen.

Neem de T.F.C, Thai Fried Chicken. Krokant, supermals kippendijvlees met hard meegebakken, gehakseld citroengras, (€  7). Er ligt een pluk pittige waterkers bij en groenecurrymayonaise. Een kniesoor die dan gaat lopen piepen dat dit gerecht zo Thais is als een tosti ham-kaas: het smáákt. Ook de ‘Tijuana Tostada’ (€ 7) een knapperig gebakken tortilla met prima ceviche van zeebaars, avocado, rode ui en, jawel, mayonaise, is hartstikke lekker. Het gestoomde broodje (ook wel ‘bao bun’), hier een zwartgeverfde met kimchi en kiptempura, werd aan het begin van dit decennium een hype door de Amerikaans-Koreaanse chef David Chang. Dit is meer een soort Mc Chicken, zeker omdat er opnieuw heel veel mayonaise op zit, maar de smaak is helemaal niet slecht (€ 7,50 voor twee). 

Ik vind de prijzen ook alleszins schappelijk, want het was bij dit soort gerechten in tussengerechtmaat vaak een grote ergernis dat het formaat van minder dan een voorgerecht werd gehanteerd bij de prijs van een hoofdgerecht: hier is alles rond de € 7,50.  

Er zijn zeker ook een paar missers. Het vegetarische gerecht met  geroosterde aubergine, vijgen, yoghurt en krokant wontonvel (€ 6) ziet er keurig uit, maar de aubergine is niet helemaal gaar en er zit zó veel za’atar en komijn op dat het een beetje is alsof je na een uitbundige shoarmaparty je kruidenrekje schoonlikt. Op de gado gado (€ 5) liggen vieze, wratachtige garnalen en heel veel rode kool – voor de kleur, nemen we aan. De pindasaus en garing van de groenten is overigens beslist niet slecht. Het stoofvlees op het Frietje Rendang (€ 7,50) smaakt meer naar dat van mijn Drentse oma dan naar iets wat ook maar in de verste verte met Indonesië te maken heeft; de zoete-aardappelfrites zijn goed. 

We eindigen met gefrituurde appelgyoza (Japanse dumplings) met kaneelsuiker: ook weer een soort nostalgisch fastfoodgerecht, maar helemaal niet slecht. Opvallend is dat wat we bestellen steeds razendsnel aan tafel wordt gebracht door de attente, lieve en zelf ook zeer fotogenieke bediening. Het is allemaal vers, heet, knapperig en zorgvuldig op smaak gemaakt – precies zoals je van streetfood verlangt – en dat vind ik voor zo’n grote, drukke zaak werkelijk razendknap. 

Gelukkig zijn we in de jaren tien niet alleen doodgegooid met culinaire hysterie en hypes die vooral het uiterlijk van het voedsel (en de eters ervan) betreffen. De kwaliteit en diversiteit van restaurants, en dan vooral  van jonge middenklassezaken als The Streetfood Club, is ook gigantisch omhooggegaan.

Ik wens u een smakelijk nieuw decennium!

Eten werd Food in de jaren tien

Het tweede decennium van de 21ste eeuw kan de boeken in als een cambrische explosie in de culinaire geschiedenis. De nasleep van de financiële crisis van 2008 werd, samen met een steeds toenemende diversiteit in goed, veilig, en goedkoop eten èn een steeds grotere verbondenheid via het internet en sociale media, de geboortegrond van een ongekende diversiteit aan nieuwe culinaire stromingen. Die kwamen bovendien grotendeels niet, zoals eerder normaal was, vanuit de haute cuisine, maar vooral vanuit de middenklasse: allerlei vormen van modern Aziatisch en bistronomievoedsel, haute friture, gespecialiseerde ‘one trick ponies’, bewust lokaal en nouveau ruig. 

Instagram en andere sociale media zweepten hypes in het leven die zich sneller en koortsachtiger dan ooit verspreidden – denk aan de cronut, karamelzeezout en heel veel visueel prachtige, maar culinair doodsaaie gerechten als de açai- en pokébowl en de infantiele freak- of unicornshake. Ook staken allerlei nieuwe soorten culinair activisme de kop op, en voorheen obscure dieetwensen als veganistisch en gluten- of suikervrij werden van een nichemarkt een op zichzelf staand bedrijfsmodel. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden