René Windig en Eddie de Jong

Interview René Windig en Eddie de Jong

Humeurige stripkater Heinz komt eindelijk dan toch op het witte doek – dit ging aan de release vooraf

René Windig en Eddie de Jong Beeld Pauline Niks

De grote droom van striptekenaars René Windig en Eddie de Jong komt deze week uit: hun humeurige kater Heinz komt naar het witte doek. De weg ernaartoe bleek geen makkie.

Helemaal Heinz, dit. Wie op bezoek wil bij de studio van tekenaar René Windig zal zich eerst een weg moeten banen door de smeulende resten van de ­tolerante stad die Amsterdam ooit wilde zijn. Meuten Chinezen, grommende scooters, blowende Italianen, dronken Britten en joelende hooligans van divers pluimage – je vindt deze gezelligheid allemaal terug op de Oudezijds Voorburgwal.

Het is maar goed dat Heinz, een populaire strip over een humeurige rode kater, dit grootstedelijk inferno voor de eeuwigheid heeft vastgelegd. Over twintig jaar zal niemand zich dit ­Amsterdamse decor meer kunnen voorstellen, maar voor de kater is het zijn natuurlijke habitat, zo op en rond de Wallen. Althans, de Wallen uit het tijdperk van voor de buurt­regisseurs en het cameratoezicht.

‘Viel het een beetje mee?’, informeert Windig (67) beleefd. ‘Vanaf een uurtje of 5 wordt het helemaal een pandemonium, dus je treft het.’ De studio en het woonhuis erboven ­bevinden zich aan een hofje, dat schuilgaat achter een intimiderend zwaar hek. Het is een oase van rust in een gek geworden stadscentrum. ­‘Eddie komt eraan, hoor.’

Eddie is Eddie de Jong (68), al ruim vijftig jaar Windigs partner in crime. Ze kennen elkaar sinds de middelbare school, het Amsterdamse Vondelgymnasium. Samen creëerden ze Heinz, de ballonstrip waarin de kater vanaf 1987 in drie of vier plaatjes over de pagina’s van Het Parool of andere dagbladen banjerde. Heinz bouwde al snel een cultus om zich heen, en er verschenen een stuk of veertig boekjes en albums. Heinz schopte het zelfs tot een deftig verzameld werk van vijf kloeke delen: Heinz van H tot Z. De ­laatste hardcover van 328 pagina’s ­dateert van 2018.

Petrus

De strip is volbracht. In de allerlaatste plaatjes zien we Heinz voor de ­hemelpoort, maar Petrus laat door middel van een bordje (‘Ben zo terug!’ P.) weten er even niet te zijn. Uiteindelijk besluit Heinz nog maar wat langer in zijn geliefde Amsterdam rond te lummelen.

Open einde, maar van nieuwe avonturen zal het niet meer komen. Nooit meer op zondagavond bij elkaar over de vloer om de strip voor de rest van de week te plannen. Nooit meer zuchten of maar even helemaal zwijgen als de eerste een grap voorstelt, en de tweede meent dat-ie nog moet worden aangescherpt. Nooit meer al die lol ook, de jongensachtige pret die het verzinnen van Heinz het duo gaf.

Eddie de Jong en René Windig Beeld Pauline Niks

‘Nou, na het inkleuren van circa 15 duizend stripstroken hebben we het op zeker moment wel gezien’, weet De Jong die inmiddels met een sixpack Heineken is komen binnenvallen. Slechts één ambitie restte nog: Heinz moest en zou zijn eigen animatiefilm krijgen.

Usurkater

Zoals Ollie B. Bommel ooit de strip van Tom Poes overnam, zo begon Heinz eerst als bijfiguurtje in Rockin’ Belly: een beeldverhaal over de lotgevallen van een punker dat verscheen op de kinderpagina Goochem van Het Parool. Heinz heette daarin nog gewoon poes, maar de kater claimde op 2 januari 1987 als Heinz zijn plek in de Amsterdamse krant. Hij droeg dezelfde naam als de kater van René Windig, die hem vernoemde naar antiheld Heinz Stuy, de grabbelende Ajaxdoelman.

Het duurde even, de eerste plannen dateerden van 2001, maar verdomd: deze week gaat Heinz in ­première. De filmwereld bleek echter anders dan vooraf gedacht.

Windig: ‘Ik had mij voorgenomen om het vandaag eens niet over geld te hebben.’

De Jong: ‘We hebben de rechten voor een habbekrats verkocht.’

Windig: ‘We doen het voor Heinz.’

De Jong: ‘En voor alle bijfiguurtjes, natuurlijk.’

Windig: ‘Voor Dolly, zijn liefje.’

De Jong: ‘Voor de zwarte kater Frits, zijn beste vriend.’

Windig: ‘Voor de slome schildpad Jodocus, en al die andere typetjes.’

Hollywoodvaarder 

Even uitleggen: uiteindelijk zijn het niet Windig en De Jong geweest die de film hebben gemaakt, dat werd de Utrechtse Hollywoodvaarder Piet Kroon (59). Als animator werkte hij voor de grote Amerikaanse studio’s onder meer aan producties als ­Osmosis Jones (2001), Shrek 2 (2004) en ­Despicable Me (2010) voordat hij zijn hand aan Heinz zou wagen als regisseur en scenarist, geholpen door het Rotterdamse animatiehuis Ka-Ching Cartoons en het Vlaamse Fabrique Fantastique.

Heinz Beeld René Windig en Eddie de Jong

Voor Heinz eindigden Windig en De Jong als consultants, maar dan lopen we op de zaken vooruit.

Windig: ‘Oorspronkelijk wilden we een collage van korte Heinz-filmpjes maken. Naar het voorbeeld van de door ons zeer bewonderde 8-minutenfilmpjes van Felix the Cat uit de ­jaren vijftig. Maar de bevriende reclameman Frank Pels zei: ‘Nee joh, Heinz verdient een avondvullende speelfilm.’’

De Jong: ‘Dat was in 2001, toen we toch al tijdelijk waren opgehouden met de strip.’

Windig: ‘Dus wij: een avondvullende speelfilm? Ook goed. Dan ­beginnen we maar gewoon en dan zien we wel.’

De Jong: ‘Zo hebben wij die strip ook gemaakt: al improviserend.’

Windig: ‘Een beetje naar het voorbeeld van Monty Python and the Holy Grail.’

De Jong: ‘Dat is natuurlijk hun ­leukste.’

Windig: ‘Op een gegeven moment ging het Python-team bij elkaar ­zitten...’

De Jong: ‘...en hebben ze die film spontaan in elkaar gedraaid.’

Windig: ‘Dat was ons...’

De Jong: ‘...ideaalbeeld.

Windig: ‘Maar aan een avondvullende speelfilm bleken een heleboel eisen vast te zitten.’

De Jong: ‘Opeens begon iedereen in het filmcircuit, dat we verder niet kenden, over spanningsboog.’

Windig: ‘Grapdichtheid.’

De Jong: ‘Een situatieschets in de eerste tien minuten, het zogeheten exposé.’

Windig: ‘Met beoogd producent Matthijs van Heijningen kregen we meteen artistieke meningsverschillen.’

Eddie de Jong en René Windig Beeld Pauline Niks

De Jong (nog kwaad): ‘Zeg maar ­gewoon: ruzie. Wat een vent, zeg. Met die sigaar in zijn gezicht. Die kwam even de producent spelen. Toen heeft-ie later nog in de krant laten optekenen dat we hem tegenwerkten. ­Terwijl we alles wat hij vroeg hebben gedaan.’

Windig: ‘Dus wij dachten: nou, als dit de wereld van de film is, dan hoeft het voor ons niet meer.’

Potje

Wat ook niet hielp was dat een tocht langs het Filmfonds en andere subsidieverstrekkers een hellevaart bleek. ­Bericht zus: de film gaat definitief niet door. Bericht zo: er is toch nog een potje gevonden. We gaan meer aan animatie doen, maar dan moet er wel een omroep bij.

Ze werden, in eigen woorden, murw gebeukt. In koor: ‘Dan liepen we over straat en overal vroegen de Heinz-fans: ‘Hé, hoe zit het met de film?’ Dan zeiden we maar, om ervan af te zijn, dat het een road movie wordt die zich voornamelijk op zee ­afspeelt.’

Vervolgens kwamen ze op het ­Nederlands Film Festival in Utrecht Kroon tegen. De animator was al eens geopperd door Van Heijningen. ­Nadat die samenwerking spaakliep, adviseerden Windig en De Jong aan Kroon om het eens bij producent Burny Bos te proberen, die was altijd al Heinz-fan geweest. Hun zegen had Kroon alvast.

De consultants: ‘Uiteindelijk kwam er een budget van zo’n 2 miljoen euro vrij. En hup, toen moest de film opeens in een jaar worden gemaakt. Eerst hebben wij achttien jaar lang achter geld aangejaagd, en dan dit.’

Van het gezeur af

Ja, ze hebben de film inmiddels ­gezien. En zeker, ze zijn er blij mee. Voor Heinz, alle bijfiguurtjes en de fans – en ook nu ze zelf eindelijk van het gezeur af zijn.

De Jong: ‘Het was een situatie van: vooruit maar, anders komt het er ­helemaal nooit meer van. Daar moet je je overheen zetten.’

Windig: ‘De strip is de strip en de film is de film. Het zijn twee verschillende dingen.’

De Jong: ‘Maar als consultants ­gaven we wel commentaar, hoor.’

Windig: ‘Na de eerste vertoning was ik verdoofd door het geluid. Ik zat na afloop beduusd in een hoekje.’

De Jong: ‘Het is ook die snelle ­manier van monteren. Vandaag zijn de kids niet anders gewend. Beeldtaal moet allemaal snel, snel, snel.’

Windig: ‘Wij zijn natuurlijk de 50 allang gepasseerd.’

Heinz de film

De Jong: ‘Als er een scène is mislukt, zeggen ze bij Disney: nou, die kan er wel uit. Zelfs als-ie al kant en klaar is, met geluid en alles.’

Windig: ‘Kunnen wij in Nederland nooit doen, natuurlijk. Geen budget.’

De Jong: ‘Het is geen geheim dat de film iets heel anders is geworden dan we aanvankelijk van plan waren, achttien jaar terug.’

Windig: ‘Maar goed, hij is er. En dat is ook wat waard.’

Vincent van Gogh

We nemen nog een biertje. De kracht van de strip was altijd dat de makers met beeldcitaten de krankzinnigste verwijzingen maakten ­binnen de cultuurgeschiedenis. Niet ­alleen met andere stripuniversums (van Lucky Luke en Dick Bos tot aan Kuifje), maar ook met beeldende kunst (Vincent van Gogh; Japanse prenten van Katsushika Hokusai met de beroemde tsunami), voetbal (en dan met name Ajax), speelfilms, popmuziek, van alles zat erin. Niet voor niets is Dolly, het liefje van Heinz, ­vernoemd naar countrydiva Dolly Parton, door het tekenduo zéér ­bewonderd.

Je kunt al die bronnen apart terugvinden in de luxe Heinz-verzamelbanden. Zo kreeg een ogenschijnlijk eenvoudige strip een verrassende ­gelaagdheid.

En het moet gezegd: ook in de animatiefilm verschijnen tal van zulke verwijzingen op de achtergrond, en dat is liefdevol gedaan.

Windig: ‘Bij de voorpremière zaten de Heinz-fans alvast hardop te lachen.’

De Jong: ‘Daar doe je het uiteindelijk voor.’

Windig: ‘En mocht de film aan de kassa onverhoopt tegenvallen...’

De Jong: ‘...dan denken wij...’

In koor: ‘Dan is dat ook typisch Heinz. Heeft hij weer.’

Ze wachten het maar rustig af.

Lees hier de recensie:

Heinz houdt de kijker op afstand: zelfs voor de volgers van de stripjes lijkt de film soms een serie inside jokes ★★☆☆☆

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden