Huisraad verraadt dat familie Van Rijn er warmpjes bij zat

De historische voorwerpen die de stadsarcheoloog J. Baart de afgelopen dagen uit een beerput achter een huis aan de Jodenbreestraat heeft opgegraven, lijken zo op het oog weinig bijzonder....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Maar omdat de scherven en soms opvallend gave voorwerpen achter het woonhuis van Rembrandt uit de blubber zijn gehaald, is het opmerkelijk. Een trotse Baart mag de massaal opgedaagde pers het bijzondere van de vondst toelichten.

De opgegraven voorwerpen geven meer zicht op de eenvoudige bezittingen van de grote meester uit de Gouden Eeuw. Rembrandt ging in 1656 failliet en bij de verkoop van de inboedel heeft een notaris de inventaris nauwkeurig omschreven. Maar het kleine huisraad, zoals borden, potten en kannen, kwam niet op die lijst. 'We weten nu meer over de alledaagse voorwerpen van de familie Van Rijn', zegt Baart.

De beerput is eind vorig jaar ontdekt. Het Rembrandthuis wordt uitgebreid en bij de sloop van wat gebouwen kwam een historische binnenplaats vrij. Na enig speurwerk werd de rechthoekige beerput van ruim een vierkante meter gevonden bij een muur van de vroegere keuken. De put is de afgelopen dagen leeggehaald.

Baart weet zo goed als zeker dat de voorwerpen uit de boedel van Rembrandt komen, alhoewel dat nooit honderd procent zeker is. 'We weten van andere vondsten dat we hier voorwerpen uit het midden van de zeventiende eeuw hebben opgegraven. Rembrandt heeft hier van 1631 tot 1658 gewoond. Dus je mag aannemen dat de dingen van zijn gezin of zijn leerlingen afkomstig zijn.'

De meest bijzondere vondsten zijn tijdelijk in het Rembrandthuis te zien. In de vitrines liggen twee knikkers en wat servies voor een poppenhuis, waarschijnlijk speelgoed van Rembrandts dochter Cornelia. Verder kwamen er vijftien witte pijpjes uit de beerput en de nodige kannen, borden, een houten boterspaan, een kantklosje en schalen. De spullen kwamen uit heel Europa, onder meer uit Duitsland, Italië en Spanje en bevestigen dat de familie welgesteld leefde.

Er was opwinding over de scherven van een pot met een witte kleurstof aan de binnenkant. Een onderzoeker heeft gekeken of dat mogelijk een verfpot van Rembrandt is geweest. Dan zou het aardewerk gevuld moeten zijn met loodwit, maar de analyse heeft aangetoond dat het krijt is geweest. Dat gebruikten schilders om hun panelen te gronderen.

De ontdekking van het huisraad komt voor het Rembrandthuis op een mooi moment. Het museum gaat uitbreiden en wil het woonhuis van Rembrandt zoveel mogelijk in de oude staat herstellen. De vondsten worden gebruikt om het huis zo getrouw mogelijk in te richten.

De verbouwing is in volle gang en toevallig begint de directie woensdag ook met een inzamelcampagne voor de benodigde miljoenen. 'Nee, de samenloop berust op toeval', verklaart directeur E. de Heer van het Rembrandthuis. Maar het komt wel mooi uit. De verbouwing kost ongeveer 8,5 miljoen gulden en er is nog ruim vijf miljoen gulden nodig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden