Honderd noten uit een antilopenhoorn

Platenfirma's vinden zijn muziek interessant, maar 'commercieel niet haalbaar'. Dus brengt de Utrechtse slagwerker Michael Baird zijn 'voodoo-jazz' maar uit in eigen beheer....

FRANK VAN HERK

'IK BEN HET maar Geweigerde Muziek gaan noemen.' Michael Baird maakt niet alleen oorspronkelijke muziek, hij bedenkt er ook zijn eigen slogans voor. Niettemin zagen achttien platenmaatschappijen in binnen- en buitenland ervan af zijn laatste cd, het met 'Afrikaans minimalisme' en 'voodoo-jazz' gevulde On Remote Patrol, uit te brengen. Voor een deel domme pech, maar vooral een teken van de verwarring die heerst in de overspoelde Nederlandse platenbranche.

De van oorsprong Britse maar sinds 1967 in Nederland wonende Baird is begonnen als jazzdrummer, maar de stukken die hij schrijft voor zijn groep Sharp Wood hebben weinig meer te maken met het sjabloon van reeksen solo's tegen een vierkwarts-achtergrond. Hij streeft naar een meer collectieve muziek, gebaseerd op Afrikaanse polyritmiek. Iets waar hij letterlijk voor in de wieg is gelegd, want hij is in 1954 geboren en tot zijn tiende getogen in het toenmalige Noord-Rhodesië, dat sinds 1964 Zambia heet. Op de voorkant van On Remote Patrol is hij als baby afgebeeld, omringd door verbaasde inlanders, die nog nooit een blank kind hebben gezien. Bairds vader, die arbeidsinspecteur was, nam zijn gezin te voet mee naar afgelegen delen van de bush, waar je kon kennismaken met de cultuur van volken als de Tonga en de Shona.

'Ik luister nog steeds veel naar volksmuziek. Maar ik heb er altijd mijn eigen brouwsel van gemaakt, nooit een kopie. Als je een etnische traditie kopieert, en je doet dat heel goed, ben je hooguit derderangs. Want er zit eeuwen strijd achter, waarom die mensen daar het zo goed kunnen. Je moet ook niet denken dat je iets nieuws maakt. Ik ben een kok die zijn eigen soepje kookt, maar de ingrediënten zijn zo oud als de wereld.

'In Mashona Fantasie gebruik ik de typische manier die het Shona-volk heeft om een ritme van vier tegen drie te spelen. Simpel, en eigenlijk geniaal. Dat heb ik daar zelf gehoord, maar ik heb er wel wat aan toegevoegd, en erop laten improviseren in lange tonen die het meditatieve karakter versterken. Vitold Rek is een bassist die even mooi strijkt als Miroslav Vitous, met een Pools folkloristisch tintje, en de andere solist is de New-Yorkse space cowboy David Tronzo, op slide-gitaar. Ik heb een tape meegenomen naar Zimbabwe, waar ze het hoorden als iets van hen, maar ook als een soort avantgarde.'

Bairds inspiratiebronnen zijn vaak eigenwijze mensen, die niet luisteren als iemand zegt 'Doe het nou zo, dat valt beter'. De Braziliaanse geluidsmagiër Hermeto Pascoal bijvoorbeeld, of de altijd experimenterende 'en ook veel rotzooi producerende' Frank Zappa. De manier waarop de Senegalese zanger Youssou N'Dour het lichtvoetige ritme van de sabar-trommels heeft gekruist met Westerse pop. En een andere, meer rechtstreekse invloed is die van 20ste-eeuwse componisten als Gubaidulina en Penderecki. Gecombineerd met het Afrikaanse vlechtwerk van ritmische riffs levert dat een klankbeeld op dat inderdaad doet denken aan minimalisten als Steve Reich, met dien verstande dat het veel meer swingt, en er individuele bijdragen opbloeien uit het collectief. Sommige composities op de cd zijn bijvoorbeeld gebouwd op ritmes uit Senegal en Rwanda. In het stuk Pygmees & Elephants worden tegelijkertijd een drie-en een vierkwarts- tegen een vijfkwartsmaat gespeeld. Een dichte maar doorzichtige, trance-verwekkende collectieve improvisatie, met indrukwekkende solisten als Michael Moore op klarinetten, Hans Hasebos op marimba en Michel Massot op tuba.

'Ook die opname heb ik laten horen toen ik vorig jaar herfst in Zambia en Zimbabwe was, om mijn muzikale roots uit te diepen. Ik was bij het schrijven uitgegaan van pygmeeënmuziek, maar de Tonga van de Zambezi-vallei, een totaal ander volk, herkende het meteen. En inderdaad, hun muziek heeft ook dat verregaand door elkaar spelen, met een paar noten die in elkaar grijpen en toch prettig wringen. Dus jullie mogen over mijn cd schrijven wat jullie willen, het grootste compliment heb ik al binnen: ''Dat spelen wij ook''.'

'Ik ga een cd produceren met muziek van de Vallei-Tonga, die ik zelf op DAT heb gezet. Heel apart, en bij mijn weten nooit eerder openbaar gemaakt. Het hele dorp musiceert, zo'n zeventig tot honderd mensen, met allemaal een antilopenhorentje. One man, one note. Daarnaast ga ik ook een serie cd's samenstellen uit het archief van Hugh Tracey, een etnomusicoloog die van de jaren '30 tot '60 zo'n beetje heel Zuidelijk Afrika heeft opgenomen. Een geniaal trommel-ensemble bijvoorbeeld, aan het hof van de Tutsi-koning, in 1952. Enorm melodisch, dat spreekt me aan. Net als de heel moderne bitonaliteit in veel van die muziek. Zo heeft de Zuidafrikaanse duimpiano twee grondtonen, met onbestemd aandoende noten die tussen die van onze piano vallen. Fascinerend.'

Maar ondanks de waardering bij de bron, de prominente gasten, de unieke en gewoon mooie en meeslepende muziek, was Baird uiteindelijk gedwongen zijn cd in eigen beheer uit te brengen, omdat 'het kindje er nu eenmaal uit moest', en er geen label voor te vinden was.

'Interessante muziek', was de reactie, maar commercieel niet haalbaar. 'Dat heb ik ze laten uitleggen. Het bleek een te groot riscio te zijn. Iedereen brengt tegenwoordig maar cd's uit, al hebben ze net hun diploma op zak. De markt is overspoeld, verzadigd. De maatschappijen weten niet meer wat ze de detailhandel moeten aansmeren, dus spelen ze in extreme mate op veilig. Wat is commercieel dan wel haalbaar, denken ze? Iets dat herkenbaar is, in een hokje past. En ik heb al lang gemerkt dat ik overal tussenin val, sommigen vinden Sharp Wood niet jazzy genoeg, en ik heb te weinig exoten in huis om als wereldmuziek gemarket te worden.

'Toch begrijp ik het niet, want je zou zeggen dat de mensen opveren en hoera roepen als ze tussen al die gekloonde muziek eindelijk eens iets anders horen. Dat lijkt me dus juist wél aantrekkelijk, ook voor de detailhandel. Er staan dansbare stukken op mijn cd, er zit een duidelijke spanningsboog in, ik kan er niks aan doen maar ik vind hem nog steeds goed klinken. Maar niemand doet tegenwoordig meer iets voor het prestige, of uit idealisme.

'Die klonen zijn voor een groot deel voortgebracht door de jazzopleidingen aan de conservatoria. Die maken hun pretentie niet waar, ze zouden moeten zeggen dat ze je scholen in het beoefenen van een hobby. Want wie krijgt er werk van al die jongelui die niet hebben geleerd hun eigen verhaal te vertellen op een instrument? Hun docenten waren meestal zelf al klonen. 'Ik geef privéles en daarbij pak ik het anders aan. Ik leg ze de basis uit, ''tijm en zwing'', de penseelstreek van oude meesters als Kenny Clarke of Art Blakey. Maar als ze licks van me willen kopen, zeg ik nee. Ik wil ze wél helpen hun eigen licks te ontwikkelen. Daarbij mogen ze uitgaan van hun eigen interesses. Al houden ze van Megadeth, prima, dan slaan we wel met het dikke eind van de stokken. Aan het conservatorium zeggen ze hoe het moet en laten ze de studenten verder alleen aanmodderen. Maar een goede docent, vind ik, is iemand die er altijd is, en het óók niet weet. Dan moet de leerling wel zelf iets bedenken.'

Twee stukken op On Remote Patrol wijken af van de sterk ritmische rest, en hebben mogelijk bijgedragen aan de koudwatervrees van de cd-industrie. Foundling is een abstracte, tempoloze geluidscollage die onder andere met gemanipuleerd speelgoed heel beeldend de lieflijke sfeer van een kinderkamer oproept, nog versterkt door de dwarsfluit van Mark Alban Lotz en het tevreden kirren van Bairds destijds 13 maanden oude dochtertje. 'Niet commercieel, dat zie ik wel in, maar ik vond het er gewoon tijd voor. Even weg van al het gedoe, naar een verstilde, wat meer abstracte plek. En dat andere stuk, Flightpath, ja, dat is gewoon irritant, en dat is ook de bedoeling.'

De sarcastische muzikale grap waar de cd mee besluit wordt 'gespeeld' op telefoons, laserpistolen en een megafoon, alle uit de speelgoedwinkel, en haalt uit naar 'die kutzaktelefoons waar al die post-yuppies mee door de stad lopen. Wat is dat toch voor waanzin. Ik kan het ook niet laten om als ik langs ze loop te roepen Hallo, New York aan de lijn'.

Michael Baird: On Remote Patrol. SWP 004.

Voor ¿ 34,50 te bestellen bij de Stichting Sharp Wood Productions, Zilverstraat 9, 3511 VB Utrecht.

Tel. 030-2318339.

ABN AMRO-nr. 40.88.64.842.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden