Holland Festival kan sturender hand gebruiken

Vrolijk was het lang niet allemaal, wat het Holland Festival 2009 te bieden had. Maar programmeur Pierre Audi heeft de jongste editie op een niveau kunnen houden, vergelijkbaar met dat van zijn afleveringen sinds 2005, het jaar van zijn aantreden.

Een ‘dansopera’ (Medea) als opmerkelijke inhaalslag voor de reputaties van een choreografe (Sasha Waltz) en een componist (Dusapin). Een meesterlijk adieu van een componist (Mauricio Kagel) aan het eigen leven, bij het ensemble Asko/Schönberg. Een schrijnend ‘pre-requiem’ van een theatermaker (Christoph Schlingensief), als ode aan de eigen longkanker.

Vrolijk was het lang niet allemaal, wat het Holland Festival 2009 te bieden had. Maar programmeur Pierre Audi heeft de jongste editie op een niveau kunnen houden, vergelijkbaar met dat van zijn afleveringen sinds 2005, het jaar van zijn aantreden.

Dit ongetwijfeld tot teleurstelling van de Amsterdamse Kunstraad. Die bracht vorig jaar een rapport uit waarin het HF een provinciaals imago werd aangemeten, bepleitte een bezuiniging en kreeg er bij monde van zijn secretaris Bert Janmaat ook in latere instantie geen genoeg van het festival te betitelen als ‘juist niet van wereldklasse’.

De vraag is wat er volgens Janmaat en Kunstraad dan wel zal moeten gebeuren met zoiets als Varèse 360. Het project, bedacht door de artistiek leider van Asko/Schönberg en met hulp van het HF en het Rotterdams Philharmonisch gerealiseerd na jaren van voorbereiding, wordt binnenkort geëxporteerd naar Parijs en Londen. Misschien is de Amsterdamse Kunstraad pas tevreden met de maan.

In de theaterprogrammering, die ook na het vertrek in 2005 van festivalleider Ivo van Hove urgent en avontuurlijk is gebleven, kreeg de Duitser Schlingensief veel aandacht (ook met gefronste wenkbrauwen) voor zijn onorthodoxe aanpak van een beladen onderwerp: theater over de eigen naderende dood in de vorm van een kerkdienst. Een hartelijker bijval was weggelegd voor Hiob van de Münchner Kammerspiele in de regie van Johan Simons, dat twee keer in een volle Stadsschouwburg werd opgevoerd. Minder hard liep het met Woyzeck in de regie van Martin Kusej, ook uit München. De Last Minute Ticket Shop bood daarvoor op de dag zelf kaartjes aan voor half geld.

Dat zich ook zeperds en halfsuccessen voordeden, viel op grond van 61 eerdere Holland Festivals te verwachten. Het openingsprogramma rondom de sterdanser Mikhail Baryshnikov (61) leverde brave dans op. Gedateerd bleken als geëngageerd aangekondigde dansproducties van Brett Bailey en Ea Sola. Verrassend waren de virtuositeit en het literaire aspect van The Sound and the Fury van de Amerikaanse groep Elevator Repair service, terwijl Alain Platel opnieuw uit de hoek kwam met hoogstaande bewegingskunst.

Tegenover Goeyvaerts’ ‘opera zonder personages’ Aquarius, een extravaganza van de abstractie, stonden even fenomenale als curieuze optredens van Antony and The Johnsons met het Metropole Orkest . De componist Rob Zuidam wist effectief op eigen succes (met zijn opera Adam in Ballingschap) af te dingen door nieuw werk niet tijdig op te leveren. Tegenover het welslagen van de kaskraker Carmen bij de Nederlandse Opera, haalden locale topgezelschappen als het Nationale Ballet, Toneelgroep Amsterdam en het Concertgebouworkest zesjes en onvoldoendes met Antonioni Project, 100 Jaar Les Ballets Russes en praatjes-en-projecties rond Bartók.

Hier zou Audi een sturender hand kunnen tonen. Waarom geen choreografie van Jiri Kylian voor de grote Baryshnikov?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden