‘Hoe zijn die straten ontstaan?’

Hans van der Meer legt in foto’s het Nederland van nu bloot.

Fotograaf Hans van der Meer heeft ooit een paar stappen teruggedaan. Zo kreeg hij de achtergrond in beeld. De omgeving, de gebouwen, de landschappen eisten hun plaats op. De mensen en gebeurtenissen op de voorgrond geeft hij zo hun ruimte. Drie meisjes zitten te keuvelen op een bankje, maar Van der Meer laat meer zien: ze zitten in een decor van gebouwen rond een plein in Raalte. Die meisjes horen ergens.

Decor is een woord dat Van der Meer graag gebruikt. ‘Ik ga te werk als in theater.’ Hij struint voor zijn nieuwste project middelgrote plaatsen af op zoek naar die typisch Nederlandse straatbeelden met oude en nieuwe panden zij aan zij. Daarin figureren de spelers, toevallige passanten zoals de meisjes in Raalte. Of babbelende vrouwen op een straathoek, of een man die geld in een parkeerautomaat wil stoppen met een blik van ‘hoe gaat dat ook alweer’.

Zij bevolken Het raadsel Nederland, de werktitel van zijn sprokkeltocht. ‘Hoe konden die vreemde combinaties in die straten toch ontstaan? Dat is het raadsel.’ De contrasten zijn soms gruwelijk, de nieuwe gebouwen vaak foeilelijk. Omdat Van der Meer die graag in één beeld vangt met mooie oude huizen, is het effect een gevoel van weemoed: wat zou er zijn gesloopt? Hij wil niet te veel oordelen over mooi en lelijk. ‘Ik werk niet vanuit: getverdemme. Het staat daar zoals het is, dat wil ik laten zien.’

In het Nederlandse Fotomuseum in Rotterdam is tot 23 augustus een overzichtstentoonstelling te zien van zijn carrière. Van de eerste serie uit fotogeniek arm Boedapest in 1984, via de serie velden van amateurvoetballers waarmee hij internationaal furore maakte (1995-2005), tot de eerste goed bevonden foto’s uit Het raadsel Nederland.

Bij de voetbalvelden paste hij het terugstappen voor het eerst met succes toe. De sportfotografie voor de krant stelt scherp op de sterren, op spannende momenten in de wedstrijd. Van der Meer zocht velden in de provincie en liet die juist helemaal zien, plus een deel van de omgeving. Eerst in Nederland, later in allerlei uithoeken van Europa, van Hongarije tot Portugal. Voetbalvelden naast weilanden, omgeven door bergen, met uitzicht over zee. Zo groeien de velden uit tot iets groters, tot een tijdsbeeld.

‘Ik zocht in Hongarije soms wel twee dagenvoor ik een geschikte plek zag. Maar die vind je uiteindelijk altijd. Als ik het decor goed had, was het wachten op de dag dat de spelers het podium betraden.’ Het andere leven gaat door, dat moet je kunnen zien op zijn voetbalfoto’s.

Na tien jaar had hij alles over zijn velden gedaan – ook korte films gemaakt die in Rotterdam worden vertoond. ‘Een speler die ligt te creperen, kun je beter op film laten zien dan op een foto.’ Vermakelijk zijn de scènes waarin de camera een grensrechter, een Italiaanse supporter of een keeper volgt. Het was genoeg, nu wil hij geen voetbal meer fotograferen.

Maar de methode past hij nu toe in de beelden uit Nederlandse plaatsen. Geen afgebakende details, maar een wijde blik, met alles erop en eraan. Hij laat zien zoals het werkelijk is. De compositie op de foto moet wel goed zijn, natuurlijk, in balans. Dat betekent bij hem dat voor- en achtergrond evenveel aandacht vragen.

Dit project doet hij naast opdrachtfotografie, voor de lange adem. Hij wil het Nederland van nu vastleggen. ‘Televisie en kranten brengen nieuws in beeld, er blijft veel over dat niet onder de categorie nieuws valt, maar dat wel een verhaal vertelt over wie we zijn.’

Het zijn niet de foto’s die het fraaist zijn of het pregnantst waarnaar wij twintig jaar later zoeken in schoenendozen. Maar die van gewone taferelen, van straatbeelden die voorgoed zijn veranderd. ‘Als wij een foto terugzien van onszelf als kind, dan zijn we niet geroerd door het kind dat we waren, maar door dat fietsje dat erop staat en dat er niet meer is.’

Zal deze serie ‘de kern van Nederland’ raken? Dat is misschien wat te veel gezegd, vindt Van der Meer, maar toch raken de taferelen aan iets dat wij meteen als Nederlands herkennen. ‘Ja, alles in Nederland is gepland. Maar een aanklacht vind ik te gemakkelijk. Ik wil geen clichés, niet alleen een vinexwijk. Ik zoek een 19de-eeuws burgemeestershuis naast een bank uit de jaren zestig en daaromheen die cultuur van de middenstand.’

Wat is dan het verschil tussen Nijverdal of Dalfsen? Kan hij niet net zo goed naar één zo’n plaatsje reizen? ‘Nou, nee.’ Het is waar, alles wordt eenvormiger, daarom legt hij het juist vast, maar hoe meer hij in de provincie rondloopt, hoe meer details hem opvallen. Zelfs een Maggi-stelletje in een eetcafé vind hij op die manier leuk en treffend.

Hoeveel plaatsen hij nog zal bezoeken, hoeveel inwoners hij nog zal aanspreken, hoeveel jaar hij in dit project zal steken – Hans van der Meer heeft nog geen idee. Dit avontuur is nog maar net begonnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden