Interview

Hoe worden exposities aantrekkelijker?

V vroeg vier erkende expositiemakers vrij te fantaseren over de ideale tentoonstelling. Als vervanging voor de bedaarde wandeling door het museum.

Hanne Hagenaars over de opstelling met werk van Kinke Kooi: 'Al schrijvende lukt het beter geconcentreerd naar het werk te kijken.'

Stel: je krijgt 50 duizend euro uit een of ander fonds. En je mag met dat geld de ideale presentatie van een kunstwerk bedenken. Een die de museumbezoeker meer bij het werk zal betrekken, hem niet onberoerd zal laten, inspireert, tot nadenken stemt. Een presentatie kortom die de bezoeker nog weken zal heugen. Welk kunstwerk kies je dan? En hoe wordt dat dan getoond?

Aanleiding voor de vraag is De Grote Kunstshow, die zondag 30 november in de Amsterdamse Stadsschouwburg voor de tweede keer wordt georganiseerd. De kunstshow is een initiatief van kunstadviseur Johan Idema, in samenwerking met de Stadsschouwburg. Ook dit jaar zal het een gevarieerd aanbod aan kunstwerken uit de Rabobankcollectie op een nieuwe, verrassende manier aan het publiek tonen. Uitgelicht met spotjes, begeleid door muziek, met gesproken teksten. In de veronderstelling dat kunst anders en beter geëxposeerd kan worden dan op ooghoogte, tegen de gebruikelijke witte museummuur, waar iedereen er hooguit een minuutje voor blijft staan, op weg naar het volgende kunstwerk - en uiteindelijk het museumcafé.

Experimenten met andere vormen van presentatie zullen, volgens Idema, de zintuigen van de bezoeker meer prikkelen en de intensiteit van het kijken naar kunst verhogen. Het zal ook verrassende eigenschappen van het kunstwerk aan het licht brengen die normaal gesproken verhuld blijven. De Grote Kunstshow van vorig jaar bewees dat zoiets in de theatrale setting, op de bühne van een schouwburg, goed uit de verf kwam. Zoals er schilderijen te zien waren die begeleid werden door passende discomuziek van een dj.

Maar de vraag blijft of deze manier van presenteren en experimenteren ook in het museum mogelijk is. En hoe dat er dan uitziet. De Volkskrant vroeg drie museumdirecteuren en een tentoonstellingsmaker, Sjarel Ex, Ralph Keuning, Andreas Blühm en Hanne Hagenaars, een tot de verbeelding sprekend en prikkelend voorstel te doen. Hoe brengen we kunst gevarieerder, aantrekkelijker en verleidelijker voor het voetlicht?

Grote Kunstshow 2014. Stadsschouwburg, Amsterdam. 30/11, om 11.00, 14.00, 16.00 en 20.00 uur.

Koffie met Appel

Wat is er mooier en indringender dan dat culinaire en artistieke belevenissen bij elkaar komen? Dat kon in de zogenoemde Appelbar in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Karel Appel schilderde er in 1951 zijn driedimensionale schilderij, waarin je omringd wordt door vogels, vissen en kinderen, en waar je inderdaad lange tijd aan een buffet koffie kon bestellen. Inmiddels heeft de bar zijn oorspronkelijke functie verloren. Spijtig natuurlijk.

Sjarel Ex, directeur Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

'Ik denk er al een tijdje over na om meerdere disciplines met elkaar te vermengen', legt Sjarel Ex uit. In Istanbul liet hij twee jaar geleden een deel van de Boijmanscollectie zien. In de hoeken van de zaal stonden kleine videoschermen, waarop het ballet Amelia van La La La Human Steps werd vertoond. Het bracht Ex op het idee het experiment in het echt uit te voeren. Op zaal. De grote Bodonzaal van het Boijmans. Door vier gezelschappen en choreografen: La La La Human Steps, Scapino, Het Nationale Ballet en jonge streetdancers uit Rotterdam. Ex: 'Elke choreografie is speciaal voor de tentoonstelling gemaakt. Daarvan wordt ook een film van gemaakt. Want je kunt die dansers niet de volle drie maanden dat de tentoonstelling duurt live laten optreden. Wel, zeg, de eerste vier weken, met publiek erbij. Daarna worden de filmbeelden op een groot scherm geprojecteerd.'Ex wil de live-opvoeringen en filmbeelden combineren met kunstwerken uit de eigen collectie.

Schilderijen à la Bosch, over de Verzoeking van de Heilige Antonius. De vervreemdende en wrange foto's die Hans Bellmer van kapotte paspoppen maakte. Video's van Bruce Nauman en installaties van Paul Thek die gaan over existentiële eenzaamheid. De combinatie van statische en bewegende kunst zou zich, volgens Ex, moeten toespitsen op 'het menselijk tekort', naar het boek van André Malraux, La condition humaine, over lot of noodlot van de mensheid. De keuze van de vier dansgezelschappen sluit daarop aan. Ex: 'Hun werk gaat over innerlijke tweestrijd. Denk aan het oeuvre van Hans van Manen, waarin aantrekken en afstoten en het magnetisme tussen mensen een hoofdmotief is. Of aan de battles die worden uitgevochten in de breakdance.' Niet dat het alleen maar zwartgallig hoeft te zijn, vindt Ex.

'De tentoonstelling moet ook de vrolijkheid laten zien. De joie de vivre, de optimistische kant. Iets energieks, wat iets anders is dan de traagheid die doorgaans met kunst wordt geassocieerd.' Want, legt Ex uit, de dynamiek van de dansopvoeringen, de expliciete bewegingen zullen de meer statische werken uit de collectie zinnelijker maken. 'De wanhoop die in het werk van bijvoorbeeld Nauman zit zal beter voelbaar worden. Het zal de bezoeker tot meer dan een afstandelijk waarnemer maken. Hij zal haast tastbaar het werk ondergaan. Omdat het dichterbij komt, door de aanwezigheid van bewegende lichamen. Het wordt gevaarlijker.'

Ralph Keuning over Mondriaan in de animatie: 'Een betoverende ervaring, net een lsd-trip.'

Ralph Keuning, directeur Museum De Fundatie, Zwolle

De directeur van De Fundatie hoeft niet lang na te denken.'Piet Mondriaan. Zijn schilderij Rij van elf populieren in rood, geel, blauw en groen uit 1908. Prachtig landschap. Luminescerend, alsof het licht geeft.' Het mooiste zou Ralph Keuning het vinden dat schilderij van Mondriaan te combineren met een videowerk van Elise van der Linden, Ozon. Keuning omschrijft: 'Het is een animatie alsof je met een vliegtuig over het landschap scheert, de ondergaande zon tegemoet, die steeds net niet ondergaat. In vliegende vaart schieten bossen, rotsen, zeeën onder je door, terwijl de tijd stil lijkt te staan.' Keuning noemt de ervaring een 'tijdsvacuüm'. 'Alles is ondergedompeld in een oranje, bloedrood licht. Het is als in een landschap van Casper David Friedrich, met de wouden en de krijtrotsen van Rügen.

Heel romantisch.' Het schilderij van Mondriaan moet op een transparante sokkel worden gezet, voor op het podium. Daaroverheen komt een muurvullende projectie van Van der Lindens video. Keuning: 'Door die combinatie verhevig je de ervaringen. Een betoverend effect. Net een lsd-trip. Ook door de up-tempo soundtrack. Gitaar- en computerklanken, minimalistisch als Philip Glass. Alles bij elkaar geeft het een hallucinerend gevoel.'Het algemene beeld van Mondriaan, volgens Keuning, is toch dat van de afstandelijke schilder, iemand die ondoorgrondelijk werk maakt. Maar zijn schilderijen hebben ook iets flamboyants. Iets sensueels. 'De video van Elise helpt je die aantrekkelijkheid te benadrukken. Alsof je plots in Mondriaans landschap kunt kruipen.'

Andreas Blühm over zijn kunstbus: 'Kinderen zullen denken: wat een gekke verjaarstaart.'

Andreas Blühm, directeur Groninger Museum

Uitgangspunt van Andreas Blühms voorstel is:'Als de mensen niet naar het Groninger Museum komen, moet je zelf naar de mensen gaan.' Vandaar dat hij met een verbouwde, glazen, transparante bus door het land wil gaan rijden. Zoals je bibliobussen hebt. Een rijdende, geklimatiseerde vitrine, waarin een origineel kunstwerk uit de collectie van zijn museum staat opgesteld.Welk werk? Blühm twijfelt hevig. 'Er zijn veel dingen die in aanmerking komen. Een kledingstuk van Iris van Herpen. De spiegel van Jeff Koons. Iets van De Ploeg, de bekendste Groningse kunstenaarsgroep.

Een schilderij van Hendrik Nicolaas Werkman bijvoorbeeld. Of zijn drukpers. Het liefst iets van formaat, zodat je het goed kunt zien als die glazen bus voorbijrijdt. Niet een kanonskogel van Bommen Berend, die past in een plastic zak.' Wat wel? Blühm: 'Misschien toch het Museo Universale van architect Alessandro Mendini. Een maquette van zijn ideale museumgebouw. Mendini is met oud-directeur Frans Haks toch de grondlegger van ons huidige museum.'Blühm wil ermee langs scholen, jeugdcentra, parken en plantsoenen rijden. Door het Groningse achterland. Naar de polder. Maar ook richting Randstad. Natuurlijk zullen mensen het raar vinden dat je met een museummaquette komt aanrijden, vermoedt Blühm. Maar dat is juist zijn bedoeling. 'Kinderen zullen eerst denken: wat is dat voor een gekke verjaardagstaart? Maar het is wel direct een aanleiding om erover de praten. Op school. Thuis. Misschien komt een meisje op het idee om haar verzameling Barbiepoppen anders op te stellen.'

Wat Blühm voor ogen staat: dat een reizend museum mensen op het idee zal brengen dat hun hele omgeving zelf artistieker is dan ze denken. Misschien wel dat ze het als een kunstwerk gaan bekijken. Op een manier die ze nog nooit hebben ervaren. 'En dat elke ervaring intenser beleefd zal worden.'

Sjarel Ex, over live-ballet in de Bodonzaal. 'De tentoonstelling moet ook vrolijkheid laten zien, joie de vivre.'

Hanne Hagenaars, tentoonstellingsmaker

Hanne Hagenaars wil één werk laten zien: een tekening van Kinke Kooi. Hagenaars: 'Het is sensueel, uiterst vrouwelijk werk. Abstract, met natuurlijke rondingen en soms een verrassende herkenning van juwelen. Heel verleidelijk. 'Het idee van Hagenaars is om die ene tekening tegen de muur te hangen en ertegenover allerlei materiaal dat Kinke Kooi heeft geïnspireerd.

Een boek van Marguerite Duras. Portretfoto's van Mathilde Willink en Josephine Baker. Een broche. Een afbeelding van de wonden van Christus. Uitgeknipt uit de krant. Zelf gefotografeerd. Het is visuele uitleg hoe je die tekening kunt bekijken. Alsof het een ontmoeting met de kunstenaar is. En op de derde wand een citaat van Kinke zelf. Hagenaars: 'Alles moet worden opgesteld in een klein kabinetje. Met meubels in het midden. Zodat je rustig te midden van het werk kunt zitten. Aan een tafeltje. Haha, nee, er wordt geen koffie geschonken. Er liggen potloden; er is papier.' Wat de tentoonstellingsmaker hoopt: dat de bezoekers de verleiding niet kunnen weerstaan het werk van Kooi na te tekenen of er over te schrijven. 'Niemand wordt gedwongen, maar ikzelf vind het altijd een fijne manier om geconcentreerder naar het werk te kijken. Al schrijvende lukt dat beter. Je reigt de ene associatie aan de andere; en je komt daardoor op andere gedachten.'

Achterliggend motief van Hagenaars is de wens tot onthaasting. 'Ik voel me geregeld ongemakkelijk als ik door een museum loop. Want hoe lang kijk je normaliter naar een werk?Hooguit een paar minuten. Terwijl een kunstenaar er maanden in heeft gestoken. Ik vind het belangrijk dat je hun denkwereld leert kennen. Dat is ook wat ik hoop dat met deze opstelling gebeurt. Dat je een gevarieerdere toegang tot het werk krijgt, maar niet op een dwingende, dichtgemetselde manier. Dat je een boek van Duras gaat lezen. Geïnspireerd naar huis gaat.'

Meediscussiëren?

'Fris, aantrekkelijk en vernieuwend', schreef de Volkskrant vorig jaar over de allereerste editie van De Grote Kunstshow. Op 30 november wordt in de Amsterdamse Stadsschouwburg de tweede aflevering georganiseerd.

Volkskrant-kunstrecensent Rutger Pontzen interviewt na afloop van de voorstelling van 16.00 uur Andreas Blühm (directeur Groninger Museum), Melle Daamen (directeur Stadsschouwburg Amsterdam) en Johan Idema (initiatiefnemer De Grote Kunstshow). Tijdens dit gesprek, dat van 17.30 tot 18.30 uur duurt, discussiëren de gasten over de presentatie van kunst in Nederland. Wordt kunst wel aantrekkelijk genoeg gepresenteerd? Hoe kan het beter? Welke hobbels moeten daarbij worden genomen? Wat levert de vermenging van kunstdisciplines op aan inspiratie voor makers en kijkers?

Volkskrant-lezers kunnen het gesprek bijwonen op vertoon van hun kaartje van De Grote Kunstshow van 11.00, 14.00 of 16.00 uur. U kunt kaarten (24,50 euro) voor de voorstelling bestellen via de Stadsschouwburg Amsterdam, ssba.nl/kunstshow. Of reserveer telefonisch via 020-6242311.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden